Rechtspraak
Rechtbank Noord-Holland
2023-10-03
ECLI:NL:RBNHO:2023:14079
Bestuursrecht; Bestuursstrafrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
1,040 tokens
Inleiding
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Handel, Kanton en Bewind
locatie Zaanstad
Zaaknummer : 10643640 \ WM VERZ 23-473
CJIB-nummer : [nummer]
Uitspraakdatum : 3 oktober 2023
Uitspraak op een beroep als bedoeld in artikel 9 van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV)
in de zaak van
[nummer]
gemachtigde : [gemachtigde]
Het verloop van de procedure
Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna te noemen: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 3 oktober 2023. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. [gemachtigde] is namens betrokkene ook verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.
Overwegingen
De gedraging waarvoor de boete is opgelegd, luidt – kort omschreven – als volgt: doorrijden bij een driekleurig verkeerslicht (stoplicht) dat op rood staat.
Betrokkene is het niet eens met de beslissing van de officier van justitie en heeft in het beroepschrift de gronden daarvoor aangevoerd.
Betrokkene erkent de gedraging, zodat deze kan worden vastgesteld. Betrokkene doet echter een beroep op de omstandigheden van het geval. Betrokkene voert aan dat iedereen ruimte maakte voor een naderend voorrangsvoertuig. Betrokkene reed op de rechter baan voor rechtdoor. De auto’s op linkerbaan voor rechtdoor kwamen ook naar de rechter baan. Om ruimte te geven is betrokkene eveneens een baan naar rechts gegaan en is zo onbedoeld terecht gekomen op de rijstrook voor rechtsaf. Na het passeren van het voorrangsvoertuig kon iedereen zijn weg vervolgen. Alle weggebruikers hebben uitstekend gehandeld en iedereen kon rustig rijdend zijn weg vervolgen, aldus betrokkene. Betrokkene had nooit de intentie om rechtsaf te slaan, heeft ook helemaal niet gelet op het stoplicht voor rechtsaf en is teruggegaan naar de rechter rijbaan voor rechtdoor.
De kantonrechter ziet in hetgeen betrokkene heeft aangevoerd aanleiding om het beroep gegrond te verklaren. Daarbij is van belang dat aan de hand van de foto’s van de gedraging het betoog van betrokkene aannemelijk is en voldoende vast staat dat er sprake was van een bijzondere situatie. Onder deze omstandigheden is het niet redelijk dat er een boete is opgelegd. Het beroep is daarom gegrond. De beschikking waarbij de boete is opgelegd en de beslissing van officier van justitie zullen worden vernietigd.
De uitspraak
De kantonrechter:
‒ verklaart het beroep gegrond;
‒ vernietigt de beslissing van de officier van justitie en de beschikking waarbij de
boete is opgelegd;
‒ bepaalt dat de officier van justitie het bedrag dat betrokkene als zekerheidstelling heeft betaald, aan betrokkene terugbetaalt.
Deze uitspraak is gedaan door mr. P.J. Jansen, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken.
De griffier De kantonrechter
Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 WAHV hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 110,00. Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht. Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Datum toezending: