Rechtspraak
Rechtbank Noord-Nederland
2025-12-11
ECLI:NL:RBNNE:2025:5909
Bestuursrecht; Bestuursstrafrecht
Mondelinge uitspraak
2,189 tokens
Volledig
ECLI:NL:RBNNE:2025:5909 text/xml public 2026-04-17T14:29:50 2026-04-14 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Noord-Nederland 2025-12-11 11691130 BU VERZ 25-1002 Uitspraak Mondelinge uitspraak NL Leeuwarden Bestuursrecht; Bestuursstrafrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNNE:2025:5909 text/html public 2026-04-17T14:29:25 2026-04-17 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBNNE:2025:5909 Rechtbank Noord-Nederland , 11-12-2025 / 11691130 BU VERZ 25-1002 Termijnoverschrijding. Betrokkene stelt dat sprake is van ongelijke behandeling, omdat de boete van zijn zwager wél is ingetrokken. Hierin ziet de kantonrechter geen aanleiding om de termijnoverschrijding verschoonbaar te achten. Betrokkene had zelfstandig gebruik moeten maken van zijn recht om beroep in te stellen. Niet-ontvankelijk beroep. RECHTBANK NOORD-NEDERLAND Zittingsplaats Leeuwarden Bestuursrecht beschikkingsnummer: 262273059 zaaknummer: 11691130 BU VERZ 25-1002 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak gedaan op de openbare zitting van 11 december 2025 in de zaak van [betrokkene] (de betrokkene), die woont in [woonplaats] . Inleiding 1. Aan betrokkene is een boete opgelegd op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). De verkeersovertreding waarvoor de boete is opgelegd is: ‘voertuig laten staan in park, plantsoen, openbare beplantingen of groenstroken’, verricht op 28 oktober 2023, om 20:56 uur, op de [straatnaam] in Franeker, met een personenauto, met kenteken [kenteken] . De opgelegde boete bedraagt € 119,00 (inclusief administratiekosten). 1.1. Betrokkene heeft tegen de boete beroep ingesteld bij de officier van justitie. Deze heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing heeft betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter. 1.2. De kantonrechter heeft het beroep op 11 december 2025 op de zitting behandeld. Daarbij waren aanwezig: de vertegenwoordigster van de officier van justitie, mr. M. van der Spek. 1.3. Na afloop van de behandeling heeft de kantonrechter onmiddellijk uitspraak gedaan. Beoordeling door de kantonrechter Beslissing 2. De kantonrechter beoordeelt het beroep aan de hand van de beroepsgronden van betrokkene. Hij oordeelt dat het beroep niet-ontvankelijk is . De kantonrechter zal hierna uitleggen waarom hij dat doet. Overwegingen 3. De kantonrechter stelt vast dat het beroepschrift te laat is ingediend. De termijn voor het indienen van een beroepschrift is zes weken. De termijn gaat in op de dag na de dag waarop de officier van justitie zijn beslissing heeft verstuurd. 3.1. Het beroepschrift is op 13 oktober 2024 bij de CVOM binnengekomen. Het had echter uiterlijk op 3 april 2024 ontvangen moeten zijn. 3.2. Betrokkene voert aan dat hij eerst vrede met de boete had, maar dat de boete van zijn zwager wel is ingetrokken. Zijn zwager stond op dezelfde avond geparkeerd op dezelfde plek. Er is sprake van ongelijke behandeling. Om dit aan te tonen heeft hij een brief, geadresseerd aan zijn zwager, bijgevoegd. 3.3. De kantonrechter ziet hierin geen aanleiding om de termijnoverschrijding verschoonbaar te achten. Betrokkene had zelfstandig gebruik moeten maken van zijn recht om beroep in te stellen. De kantonrechter zal het beroepschrift daarom niet inhoudelijk behandelen. Het beroep zal niet-ontvankelijk worden verklaard. Conclusie De kantonrechter verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Waarvan proces-verbaal, mr. R. Krikke, griffier mr. P.G. Wijtsma, kantonrechter Afschrift verzonden aan partijen op: Rechtsmiddel Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als: a. de u opgelegde administratieve boete meer dan € 110,00 bedraagt, of b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u geen (of niet op tijd) zekerheid heeft gesteld. Het (hoger) beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Noord-Nederland, Afdeling Bestuursrecht, locatie Groningen (Postbus 150, 9700 AD Groningen). U dient daarbij het zaaknummer te vermelden. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure, tenzij door u bij het (hoger) beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting is gevraagd. Artikel 6:7 van de Algemene wet bestuursrecht. Artikel 6:8 van de Algemene wet bestuursrecht.
Volledig
ECLI:NL:RBNNE:2025:5909 text/xml public 2026-04-17T14:29:50 2026-04-14 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Noord-Nederland 2025-12-11 11691130 BU VERZ 25-1002 Uitspraak Mondelinge uitspraak NL Leeuwarden Bestuursrecht; Bestuursstrafrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNNE:2025:5909 text/html public 2026-04-17T14:29:25 2026-04-17 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBNNE:2025:5909 Rechtbank Noord-Nederland , 11-12-2025 / 11691130 BU VERZ 25-1002 Termijnoverschrijding. Betrokkene stelt dat sprake is van ongelijke behandeling, omdat de boete van zijn zwager wél is ingetrokken. Hierin ziet de kantonrechter geen aanleiding om de termijnoverschrijding verschoonbaar te achten. Betrokkene had zelfstandig gebruik moeten maken van zijn recht om beroep in te stellen. Niet-ontvankelijk beroep. RECHTBANK NOORD-NEDERLAND Zittingsplaats Leeuwarden Bestuursrecht beschikkingsnummer: 262273059 zaaknummer: 11691130 BU VERZ 25-1002 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak gedaan op de openbare zitting van 11 december 2025 in de zaak van [betrokkene] (de betrokkene), die woont in [woonplaats] . Inleiding 1. Aan betrokkene is een boete opgelegd op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). De verkeersovertreding waarvoor de boete is opgelegd is: ‘voertuig laten staan in park, plantsoen, openbare beplantingen of groenstroken’, verricht op 28 oktober 2023, om 20:56 uur, op de [straatnaam] in Franeker, met een personenauto, met kenteken [kenteken] . De opgelegde boete bedraagt € 119,00 (inclusief administratiekosten). 1.1. Betrokkene heeft tegen de boete beroep ingesteld bij de officier van justitie. Deze heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing heeft betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter. 1.2. De kantonrechter heeft het beroep op 11 december 2025 op de zitting behandeld. Daarbij waren aanwezig: de vertegenwoordigster van de officier van justitie,mr. M. van der Spek. 1.3. Na afloop van de behandeling heeft de kantonrechter onmiddellijk uitspraak gedaan. Beoordeling door de kantonrechter Beslissing 2. De kantonrechter beoordeelt het beroep aan de hand van de beroepsgronden van betrokkene. Hij oordeelt dat het beroep niet-ontvankelijk is . De kantonrechter zal hierna uitleggen waarom hij dat doet. Overwegingen 3. De kantonrechter stelt vast dat het beroepschrift te laat is ingediend. De termijn voor het indienen van een beroepschrift is zes weken. De termijn gaat in op de dag na de dag waarop de officier van justitie zijn beslissing heeft verstuurd. 3.1. Het beroepschrift is op 13 oktober 2024 bij de CVOM binnengekomen. Het had echter uiterlijk op 3 april 2024 ontvangen moeten zijn. 3.2. Betrokkene voert aan dat hij eerst vrede met de boete had, maar dat de boete van zijn zwager wel is ingetrokken. Zijn zwager stond op dezelfde avond geparkeerd op dezelfde plek. Er is sprake van ongelijke behandeling. Om dit aan te tonen heeft hij een brief, geadresseerd aan zijn zwager, bijgevoegd. 3.3. De kantonrechter ziet hierin geen aanleiding om de termijnoverschrijding verschoonbaar te achten. Betrokkene had zelfstandig gebruik moeten maken van zijn recht om beroep in te stellen. De kantonrechter zal het beroepschrift daarom niet inhoudelijk behandelen. Het beroep zal niet-ontvankelijk worden verklaard. Conclusie De kantonrechter verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Waarvan proces-verbaal, mr. R. Krikke, griffier mr. P.G. Wijtsma, kantonrechter Afschrift verzonden aan partijen op: Rechtsmiddel Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als: a. de u opgelegde administratieve boete meer dan € 110,00 bedraagt, of b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u geen (of niet op tijd) zekerheid heeft gesteld. Het (hoger) beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Noord-Nederland, Afdeling Bestuursrecht, locatie Groningen (Postbus 150, 9700 AD Groningen). U dient daarbij het zaaknummer te vermelden. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure, tenzij door u bij het (hoger) beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting is gevraagd. Artikel 6:7 van de Algemene wet bestuursrecht. Artikel 6:8 van de Algemene wet bestuursrecht.