Rechtspraak
Rechtbank Noord-Holland
2025-10-16
ECLI:NL:RBNHO:2025:11883
Civiel recht; Insolventierecht
Rekestprocedure
2,750 tokens
Inleiding
VONNIS AFWIJZING DWANGAKKOORD
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
zittingsplaats: Alkmaar
afdeling: handel, kanton en insolventie
zaaknummer: C/15/368008 FT RK 25/561
naam rechter: mr. M.P. de Valk
uitspraakdatum: 16 oktober 2025
in de zaak van: [schuldenaar] (hierna: schuldenaar)geboren op: [geboortedatum] 1984 te [plaats 1]wonende te: [plaats 2]
tegen
schuldeiser: Stichting Qredits Microfinancieringgevestigd te: Almelohierna te noemen: Qreditsgemachtigde: Te-Recht Gerechtsdeurwaarders & Incasso B.V.
1Samenvatting
Schuldenaar heeft een minnelijke schuldregeling aan zijn schuldeisers aangeboden. Qredits weigert mee te werken aan die schuldregeling. Schuldenaar wil dat de rechtbank Qredits beveelt toch in te stemmen met de schuldregeling.
Dictum
De rechtbank wijst het verzoek om Qredits in te laten stemmen met de aangeboden schuldregeling af.
3Gevolgen voor schuldenaar
Qredits hoeft niet mee te werken aan de uitvoering van de aangeboden minnelijke schuldregeling.
4Redenen voor deze beslissing
+
4.1.
Argumenten van schuldenaar
Schuldenaar heeft een totale schuldenlast van € 79.630,01. De schuld aan Qredits is € 20.365,64, en dat is 25,58% van de totale schuldenlast. Schuldenaar heeft aangeboden schuldeisers zonder voorrang 15,64% van hun vordering te betalen en schuldeisers met voorrang 31,29% van hun vordering.
Schuldenaar heeft belang bij de aangeboden schuldregeling omdat hij op die manier van zijn schulden verlost.
De andere schuldeisers hebben belang bij de aangeboden schuldregeling omdat deze voor hen tot een beter resultaat leidt dan toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling (wsnp).
4.2.
Argumenten van de weigerende schuldeiser
Qredits heeft schuldenaar een microkrediet verstrekt waarvoor zijn ex-partner zich borg heeft gesteld tot een bedrag van € 12.500,-. Als Qredits instemt met het minnelijk schuldhulpvoorstel vervalt hun vordering op de borg. Met het aangeboden percentage van 15,64% krijgt Qredits slechts € 3.185,83 van haar vordering terwijl de opbrengst via het beslag op de borg tot een aanzienlijk beter resultaat leidt. Dit is derhalve een zwaarwegend belang om niet akkoord te gaan. Bij toelating tot de wsnp blijft de borgstelling immers wel behouden.
4.3.
Afweging van de argumenten van partijen door de rechtbank
Een schuldeiser heeft recht op betaling. De rechtbank kan daarom alleen in bijzondere gevallen een schuldeiser dwingen om in te stemmen met een schuldregeling. De rechtbank moet daarbij rekening houden met de belangen van schuldenaar en alle schuldeisers.
De rechtbank let bij haar beoordeling op het volgende:- is het aanbod getoetst door een onafhankelijke en deskundige partij?- is het aanbod goed en betrouwbaar gedocumenteerd?- is het aanbod het uiterste wat schuldenaar kan aanbieden? - biedt toelating tot de wsnp aan de schuldeisers betere vooruitzichten op betaling?- hoeveel schuldeisers zijn er en hoeveel daarvan weigeren met het aanbod in te stemmen?- hoe groot is het aandeel van de weigerende schuldeiser in de totale schuldenlast?
De rechtbank is van oordeel dat hier geen sprake is van een bijzonder geval. Qredits hoeft niet mee te werken aan de aangeboden schuldregeling. Daarbij is allereerst van belang dat de vordering van Qredits met 25,58% een aanzienlijk deel van de totale schuldenlast bedraagt en dat deze schuldeiser dus een relatieve zware stem heeft bij de akkoordstemming. Daarnaast is van belang dat voor de verstrekte lening een borg is gesteld. Deze borgstelling vervalt, op grond van artikel 6:160 lid 1 Burgerlijk Wetboek, als Qredits akkoord gaat met het akkoord. Op een buitengerechtelijk akkoord zijn namelijk de gewone regels van het verbintenissenrecht van toepassing. In een faillissement of bij toepassing van de wettelijke schuldsanering is dat anders. Dan blijft op grond van artikel 300 Faillissementswet de borgstelling wel in stand (vanwege een resterende natuurlijke verbintenis). Gezien de borgstelling bestaat de kans dat Qredits uiteindelijk haar gehele vordering terugbetaald zal krijgen in plaats van 15,64% zoals onder het akkoord is aangeboden. De rechtbank is daarom van oordeel dat het niet onredelijk is dat Qredits heeft geweigerd met het akkoord in te stemmen.
5Stukken waarop deze beslissing is gebaseerd
verzoekschrift van schuldenaar met bijlagen;
verweerschrift van Qredits;
aantekeningen van de zitting van 07 oktober 2025, waarbij aanwezig waren schuldenaar en mevr. L. Wever namens gemeente Hollands Kroon, schuldhulpverlener.
6Mogelijkheden om deze beslissing aan te vechten
Schuldenaar heeft ook een verzoek gedaan om te worden toegelaten tot de schuldsaneringsregeling (wsnp). De rechtbank wijst dit verzoek toe in een aparte uitspraak. Schuldenaar kan daarom deze uitspraak niet aanvechten.
De griffier De rechter
Inleiding
VONNIS AFWIJZING DWANGAKKOORD
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
zittingsplaats: Alkmaar
afdeling: handel, kanton en insolventie
zaaknummer: C/15/368008 FT RK 25/561
naam rechter: mr. M.P. de Valk
uitspraakdatum: 16 oktober 2025
in de zaak van: [schuldenaar] (hierna: schuldenaar)geboren op: [geboortedatum] 1984 te [plaats 1]wonende te: [plaats 2]
tegen
schuldeiser: Stichting Qredits Microfinancieringgevestigd te: Almelohierna te noemen: Qreditsgemachtigde: Te-Recht Gerechtsdeurwaarders & Incasso B.V.
1Samenvatting
Schuldenaar heeft een minnelijke schuldregeling aan zijn schuldeisers aangeboden. Qredits weigert mee te werken aan die schuldregeling. Schuldenaar wil dat de rechtbank Qredits beveelt toch in te stemmen met de schuldregeling.
Dictum
De rechtbank wijst het verzoek om Qredits in te laten stemmen met de aangeboden schuldregeling af.
3Gevolgen voor schuldenaar
Qredits hoeft niet mee te werken aan de uitvoering van de aangeboden minnelijke schuldregeling.
4Redenen voor deze beslissing
+
4.1.
Argumenten van schuldenaar
Schuldenaar heeft een totale schuldenlast van € 79.630,01. De schuld aan Qredits is € 20.365,64, en dat is 25,58% van de totale schuldenlast. Schuldenaar heeft aangeboden schuldeisers zonder voorrang 15,64% van hun vordering te betalen en schuldeisers met voorrang 31,29% van hun vordering.
Schuldenaar heeft belang bij de aangeboden schuldregeling omdat hij op die manier van zijn schulden verlost.
De andere schuldeisers hebben belang bij de aangeboden schuldregeling omdat deze voor hen tot een beter resultaat leidt dan toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling (wsnp).
4.2.
Argumenten van de weigerende schuldeiser
Qredits heeft schuldenaar een microkrediet verstrekt waarvoor zijn ex-partner zich borg heeft gesteld tot een bedrag van € 12.500,-. Als Qredits instemt met het minnelijk schuldhulpvoorstel vervalt hun vordering op de borg. Met het aangeboden percentage van 15,64% krijgt Qredits slechts € 3.185,83 van haar vordering terwijl de opbrengst via het beslag op de borg tot een aanzienlijk beter resultaat leidt. Dit is derhalve een zwaarwegend belang om niet akkoord te gaan. Bij toelating tot de wsnp blijft de borgstelling immers wel behouden.
4.3.
Afweging van de argumenten van partijen door de rechtbank
Een schuldeiser heeft recht op betaling. De rechtbank kan daarom alleen in bijzondere gevallen een schuldeiser dwingen om in te stemmen met een schuldregeling. De rechtbank moet daarbij rekening houden met de belangen van schuldenaar en alle schuldeisers.
De rechtbank let bij haar beoordeling op het volgende:- is het aanbod getoetst door een onafhankelijke en deskundige partij?- is het aanbod goed en betrouwbaar gedocumenteerd?- is het aanbod het uiterste wat schuldenaar kan aanbieden? - biedt toelating tot de wsnp aan de schuldeisers betere vooruitzichten op betaling?- hoeveel schuldeisers zijn er en hoeveel daarvan weigeren met het aanbod in te stemmen?- hoe groot is het aandeel van de weigerende schuldeiser in de totale schuldenlast?
De rechtbank is van oordeel dat hier geen sprake is van een bijzonder geval. Qredits hoeft niet mee te werken aan de aangeboden schuldregeling. Daarbij is allereerst van belang dat de vordering van Qredits met 25,58% een aanzienlijk deel van de totale schuldenlast bedraagt en dat deze schuldeiser dus een relatieve zware stem heeft bij de akkoordstemming. Daarnaast is van belang dat voor de verstrekte lening een borg is gesteld. Deze borgstelling vervalt, op grond van artikel 6:160 lid 1 Burgerlijk Wetboek, als Qredits akkoord gaat met het akkoord. Op een buitengerechtelijk akkoord zijn namelijk de gewone regels van het verbintenissenrecht van toepassing. In een faillissement of bij toepassing van de wettelijke schuldsanering is dat anders. Dan blijft op grond van artikel 300 Faillissementswet de borgstelling wel in stand (vanwege een resterende natuurlijke verbintenis). Gezien de borgstelling bestaat de kans dat Qredits uiteindelijk haar gehele vordering terugbetaald zal krijgen in plaats van 15,64% zoals onder het akkoord is aangeboden. De rechtbank is daarom van oordeel dat het niet onredelijk is dat Qredits heeft geweigerd met het akkoord in te stemmen.
5Stukken waarop deze beslissing is gebaseerd
verzoekschrift van schuldenaar met bijlagen;
verweerschrift van Qredits;
aantekeningen van de zitting van 07 oktober 2025, waarbij aanwezig waren schuldenaar en mevr. L. Wever namens gemeente Hollands Kroon, schuldhulpverlener.
6Mogelijkheden om deze beslissing aan te vechten
Schuldenaar heeft ook een verzoek gedaan om te worden toegelaten tot de schuldsaneringsregeling (wsnp). De rechtbank wijst dit verzoek toe in een aparte uitspraak. Schuldenaar kan daarom deze uitspraak niet aanvechten.
De griffier De rechter