Rechtspraak
Rechtbank Oost-Brabant
2025-05-15
ECLI:NL:RBOBR:2025:3402
Civiel recht; Personen- en familierecht
Beschikking
805 tokens
Inleiding
Rechtbank oost-brabant
Toezicht
zaaknummer : 11497300 TE VERZ 25-61
CB-nummer : [dossiernummer]
[initialen van de griffier]
beschikking van de kantonrechter van 15 mei 2025
op verzoek van:
[naam verzoeker] ,
geboren te [geboorteplaats] [geboorteland] op [geboortedatum] ,
wonende te [adres] , [postcode] [woonplaats] ,
hierna te noemen: betrokkene.
procedure
De kantonrechter heeft kennisgenomen van:
het verzoek, ontvangen op 17 januari 2025;
de schriftelijke reactie (met bijlagen) van de curator, [naam curator] , ontvangen op 27 november 2024;
een aanvullend bericht (met bijlagen) van de curator, ontvangen en verzonden via het Digitale Toezichtsysteem van de rechtbank (KEI) op 21 februari 2025;
het mailbericht van de curator (met bijlage), ontvangen op 15 april 2025.
Het verzoek en de klachten zijn mondeling behandeld op de zitting van 15 april 2025. Van het verhandelde ter zitting zijn aantekeningen gemaakt. Ter zitting zijn betrokkene, de curator en de begeleider van betrokkene verschenen.
Beoordeling
Betrokkene heeft klachten geuit over de curator en verzoekt om opheffing van de curatele. Aan het verzoek ligt – kort samengevat – ten grondslag dat betrokkene zijn eigen leven wil leiden. Hij beseft dat hij nog wel hulp nodig heeft bij het beheer van zijn financiën. Betrokkene heeft meerdere malen bij zijn curator aangegeven dat hij zelfredzamer wil worden, alleen zijn curator staat hier afwijzend tegenover.
De curator heeft de klachten van betrokkene weerlegd en heeft in zijn reactie – kort samengevat – gemeld dat er momenteel veel boosheid en frustratie heerst bij betrokkene. Rondom betrokkene heerste veel onduidelijkheid over onder meer zijn begeleiding en zijn woonplek. Doordat betrokkene wantrouwend is en geen hulp wil toelaten, belandt hij continue in conflictsituaties.
De kantonrechter overweegt als volgt.
Uit de stukken en de behandeling ter zitting is niet gebleken dat de curator zijn taken niet naar behoren heeft uitgevoerd. Om over te gaan tot opheffing van de curatele dient de kantonrechter aantoonbare aanknopingspunten te zien waaruit blijkt dat betrokkene weer zelf zijn vermogensrechtelijke en niet-vermogensrechtelijke belangen kan behartigen. Uit niets is gebleken dat daar op dit moment sprake van is. De kantonrechter acht de huidige maatregel dan ook nog steeds noodzakelijk en zinvol. Gelet op het vorenstaande zal de kantonrechter het verzoek van betrokkene afwijzen.
Dictum
De kantonrechter:
- wijst het verzoek tot opheffing van de curatele af.
Deze beschikking is gegeven door mr. F.H. Schormans, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 15 mei 2025.
de griffier, de kantonrechter,
verzenddatum: