Rechtspraak
Rechtbank Midden-Nederland
2024-08-29
ECLI:NL:RBMNE:2024:5175
Strafrecht
Verschoning
2,536 tokens
Dictum
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
VERSCHONINGSKAMER
Locatie: Utrecht
Zaaknummer: 580404 / HA RK 24-159
Dictum
op het verzoek in de zin van artikel 517 van het Wetboek van Strafvordering (verder: Sv) van:
mr. D. Riani el Achhab,
strafrechter,
(hierna: verzoekster).
Procesverloop
1.1.
De verschoningskamer heeft op 28 augustus 2024 het verzoek tot verschoning
ontvangen. Dit verzoek is ingediend in de zaken met parketnummers 16/309446-21, 16/311118-21, 16/310202-21 en 16/310262-21 (hierna: de hoofdzaken). De inhoudelijke behandeling van de hoofdzaken staat gepland op 2, 3 en 5 september 2024. Er heeft geen mondelinge behandeling van het verschoningsverzoek plaatsgevonden.
1.2.
De uitspraak is bepaald op vandaag.
2Het verschoningsverzoek
2.1.
Verzoekster heeft het volgende aan haar verschoningsverzoek ten grondslag gelegd. De advocaat van verdachte in de zaak met parketnummer 16/309446-21 heeft op 27 augustus 2024 een e-mail verzonden met in de bijlage per ongeluk een geheimhouderstuk in de vorm van een gespreksnotitie. Verzoekster heeft dit stuk deels gelezen. Kort nadat zij het had gelezen, kwam er een e-mail binnen van de advocaat waarbij de advocaat de bijlage opnieuw heeft verzonden, maar nu zonder de abusievelijke toevoeging van de gespreksnotitie. Verzoekster is, gezien de inhoud van de gespreksnotitie, van mening dat zij de zaak niet meer onpartijdig kan behandelen. Verzoekster vindt ook dat zij de zaken van de drie medeverdachten niet meer onpartijdig kan behandelen door het lezen van het stuk. Op de tenlastelegging van deze drie verdachten staat namelijk medeplegen met de verdachte van parketnummer 16/309446-21 en ook wordt aan alle vier de verdachten deelname aan een crimineel samenwerkingsverband verweten.
Beoordeling
Toetsingskader
3.1.
Artikel 517 Sv bepaalt dat elk van de rechters die een zaak behandelen, kan verzoeken zich te mogen verschonen op grond van feiten of omstandigheden als bedoeld in artikel 512 Sv. Artikel 512 Sv bepaalt dat elk van de rechters die een zaak behandelen op verzoek van een partij kan worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.
3.2.
Verschoning is een middel ter verzekering van de onafhankelijkheid en onpartijdigheid van de rechter. Voorop dient te staan dat een rechter uit hoofde van zijn aanstelling moet worden vermoed onpartijdig te zijn, tenzij zich uitzonderlijke omstandigheden voordoen die zwaarwegende aanwijzingen opleveren voor het oordeel dat een rechter jegens een partij een vooringenomenheid koestert, althans dat de vrees dat daarvan sprake is objectief gerechtvaardigd is.
3.3.
Van de schijn van partijdigheid kan, geheel los van de persoonlijke instelling van de betrokken rechter, ook sprake zijn indien bepaalde feiten of omstandigheden grond geven te vrezen dat het een rechter in dat specifieke geval aan onpartijdigheid ontbreekt. Alsdan dient de rechter zich van een beslissing van de hoofdzaak te onthouden. Rechtzoekenden moeten immers vertrouwen kunnen stellen in het rechterlijk apparaat. Daarom valt onder omstandigheden ook rekening te houden met de uiterlijke schijn van partijdigheid of vooringenomenheid.
Beoordeling
3.4.
Uit het verschoningsverzoek blijkt dat verzoekster een gespreksnotitie heeft gelezen waarvan de inhoud alleen was bedoeld voor de advocaat en verdachte in (één van) de hoofdzaken. De verschoningskamer is van oordeel dat de rechterlijke onpartijdigheid door die omstandigheid schade kan lijden. Dit geldt ook voor de zaken van de medeverdachten, aangezien aan hen medeplegen ten laste is gelegd en de verdenking ook ziet op deelname aan een crimineel samenwerkingsverband. Het verschoningsverzoek zal daarom in alle vier de hoofdzaken worden toegewezen.
