Rechtspraak
Rechtbank Midden-Nederland
2025-04-17
ECLI:NL:RBMNE:2025:4140
Civiel recht; Personen- en familierecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
5,474 tokens
Inleiding
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Familierecht
locatie Utrecht
Zaaknummer: C/16/589773 / FV RK 25-594
Beschikking van 17 april 2025
op het ingediende verzoekschrift van
[betrokkene]
,
hierna te noemen: betrokkene,
geboren op [geboortedatum] 1986 in [geboorteplaats] ,
verblijvend in de [instelling] , locatie [locatie] in [plaats] ,
advocaat mr. M. van Harskamp.
Procesverloop
1.1.
Betrokkene heeft op 5 maart 2025 een verzoek met bijlagen bij de rechtbank ingediend.
1.2.
De [instelling] (hierna ook: de instelling) heeft op 18 maart 2025 een verweerschrift met bijlagen ingediend.
1.3.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 31 maart 2025. Daarbij waren aanwezig:
betrokkene met zijn advocaat;
[A] , jurist bij de [instelling] ;
[B] , hoofd behandeling.
2Waar de procedure over gaat
2.1.
Betrokkene heeft op 8 januari 2025 twee klachten ingediend bij de klachtencommissie. De ene klacht ziet op het gebruik van de telefoon en de andere klacht op de hygiënische controle.
2.2.
De klachtencommissie heeft op 22 januari 2025 de klachten ongegrond verklaard. Op 3 februari 2025 is de beslissing op schrift gesteld.
2.3.
Betrokkene vraagt nu aan de rechtbank om een beslissing te geven op zijn klachten.
Beoordeling
De telefoon
3.1.
De telefoon van betrokkene is op 12 november 2024 op grond van de huisregels in beslag genomen. Betrokkene is het hier niet mee eens en stelt zich op het standpunt dat de telefoon niet op grond van de huisregels kan worden ingenomen. Deze beperking is namelijk individueel van aard. De huisregel is dat niemand een telefoon heeft, behalve als sprake is van een multimediacontract. Als de telefoon is ingenomen, gelden er verschillende fases voor het terugkrijgen van de telefoon. Bovendien wordt er een gekleurd papier bij het multimediacontract gevoegd waarop bijzondere, dat wil zeggen individuele, regels staan. Individuele beperkingen moeten genomen worden op grond van artikel 8:9 Wvggz. Huisregels kunnen hiervoor niet als basis dienen.
3.2.
De regels omtrent inname van een mobiele telefoon zijn onderdeel van een bredere huisregel, te weten het gebruik van een mobiele telefoon. De rechtbank zal daarom de vraag beantwoorden of de huisregel over het gebruik van de mobiele telefoon, daaronder begrepen inname daarvan, voldoet aan de eisen van de Wvggz. De rechtbank is van oordeel dat dat zo is en zal daarom de klacht van betrokkene ongegrond verklaren. Hierna legt de rechtbank uit waarom.
3.3.
In de huisregels van de instelling is het volgende opgenomen:
27Gebruik telefoon
Op de afdeling is een telefoon van de kliniek aanwezig. Patiënten kunnen buiten
programmatijd (na 16.15 uur) van deze telefoon gebruik maken, maar niet tussen 17.30 uur — 18.15 uur. Aan het gebruik van de telefoon zijn geen kosten verbonden voor gesprekken binnen Nederland. Voor telefoneren naar het buitenland worden wel kosten in rekening gebracht.
Patiënten mogen altijd de volgende personen bellen, maar bij voorkeur buiten
programmatijd:
- de patiëntenvertrouwenspersoon;
- de familievertrouwenspersoon;
- justitiële autoriteiten;
- hun advocaat.
Een eigen mobiele telefoon is in beginsel niet toegestaan, zoals ook beschreven bij punt 29 (Gebruik van computer, (smart)phone en internet).
Voor meer informatie over post wordt verwezen naar de bijlage ‘Post en telefoon’.
