Rechtspraak
Rechtbank Midden-Nederland
2025-12-31
ECLI:NL:RBMNE:2025:7217
Civiel recht
Eerste aanleg - enkelvoudig
5,842 tokens
Inleiding
RECHTBANK
MIDDEN-NEDERLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Utrecht
Zaaknummer: 11856954 \ UC EXPL 25-6938
Vonnis van 31 december 2025
in de zaak van
INFOMEDICS B.V.,
gevestigd in Almere,
eisende partij,
hierna te noemen: Infomedics,
gemachtigde: Bosveld Gerechtsdeurwaarders B.V.,
tegen
[gedaagde]
,
wonend in [woonplaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
procederend in persoon.
Procesverloop
1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 2 augustus 2025- de conclusie van antwoord- de conclusie van repliek, tevens vermindering van eis- de conclusie van dupliek.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2Waar deze zaak over gaat
2.1.
[gedaagde] is in februari 2025 behandeld door haar tandarts. De kosten voor die behandeling waren € 178,29, waarvan € 133,73 door de zorgverzekeraar van [gedaagde] is betaald. [gedaagde] moest dus zelf nog € 44,56 betalen. Voor dat bedrag heeft zij op 12 maart 2025 een factuur gekregen van Infomedics. Deze factuur heeft [gedaagde] niet betaald.
2.2.
Infomedics vordert bij dagvaarding dat [gedaagde] wordt veroordeeld tot betaling van € 87,71, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 44,56 vanaf 28 juli 2025, met veroordeling van [gedaagde] in de proceskosten.
2.3.
[gedaagde] voert verweer. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.
Beoordeling
3.1.
[gedaagde] heeft erkend dat zij de factuur van € 44,56 niet voor de dagvaarding heeft betaald. Dat bedrag moet zij dus aan Infomedics betalen.
3.2.
Infomedics heeft in de dagvaarding de al vervallen wettelijke rente berekend over het totale factuurbedrag van € 178,29. Dat klopt niet. [gedaagde] hoeft alleen rente te betalen over de € 44,56 die zij zelf moest betalen, dus tot 28 juli 2025 € 0,78 in plaats van € 3,15. Ook dat bedrag moet [gedaagde] betalen, net als de wettelijke rente over € 44,56 met ingang van 28 juli 2025.
3.3.
Infomedics vordert vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. De gevorderde incassokosten komen voor vergoeding in aanmerking als is voldaan aan de eisen van artikel 6:96 lid 5 en 6 BW en het daarop gebaseerde Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten. Daarin is het bedrag dat voor vergoeding in aanmerking komt beperkt. En ook is daarin vastgelegd dat die vergoeding pas verschuldigd is als de gedaagde partij éérst in de gelegenheid is gesteld om het achterstallige bedrag nog gedurende veertien dagen zonder aanvullende kosten te voldoen en hij die gelegenheid niet heeft benut. In dit geval is aan de wettelijke eisen voldaan. (De eisende partij heeft aanvankelijk zelfs aan de gedaagde partij laten weten dat zij na afloop van de zogenoemde veertiendagentermijn wettelijk recht had op € 40,00 aan incassokosten, maar dat zij uit coulance in eerste instantie slechts aanspraak maakte op € 31,50. Pas toen betaling uitbleef heeft zij het in rekening gebrachte bedrag in volgende correspondentie daadwerkelijk verhoogd met € 31,50 en vervolgens alsnog aanspraak gemaakt op € 40,00. ) De gevorderde vergoeding is dus toewijsbaar.
3.4.
In totaal moest [gedaagde] op 28 juli 2025 dus € 85,34 aan Infomedics betalen. Op 4 augustus 2025, dus na de dagvaarding, hebben partijen een betalingsregeling afgesproken van € 42,00 per maand.
3.5.
