Rechtspraak
Rechtbank Noord-Nederland
2025-06-25
ECLI:NL:RBNNE:2025:3280
Bestuursrecht; Bestuursstrafrecht
Mondelinge uitspraak
1,059 tokens
Inleiding
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
Zittingsplaats Assen
Bestuursrecht
beschikkingsnummer: 263957232
zaaknummer: 11561064 BU VERZ 25-390
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak gedaan op de openbare zitting van 25 juni 2025
in de zaak van
[betrokkene] (de betrokkene),
die woont in [woonplaats] .
Inleiding
1. Aan betrokkene is een boete opgelegd op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). De verkeersovertreding waarvoor de boete is opgelegd is: ‘als bestuurder tijdens het rijden een mobiel elektronisch apparaat vasthouden’, verricht op 1 februari 2024, om 08:40 uur, op de Havelterweg in Ruinerwold, met een personenauto, met kenteken [kenteken] . De opgelegde boete bedraagt € 389,00 (inclusief administratiekosten).
1.1.
Betrokkene heeft tegen de boete beroep ingesteld bij de officier van justitie. Deze heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing heeft betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
1.2.
De kantonrechter heeft het beroep op 25 juni 2025 op de zitting behandeld. Daarbij waren aanwezig: betrokkene en als vertegenwoordigster van de officier van justitie mr. R.A. van der Velde.
1.3.
Na afloop van de zitting heeft de kantonrechter onmiddellijk uitspraak gedaan.
Beoordeling
Standpunten
2. Betrokkene stelt dat hij niet aan het bellen was. Hij kwam net bij een klant vandaan en was van plan een shagje te draaien. Daarom had hij een pakje shag in zijn handen. Daarnaast beschikt de auto van betrokkene over een handsfree functie en had hij zijn mobiele telefoon niet bij zich, omdat er een simkaart in de auto zit. Bovendien, zo voert hij aan, kan de verbalisant niet aantonen met welk toestel zou zijn gebeld. Tot slot merkt betrokkene op dat hij tijdens de staandehouding niet heeft gezegd dat hij moest bellen.
3. De vertegenwoordigster is van mening dat het beroep ongegrond moet worden verklaard. Betrokkene heeft eerder niet gesteld dat het om een pakje shag ging. Deze stelling strookt niet met zijn verklaring tijdens de staandehouding, noch met de waarneming van de verbalisant, die heeft verklaard dat betrokkene een mobiele telefoon met zijn linkerhand tegen zijn linkeroor hield.
Overwegingen
4. De kantonrechter ziet geen aanleiding om te twijfelen aan de verklaring van de verbalisant en de gegevens in het zaakoverzicht. Volgens de verbalisant hield betrokkene tijdens het rijden een mobiele telefoon tegen zijn linkeroor. Dat maakt het onaannemelijk dat het om een pakje shag ging. Daarbij speelt mee dat betrokkene deze uitleg pas op de zitting heeft gegeven. Daarnaast staat in het zaakoverzicht dat betrokkene het volgende heeft verklaard tijdens de staandehouding: ‘ik moest even bellen’. De gedraging kan daarom worden vastgesteld. Verder ziet de kantonrechter geen aanleiding om de boete te matigen of te vernietigen.
Conclusie
De kantonrechter verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. V.A.G. van Dijk, kantonrechter, in aanwezigheid van mr. W.B. Jongsma, griffier.
griffier kantonrechter
Rechtsmiddel
Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het
gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als:
a. de u opgelegde administratieve boete meer dan € 110,00 bedraagt, of
b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u geen (of niet op tijd) zekerheid heeft gesteld.
Het (hoger) beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Noord-Nederland, Afdeling Bestuursrecht, locatie Groningen (Postbus 150, 9700 AD Groningen). U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.
De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure, tenzij door u bij het (hoger) beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting is gevraagd.