Rechtspraak
Rechtbank Noord-Holland
2025-02-06
ECLI:NL:RBNHO:2025:1131
Civiel recht
Eerste aanleg - enkelvoudig
3,396 tokens
Inleiding
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Handel, Kanton en Bewind
locatie Alkmaar
Zaaknummer: 11342264 BZ VERZ 24-5259 SZ
Uitspraakdatum:
Beschikking van de kantonrechter
in het bewind van:
[betrokkene],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],
van wie het adres bekend is bij deze rechtbank,
hierna ook te noemen: [betrokkene],
van wie thans bewindvoerders zijn:
[bewindvoerder 1],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],
hierna ook te noemen: [bewindvoerder 1],
en
[bewindvoerder 2],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],
hierna ook te noemen: [bewindvoerder 2],
van wie beiden het adres bekend is bij deze rechtbank,
procedure
De kantonrechter heeft kennisgenomen van:
de boedelbeschrijving, ter griffie ingekomen op 7 oktober 2024;
de e-mail van de [bewindvoerder 2], ter griffie ingekomen op 17 oktober 2024;
een aanvulling op de e-mail van de [bewindvoerder 2], ter griffie ingekomen op 18 oktober 2024;
de e-mail van de [bewindvoerder 1], ter griffie ingekomen op 23 oktober 2024;
het overzicht van de geldlening, ter zitting overhandigd door de [bewindvoerder 1].
Een mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 7 januari 2025.
Beoordeling
Bij beschikking van 23 april 2024 is een bewind ingesteld over de (toekomstige) goederen en een mentorschap ingesteld ten behoeve van [betrokkene] wegens zijn geestelijke of lichamelijke toestand. Bij diezelfde beschikking zijn [bewindvoerder 1 en 2] benoemd tot zowel bewindvoerders als mentoren.
Ter zitting is de voortgang van het bewind en mentorschap besproken.
De [bewindvoerder 1] geeft aan dat zij met de [bewindvoerder 2] in scheiding ligt en dat het onderlinge contact stroef verloopt. In haar e-mail van 23 oktober 2024 schrijft de [bewindvoerder 1] dat zij aangesteld wil blijven als bewindvoerder en mentor met uitsluiting van de [bewindvoerder 2]. Ter zitting heeft de [bewindvoerder 1] echter verzocht om [bewindvoerder 1 en 2] te ontslaan als bewindvoerder en mentor en een professionele bewindvoerder en mentor te benoemen.
De [bewindvoerder 2] erkent dat het contact met de [bewindvoerder 1] moeizaam verloopt. Zo heeft de [bewindvoerder 1] de boedelbeschrijving zonder medeweten van de [bewindvoerder 2] ingediend bij de rechtbank en liggen [bewindvoerder 1 en 2] niet op één lijn voor wat betreft het traject naar begeleid wonen.
De kantonrechter oordeelt als volgt. [betrokkene] is een kwetsbare jongen. Zo heeft hij een chromosoomafwijking, een achterstand in zijn spraak- en taalontwikkeling en een autistische stoornis. Gebleken is dat de relatie en communicatie tussen [bewindvoerder 1 en 2] duurzaam is verstoord. [betrokkene] woont inmiddels bij de [bewindvoerder 2] en er is weinig tot geen contact tussen [betrokkene] en de [bewindvoerder 1]. [bewindvoerder 1 en 2] hebben een geheel andere visie over de beperkingen en mogelijkheden en daarmee het perspectief van [betrokkene]. Daardoor komt de benodigde hulpverlening onvoldoende van de grond. De [bewindvoerder 1] heeft altijd de zorgtaken voor [betrokkene] verricht en de hulpverlening gecoördineerd. [bewindvoerder 1 en 2] erkennen dat de financiële administratie van [betrokkene] een chaos is.
Zoals eerder aangegeven wenst de [bewindvoerder 1] een professioneel bewindvoerder en mentor. De [bewindvoerder 2] geeft aan dat hij die taken wel op zich wil nemen, maar ziet dat daar geen draagvlak voor is bij de [bewindvoerder 1]. Daarnaast vindt de [bewindvoerder 2] dat [betrokkene] over de benoeming van een professionele bewindvoerder en mentor gehoord moet worden. De [bewindvoerder 1] heeft aangegeven dat dit te belastend is voor [betrokkene] en niet zinvol is. Hij kan hierover door zijn cognitieve beperking zich geen mening vormen en uiten. De kantonrechter is het eens met de [bewindvoerder 1]. [betrokkene] is niet voldoende in staat zijn uitdrukkelijke voorkeur als bedoeld in artikel 1:435 lid 3 juncto artikel 1:452 lid 3 Burgerlijk Wetboek kenbaar te maken.
