Rechtspraak
Rechtbank Noord-Holland
2025-07-02
ECLI:NL:RBNHO:2025:9306
Civiel recht; Verbintenissenrecht
Bodemzaak
1,721 tokens
Inleiding
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Handel, Kanton en Insolventie
locatie Haarlem
Zaaknr./rolnr.: 11208515 \ CV EXPL 24-4872
Uitspraakdatum: 2 juli 2025
Vonnis van de kantonrechter in de zaak van:
de vennootschap naar het recht harer vestiging
AirHelp Germany GmbH
gevestigd te Berlijn (Duitsland)
eiseres
hierna te noemen: AirHelp
gemachtigde: mr. D.E. Lof (Lof Legal Services)
tegen
de buitenlandse vennootschap
British Airways Plc
gevestigd te Amsterdam
gedaagde
hierna te noemen: de vervoerder
gemachtigde: mr. J.J.O. Zandt (Ploum Rotterdam Law Firm)
De zaak in het kort
AirHelp heeft van de vervoerder compensatie gevraagd voor een meer dan drie uur vertraagde vlucht. De vervoerder heeft geen verweer gevoerd tegen de door AirHelp gevorderde hoofdsom. De kantonrechter ziet echter aanleiding om AirHelp te veroordelen in de proceskosten, omdat sprake is van rauwelijks dagvaarden. De vordering van AirHelp wordt daarom (gedeeltelijk) toegewezen.
1Het procesverloop
1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding:
- de conclusie van antwoord;
- de conclusie van repliek;
- de conclusie van dupliek;- de akte eisers.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.
Feiten
2.1.
[betrokkene] (hierna: de passagier) heeft een vervoersovereenkomst gesloten. Op grond daarvan moest de vervoerder haar op 16 december 2022 vervoeren van Amsterdam Schiphol Airport naar Londen Gatwick Airport (Verenigd Koninkrijk), met vlucht BA2763 (hierna: de vlucht).
2.2.
De vervoerder heeft de vlucht vertraagd uitgevoerd. De passagier is hierdoor met een vertraging van meer dan drie uur aangekomen op de eindbestemming.
2.3.
De passagier heeft haar eventuele vorderingsrecht overgedragen aan AirHelp.
2.4.
AirHelp heeft daarom compensatie van de vervoerder gevorderd.
2.5.
De vervoerder heeft niet uitbetaald.
Geschil
3.1.
AirHelp vordert dat de vervoerder, bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis, veroordeeld zal worden tot betaling van:- €250,00, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf de datum van de vlucht tot aan de dag der algehele voldoening;- de proceskosten, te vermeerderen met wettelijke rente.
3.2.
AirHelp baseert haar vordering op de Verordening (EG) nr. 261/2004 (hierna: de Verordening) en de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). AirHelp stelt dat de vervoerder haar vanwege de vertraging van de vlucht moet compenseren met een bedrag van € 250,00 (artikel 7 van de Verordening).
3.3.
De vervoerder betwist de vordering. Op zijn verweer wordt, voor zover relevant, ingegaan bij de beoordeling.
Beoordeling
4.1.
De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat hij bevoegd is om van de vordering kennis te nemen.
4.2.
De vervoerder heeft geen verweer gevoerd tegen de door AirHelp gevorderde hoofdsom, zodat deze zal worden toegewezen. De over de hoofdsom gevorderde wettelijke rente is als onvoldoende gemotiveerd weersproken eveneens toewijsbaar.
4.3.
De vervoerder stelt dat hij niet is aangemaand en dat hij rauwelijks is gedagvaard. De gevorderde proceskosten moeten daarom voor rekening van AirHelp blijven, aldus de vervoerder.
4.4.
AirHelp betwist dit. Zij voert aan dat zij een aanmaning (‘Letter Before Action’) naar de vervoerder heeft verzonden. Zij verwijst hierbij naar de overgelegde aanmaning. De vervoerder heeft daar tegenin gebracht dat de aanmaning is gestuurd naar een e-mailadres dat geen inkomende e-mail ontvangt. Dit staat ook boven de automatische antwoorden die het e-mailadres verzendt, aldus de vervoerder.
4.5.
AirHelp betwist dat zij een automatische reactie, zoals overgelegd als productie 1 bij de conclusie van dupliek heeft ontvangen van de vervoerder. Daarnaast voert zij aan dat vorderingen die door gemachtigden van passagiers worden ingesteld via het online portaal van de vervoerder, automatisch worden afgewezen.
4.6.
De kantonrechter oordeelt als volgt. Weliswaar staat vast dat AirHelp een aanmaning naar het e-mailadres van de vervoerder heeft verzonden, maar de vervoerder heeft gemotiveerd betwist dat deze aanmaning hem heeft bereikt. Daarom ligt het op de weg van AirHelp om aan te tonen dat de aanmaning de vervoerder heeft bereikt. De kantonrechter oordeelt dat AirHelp daar niet in is geslaagd. De omstandigheid dat er via het e-mailadres van de vervoerder automatische antwoorden worden verstuurd, betekent niet dat de e-mails die op dat e-mailadres binnenkomen ook worden gelezen. Ook de inrichting van het online portaal van de vervoerder maakt dit niet anders omdat het AirHelp vrij stond om een aanmaning op een andere wijze (bijvoorbeeld naar een ander e-mailadres of per post) te verzenden. Daarom heeft AirHelp met haar werkwijze en proceshouding, waarbij zij op geen enkele wijze heeft getracht om eerst op een minnelijke wijze tot beëindiging van het geschil te komen, de vervoerder niet in de gelegenheid gesteld om de zaak (eventueel) buiten rechte te kunnen afdoen.
4.7.
AirHelp zal in het ongelijk worden gesteld. Daarom zal zij worden veroordeeld in de kosten van de procedure. Ook de nakosten worden toegewezen, voor zover deze kosten daadwerkelijk door de vervoerder worden gemaakt.
Dictum
De kantonrechter:
5.1.
veroordeelt de vervoerder tot betaling aan AirHelp van € 250,00, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 16 december 2022, tot aan de dag van voldoening van dit bedrag;
5.2.
veroordeelt AirHelp tot betaling van de proceskosten, die tot en met vandaag voor de vervoerder worden vastgesteld op een bedrag van € 80,00 aan salaris van de gemachtigde van de vervoerder en veroordeelt AirHelp tot betaling van € 20,00 aan nakosten voor zover deze kosten daadwerkelijk door de vervoerder worden gemaakt, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis tot aan de dag van de algehele voldoening.
5.3.
verklaart dit vonnis – voor wat de proceskostenveroordeling betreft – uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. M.W. Koenis, kantonrechter en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter