Rechtspraak Rechtbank Midden-Nederland 2026-01-22
ECLI:NL:RBMNE:2026:447
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: UTR 25/363 uitspraak van de enkelvoudige kamer van 22 januari 2026 in de zaak tussen [eiser] , uit [plaats] , eiser (gemachtigde: mr. M. Gideonse), en het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Soest (gemachtigden: mr. P. Dijkstra en mr. M. de Rijke). Samenvatting 1. Deze uitspraak gaat over eisers verzoek om op grond van de Wet open overheid (Woo) informatie te verkrijgen over contacten tussen de gemeente Soest en recreatie-bungalowpark [locatie 1] . Deze contacten zien op niet-recreatief verblijf, inclusief eventuele vergunningaanvragen en/of -trajecten over het oprichten van recreatieve verblijfswoningen, vanaf 1994 tot het moment van het verzoek van 5 september 2023. Met het bestreden besluit heeft verweerder de met de verrichte zoekslag aangetroffen documenten gedeeltelijk openbaar gemaakt. Eiser is het niet eens met de gedeeltelijke tegemoetkoming aan zijn verzoek. Hij voert daartoe een aantal beroepsgronden aan. Aan de hand van deze beroepsgronden beoordeelt de rechtbank de afwijzing van de aanvraag. 1.1. De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat het beroep gegrond is. Het bestreden besluit is namelijk in strijd met artikel 3:2 van de Awb, omdat de zoekslag niet zorgvuldig is verricht. Eiser krijgt op dat punt dus gelijk. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft. Procesverloop 2. Eiser heeft een verzoek ingediend op grond van de Woo. Verweerder is aan dit verzoek met het primaire besluit van 27 december 2023 gedeeltelijk tegemoetgekomen. Met het bestreden besluit van 2 december 2024 op het bezwaar van eiser is verweerder – onder aanvulling van de motivering - bij de gedeeltelijke tegemoetkoming van het verzoek gebleven. 2.1. Eiser heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit. 2.2. Verweerder heeft een verweerschrift ingediend. 2.3. De rechtbank heeft het beroep op 30 oktober 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiser, de gemachtigde van eiser en de gemachtigden van verweerder. Wat ging er aan dit Woo-verzoek vooraf? 3. Eiser heeft al eerder (in 2021 en 2022) Woo-verzoeken ingediend die gaan over - dan wel in relatie staan tot - de adressen [adres 1] en [adres 2] te [plaats] . De achtergrond van die Woo-verzoeken is erin gelegen dat aan eiser, als (voormalig) eigenaar van de recreatiewoningen en de kantoorvilla op die adressen, in 2018 en 2019 lasten onder dwangsom zijn opgelegd om het niet-recreatieve gebruik van de recreatiewoningen op zijn percelen te beëindigen. Eiser stelt zich op het standpunt dat de verhuur van recreatiewoningen, anders dan voor recreatie, onder voorwaarden vroeger wél was toegestaan, zolang maar geen sprake was van daadwerkelijke permanente bewoning. Het beleid van de gemeente Soest is op dat punt dus veranderd en daar heeft eiser schade door ondervonden die hij op de gemeente wil verhalen. In dat verband is eiser op zoek naar informatie. Het huidige Woo-verzoek van 5 september 2023 4. Met het huidige Woo-verzoek dat eiser op 5 september 2023 bij verweerder heeft ingediend verzoekt eiser het volgende: - Bij brief van 5 maart 2010 heeft eigenaar/beheerder van Bungalowpark [locatie 1] een concept convenant bestrijding permanente bewoning recreatiebedrijven naar verweerder toegestuurd. Eiser verzoekt om openbaarmaking en verstrekking van alle documenten, waaronder schriftelijke communicatie, met betrekking tot dit onderwerp, waaronder begrepen de contacten met de betreffende recreatiebedrijven, c.q. de heer [A] . - Bij e-mailbericht van 7 juli 2020 heeft Bungalowpark [locatie 1] gereageerd op een verzoek van Bungalowpark [locatie 2] . In dit e-mailbericht wordt gesteld dat verweerder op de hoogte is "van elke persoon die hier een tijdelijke overbrugging nodig heeft". Eiser verzoekt om openbaarmaking en verstrekking van alle documenten, waaronder schriftelijke communicatie, betreffende de contacten met Bungalowpark [loc De rechtbank begrijpt gezien hetgeen ter zitting is besproken dat de zoekslag betrekking heeft gehad op de gehele periode vanaf 2004 tot aan 5 september 2023. De reden waarom niet teruggezocht is naar informatie van voor 2004, is dat stukken van meer dan 20 jaar oud, ofwel vernietigd zijn, ofwel overgebracht zijn naar het Archief op grond van de Archiefwet en derhalve reeds openbaar zijn en dus niet onder de reikwijdte van de Woo vallen. Stukken die dateren van voor 2004 zijn dus niet meer bij de gemeente aanwezig, tenzij deze zijn opgenomen in een dossier van een recentere datum. 