Gelet op de kwetsbaarheid van [betrokkene] en de aangegeven situatie acht de kantonrechter het in het belang van [betrokkene] om een professionele bewindvoerder en mentor te benoemen. Nu [bewindvoerder 1 en 2], hoewel daartoe wel in de gelegenheid gesteld, niet hun voorkeur voor een professionele bewindvoerder en mentor kenbaar hebben gemaakt, zal de kantonrechter zelf een professionele bewindvoerder en mentor aanwijzen en benoemen.
Op 24 januari 2025 heeft De Bewindvoerder Alkmaar e.o. B.V., zich bereid verklaard om tot bewindvoerder en mentor te worden benoemd.
De kantonrechter zal de beloning van de te benoemen bewindvoerder, tevens mentor, voor de aanvangswerkzaamheden vaststellen op een bedrag van € 1187,00 (exclusief btw).
Ter zitting is gebleken dat de [bewindvoerder 1] grote bedragen van de rekening van [betrokkene] heeft afgehaald ten behoeve van de inrichting van haar nieuwe woning. Een en ander zonder vooraf machtiging te vragen aan de kantonrechter. De kantonrechter heeft ter zitting aangegeven dat zij hiertoe, als deze wel was gevraagd, nooit een machtiging zou hebben verleend. Dit geld moet daarom binnen zes maanden worden teruggestort op de rekening van [betrokkene].
Dictum
De kantonrechter:
ontslaat, met ingang van twee weken na heden, als bewindvoerders en mentoren: [bewindvoerder 1] en [bewindvoerder 2];
benoemt, met ingang van twee weken na heden, tot bewindvoerder en mentor: De Bewindvoerder Alkmaar e.o. B.V., Kvkno. 65829344, correspondentieadres: postbus 9077 te 1800 GB Alkmaar;
verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
stelt de jaarbeloning van de bewindvoerder vast overeenkomstig artikel 5 juncto artikel 2 lid 2 sub a van de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren;
stelt de beloning van de bewindvoerder, tevens mentor, voor de aanvangswerkzaamheden vast op een bedrag van € 1187,00 (exclusief btw);
bepaalt dat [bewindvoerder 1] binnen zes maanden na heden € 2250,00 aan [betrokkene] dient terug te betalen.
Deze beschikking is gegeven door mr. J.A.C.R.W. VerLoren van Themaat-van der Hoeven, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter
Inleiding
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Handel, Kanton en Bewind
locatie Alkmaar
Zaaknummer: 11342264 BZ VERZ 24-5259 SZ
Uitspraakdatum:
Beschikking van de kantonrechter
in het bewind van:
[betrokkene],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],
van wie het adres bekend is bij deze rechtbank,
hierna ook te noemen: [betrokkene],
van wie thans bewindvoerders zijn:
[bewindvoerder 1],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],
hierna ook te noemen: [bewindvoerder 1],
en
[bewindvoerder 2],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],
hierna ook te noemen: [bewindvoerder 2],
van wie beiden het adres bekend is bij deze rechtbank,
procedure
De kantonrechter heeft kennisgenomen van:
de boedelbeschrijving, ter griffie ingekomen op 7 oktober 2024;
de e-mail van de [bewindvoerder 2], ter griffie ingekomen op 17 oktober 2024;
een aanvulling op de e-mail van de [bewindvoerder 2], ter griffie ingekomen op 18 oktober 2024;
de e-mail van de [bewindvoerder 1], ter griffie ingekomen op 23 oktober 2024;
het overzicht van de geldlening, ter zitting overhandigd door de [bewindvoerder 1].
Een mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 7 januari 2025.
Beoordeling
Bij beschikking van 23 april 2024 is een bewind ingesteld over de (toekomstige) goederen en een mentorschap ingesteld ten behoeve van [betrokkene] wegens zijn geestelijke of lichamelijke toestand. Bij diezelfde beschikking zijn [bewindvoerder 1 en 2] benoemd tot zowel bewindvoerders als mentoren.
Ter zitting is de voortgang van het bewind en mentorschap besproken.
De [bewindvoerder 1] geeft aan dat zij met de [bewindvoerder 2] in scheiding ligt en dat het onderlinge contact stroef verloopt. In haar e-mail van 23 oktober 2024 schrijft de [bewindvoerder 1] dat zij aangesteld wil blijven als bewindvoerder en mentor met uitsluiting van de [bewindvoerder 2]. Ter zitting heeft de [bewindvoerder 1] echter verzocht om [bewindvoerder 1 en 2] te ontslaan als bewindvoerder en mentor en een professionele bewindvoerder en mentor te benoemen.
