Rechtspraak
Rechtbank Oost-Brabant
2024-11-20
ECLI:NL:RBOBR:2024:6797
Civiel recht; Personen- en familierecht
Beschikking
2,347 tokens
Inleiding
RECHTBANK OOST-BRABANT
Toezicht
zaaknummers : 11162798 TE VERZ 24-954 & 11162799 TE VERZ 24-955
[initialen van de griffier]
Beschikking van de kantonrechter van 20 november 2024
op verzoek van
[naam verzoeker] ,
wonende te [adres] , [postcode] [woonplaats] ,
hierna te noemen: [naam verzoeker] ,
gemachtigde mr. R.M.J.K.M. Teeuwen,
met betrekking tot
[naam betrokkene] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] ,
wonende te [adres] , [postcode] [woonplaats] ,
hierna te noemen: betrokkene.
Procesverloop
De kantonrechter heeft kennisgenomen van:
- het verzoekschrift met bijlagen van gemachtigde mr. R.M.J.K.M. Teeuwen
namens [naam verzoeker] , ontvangen op 17 juni 2024;
- de brief van [naam belanghebbende 1] , hierna te noemen: [naam belanghebbende 1] , ontvangen op
13 september 2024;
- het verweerschrift houdende zelfstandig verzoek van gemachtigden
mr. N. Vinke en mr. A.H. van Gerwen namens [naam belanghebbende 2] , hierna te
noemen: [naam belanghebbende 2] , en namens [naam belanghebbende 3] , hierna te noemen: [naam belanghebbende 3] , ontvangen
op 16 september 2024;
- aanvullende informatie van gemachtigde mr. R.M.J.K.M. Teeuwen namens
[naam verzoeker] , ontvangen op 26 september 2024;
de aantekeningen van de griffier van de zitting van 3 oktober 2024;
de bereidverklaringen, het plan van aanpak bewind en het mentorschapsplan
van de voorgestelde bewindvoerder en mentor, [naam bewindvoerder en mentor] h.o.d.n. [kantoor bewind en mentor] , Kvkno. [kvk] [postbus] , [postcode] [vestigingsplaats] .
Het verzoek is mondeling behandeld op de zitting van 3 oktober 2024. Ter zitting zijn verschenen: [naam verzoeker] gemachtigde mr. R.M.J.K.M. Teeuwen, [naam belanghebbende 2] , [naam belanghebbende 3] en gemachtigde mr. N. Vinke, en [naam belanghebbende 1] Betrokkene is niet ter zitting verschenen. Van het verhandelde
ter zitting zijn aantekeningen gemaakt.
Beoordeling
De verzoeken
Bij verzoekschrift met bijlagen, ontvangen ter griffie van de rechtbank op 17 juni
2024, heeft [naam verzoeker] verzocht de goederen van betrokkene onder bewind te stellen en
een mentorschap ten behoeve van betrokkene in te stellen met benoeming van een
onafhankelijke professionele bewindvoerder en mentor.
[naam belanghebbende 1] heeft per brief, ontvangen ter griffie van de rechtbank op 13 september 2024, aangegeven in te stemmen met het verzoek van [naam verzoeker] . Daarnaast zou [naam belanghebbende 1] graag zien
dat de administratie van betrokkene ingezien en gecontroleerd kan worden vanwege geldleningen die kennelijk in het verleden door betrokkene aan enkele broers zijn verstrekt en waar tot nu toe geen enkele informatie over wordt gegeven door geen van de broers.
Bij verweerschrift houdende zelfstandig verzoek, ontvangen ter griffie van de rechtbank op 16 september 2024, hebben [naam belanghebbende 2] en [naam belanghebbende 3] verzocht de goederen van betrokkene onder bewind te stellen en een mentorschap ten behoeve van betrokkene in te stellen met primair benoeming van [naam belanghebbende 2] en [naam belanghebbende 3] tot bewindvoerder en mentor, subsidiair benoeming van [naam belanghebbende 2] tot bewindvoerder en mentor, tertiair het verzoek van [naam verzoeker] af te wijzen.
Overwegingen
Partijen zijn het er over eens dat er een bewind en mentorschap moet worden ingesteld.
Ook de kantonrechter is van oordeel dat een bewind en mentorschap moet worden ingesteld.
Partijen zijn het er niet over eens wie de bewindvoerder en mentor van betrokkene moet worden. Daarover overweegt de kantonrechter als volgt.
Het uitgangspunt van de wet is dat de betrokkene wordt gehoord over het verzoek. Uit de stukken in het dossier volgt echter dat betrokkene, vanwege zijn lichamelijke of geestelijke toestand, niet in staat is zich over het verzoek te uiten dan wel de strekking hiervan te begrijpen. Daarom doet de kantonrechter uitspraak zonder betrokkene te hebben gehoord.
Een ander uitgangspunt van de wet is, dat bij de benoeming van een bewindvoerder en/of mentor de voorkeur van betrokkene wordt gevolgd. In dit geval heeft de kantonrechter niet kunnen vaststellen wat die voorkeur is. Dat betekent dat de kantonrechter in andere feiten en omstandigheden houvast moet zoeken.
Uit de stukken en de behandeling ter zitting is aannemelijk geworden dat betrokkene
als gevolg van een lichamelijke of geestelijke toestand niet in staat is ten volle zijn vermogensrechtelijke en niet-vermogensrechtelijke belangen zelf behoorlijk waar te
nemen. Betrokkene heeft hier zelf op voorgesorteerd door een levenstestament te laten opmaken. In het levenstestament heeft betrokkene zijn broers [naam verzoeker] en [naam belanghebbende 2] gevolmachtigd. De kantonrechter gaat in beginsel dan ook uit van het levenstestament. Als uitgangspunt heeft te gelden dat een levenstestament met de bijbehorende volmacht(en) het instellen van een bewind en/of mentorschap overbodig maakt. Naar het oordeel van de kantonrechter zijn er echter omstandigheden denkbaar waarin het tóch geboden is om voorbij te gaan aan de volmachten uit het levenstestament en in het belang van betrokkene een bewind en/of mentorschap in te stellen.
Nu er sprake is van verstoorde familieverhoudingen is de kantonrechter van oordeel dat
het belang van betrokkene het meest gediend is met benoeming van een onafhankelijke, professionele bewindvoerder en mentor. De kantonrechter zal daarom de verzochte maatregelen instellen en een professionele bewindvoerder en mentor benoemen.
De kantonrechter heeft [naam bewindvoerder en mentor] h.o.d.n. [kantoor bewind en mentor] te [vestigingsplaats] bereid gevonden om tot bewindvoerder en mentor te worden benoemd. Zij zal uitsluitend
de belangen van betrokkene behartigen en wordt door de toezichthoudende kantonrechter gecontroleerd op haar werkzaamheden.
De kantonrechter zal de beloning van de bewindvoerder en mentor voor de aanvangswerkzaamheden vaststellen overeenkomstig het eerstgenoemde bedrag in artikel 5 in samenhang met artikel 2 lid 5 sub a van de Regeling beloning curatoren, bewindvoerder en mentoren. Deze beloning is exclusief omzetbelasting.
De kantonrechter zal de jaarbeloning van de bewindvoerder en mentor vaststellen overeenkomstig artikel 5 in samenhang met artikel 2 lid 2 onder a van de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren. Deze beloning is inclusief onkostenvergoeding en exclusief omzetbelasting voor zover van toepassing.
Aannemelijk is dat betrokkene niet in staat is om toestemming te geven.
Aannemelijk is dat betrokkene niet in staat is om rekening en verantwoording op te
nemen.
De kantonrechter zal bepalen dat de mentor jaarlijks verslag doet van de werkzaamheden.
Dictum
De kantonrechter:
- stelt een bewind in over alle goederen die toebehoren of zullen toebehoren aan
[betrokkene] geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] ,
wonende te [adres] , [postcode] [woonplaats] , wegens een lichamelijke
of geestelijke toestand;
- stelt een mentorschap in ten behoeve van [betrokkene] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] , wonende te [adres] ,
[postcode] [woonplaats]
- benoemt tot bewindvoerder en mentor: [naam bewindvoerder en mentor] h.o.d.n. [kantoor bewind en mentor] , Kvkno. [kvk] , [postbus] [postcode] [vestigingsplaats] ;
- bepaalt dat de bewindvoerder onderzoek doet naar geldleningen die kennelijk
in het verleden door betrokkene aan enkele broers zijn verstrekt en waar tot nu
toe geen enkele informatie over wordt gegeven door geen van de broers;
- stelt de beloning voor de aanvangswerkzaamheden vast zoals hiervoor is
overwogen;
- stelt de jaarbeloning vast zoals hiervoor is overwogen;.
- bepaalt dat de mentor jaarlijks verslag doet van de werkzaamheden;
- wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is gegeven door mr. F.H.E. Boerma, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 20 november 2024.
de griffier, de kantonrechter,
Verzenddatum:
Tegen deze beschikking kan - uitsluitend door tussenkomst van een advocaat - hoger beroep worden ingesteld
bij het Gerechtshof te ’s-Hertogenbosch:
a. door de verzoeker en degenen aan wie de griffier een afschrift van deze beschikking heeft verstrekt
of verzonden: binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
door andere belanghebbenden: binnen drie maanden na betekening daarvan of nadat deze
beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.