29Gebruik van (spel)computer, (smart)phone en internet
Of een patiënt een (spel)computer, een (smart)telefoon of vergelijkbare apparatuur al dan niet met internet mag gebruiken, bepaalt het behandelteam, eventueel in overleg met de stafvergadering. Het uitgangspunt is daarbij dat patiënten niet automatisch toegang hebben tot deze middelen. Dit in verband met de orde en veiligheid in de kliniek. Als een patiënt toestemming heeft voor het gebruik van bovenbedoelde apparatuur dient er een multimedia contract met de patiënt te worden afgesloten met daarin de voorwaarden voor het gebruik. Deze voorwaarden luiden op hoofdlijnen als volgt:
- Er mogen geen strafbare feiten worden gepleegd;
- Het gebruik is persoonsgebonden en dient plaats te vinden op de eigen kamer, of op
de onderwijsafdeling in verband met onderwijsdoeleinden;
- Het is niet toegestaan sites te bezoeken waar gegokt kan worden of sites met een
gewelddadig, racistisch of aanstootgevend karakter;
- Het gebruik van de apparatuur wordt periodiek gecontroleerd;
- Het is niet toegestaan om illegaal te downloaden;
- Het gebruik mag geen hinder of nadeel met zich meebrengen voor patiënt zelf, andere patiënten en/of medewerkers van de kliniek;
- Het apparaat wordt regelmatig gecontroleerd door het behandelteam.
Bij misbruik of overtreding van de voorwaarde(n) wordt de toestemming voor het gebruik van het apparaat ingetrokken en wordt het betreffende apparaat in beslag genomen
onder afgifte van een ontvangstbewijs. Als de patiënt weer in aanmerking wil komen voor
gebruik van het apparaat, dan bespreekt diegene dit weer met het behandelteam.
Als patiënten geen toestemming hebben voor het gebruik van internet dan kunnen zij
bank- en verzekeringszaken gezamenlijk met de financieel mentor via internet regelen.
Indien het noodzakelijk is om essentiële levensbehoeften, zoals bijvoorbeeld kleding
online aan te schaffen, kunnen patiënten dit ook gezamenlijk met de financieel mentor doen. Voor meer informatie wordt verwezen naar de bijlage ‘Multimediacontract’.
3.4.
Een instelling kan op grond van artikel 8:15 Wvggz huisregels opstellen die nodig zijn voor de ordelijke gang van zaken en veiligheid in de accommodatie, passend bij de doelgroep. De veiligheid ziet op de veiligheid van de betrokkene, andere patiënten en het personeel. Huisregels moeten algemeen van aard zijn: op de persoon gerichte beperkingen horen niet in de huisregels thuis, maar moeten onderdeel zijn van het zorgplan van betrokkene.
3.5.
De [instelling] is een gesloten kliniek met een hoogbeveiligde omgeving. In de kliniek verblijven patiënten met complexe psychiatrische problematiek. De patiënten zijn vaak in aanraking geweest met politie en justitie vanwege strafbare feiten. Om orde en veiligheid in de instelling te waarborgen is het daarom noodzakelijk om het gebruik van een mobiele telefoon te beperken door dit in beginsel niet toe te staan. Dit geldt voor alle patiënten in de instelling en wordt ook zo uitgevoerd. Het niet mogen gebruiken van een mobiele telefoon betekent niet dat een patiënt verstoken is van contact met de buitenwereld. Patiënten kunnen immers gebruik maken van de telefoon van de instelling. De rechtbank is van oordeel dat onder deze omstandigheden de huisregel voldoet aan de eisen van de Wvggz.
3.6.
De huisregels maken het tevens mogelijk dat, in afwijking van de hoofdregel dat geen enkele patiënt gebruik mag maken van een mobiele telefoon, een patiënt in samenspraak met het behandelteam tóch gebruik kan maken van een mobiele telefoon. Deze uitzondering houdt dus niet een verdere beperking in van het recht om een mobiele telefoon te gebruiken, maar een verruiming van dat recht. Als van de hoofdregel afgeweken wordt, moet de patiënt een multimediacontract tekenen. In het multimediacontract staan voorwaarden waaronder een patiënt gebruik kan maken van een mobiele telefoon. Deze voorwaarden worden ook genoemd in de huisregel en in de bijlage ‘multimediacontract’. De rechtbank is van oordeel dat het stellen van voorwaarden aan het gebruik van een telefoon ook in lijn is met de eisen van de Wvggz inzake huisregels. Voorwaarden zijn immers nodig om in het geval een patiënt wel een mobiele telefoon gebruikt, de veiligheid in de kliniek nog steeds te waarborgen.
3.7.
Dat de voorwaarden per patiënt kunnen verschillen, maakt dit niet anders. De verruiming is weliswaar individueel, het geldt immers niet voor elke patiënt, en de voorwaarden kunnen ook per patiënt verschillen, maar dit maakt niet dat het op de persoon gerichte regels zijn. Het zijn namelijk voorwaarden die nodig zijn voor de veiligheid in de kliniek. Bovendien kiest een patiënt er zelf voor een multimediacontract aan te gaan. Een patiënt heeft ook de mogelijkheid geen multimediacontract aan te gaan. De consequentie hiervan is dat een patiënt geen gebruik kan maken van een mobiele telefoon, maar zoals gezegd mag een instelling die huisregel opstellen in het kader van de orde en veiligheid in de kliniek. Dat in het multimediacontract voorwaarden staan die niet voor elke patiënt gelden, is dus een keuze van de patiënt zelf.
3.8.
Hetzelfde geldt voor de regels die gelden in het geval de voorwaarden zijn geschonden. Deze regels maken ook onderdeel uit van de huisregels die zien op het gebruik van een mobiele telefoon. De telefoon wordt dan ingenomen. Wil een patiënt na inname zijn telefoon weer terug krijgen, dan worden daarover afspraken met een patiënt gemaakt. Ook deze voorwaarden zijn in zoverre individueel dat ze niet voor elke patiënt gelden, maar ook dit maakt niet dat het op de persoon gerichte regels zijn.
Dictum
De rechtbank verklaart de klachten ongegrond.
Deze beschikking is gegeven door mr. C.M.A.T. van der Geest, rechter, bijgestaan door
mr. A. Minkjan als griffier, en in het openbaar uitgesproken op 17 april 2025.
!NIET VERWIJDEREN, PLAATS VOOR HANDTEKENING SECRETARIS!
!NIET VERWIJDEREN, PLAATS VOOR HANDTEKENING RECHTER!
..
!NIET VERWIJDEREN, PLAATS VOOR STEMPELS!
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.
Inleiding
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Familierecht
locatie Utrecht
Zaaknummer: C/16/589773 / FV RK 25-594
Beschikking van 17 april 2025
op het ingediende verzoekschrift van
[betrokkene]
,
hierna te noemen: betrokkene,
geboren op [geboortedatum] 1986 in [geboorteplaats] ,
verblijvend in de [instelling] , locatie [locatie] in [plaats] ,
advocaat mr. M. van Harskamp.
Procesverloop
1.1.
Betrokkene heeft op 5 maart 2025 een verzoek met bijlagen bij de rechtbank ingediend.
1.2.
De [instelling] (hierna ook: de instelling) heeft op 18 maart 2025 een verweerschrift met bijlagen ingediend.
1.3.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 31 maart 2025. Daarbij waren aanwezig:
betrokkene met zijn advocaat;
[A] , jurist bij de [instelling] ;
[B] , hoofd behandeling.
2Waar de procedure over gaat
2.1.
Betrokkene heeft op 8 januari 2025 twee klachten ingediend bij de klachtencommissie. De ene klacht ziet op het gebruik van de telefoon en de andere klacht op de hygiënische controle.
2.2.
De klachtencommissie heeft op 22 januari 2025 de klachten ongegrond verklaard. Op 3 februari 2025 is de beslissing op schrift gesteld.
2.3.
Betrokkene vraagt nu aan de rechtbank om een beslissing te geven op zijn klachten.
Beoordeling
De telefoon
3.1.
De telefoon van betrokkene is op 12 november 2024 op grond van de huisregels in beslag genomen. Betrokkene is het hier niet mee eens en stelt zich op het standpunt dat de telefoon niet op grond van de huisregels kan worden ingenomen. Deze beperking is namelijk individueel van aard. De huisregel is dat niemand een telefoon heeft, behalve als sprake is van een multimediacontract. Als de telefoon is ingenomen, gelden er verschillende fases voor het terugkrijgen van de telefoon. Bovendien wordt er een gekleurd papier bij het multimediacontract gevoegd waarop bijzondere, dat wil zeggen individuele, regels staan. Individuele beperkingen moeten genomen worden op grond van artikel 8:9 Wvggz. Huisregels kunnen hiervoor niet als basis dienen.
3.2.
De regels omtrent inname van een mobiele telefoon zijn onderdeel van een bredere huisregel, te weten het gebruik van een mobiele telefoon. De rechtbank zal daarom de vraag beantwoorden of de huisregel over het gebruik van de mobiele telefoon, daaronder begrepen inname daarvan, voldoet aan de eisen van de Wvggz. De rechtbank is van oordeel dat dat zo is en zal daarom de klacht van betrokkene ongegrond verklaren. Hierna legt de rechtbank uit waarom.
3.3.
In de huisregels van de instelling is het volgende opgenomen:
27Gebruik telefoon
Op de afdeling is een telefoon van de kliniek aanwezig. Patiënten kunnen buiten
programmatijd (na 16.15 uur) van deze telefoon gebruik maken, maar niet tussen 17.30 uur — 18.15 uur. Aan het gebruik van de telefoon zijn geen kosten verbonden voor gesprekken binnen Nederland. Voor telefoneren naar het buitenland worden wel kosten in rekening gebracht.
Patiënten mogen altijd de volgende personen bellen, maar bij voorkeur buiten
programmatijd:
- de patiëntenvertrouwenspersoon;
- de familievertrouwenspersoon;
- justitiële autoriteiten;
- hun advocaat.
Een eigen mobiele telefoon is in beginsel niet toegestaan, zoals ook beschreven bij punt 29 (Gebruik van computer, (smart)phone en internet).
Voor meer informatie over post wordt verwezen naar de bijlage ‘Post en telefoon’.
29Gebruik van (spel)computer, (smart)phone en internet
Of een patiënt een (spel)computer, een (smart)telefoon of vergelijkbare apparatuur al dan niet met internet mag gebruiken, bepaalt het behandelteam, eventueel in overleg met de stafvergadering. Het uitgangspunt is daarbij dat patiënten niet automatisch toegang hebben tot deze middelen. Dit in verband met de orde en veiligheid in de kliniek. Als een patiënt toestemming heeft voor het gebruik van bovenbedoelde apparatuur dient er een multimedia contract met de patiënt te worden afgesloten met daarin de voorwaarden voor het gebruik. Deze voorwaarden luiden op hoofdlijnen als volgt:
- Er mogen geen strafbare feiten worden gepleegd;
- Het gebruik is persoonsgebonden en dient plaats te vinden op de eigen kamer, of op
de onderwijsafdeling in verband met onderwijsdoeleinden;
- Het is niet toegestaan sites te bezoeken waar gegokt kan worden of sites met een
gewelddadig, racistisch of aanstootgevend karakter;
- Het gebruik van de apparatuur wordt periodiek gecontroleerd;
- Het is niet toegestaan om illegaal te downloaden;
- Het gebruik mag geen hinder of nadeel met zich meebrengen voor patiënt zelf, andere patiënten en/of medewerkers van de kliniek;
- Het apparaat wordt regelmatig gecontroleerd door het behandelteam.
Bij misbruik of overtreding van de voorwaarde(n) wordt de toestemming voor het gebruik van het apparaat ingetrokken en wordt het betreffende apparaat in beslag genomen
onder afgifte van een ontvangstbewijs. Als de patiënt weer in aanmerking wil komen voor
gebruik van het apparaat, dan bespreekt diegene dit weer met het behandelteam.
Als patiënten geen toestemming hebben voor het gebruik van internet dan kunnen zij
bank- en verzekeringszaken gezamenlijk met de financieel mentor via internet regelen.
Indien het noodzakelijk is om essentiële levensbehoeften, zoals bijvoorbeeld kleding
online aan te schaffen, kunnen patiënten dit ook gezamenlijk met de financieel mentor doen. Voor meer informatie wordt verwezen naar de bijlage ‘Multimediacontract’.
3.4.
