Rechtspraak
Rechtbank Noord-Holland
2025-05-21
ECLI:NL:RBNHO:2025:11505
Civiel recht; Verbintenissenrecht
Verstek
1,584 tokens
Inleiding
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Handel, Kanton en Bewind
locatie Alkmaar
Zaaknr./rolnr.: 11452290 \ CV EXPL 24-4292
Uitspraakdatum: 21 mei 2025
Verstekvonnis van de kantonrechter in de zaak van:
1
[eiser 1] B.V.
te [plaats 1]
de eisende partij sub 1
gemachtigde: mr. D.M. Schouten-Hennen
2
[eiser 2] B.V.
te [plaats 1]
de eisende partij sub 2
gemachtigde: mr. D.M. Schouten-Hennen
hierna gezamenlijk aangeduid als “eisers”,
tegen
[gedaagde]
te [plaats 2]
de gedaagde partij
niet verschenen
Procesverloop
1.1.
Eisers hebben de gedaagde partij gedagvaard. Tegen de gedaagde partij is verstek verleend.
Beoordeling
2.1.
De eisende partij sub 1 vordert veroordeling van de gedaagde partij tot betaling van € 10.692,00, te vermeerderen met de buitengerechtelijke incassokosten, de wettelijke rente en de proceskosten.
2.2.
De eisende partij sub 2 vordert veroordeling van de gedaagde partij tot betaling van € 384,78, te vermeerderen met de buitengerechtelijke incassokosten, de wettelijke rente en de proceskosten.
Ambtshalve toetsing van de precontractuele informatieplichten
2.3.
Eisers hebben niet gesteld en onderbouwd dat zij hebben voldaan aan de op hun rustende (pre)contractuele informatieplichten. Eisers hebben namelijk nagelaten een concrete toelichting te geven op de wijze van totstandkoming van de overeenkomst en hoe zij in die situatie hebben voldaan aan de op hun rustende informatieplichten. De kantonrechter kan daarom niet vaststellen op welke wijze de overeenkomst tot stand is gekomen (op afstand, buiten de verkoopruimte of binnen de verkoopruimte) en of aan de gedaagde partij op duidelijke en begrijpelijke wijze de hiervoor bedoelde essentiële informatie is verstrekt. Weliswaar hebben eisers producties bij de dagvaarding overgelegd, maar zonder toe te lichten welke delen daarvan relevant zijn voor welk standpunt. Producties kunnen stellingen enkel ondersteunen en niet vervangen. Het is niet aan de kantonrechter om eigenhandig op zoek te gaan naar informatie. Het is dus aan eisers om concreet aan te geven welke informatie in welke productie/welke schermafdruk te vinden is (bijvoorbeeld door de relevante onderdelen in de producties te onderstrepen of te arceren).
2.4.
Bij wijze van uitzondering worden eisers in de gelegenheid gesteld om de hiervoor bedoelde informatie alsnog bij akte te verstrekken. Eisers moeten expliciet en op een duidelijke manier stellen en onderbouwen hoe zij ten aanzien van de gedaagde partij hebben voldaan aan de op hun rustende informatieplichten. Als eisers daaraan niet of niet volledig voldoen, zal de kantonrechter daaraan op grond van de artikelen 22 en 139 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering de gevolgen verbinden die zij geraden acht. De kantonrechter wijst eisers erop dat het ontbreken van een dergelijke onderbouwing in eventuele vervolgzaken kan leiden tot afwijzing van de vordering.
Ambtshalve toetsing van de algemene voorwaarden
2.5.
De kantonrechter is, gelet op het Dexia-arrest, gehouden om onderzoek te doen naar (mogelijk) oneerlijke bedingen in de toepasselijke algemene voorwaarden. Volgens Richtlijn 93/13/EEG betreffende oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten is een beding oneerlijk wanneer dit het evenwicht tussen de wederzijdse rechten en verplichtingen ten nadele van de consument aanzienlijk verstoort. De kantonrechter moet in iedere procedure over ieder onderdeel van de vordering beoordelen of daarover in de algemene voorwaarden afspraken zijn gemaakt en of die afspraken al dan niet oneerlijk zijn ten opzichte van de consument. Als de kantonrechter oordeelt dat een contractuele afspraak oneerlijk is, moet het beding worden vernietigd en moet de vordering op dat onderdeel worden afgewezen (ook als eisers in de procedure een beroep doen op wettelijke bepalingen in plaats van op die contractuele afspraak).
2.6.
Uit de bij de dagvaarding overgelegde huurkoopovereenkomst (productie 3) volgt dat op de overeenkomst algemene voorwaarden van toepassing zijn. Eisers hebben die algemene voorwaarden echter niet bij de dagvaarding gevoegd.
2.7.
Eisers worden daarom in de gelegenheid gesteld om bij akte de toepasselijke algemene voorwaarden over te leggen. Daarbij moeten eisers zich ook uitlaten over de eventuele (on-)eerlijkheid van de daarin opgenomen bedingen die verband houden met de vordering. De kantonrechter wijst eisers erop dat het niet overleggen van de toepasselijke algemene voorwaarden in eventuele vervolgzaken tot afwijzing van (een deel van) de vordering kan leiden.
Conclusie
2.8.
Eisers worden in de gelegenheid gesteld zich bij akte uit te laten over de totstandkoming van de overeenkomst met de bijbehorende (pre)contractuele informatieplichten en de bedingen in de algemene voorwaarden die verband houden met de vordering.
2.9.
Als aan de hierboven bedoelde opdracht niet of niet volledig wordt voldaan, zal de kantonrechter daaraan op grond van de artikelen 22 en 139 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering de gevolgen verbinden die zij geraden acht.
2.10.
Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.
Dictum
De kantonrechter:
3.1.
verwijst de zaak naar de rol van 18 juni 2025 om eisers in de gelegenheid te stellen zich bij akte uit te laten over hetgeen hiervoor in r.o. 2.8. is overwogen;
3.2.
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. M. Woerdman op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter
Hoge Raad 10 maart 2017, ECLI:NL:HR:2017:404.
HvJ EU 27 januari 2021, C‑229/19 en C‑289/19, ECLI:NL:EU:C:68 (Dexia).