Rechtspraak
Rechtbank Overijssel
2026-03-31
ECLI:NL:RBOVE:2026:2053
Civiel recht
Eerste aanleg - enkelvoudig
4,063 tokens
Volledig
ECLI:NL:RBOVE:2026:2053 text/xml public 2026-04-15T11:29:19 2026-04-15 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Overijssel 2026-03-31 C/08/345339 / FA RK 26-499 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig NL Zwolle Civiel recht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2026:2053 text/html public 2026-04-15T11:28:54 2026-04-15 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBOVE:2026:2053 Rechtbank Overijssel , 31-03-2026 / C/08/345339 / FA RK 26-499 Meerderjarigverklaring met internationale aspecten. RECHTBANK OVERIJSSEL locatie Zwolle team familie- en jeugdrecht zaaknummer: C/08/345339 / FA RK 26-499 beschikking van 31 maart 2026 inzake de Raad voor de Kinderbescherming, regio Overijssel, locatie Zwolle, gevestigd te Eindhoven, hierna te noemen: de raad, met betrekking tot de meerderjarigverklaring van: [de moeder] geboren op [geboortedatum 1] 2008 in [geboorteplaats 1], Oekraïne, wonende in [woonplaats 1], hierna te noemen: de moeder. De rechtbank merkt als belanghebbenden aan: [de oma (mz)] , wonende in [woonplaats 2], hierna te noemen: oma (mz), en [de opa] , wonende in [woonplaats 3], hierna te noemen: opa (mz). De rechtbank merkt als informant aan: [de vader] , wonende in [woonplaats 4], hierna te noemen: de vader. 1 Het procesverloop 1.1. De procedure is ingeleid met een verzoekschrift van de raad tot meerderjarigverklaring van de moeder, dat de rechtbank heeft ontvangen op 25 februari 2026. Bij dit verzoek is een toestemmingsverklaring van de moeder, de oma (mz) en opa (mz) gevoegd. 1.2. De mondelinge behandeling heeft met gesloten deuren op 9 maart 2026 plaatsgevonden. Verschenen zijn: - de moeder (met haar kindje [minderjarige]); - de oma (mz); - de opa (mz); - de vader; - [de oma (vz)], oma (vz); - [naam 1] namens de raad. 1.3. De rechtbank heeft bijzondere toegang via de telefoon verleend aan [naam 2], tolk in de Oekraïense taal. 2 De feiten 2.1. De moeder is zeventien jaar. Zij wordt op [geboortedatum 1] 2026 achttien jaar. 2.2. De moeder is op [geboortedatum 2] 2026 in [geboorteplaats 2] bevallen van [minderjarige]. 2.3. De vader is minderjarig. Hij heeft [minderjarige] erkend. 2.4. De vader en de moeder hebben een affectieve relatie. De moeder en oma en opa (mz) wonen in de Oekraïne-opvang in Lemele en de vader woont in de Oekraïne-opvang Zwolle bij oma en opa (vz). 3 Het verzoek De raad verzoekt de minderjarige [de moeder] meerderjarig te verklaren. De raad verzoekt de beschikking uitvoerbaar bij voorraad te verklaren. 4 De standpunten Wat vindt de raad? 4.1. De raad vindt het in het belang van de moeder en [minderjarige] wenselijk dat de moeder meerderjarig wordt verklaard. De moeder zal over enkele maanden achttien jaar worden. [minderjarige] ontwikkelt zich positief en er zijn geen zorgen over de opvoedsituatie van [minderjarige] onder de zorg van de moeder en opa en oma (mz). De moeder maakt concrete plannen en afspraken en zorgt er met behulp van opa en oma (mz) en netwerk voor dat [minderjarige] en zijzelf zich goed kunnen ontwikkelen. Opa en oma (mz) houden zicht op de verzorging en opvoeding van [minderjarige] en ondersteunen de moeder daarbij. De moeder en opa en oma (mz) werken goed samen en nemen in goed onderling overleg beslissingen over [minderjarige]. De raad heeft ter zitting zijn verzoek gehandhaafd. Wat vindt de moeder? 4.2. De moeder stemt in met het verzoek van de raad. Zij heeft tijdens de mondelinge behandeling aangegeven dat het goed gaat met [minderjarige]. De moeder krijgt bij de zorg en opvoeding van [minderjarige] hulp van opa en oma (mz). Zij heeft plannen om samen met [minderjarige] in Zwolle te gaan wonen, zodat zij samen met de vader voor [minderjarige] kan zorgen en [minderjarige] kan opvoeden. Wat vinden de opa en oma (mz)? 4.3. De opa en oma (mz) stemmen in met het verzoek van de raad. 5 De beoordeling Internationaal karakter 5.1. De moeder en [minderjarige] hebben de Oekraïense nationaliteit. Daarom draagt de zaak een internationaal karakter. Dit betekent dat de kinderrechter eerst moet beoordelen of de Nederlandse rechter bevoegd is van het verzoek kennis te nemen en, indien dit het geval is, welk recht van toepassing is. 5.2. Om de rechtsmacht van de Nederlandse rechter te toetsen en het toepasselijk recht te bepalen, dient eerst het verzoek tot meerderjarigverklaring te worden gekwalificeerd. Hoewel de meerderjarigverklaring is opgenomen in boek 1, titel 14, afdeling 2 van het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW), welke afdeling ziet op het ouderlijk gezag, wordt een verzoek tot meerderjarigverklaring niet gekwalificeerd als gezagsvoorziening of kinderbeschermingsmaatregel. Daarmee is Brussel II-ter niet bepalend voor de rechtsmacht ten aanzien van een verzoek tot meerderjarigverklaring. Dit betekent dat de rechtsmacht van de Nederlandse rechter moet worden bepaald aan de hand van artikel 3 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv). Dit artikel bepaalt dat de Nederlandse rechter rechtsmacht heeft in geval de verzoeker of één van de belanghebbenden de woon- of verblijfplaats in Nederland heeft of de zaak anderszins voldoende met de Nederlandse rechtssfeer is verbonden. Nu de raad is gevestigd in Nederland en de moeder en [minderjarige] op dit moment hun gewone verblijfplaats in Nederland hebben, is de Nederlandse rechter bevoegd van het verzoek van de raad kennis te nemen. 5.3. Vervolgens moet worden bezien welk recht van toepassing is op het verzoek. Dit wordt bepaald aan de hand van artikel 10:11, lid 1 BW, dat bepaalt: 1. of een natuurlijke persoon minderjarig is en in hoeverre hij bekwaam is rechtshandelingen te verrichten, wordt bepaald door zijn nationale recht. Indien de betrokken persoon de nationaliteit van meer dan één staat bezit en hij in een van deze staten zijn gewone verblijfplaats heeft, geldt het recht van die staat als zijn nationale recht. Heeft hij zijn gewone verblijfplaats niet in een van deze staten, dan geldt als zijn nationale recht het recht van de staat van zijn nationaliteit, waarmee hij, alle omstandigheden in aanmerking genomen, het nauwst verbonden is. 5.4. Dit betekent dat de vraag of de moeder meerderjarig is, wordt bepaald door haar nationale recht. Dit is het Oekraïense recht. Het Oekraïense recht bepaalt dat iemand meerderjarig wordt bij het bereiken van de achttienjarige leeftijd. De moeder is dus ook volgens de Oekraïense wet minderjarig. De vraag is vervolgens of de Oekraïense wet de rechtsfiguur van meerderjarigverklaring kent. Dit is het geval. In Oekraïne kan een minderjarige meerderjarigheid verkrijgen hetzij in het geval een minderjarige boven zestien jaar arbeid verricht op grond van een arbeidsovereenkomst, hetzij voor een minderjarige van veertien tot en met achttien jaar indien hij of zij geregistreerd staat als ouder van een kind. Van dat laatste is in dit geval sprake. 5.5. De kinderrechter acht de verzochte meerderjarigverklaring in het belang van zowel de moeder als [minderjarige] wenselijk. De moeder is zeventien jaar en zal op 1 juli 2026 achttien jaar worden. De opa en oma (mz) staan achter het verzoek van de raad. De kinderrechter gaat er van uit dat de moeder in staat is de verzorging en opvoeding van [minderjarige] op zich te nemen. De moeder wordt bij de verzorging en opvoeding van [minderjarige] ondersteund door haar ouders en kan daarbij de hulp van de vader en zijn ouders inschakelen. De moeder en opa en oma (mz) werken goed samen en nemen samen goede beslissingen over [minderjarige]. De kinderrechter acht het daarom met de raad in het belang van de moeder en [minderjarige] wenselijk dat de moeder meerderjarig wordt verklaard. De kinderrechter wijst het verzoek dan ook toe. De kinderrechter merkt op dat de moeder op grond van artikel 1:253b, tweede lid, BW in samenhang met artikel 1:233 BW vanaf de meerderjarigverklaring van rechtswege het gezag over [minderjarige] zal uitoefenen. 5.6. De beslissing tot meerderjarigverklaring zal uitvoerbaar bij voorraad worden verklaard omdat het in verband met een gezagsvacuüm ten aanzien van [minderjarige] noodzakelijk is dat de beslissing meteen uitgevoerd kan worden. 6 De beslissing De kinderrechter: 6.1.
Volledig
ECLI:NL:RBOVE:2026:2053 text/xml public 2026-04-15T11:29:19 2026-04-15 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Overijssel 2026-03-31 C/08/345339 / FA RK 26-499 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig NL Zwolle Civiel recht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2026:2053 text/html public 2026-04-15T11:28:54 2026-04-15 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBOVE:2026:2053 Rechtbank Overijssel , 31-03-2026 / C/08/345339 / FA RK 26-499 Meerderjarigverklaring met internationale aspecten. RECHTBANK OVERIJSSEL locatie Zwolle team familie- en jeugdrecht zaaknummer: C/08/345339 / FA RK 26-499 beschikking van 31 maart 2026 inzake de Raad voor de Kinderbescherming, regio Overijssel, locatie Zwolle, gevestigd te Eindhoven, hierna te noemen: de raad, met betrekking tot de meerderjarigverklaring van: [de moeder] geboren op [geboortedatum 1] 2008 in [geboorteplaats 1], Oekraïne, wonende in [woonplaats 1], hierna te noemen: de moeder. De rechtbank merkt als belanghebbenden aan: [de oma (mz)] , wonende in [woonplaats 2], hierna te noemen: oma (mz), en [de opa] , wonende in [woonplaats 3], hierna te noemen: opa (mz). De rechtbank merkt als informant aan: [de vader] , wonende in [woonplaats 4], hierna te noemen: de vader. 1 Het procesverloop 1.1. De procedure is ingeleid met een verzoekschrift van de raad tot meerderjarigverklaring van de moeder, dat de rechtbank heeft ontvangen op 25 februari 2026. Bij dit verzoek is een toestemmingsverklaring van de moeder, de oma (mz) en opa (mz) gevoegd. 1.2. De mondelinge behandeling heeft met gesloten deuren op 9 maart 2026 plaatsgevonden. Verschenen zijn: - de moeder (met haar kindje [minderjarige]); - de oma (mz); - de opa (mz); - de vader; - [de oma (vz)], oma (vz); - [naam 1] namens de raad. 1.3. De rechtbank heeft bijzondere toegang via de telefoon verleend aan [naam 2], tolk in de Oekraïense taal. 2 De feiten 2.1. De moeder is zeventien jaar. Zij wordt op [geboortedatum 1] 2026 achttien jaar. 2.2. De moeder is op [geboortedatum 2] 2026 in [geboorteplaats 2] bevallen van [minderjarige]. 2.3. De vader is minderjarig. Hij heeft [minderjarige] erkend. 2.4. De vader en de moeder hebben een affectieve relatie. De moeder en oma en opa (mz) wonen in de Oekraïne-opvang in Lemele en de vader woont in de Oekraïne-opvang Zwolle bij oma en opa (vz). 3 Het verzoek De raad verzoekt de minderjarige [de moeder] meerderjarig te verklaren. De raad verzoekt de beschikking uitvoerbaar bij voorraad te verklaren. 4 De standpunten Wat vindt de raad? 4.1. De raad vindt het in het belang van de moeder en [minderjarige] wenselijk dat de moeder meerderjarig wordt verklaard. De moeder zal over enkele maanden achttien jaar worden. [minderjarige] ontwikkelt zich positief en er zijn geen zorgen over de opvoedsituatie van [minderjarige] onder de zorg van de moeder en opa en oma (mz). De moeder maakt concrete plannen en afspraken en zorgt er met behulp van opa en oma (mz) en netwerk voor dat [minderjarige] en zijzelf zich goed kunnen ontwikkelen. Opa en oma (mz) houden zicht op de verzorging en opvoeding van [minderjarige] en ondersteunen de moeder daarbij. De moeder en opa en oma (mz) werken goed samen en nemen in goed onderling overleg beslissingen over [minderjarige]. De raad heeft ter zitting zijn verzoek gehandhaafd. Wat vindt de moeder? 4.2. De moeder stemt in met het verzoek van de raad. Zij heeft tijdens de mondelinge behandeling aangegeven dat het goed gaat met [minderjarige]. De moeder krijgt bij de zorg en opvoeding van [minderjarige] hulp van opa en oma (mz). Zij heeft plannen om samen met [minderjarige] in Zwolle te gaan wonen, zodat zij samen met de vader voor [minderjarige] kan zorgen en [minderjarige] kan opvoeden. Wat vinden de opa en oma (mz)? 4.3. De opa en oma (mz) stemmen in met het verzoek van de raad. 5 De beoordeling Internationaal karakter 5.1. De moeder en [minderjarige] hebben de Oekraïense nationaliteit. Daarom draagt de zaak een internationaal karakter. Dit betekent dat de kinderrechter eerst moet beoordelen of de Nederlandse rechter bevoegd is van het verzoek kennis te nemen en, indien dit het geval is, welk recht van toepassing is. 5.2. Om de rechtsmacht van de Nederlandse rechter te toetsen en het toepasselijk recht te bepalen, dient eerst het verzoek tot meerderjarigverklaring te worden gekwalificeerd. Hoewel de meerderjarigverklaring is opgenomen in boek 1, titel 14, afdeling 2 van het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW), welke afdeling ziet op het ouderlijk gezag, wordt een verzoek tot meerderjarigverklaring niet gekwalificeerd als gezagsvoorziening of kinderbeschermingsmaatregel. Daarmee is Brussel II-ter niet bepalend voor de rechtsmacht ten aanzien van een verzoek tot meerderjarigverklaring. Dit betekent dat de rechtsmacht van de Nederlandse rechter moet worden bepaald aan de hand van artikel 3 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv). Dit artikel bepaalt dat de Nederlandse rechter rechtsmacht heeft in geval de verzoeker of één van de belanghebbenden de woon- of verblijfplaats in Nederland heeft of de zaak anderszins voldoende met de Nederlandse rechtssfeer is verbonden. Nu de raad is gevestigd in Nederland en de moeder en [minderjarige] op dit moment hun gewone verblijfplaats in Nederland hebben, is de Nederlandse rechter bevoegd van het verzoek van de raad kennis te nemen. 5.3. Vervolgens moet worden bezien welk recht van toepassing is op het verzoek. Dit wordt bepaald aan de hand van artikel 10:11, lid 1 BW, dat bepaalt: 1. of een natuurlijke persoon minderjarig is en in hoeverre hij bekwaam is rechtshandelingen te verrichten, wordt bepaald door zijn nationale recht. Indien de betrokken persoon de nationaliteit van meer dan één staat bezit en hij in een van deze staten zijn gewone verblijfplaats heeft, geldt het recht van die staat als zijn nationale recht. Heeft hij zijn gewone verblijfplaats niet in een van deze staten, dan geldt als zijn nationale recht het recht van de staat van zijn nationaliteit, waarmee hij, alle omstandigheden in aanmerking genomen, het nauwst verbonden is. 5.4. Dit betekent dat de vraag of de moeder meerderjarig is, wordt bepaald door haar nationale recht. Dit is het Oekraïense recht. Het Oekraïense recht bepaalt dat iemand meerderjarig wordt bij het bereiken van de achttienjarige leeftijd. De moeder is dus ook volgens de Oekraïense wet minderjarig. De vraag is vervolgens of de Oekraïense wet de rechtsfiguur van meerderjarigverklaring kent. Dit is het geval. In Oekraïne kan een minderjarige meerderjarigheid verkrijgen hetzij in het geval een minderjarige boven zestien jaar arbeid verricht op grond van een arbeidsovereenkomst, hetzij voor een minderjarige van veertien tot en met achttien jaar indien hij of zij geregistreerd staat als ouder van een kind. Van dat laatste is in dit geval sprake. 5.5. De kinderrechter acht de verzochte meerderjarigverklaring in het belang van zowel de moeder als [minderjarige] wenselijk. De moeder is zeventien jaar en zal op 1 juli 2026 achttien jaar worden. De opa en oma (mz) staan achter het verzoek van de raad. De kinderrechter gaat er van uit dat de moeder in staat is de verzorging en opvoeding van [minderjarige] op zich te nemen. De moeder wordt bij de verzorging en opvoeding van [minderjarige] ondersteund door haar ouders en kan daarbij de hulp van de vader en zijn ouders inschakelen. De moeder en opa en oma (mz) werken goed samen en nemen samen goede beslissingen over [minderjarige]. De kinderrechter acht het daarom met de raad in het belang van de moeder en [minderjarige] wenselijk dat de moeder meerderjarig wordt verklaard. De kinderrechter wijst het verzoek dan ook toe. De kinderrechter merkt op dat de moeder op grond van artikel 1:253b, tweede lid, BW in samenhang met artikel 1:233 BW vanaf de meerderjarigverklaring van rechtswege het gezag over [minderjarige] zal uitoefenen. 5.6. De beslissing tot meerderjarigverklaring zal uitvoerbaar bij voorraad worden verklaard omdat het in verband met een gezagsvacuüm ten aanzien van [minderjarige] noodzakelijk is dat de beslissing meteen uitgevoerd kan worden. 6 De beslissing De kinderrechter: 6.1.