Op 21 augustus 2025 heeft [gedaagde] € 42,00 betaald. Daarmee heeft zij de toen vervallen rente van € 0,97, € 40,00 buitengerechtelijke incassokosten en € 1,03 van de hoofdsom betaald. Op 23 september 2025 heeft [gedaagde] weer € 42,00 betaald. Daarmee heeft zij de toen vervallen rente van € 0,24 en € 41,58 van de hoofdsom betaald. Op 21 oktober 2025 heeft [gedaagde] weer € 42,00 betaald. Daarmee heeft zij de resterende hoofdsom van € 1,95 betaald. De vordering van Infomedics was dus op 21 oktober 2025 volledig betaald en zelfs € 40,05 meer. Omdat de vordering al is betaald, kan die niet meer worden toegewezen.
3.6.
[gedaagde] heeft pas na de dagvaarding betaald, Zij moet daarom wel de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. Infomedics heeft in de dagvaarding en in de betalingsregeling de wettelijke rente over een te hoog bedrag berekend. Daarnaast heeft Infomedics het bedrag waarvoor de betalingsregeling is afgesproken niet gespecificeerd, waardoor niet is te controleren of dit bedrag klopt. Dit is voor de kantonrechter aanleiding om 1 punt salariskosten op de proceskosten in mindering te brengen. De proceskosten van Infomedics worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
€
120,78
- griffierecht
€
135,00
- salaris gemachtigde
€
40,00
(1 punt × € 40,00)
- nakosten
€
20,00
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
€
315,78
3.7.
Van dat bedrag heeft [gedaagde] al € 40.05 betaald, zodat nog € 275,73 kan worden toegewezen. Bij haar vermindering van eis van 5 november 2025 heeft Infomedics haar vordering gewijzigd in die zin dat zij nu betaling vordert van € 258,12. Infomedics is daarmee kennelijk vooruitgelopen op een proceskostenveroordeling die nog niet was uitgesproken. Omdat de kantonrechter niet meer mag toewijzen dan er is gevorderd moet [gedaagde] € 258,12 aan proceskosten betalen.
Dictum
De kantonrechter
4.1.
wijst de vordering af,
4.2.
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 258,12, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordeling voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
4.3.
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,
4.4.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. I.L. Rijnbout en in het openbaar uitgesproken op 31 december 2025.
In de brief waarin de betalingsregeling is bevestigd staat dat [gedaagde] € 249,83 moet betalen. Ook staat er dat de regeling is getroffen onder verband van vonnis en dat de zitting dus door zal gaan. Verder staat er dat de kosten van minimaal € 135,00 na de zitting bij het openstaande bedrag zullen worden opgeteld en dat Infomedics na ontvangst van het vonnis een nieuwe specificatie van het totaal verschuldigde bedrag zal toesturen. In de brief is niet toegelicht hoe het bedrag van
€ 249,83 is berekend en het lukt de kantonrechter ook niet om dit terug te rekenen.
Inleiding
RECHTBANK
MIDDEN-NEDERLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Utrecht
Zaaknummer: 11856954 \ UC EXPL 25-6938
Vonnis van 31 december 2025
in de zaak van
INFOMEDICS B.V.,
gevestigd in Almere,
eisende partij,
hierna te noemen: Infomedics,
gemachtigde: Bosveld Gerechtsdeurwaarders B.V.,
tegen
[gedaagde]
,
wonend in [woonplaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
procederend in persoon.
Procesverloop
1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 2 augustus 2025- de conclusie van antwoord- de conclusie van repliek, tevens vermindering van eis- de conclusie van dupliek.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2Waar deze zaak over gaat
2.1.
[gedaagde] is in februari 2025 behandeld door haar tandarts. De kosten voor die behandeling waren € 178,29, waarvan € 133,73 door de zorgverzekeraar van [gedaagde] is betaald. [gedaagde] moest dus zelf nog € 44,56 betalen. Voor dat bedrag heeft zij op 12 maart 2025 een factuur gekregen van Infomedics. Deze factuur heeft [gedaagde] niet betaald.
2.2.
Infomedics vordert bij dagvaarding dat [gedaagde] wordt veroordeeld tot betaling van € 87,71, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 44,56 vanaf 28 juli 2025, met veroordeling van [gedaagde] in de proceskosten.
2.3.
[gedaagde] voert verweer. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.
Beoordeling
3.1.
[gedaagde] heeft erkend dat zij de factuur van € 44,56 niet voor de dagvaarding heeft betaald. Dat bedrag moet zij dus aan Infomedics betalen.
3.2.
Infomedics heeft in de dagvaarding de al vervallen wettelijke rente berekend over het totale factuurbedrag van € 178,29. Dat klopt niet. [gedaagde] hoeft alleen rente te betalen over de € 44,56 die zij zelf moest betalen, dus tot 28 juli 2025 € 0,78 in plaats van € 3,15. Ook dat bedrag moet [gedaagde] betalen, net als de wettelijke rente over € 44,56 met ingang van 28 juli 2025.
3.3.
Infomedics vordert vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. De gevorderde incassokosten komen voor vergoeding in aanmerking als is voldaan aan de eisen van artikel 6:96 lid 5 en 6 BW en het daarop gebaseerde Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten. Daarin is het bedrag dat voor vergoeding in aanmerking komt beperkt. En ook is daarin vastgelegd dat die vergoeding pas verschuldigd is als de gedaagde partij éérst in de gelegenheid is gesteld om het achterstallige bedrag nog gedurende veertien dagen zonder aanvullende kosten te voldoen en hij die gelegenheid niet heeft benut. In dit geval is aan de wettelijke eisen voldaan. (De eisende partij heeft aanvankelijk zelfs aan de gedaagde partij laten weten dat zij na afloop van de zogenoemde veertiendagentermijn wettelijk recht had op € 40,00 aan incassokosten, maar dat zij uit coulance in eerste instantie slechts aanspraak maakte op € 31,50. Pas toen betaling uitbleef heeft zij het in rekening gebrachte bedrag in volgende correspondentie daadwerkelijk verhoogd met € 31,50 en vervolgens alsnog aanspraak gemaakt op € 40,00. ) De gevorderde vergoeding is dus toewijsbaar.
3.4.
In totaal moest [gedaagde] op 28 juli 2025 dus € 85,34 aan Infomedics betalen. Op 4 augustus 2025, dus na de dagvaarding, hebben partijen een betalingsregeling afgesproken van € 42,00 per maand.
3.5.
Op 21 augustus 2025 heeft [gedaagde] € 42,00 betaald. Daarmee heeft zij de toen vervallen rente van € 0,97, € 40,00 buitengerechtelijke incassokosten en € 1,03 van de hoofdsom betaald. Op 23 september 2025 heeft [gedaagde] weer € 42,00 betaald. Daarmee heeft zij de toen vervallen rente van € 0,24 en € 41,58 van de hoofdsom betaald. Op 21 oktober 2025 heeft [gedaagde] weer € 42,00 betaald. Daarmee heeft zij de resterende hoofdsom van € 1,95 betaald. De vordering van Infomedics was dus op 21 oktober 2025 volledig betaald en zelfs € 40,05 meer. Omdat de vordering al is betaald, kan die niet meer worden toegewezen.
3.6.
[gedaagde] heeft pas na de dagvaarding betaald, Zij moet daarom wel de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. Infomedics heeft in de dagvaarding en in de betalingsregeling de wettelijke rente over een te hoog bedrag berekend. Daarnaast heeft Infomedics het bedrag waarvoor de betalingsregeling is afgesproken niet gespecificeerd, waardoor niet is te controleren of dit bedrag klopt. Dit is voor de kantonrechter aanleiding om 1 punt salariskosten op de proceskosten in mindering te brengen. De proceskosten van Infomedics worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
€
120,78
- griffierecht
€
135,00
- salaris gemachtigde
€
40,00
(1 punt × € 40,00)
- nakosten
€
20,00
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
€
315,78
3.7.
Van dat bedrag heeft [gedaagde] al € 40.05 betaald, zodat nog € 275,73 kan worden toegewezen. Bij haar vermindering van eis van 5 november 2025 heeft Infomedics haar vordering gewijzigd in die zin dat zij nu betaling vordert van € 258,12. Infomedics is daarmee kennelijk vooruitgelopen op een proceskostenveroordeling die nog niet was uitgesproken. Omdat de kantonrechter niet meer mag toewijzen dan er is gevorderd moet [gedaagde] € 258,12 aan proceskosten betalen.
Dictum
De kantonrechter
4.1.
wijst de vordering af,
4.2.
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 258,12, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordeling voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
4.3.
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,
4.4.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. I.L. Rijnbout en in het openbaar uitgesproken op 31 december 2025.
In de brief waarin de betalingsregeling is bevestigd staat dat [gedaagde] € 249,83 moet betalen. Ook staat er dat de regeling is getroffen onder verband van vonnis en dat de zitting dus door zal gaan. Verder staat er dat de kosten van minimaal € 135,00 na de zitting bij het openstaande bedrag zullen worden opgeteld en dat Infomedics na ontvangst van het vonnis een nieuwe specificatie van het totaal verschuldigde bedrag zal toesturen. In de brief is niet toegelicht hoe het bedrag van
€ 249,83 is berekend en het lukt de kantonrechter ook niet om dit terug te rekenen.
Volledig
ECLI:NL:RBMNE:2025:7217 text/xml public 2026-01-15T12:04:30 2026-01-12 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Midden-Nederland 2025-12-31 11856954 \ UC EXPL 25-6938 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig NL Utrecht Civiel recht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2025:7217 text/html public 2026-01-15T12:03:46 2026-01-15 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBMNE:2025:7217 Rechtbank Midden-Nederland , 31-12-2025 / 11856954 \ UC EXPL 25-6938 Infomedics heeft de vervallen rente over een te hoog bedrag berekend. Ook is onduidelijk hoe het bedrag is berekend waarvoor een betalingsregeling is getroffen. Dit is aanleiding om een salarispunt op de proceskostenveroordeling in mindering te brengen. RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Civiel recht Kantonrechter Zittingsplaats Utrecht Zaaknummer: 11856954 \ UC EXPL 25-6938 Vonnis van 31 december 2025 in de zaak van INFOMEDICS B.V. , gevestigd in Almere, eisende partij, hierna te noemen: Infomedics, gemachtigde: Bosveld Gerechtsdeurwaarders B.V., tegen [gedaagde] , wonend in [woonplaats] , gedaagde partij, hierna te noemen: [gedaagde] , procederend in persoon. 1 De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding van 2 augustus 2025- de conclusie van antwoord- de conclusie van repliek, tevens vermindering van eis- de conclusie van dupliek. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2 Waar deze zaak over gaat 2.1. [gedaagde] is in februari 2025 behandeld door haar tandarts. De kosten voor die behandeling waren € 178,29, waarvan € 133,73 door de zorgverzekeraar van [gedaagde] is betaald. [gedaagde] moest dus zelf nog € 44,56 betalen. Voor dat bedrag heeft zij op 12 maart 2025 een factuur gekregen van Infomedics. Deze factuur heeft [gedaagde] niet betaald. 2.2. Infomedics vordert bij dagvaarding dat [gedaagde] wordt veroordeeld tot betaling van € 87,71, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 44,56 vanaf 28 juli 2025, met veroordeling van [gedaagde] in de proceskosten. 2.3. [gedaagde] voert verweer. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan. 3 De beoordeling 3.1. [gedaagde] heeft erkend dat zij de factuur van € 44,56 niet voor de dagvaarding heeft betaald. Dat bedrag moet zij dus aan Infomedics betalen. 3.2. Infomedics heeft in de dagvaarding de al vervallen wettelijke rente berekend over het totale factuurbedrag van € 178,29. Dat klopt niet. [gedaagde] hoeft alleen rente te betalen over de € 44,56 die zij zelf moest betalen, dus tot 28 juli 2025 € 0,78 in plaats van € 3,15. Ook dat bedrag moet [gedaagde] betalen, net als de wettelijke rente over € 44,56 met ingang van 28 juli 2025. 3.3. Infomedics vordert vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. De gevorderde incassokosten komen voor vergoeding in aanmerking als is voldaan aan de eisen van artikel 6:96 lid 5 en 6 BW en het daarop gebaseerde Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten. Daarin is het bedrag dat voor vergoeding in aanmerking komt beperkt. En ook is daarin vastgelegd dat die vergoeding pas verschuldigd is als de gedaagde partij éérst in de gelegenheid is gesteld om het achterstallige bedrag nog gedurende veertien dagen zonder aanvullende kosten te voldoen en hij die gelegenheid niet heeft benut. In dit geval is aan de wettelijke eisen voldaan. (De eisende partij heeft aanvankelijk zelfs aan de gedaagde partij laten weten dat zij na afloop van de zogenoemde veertiendagentermijn wettelijk recht had op € 40,00 aan incassokosten, maar dat zij uit coulance in eerste instantie slechts aanspraak maakte op € 31,50. Pas toen betaling uitbleef heeft zij het in rekening gebrachte bedrag in volgende correspondentie daadwerkelijk verhoogd met € 31,50 en vervolgens alsnog aanspraak gemaakt op € 40,00. ) De gevorderde vergoeding is dus toewijsbaar. 3.4. In totaal moest [gedaagde] op 28 juli 2025 dus € 85,34 aan Infomedics betalen. Op 4 augustus 2025, dus na de dagvaarding, hebben partijen een betalingsregeling afgesproken van € 42,00 per maand. 3.5. Op 21 augustus 2025 heeft [gedaagde] € 42,00 betaald. Daarmee heeft zij de toen vervallen rente van € 0,97, € 40,00 buitengerechtelijke incassokosten en € 1,03 van de hoofdsom betaald. Op 23 september 2025 heeft [gedaagde] weer € 42,00 betaald. Daarmee heeft zij de toen vervallen rente van € 0,24 en € 41,58 van de hoofdsom betaald. Op 21 oktober 2025 heeft [gedaagde] weer € 42,00 betaald. Daarmee heeft zij de resterende hoofdsom van € 1,95 betaald. De vordering van Infomedics was dus op 21 oktober 2025 volledig betaald en zelfs € 40,05 meer. Omdat de vordering al is betaald, kan die niet meer worden toegewezen. 3.6. [gedaagde] heeft pas na de dagvaarding betaald, Zij moet daarom wel de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. Infomedics heeft in de dagvaarding en in de betalingsregeling de wettelijke rente over een te hoog bedrag berekend. Daarnaast heeft Infomedics het bedrag waarvoor de betalingsregeling is afgesproken niet gespecificeerd, waardoor niet is te controleren of dit bedrag klopt . Dit is voor de kantonrechter aanleiding om 1 punt salariskosten op de proceskosten in mindering te brengen. De proceskosten van Infomedics worden begroot op: - kosten van de dagvaarding € 120,78 - griffierecht € 135,00 - salaris gemachtigde € 40,00 (1 punt × € 40,00) - nakosten € 20,00 (plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing) Totaal € 315,78 3.7. Van dat bedrag heeft [gedaagde] al € 40.05 betaald, zodat nog € 275,73 kan worden toegewezen. Bij haar vermindering van eis van 5 november 2025 heeft Infomedics haar vordering gewijzigd in die zin dat zij nu betaling vordert van € 258,12. Infomedics is daarmee kennelijk vooruitgelopen op een proceskostenveroordeling die nog niet was uitgesproken. Omdat de kantonrechter niet meer mag toewijzen dan er is gevorderd moet [gedaagde] € 258,12 aan proceskosten betalen. 4 De beslissing De kantonrechter 4.1. wijst de vordering af, 4.2. veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 258,12, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordeling voldoet en het vonnis daarna wordt betekend, 4.3. verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad, 4.4. wijst het meer of anders gevorderde af. Dit vonnis is gewezen door mr. I.L. Rijnbout en in het openbaar uitgesproken op 31 december 2025. In de brief waarin de betalingsregeling is bevestigd staat dat [gedaagde] € 249,83 moet betalen. Ook staat er dat de regeling is getroffen onder verband van vonnis en dat de zitting dus door zal gaan. Verder staat er dat de kosten van minimaal € 135,00 na de zitting bij het openstaande bedrag zullen worden opgeteld en dat Infomedics na ontvangst van het vonnis een nieuwe specificatie van het totaal verschuldigde bedrag zal toesturen. In de brief is niet toegelicht hoe het bedrag van € 249,83 is berekend en het lukt de kantonrechter ook niet om dit terug te rekenen.