Rechtspraak
Rechtbank Overijssel
2023-10-04
ECLI:NL:RBOVE:2023:3892
Strafrecht
Eerste aanleg - meervoudig
1,089 tokens
Inleiding
.,
bevel
RECHTBANK OVERIJSSEL
Strafrecht Zittingsplaats Almelo
parketnummer : 08-171989-23
bevel opheffing schorsing voorlopige hechtenis van de raadkamer d.d. 04 oktober 2023 (artikel 82 Wetboek van Strafvordering)
in de strafzaak tegen de verdachte:
[verdachte] ,
geboren op [geboortedatum] 1984 te [geboorteplaats] , inschrijvingsadres in de Basisregistratie Personen:
[woonplaats] . Raadsman mr. Van Elst.
Procedure
De voorlopige hechtenis van de verdachte is bij beslissing van 27 september 2023 geschorst. De raadkamer heeft bij de beoordeling van het verzoek tot schorsing, het persoonlijk belang van de verdachte in dit geval - gelet op de ernstige ziekte van zijn moeder die blijkens de door verdachte overgelegde medische info uitbehandeld zou zijn voor kanker en nog maar kort te leven heeft - zwaarder laten wegen dan het strafvorderlijk belang ondanks de ernst van het feit en het negatieve schorsingsadvies van de reclassering. De raadkamer heeft daarbij overwogen dat de voorlopige hechtenis in dit bijzondere geval voor bepaalde tijd, tot de pro-forma-zitting op 17 oktober 2023, geschorst zal worden nu de ernst van de feiten en de van toepassing zijnde twaalfjaarsgrond normaal gesproken aan schorsing van de voorlopige hechtenis in de weg staan.
De raadkamer heeft kennisgenomen van het feit dat de door verdachte op 27 september 2023 overgelegde brief, ter onderbouwing van de medische situatie van zijn moeder, alsmede een alstoen door verdachte overgelegde brief van de gemeente Enschede, volgens een proces-verbaal van de politie valselijk zouden zijn opgemaakt, nu door de behandelend arts van de moeder van verdachte, alsmede door de werkgever van verdachte bij de gemeente Enschede, na confrontatie met de opgemaakte en overgelegde brieven is verklaard dat zij deze brieven niet kennen en nooit hebben opgemaakt. Inmiddels heeft mr.
Nieuwenhuis, na kennisneming van voornoemde stukken, besloten om de verdediging van verdachte per omgaande neer te leggen vanwege een vertrouwensbreuk. De nieuwe raadsman van verdachte mr. Van Elst heeft, na door de voorzitter te zijn geïnformeerd over de zaak en de aanleiding voor de vordering van de officier van justitie tot opheffing van de schorsing van de voorlopige hechtenis, verklaard dat hij contact heeft gehad met verdachte en dat verdachte hem heeft gezegd dat van valsheid in geschrift van documenten geen sprake is. De officier van justitie persisteert bij de vordering en de raadsman refereert zich aan het oordeel van de raadkamer.
G100089802464
parketnummer : 08-171989-23 inzake: : [verdachte]
blad 2
Op grond van artikel 82 Sv kan de rechter ambtshalve te allen tijde de opheffing van de schorsing bevelen. De raadkamer is na kennisneming van de voornoemde processen-verbaal van de politie, ook ambtshalve van oordeel dat, nog afgezien van een vordering van de officier van justitie tot opheffing van de schorsing van de voorlopige hechtenis, de belangen van strafvordering nopen tot opheffing van de schorsing nu verdachte, naar het zich laat aanzien, op basis van valselijk opgemaakte documenten, de raadkamer op 27 september 2023 op het verkeerde been heeft gezet en heeft misleid, waardoor achteraf gezien ten onrechte een schorsing van de voorlopige hechtenis is bevolen.
De raadkamer heeft kennisgenomen van het strafdossier en heeft de officier van justitie en de raadsman gehoord.
Verdachte is, ondanks behoorlijk te zijn opgeroepen, niet verschenen.
Beoordeling
De raadkamer zal op grond van vorenstaande de schorsing van de voorlopige hechtenis opheffen met onmiddellijke ingang.
Dictum
De raadkamer:
wijst toe de vordering van de officier van justitie tot opheffing van de schorsing van de voorlopige hechtenis van de verdachte.
Deze beslissing is gegeven in raadkamer van deze rechtbank op 04 oktober 2023 door:
mr. B.W.M. Hendriks, voorzitter,
mr. A.M. Rikken en mr. G.J. Stoové, rechters,
in tegenwoordigheid van P.G.M. Klaassen, griffier.