De [bewindvoerder 2] erkent dat het contact met de [bewindvoerder 1] moeizaam verloopt. Zo heeft de [bewindvoerder 1] de boedelbeschrijving zonder medeweten van de [bewindvoerder 2] ingediend bij de rechtbank en liggen [bewindvoerder 1 en 2] niet op één lijn voor wat betreft het traject naar begeleid wonen.
De kantonrechter oordeelt als volgt. [betrokkene] is een kwetsbare jongen. Zo heeft hij een chromosoomafwijking, een achterstand in zijn spraak- en taalontwikkeling en een autistische stoornis. Gebleken is dat de relatie en communicatie tussen [bewindvoerder 1 en 2] duurzaam is verstoord. [betrokkene] woont inmiddels bij de [bewindvoerder 2] en er is weinig tot geen contact tussen [betrokkene] en de [bewindvoerder 1]. [bewindvoerder 1 en 2] hebben een geheel andere visie over de beperkingen en mogelijkheden en daarmee het perspectief van [betrokkene]. Daardoor komt de benodigde hulpverlening onvoldoende van de grond. De [bewindvoerder 1] heeft altijd de zorgtaken voor [betrokkene] verricht en de hulpverlening gecoördineerd. [bewindvoerder 1 en 2] erkennen dat de financiële administratie van [betrokkene] een chaos is.
Zoals eerder aangegeven wenst de [bewindvoerder 1] een professioneel bewindvoerder en mentor. De [bewindvoerder 2] geeft aan dat hij die taken wel op zich wil nemen, maar ziet dat daar geen draagvlak voor is bij de [bewindvoerder 1]. Daarnaast vindt de [bewindvoerder 2] dat [betrokkene] over de benoeming van een professionele bewindvoerder en mentor gehoord moet worden. De [bewindvoerder 1] heeft aangegeven dat dit te belastend is voor [betrokkene] en niet zinvol is. Hij kan hierover door zijn cognitieve beperking zich geen mening vormen en uiten. De kantonrechter is het eens met de [bewindvoerder 1]. [betrokkene] is niet voldoende in staat zijn uitdrukkelijke voorkeur als bedoeld in artikel 1:435 lid 3 juncto artikel 1:452 lid 3 Burgerlijk Wetboek kenbaar te maken.
Gelet op de kwetsbaarheid van [betrokkene] en de aangegeven situatie acht de kantonrechter het in het belang van [betrokkene] om een professionele bewindvoerder en mentor te benoemen. Nu [bewindvoerder 1 en 2], hoewel daartoe wel in de gelegenheid gesteld, niet hun voorkeur voor een professionele bewindvoerder en mentor kenbaar hebben gemaakt, zal de kantonrechter zelf een professionele bewindvoerder en mentor aanwijzen en benoemen.
Op 24 januari 2025 heeft De Bewindvoerder Alkmaar e.o. B.V., zich bereid verklaard om tot bewindvoerder en mentor te worden benoemd.
De kantonrechter zal de beloning van de te benoemen bewindvoerder, tevens mentor, voor de aanvangswerkzaamheden vaststellen op een bedrag van € 1187,00 (exclusief btw).
Ter zitting is gebleken dat de [bewindvoerder 1] grote bedragen van de rekening van [betrokkene] heeft afgehaald ten behoeve van de inrichting van haar nieuwe woning. Een en ander zonder vooraf machtiging te vragen aan de kantonrechter. De kantonrechter heeft ter zitting aangegeven dat zij hiertoe, als deze wel was gevraagd, nooit een machtiging zou hebben verleend. Dit geld moet daarom binnen zes maanden worden teruggestort op de rekening van [betrokkene].
Dictum
De kantonrechter:
ontslaat, met ingang van twee weken na heden, als bewindvoerders en mentoren: [bewindvoerder 1] en [bewindvoerder 2];
benoemt, met ingang van twee weken na heden, tot bewindvoerder en mentor: De Bewindvoerder Alkmaar e.o. B.V., Kvkno. 65829344, correspondentieadres: postbus 9077 te 1800 GB Alkmaar;
verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
stelt de jaarbeloning van de bewindvoerder vast overeenkomstig artikel 5 juncto artikel 2 lid 2 sub a van de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren;
stelt de beloning van de bewindvoerder, tevens mentor, voor de aanvangswerkzaamheden vast op een bedrag van € 1187,00 (exclusief btw);
bepaalt dat [bewindvoerder 1] binnen zes maanden na heden € 2250,00 aan [betrokkene] dient terug te betalen.
Deze beschikking is gegeven door mr. J.A.C.R.W. VerLoren van Themaat-van der Hoeven, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter