Rechtspraak
Rechtbank Noord-Holland
2026-01-21
ECLI:NL:RBNHO:2026:1183
Civiel recht
Eerste aanleg - enkelvoudig
1,298 tokens
=== VOLLEDIG ===
ECLI:NL:RBNHO:2026:1183 text/xml public 2026-03-05T16:00:27 2026-02-10 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Noord-Holland 2026-01-21 11708525 BM VERZ 25-1023 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig NL Haarlem Civiel recht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2026:1183 text/html public 2026-02-19T15:16:13 2026-03-05 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBNHO:2026:1183 Rechtbank Noord-Holland , 21-01-2026 / 11708525 BM VERZ 25-1023 Het verzoek tot ontslag van de (familiaire) bewindvoerders en benoeming van een opvolgend bewindvoerder is door de kantonrechter afgewezen. Geen sprake is van gewichtige redenen die dit ontslag rechtvaardigen. Tijdens het gesprek op de zitting is naar voren gekomen dat betrokkene nu inzage krijgt in zijn bankafschrifen en dat de onderlinge verhoudingen tussen betrokkene en de bewindvoerders beter zijn dan ten tijde van de indiening van het verzoek. RECHTBANK NOORD-HOLLAND Zittingsplaats Haarlem zaaknummer : 11708525 BM VERZ 25-1023 sc dossiernummer : BM 66065 datum : 21 januari 2026 beschikking op een verzoek tot ontslag van de bewindvoerder en benoeming van een opvolgend bewindvoerder op verzoek van: [betrokkene], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum], [adres], hierna te noemen: betrokkene, met als bewindvoerders: [bewindvoerder 1] en [bewindvoerder 2], beiden wonende te [adres], hierna ook te noemen: bewindvoerders, gemachtigde: mr. N.D. Wassink. procedure De kantonrechter heeft kennisgenomen van: het verzoek, ontvangen op 16 mei 2025; de bereidverklaring van de voorgestelde opvolgende bewindvoerder; de schriftelijke reactie van de huidige bewindvoerders, ontvangen op 28 mei 2025; de stelbrief van mr. N.D. Wassink, ontvangen op 30 oktober 2025. Het verzoek is mondeling behandeld op 11 november 2025. beoordeling Bij beschikking van 1 september 2022 is het vermogen van betrokkene onder bewind gesteld. De grondslag van het bewind is de lichamelijke of geestelijke toestand van betrokkene. Betrokkene vraagt om ontslag van de huidige bewindvoerders en benoeming van een opvolgend bewindvoerder. Betrokkene wil leren hoe hij zijn financiën zelf kan doen en wil antwoord krijgen als hij vragen heeft over zijn financiën. Betrokkene stelt dat hij een onafhankelijke bewindvoerder wil omdat hij geen vertrouwen meer heeft in de huidige bewindvoerders en problemen met hen wil voorkomen. De bewindvoerders voeren aan dat zij voor betrokkene zorgen sinds zijn 9e levensjaar, zij het allerbeste met hem voor hebben en dat als betrokkene echt een professionele bewindvoerder wenst, zij dit zullen respecteren. Ook voeren zij aan dat zij met bewind willen voorkomen dat misbruik wordt gemaakt van de goedheid van betrokkene. Dat risico doet zich voor doordat betrokkene sinds enige tijd verkering heeft en zijn vriendin en haar moeder het leven van betrokkene willen bepalen. Op grond van artikel 1:448 lid 2 BW ontslaat de kantonrechter de bewindvoerder als er sprake is van gewichtige redenen die dit ontslag rechtvaardigen. De kantonrechter is gelet op de inhoud van de stukken en de behandeling ter zitting van oordeel dat betrokkene niet voldoende heeft onderbouwd en dat ook overigens niet is gebleken dat de huidige bewindvoerders in de zorg van een goed bewindvoerder zijn tekortgeschoten. Dat het af en toe botst tussen de bewindvoerder en betrokkene past bij de leeftijd van betrokkene en is onvoldoende om te kunnen spreken van gewichtige redenen op grond waarvan de bewindvoerders dienen te worden ontslagen en een nieuwe bewindvoerder moet worden benoemd. Tijdens het gesprek op de zitting is naar voren gekomen dat betrokkene nu inzage krijgt in zijn bankafschriften en dat de onderlinge verhoudingen tussen betrokkene en de bewindvoerders beter zijn dan ten tijde van de indiening van het verzoek. Ook heeft betrokkene op de zitting verteld dat hij niet meer wil dat de door hem voorgestelde bewindvoerder wordt benoemd, dat hij samen met iemand anders weer een andere bewindvoerder heeft gezocht, dat hij nu niet weet hoe het precies zit en dat hij voor duidelijkheid eerst moet bellen met degene die het heeft voorgesteld. De kantonrechter concludeert hieruit dat het voorstel wie moet worden benoemd tot opvolgend bewindvoerder op dit moment onduidelijk is en dat betrokkene hiermee voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij zich bij de indiening van het onderhavige verzoek heeft laten beïnvloeden door derden. Doorslaggevend voor het oordeel van de kantonrechter is echter dat niet is gebleken dat de bewindvoerders hun taken niet goed uitvoeren. Daarom zal de kantonrechter het verzoek afwijzen. beslissing De kantonrechter wijst het verzoek af. Deze beschikking is gegeven door mr. E. Jonker, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken. Tegen deze beschikking kan - uitsluitend door tussenkomst van een advocaat - hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam: a. door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van deze beschikking (digitaal) is verstrekt of verzonden binnen drie maanden na de dag van de uitspraak; b. door andere belanghebbenden binnen drie maanden na betekening daarvan of nadat deze beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.