Een instelling kan op grond van artikel 8:15 Wvggz huisregels opstellen die nodig zijn voor de ordelijke gang van zaken en veiligheid in de accommodatie, passend bij de doelgroep. De veiligheid ziet op de veiligheid van de betrokkene, andere patiënten en het personeel. Huisregels moeten algemeen van aard zijn: op de persoon gerichte beperkingen horen niet in de huisregels thuis, maar moeten onderdeel zijn van het zorgplan van betrokkene.
3.5.
De [instelling] is een gesloten kliniek met een hoogbeveiligde omgeving. In de kliniek verblijven patiënten met complexe psychiatrische problematiek. De patiënten zijn vaak in aanraking geweest met politie en justitie vanwege strafbare feiten. Om orde en veiligheid in de instelling te waarborgen is het daarom noodzakelijk om het gebruik van een mobiele telefoon te beperken door dit in beginsel niet toe te staan. Dit geldt voor alle patiënten in de instelling en wordt ook zo uitgevoerd. Het niet mogen gebruiken van een mobiele telefoon betekent niet dat een patiënt verstoken is van contact met de buitenwereld. Patiënten kunnen immers gebruik maken van de telefoon van de instelling. De rechtbank is van oordeel dat onder deze omstandigheden de huisregel voldoet aan de eisen van de Wvggz.
3.6.
De huisregels maken het tevens mogelijk dat, in afwijking van de hoofdregel dat geen enkele patiënt gebruik mag maken van een mobiele telefoon, een patiënt in samenspraak met het behandelteam tóch gebruik kan maken van een mobiele telefoon. Deze uitzondering houdt dus niet een verdere beperking in van het recht om een mobiele telefoon te gebruiken, maar een verruiming van dat recht. Als van de hoofdregel afgeweken wordt, moet de patiënt een multimediacontract tekenen. In het multimediacontract staan voorwaarden waaronder een patiënt gebruik kan maken van een mobiele telefoon. Deze voorwaarden worden ook genoemd in de huisregel en in de bijlage ‘multimediacontract’. De rechtbank is van oordeel dat het stellen van voorwaarden aan het gebruik van een telefoon ook in lijn is met de eisen van de Wvggz inzake huisregels. Voorwaarden zijn immers nodig om in het geval een patiënt wel een mobiele telefoon gebruikt, de veiligheid in de kliniek nog steeds te waarborgen.
3.7.
Dat de voorwaarden per patiënt kunnen verschillen, maakt dit niet anders. De verruiming is weliswaar individueel, het geldt immers niet voor elke patiënt, en de voorwaarden kunnen ook per patiënt verschillen, maar dit maakt niet dat het op de persoon gerichte regels zijn. Het zijn namelijk voorwaarden die nodig zijn voor de veiligheid in de kliniek. Bovendien kiest een patiënt er zelf voor een multimediacontract aan te gaan. Een patiënt heeft ook de mogelijkheid geen multimediacontract aan te gaan. De consequentie hiervan is dat een patiënt geen gebruik kan maken van een mobiele telefoon, maar zoals gezegd mag een instelling die huisregel opstellen in het kader van de orde en veiligheid in de kliniek. Dat in het multimediacontract voorwaarden staan die niet voor elke patiënt gelden, is dus een keuze van de patiënt zelf.
3.8.
Hetzelfde geldt voor de regels die gelden in het geval de voorwaarden zijn geschonden. Deze regels maken ook onderdeel uit van de huisregels die zien op het gebruik van een mobiele telefoon. De telefoon wordt dan ingenomen. Wil een patiënt na inname zijn telefoon weer terug krijgen, dan worden daarover afspraken met een patiënt gemaakt. Ook deze voorwaarden zijn in zoverre individueel dat ze niet voor elke patiënt gelden, maar ook dit maakt niet dat het op de persoon gerichte regels zijn.
Dictum
De rechtbank verklaart de klachten ongegrond.
Deze beschikking is gegeven door mr. C.M.A.T. van der Geest, rechter, bijgestaan door
mr. A. Minkjan als griffier, en in het openbaar uitgesproken op 17 april 2025.
!NIET VERWIJDEREN, PLAATS VOOR HANDTEKENING SECRETARIS!
!NIET VERWIJDEREN, PLAATS VOOR HANDTEKENING RECHTER!
..
!NIET VERWIJDEREN, PLAATS VOOR STEMPELS!
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.