13. De rechtbank begrijpt verder dat het gebruik van papierendossiers tot 2018 leidend waren en dat er vanaf 2019 werd gewerkt met digitale dossiers. Verweerder heeft hierover toegelicht dat alle documenten uit de papierendossiers zijn opgenomen en staan vermeld in het documentmanagementsysteem ‘Verseon’, en vanaf 2021 in het documentmanagementsysteem ‘Zaaksysteem’. Volgens verweerder worden de digitale documenten vanaf 2019 opgeslagen in voornoemde systemen. 14. De rechtbank begrijpt verder dat verweerder de zoekslag heeft verricht in voornoemde documentmanagementsystemen en volledigheidshalve ook op de H-schijf (persoonlijke schijf) en de N-schijf (de algemene schijf), waarin voornamelijk Word-documenten staan opgeslagen. 15. Verweerder heeft gezocht op de zoektermen zoals: [naam] , [straat] , [nummer] , Verblijfsrecreatieterrein, Verblijfsrecreatie, Recreatiecentra, Recreatiepark, Bungalowpark, Vakantiepark, Recreatiebedrijven, Vakantiehuisje, Bungalow, Exploitanten ( [A] , [B] , [C] , [D] , [E] , [F] , [G] , [H] , [I] ), Toeristenbelasting, Logies verschaffers, Logiesverschaffers, Logiesverstrekkers, SLVS en convenant. Daarbij heeft verweerder toegelicht dat het niet mogelijk is om gecombineerde zoektermen achtereenvolgens op te zoeken in voornoemde documentmanagement systemen, hetgeen het gericht zoeken bemoeilijkt. 16. Verweerder heeft verder toegelicht dat wanneer op een zoekterm zoals bijvoorbeeld ‘convenant’ wordt gezocht, en er bijvoorbeeld 300 á 400 documenten opkomen, er vervolgens bijvoorbeeld circa 20 van die documenten zijn geopend en als die documenten geen betrekking hadden op het verzoek van eiser, aangenomen is dat de betreffende zoekterm geen relevante resultaten opleverde zonder de resterende documenten te checken. Op de vraag van de rechtbank of die conclusie wel getrokken kon worden op basis van het openen van slechts 20 van de 300 á 400 documenten, heeft verweerder geantwoord dat steeds een substantieel aantal van de documenten zijn geopend, maar kon niet worden toegelicht hoe groot dat aantal was, en ook niet of dat meer of minder dan de helft van het aantal gevonden documenten betrof. Verweerder acht desalniettemin de kans heel klein dat de resterende documenten die niet zijn gecheckt wel relevante documenten zouden kunnen bevatten. Dit te meer gezien de samenhang tussen de gebruikte zoektermen en de documenten/dossiers. 17. Verder heeft verweerder aan de ambtenaren die in de gevonden en relevante dossiers naar voren zijn gekomen, gevraagd om in e-mailboxen, Teamsberichten, Whatssapberichten, Signalberichten en SMS-berichten te zoeken naar nog meer relevante informatie. Verweerder heeft ook toegang gevraagd en gekregen tot voorstaande applicaties van ambtenaren die niet langer werkzaam zijn voor de gemeente, tenzij de ambtenaren al langer dan 3 maanden uit dienst zijn. In dat geval zijn de accounts van die ambtenaren namelijk verwijderd. 18. Tot slot heeft verweerder toegelicht dat er naar documenten is gezocht binnen de volgende domeinen: Sociaal Domein, Financieel Domein, Domein Bedrijfsvoering voor zover het Juridische Zaken betreft, en het Fysieke Domein. Er is niet gezocht in overige domeinen : Domein bedrijfsvoering en Domein realisatie, nu de werkzaamheden in dit domein het plaatsen van lantaarnpalen, riolering, stoepen, e.d. betreft. Ook is niet gezocht in documenten die onder het Domein van Burgerzaken vallen, om