Rechtspraak
Rechtbank Oost-Brabant
2026-02-11
ECLI:NL:RBOBR:2026:882
Civiel recht
Bodemzaak
2,017 tokens
=== VOLLEDIG ===
ECLI:NL:RBOBR:2026:882 text/xml public 2026-03-06T11:20:42 2026-02-09 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Oost-Brabant 2026-02-11 C/01/419965 / HA ZA 25-617 Uitspraak Bodemzaak Eerste aanleg - enkelvoudig NL 's-Hertogenbosch Civiel recht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOBR:2026:882 text/html public 2026-02-10T09:10:42 2026-02-17 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBOBR:2026:882 Rechtbank Oost-Brabant , 11-02-2026 / C/01/419965 / HA ZA 25-617 Incident relatieve onbevoegdheid; geschrift is niet ondertekend, maar andere omstandigheden leiden tot het oordeel dat forumkeuze is overeengekomen. RECHTBANK Oost-Brabant Civiel recht Zittingsplaats 's-Hertogenbosch Zaaknummer: C/01/419965 / HA ZA 25-617 Vonnis in incident van 11 februari 2026 in de zaak van STICHTING DEBITROOM , te Nieuwkuijk, eisende partij in de hoofdzaak, verwerende partij in het incident, hierna te noemen: Debitroom, advocaat: mr. W. Meijs, tegen [gedaagde] , te [plaats] , gemeente [gemeente] , gedaagde partij in de hoofdzaak, eisende partij in het incident, hierna te noemen: [gedaagde] , advocaat: mr. B.J. van de Wijnckel. 1 De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding - de incidentele conclusie tot onbevoegdverklaring van [gedaagde] - de conclusie van antwoord in het incident tot onbevoegdverklaring van Debitroom - de akte uitlating producties in het incident van [gedaagde] . 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2 De feiten voor zover van belang in het incident 2.1. [gedaagde] was indirect, via [handelsnaam gedaagde] B.V., bestuurder van de coöperatie Sportshop Zeeland Coöperatie U.A., die een winkel in sportartikelen exploiteert. 2.2. De heer [A] , financieel tussenpersoon bij Credion Zeeland, heeft op 18 oktober 2022 in een e-mail aan [gedaagde] geschreven: “Namens financieringspartner Debitroom stuur ik je hieronder het aanbod dat zij Sportshop Zeeland Coöperatie U.A. kunnen doen: Graag bieden wij een rekening courant faciliteit aan van € 50.000 tegen een kostenpercentage van 1% per 30 dagen. Hiervoor vragen we echter de volgende aanvullende voorwaarde: 1. Privé borgstelling door ondernemer Hiervoor ontvangen wij graag de volgende informatie: - Legitimatie van de partner van de UBO - Mailadres van de partner van de UBO - Woonadres van de ondernemer en zijn partner” 2.3. [gedaagde] heeft daarop op 19 oktober 2022 als volgt gereageerd: “Graag wil ik van Debitroom gebruik maken. Ik zal de benodigde info zsm aanleveren, momenteel heb ik niet de ID van mijn partner bij de hand.” 2.4. Sportshop Zeeland Coöperatie U.A. en Debitroom hebben een Raamovereenkomst Leningen (hierna ook: de geldleningovereenkomst) gesloten, die op 20 oktober 2022 digitaal is ondertekend door Debitroom en Sportshop Zeeland Coöperatie U.A. (vertegenwoordigd door [gedaagde] ). In de geldleningovereenkomst is onder meer opgenomen: “10.2 Alle eventuele geschillen die betrekking hebben op deze overeenkomst of die uit deze overeenkomst voortkomen, zullen in eerste aanleg worden beslecht door uitsluitend de bevoegde rechter in het arrondissement Oost-Brabant.” 2.5. In artikel 12 zijn de bij de geldleningovereenkomst gevoegde Algemene Voorwaarden MKB van toepassing verklaard. Artikel 10 over ‘Zekerheden en borgstellingen’ luidt als volgt: “10.1 U bent verplicht om op eerste verzoek van DebitRoom zekerheden ten behoeve van DebitRoom te verstrekken. Dit kan via het Dashboard. (…) 10.2 DebitRoom zal zorgdragen voor de betreffende documenten voor het vestigen van zekerheid ten behoeve van DebitRoom. 10.3 Vanaf het moment dat U deze overeenkomst(en) ondertekent gelden deze voorwaarden eveneens op alle overeenkomsten tussen u en DebitRoom” En in artikel 11.2 is vermeld: “(…) Alle eventuele geschillen die betrekking hebben op deze overeenkomst of die uit deze overeenkomst voortkomen, zullen in eerste aanleg worden beslecht door uitsluitend de bevoegde rechter in het arrondissement Oost-Brabant.” 2.6. Debitroom heeft een geschrift opgesteld met de titel ‘Overeenkomst van borgtocht Particulier’ voor een maximaal bedrag van € 100.000,00, waarin Debitroom wordt aangemerkt als ‘schuldeiser’ en [gedaagde] als ‘borg’ (hierna: de borgtocht 2023). Dit geschrift is op 26 oktober 2023 door Debitroom ondertekend. Rechtsboven de titel van dit geschrift staan twee digitale handtekeningen met vermelding van de datum 29 oktober 2023 en de naam, het e-mailadres en het ID-nummer van [gedaagde] en zijn toenmalige partner. In dit geschrift is onder meer vermeld: “14 Alle geschillen die tussen partijen zullen ontstaan in verband met de uitleg of de toepassing van deze overeenkomst, of overeenkomsten de hieruit voortvloeien, zullen worden beslecht door de bevoegde rechter conform de Algemene Voorwaarden.” In het tweede lid van artikel 21 van de Algemene Voorwaarden is vermeld: “Alle geschillen die mochten ontstaan naar aanleiding van de Financieringsdocumenten dan wel van nadere overeenkomsten en andere handelingen in samenhang met de Financieringsdocumenten, zullen worden beslecht door de bevoegde rechter in het arrondissement Oost-Brabant, zulks behoudens dwingende competentieregels aan deze keuze in de weg zouden staan.” 2.7. In de hoofdzaak spreekt Debitroom [gedaagde] aan op nakoming van zijn verplichtingen onder de borgtocht 2023. 3 Het geschil en de beoordeling in het incident 3.1. [gedaagde] vordert dat de rechtbank zich onbevoegd verklaart. Primair stelt [gedaagde] zich op het standpunt dat de borgtocht 2023 niet is ondertekend en dat het forumkeuzebeding in 14 van de borgtocht 2023 in combinatie met artikel 21 van de Algemene Voorwaarden van Debitroom daarom niet is overeengekomen. Subsidiair voert [gedaagde] aan dat een forumkeuzebeding in een ondertekend geschrift gezien artikel 108 lid 2 Rv geen gevolg zou hebben. [gedaagde] is een natuurlijk persoon die niet handelt in de uitoefening van beroep of bedrijf en dit is daarom een zaak zoals bedoeld in artikel 101 Rv. 3.2. Debitroom voert gemotiveerd verweer. 3.3. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. 3.4. De rechtbank stelt voorop dat, anders dan Debitroom aanvoert, het niet noodzakelijk is dat dit incident gezamenlijk met de hoofdzaak wordt behandeld. Artikel 108 lid 4 Rv bepaalt namelijk dat een forumkeuzebeding als een afzonderlijke overeenkomst moet worden beschouwd en beoordeeld. Op grond van artikel 110 Rv moet een verweer dat de rechter relatief onbevoegd is vóór alle verweren worden gevoerd. Het opwerpen van een dergelijk verweer leidt tot een incident waarop conform artikel 209 Rv in beginsel eerst en vooraf wordt beslist. 3.5. Partijen verschillen van mening over de vraag of de forumkeuze opgenomen in de borgtocht 2023 tussen hen geldt. 3.6. Artikel 108 lid 3 Rv bepaalt dat een overeenkomst tot aanwijzing van een bevoegde rechter wordt bewezen door een geschrift. Daarvoor is voldoende een geschrift dat een dergelijk beding bevat, zolang het geschrift uitdrukkelijk of stilzwijgend is aanvaard. Omdat Debitroom zich beroept op de rechtsgevolgen van de forumkeuze, rust op haar de stelplicht voor de aanvaarding van het beding door [gedaagde] . 3.7. De rechtbank ziet in de door Debitroom aangevoerde omstandigheden en overgelegde stukken voldoende aanwijzingen dat [gedaagde] het beding om de rechtbank Oost-Brabant bevoegd te maken bij geschillen die verband houden met de geldleningovereenkomst en bij geschillen in verband met een borgstelling, heeft aanvaard. Sportshop Zeeland Coöperatie U.A. en Debitroom hebben in de geldleningovereenkomst de rechtbank Oost-Brabant aangewezen als de bevoegde rechter en ook in de daarop van toepassing zijnde Algemene Voorwaarden MKB is sprake van een forumkeuze voor rechtbank Oost-Brabant. Gelet op de artikel 10.3 en 11.2 van die voorwaarden geldt deze forumkeuze voor alle overeenkomsten met Debitroom, met name ook voor overeenkomsten over zekerheden en borgstellingen. [gedaagde] is weliswaar geen partij bij de geldleningovereenkomst, maar hij heeft deze wel namens Sportshop Zeeland Coöperatie U.A. ondertekend.