3.5.
Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen, zal de verschoningskamer het verzoek tot verschoning toewijzen.
Dictum
De verschoningskamer:
4.1.
wijst het verschoningsverzoek toe;
4.2.
draagt de griffier van de verschoningskamer op deze beslissing toe te zenden aan verzoekster, verdachten, andere betrokken partijen, alsmede aan de voorzitter van het team waarbinnen verzoekster werkzaam is en de president van deze rechtbank.
Deze beslissing is gegeven door mr. J.G. Nicholson, voorzitter, en mr. L.C. Michon en mr. N.M. Spelt als leden van de verschoningskamer, bijgestaan door mr. S. Bazaz, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 29 augustus 2024.
de griffier de voorzitter
Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Dictum
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
VERSCHONINGSKAMER
Locatie: Utrecht
Zaaknummer: 580404 / HA RK 24-159
Dictum
op het verzoek in de zin van artikel 517 van het Wetboek van Strafvordering (verder: Sv) van:
mr. D. Riani el Achhab,
strafrechter,
(hierna: verzoekster).
Procesverloop
1.1.
De verschoningskamer heeft op 28 augustus 2024 het verzoek tot verschoning
ontvangen. Dit verzoek is ingediend in de zaken met parketnummers 16/309446-21, 16/311118-21, 16/310202-21 en 16/310262-21 (hierna: de hoofdzaken). De inhoudelijke behandeling van de hoofdzaken staat gepland op 2, 3 en 5 september 2024. Er heeft geen mondelinge behandeling van het verschoningsverzoek plaatsgevonden.
1.2.
De uitspraak is bepaald op vandaag.
2Het verschoningsverzoek
2.1.
Verzoekster heeft het volgende aan haar verschoningsverzoek ten grondslag gelegd. De advocaat van verdachte in de zaak met parketnummer 16/309446-21 heeft op 27 augustus 2024 een e-mail verzonden met in de bijlage per ongeluk een geheimhouderstuk in de vorm van een gespreksnotitie. Verzoekster heeft dit stuk deels gelezen. Kort nadat zij het had gelezen, kwam er een e-mail binnen van de advocaat waarbij de advocaat de bijlage opnieuw heeft verzonden, maar nu zonder de abusievelijke toevoeging van de gespreksnotitie. Verzoekster is, gezien de inhoud van de gespreksnotitie, van mening dat zij de zaak niet meer onpartijdig kan behandelen. Verzoekster vindt ook dat zij de zaken van de drie medeverdachten niet meer onpartijdig kan behandelen door het lezen van het stuk. Op de tenlastelegging van deze drie verdachten staat namelijk medeplegen met de verdachte van parketnummer 16/309446-21 en ook wordt aan alle vier de verdachten deelname aan een crimineel samenwerkingsverband verweten.
Beoordeling
Toetsingskader
3.1.
Artikel 517 Sv bepaalt dat elk van de rechters die een zaak behandelen, kan verzoeken zich te mogen verschonen op grond van feiten of omstandigheden als bedoeld in artikel 512 Sv. Artikel 512 Sv bepaalt dat elk van de rechters die een zaak behandelen op verzoek van een partij kan worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.
3.2.
Verschoning is een middel ter verzekering van de onafhankelijkheid en onpartijdigheid van de rechter. Voorop dient te staan dat een rechter uit hoofde van zijn aanstelling moet worden vermoed onpartijdig te zijn, tenzij zich uitzonderlijke omstandigheden voordoen die zwaarwegende aanwijzingen opleveren voor het oordeel dat een rechter jegens een partij een vooringenomenheid koestert, althans dat de vrees dat daarvan sprake is objectief gerechtvaardigd is.
3.3.
Van de schijn van partijdigheid kan, geheel los van de persoonlijke instelling van de betrokken rechter, ook sprake zijn indien bepaalde feiten of omstandigheden grond geven te vrezen dat het een rechter in dat specifieke geval aan onpartijdigheid ontbreekt. Alsdan dient de rechter zich van een beslissing van de hoofdzaak te onthouden. Rechtzoekenden moeten immers vertrouwen kunnen stellen in het rechterlijk apparaat. Daarom valt onder omstandigheden ook rekening te houden met de uiterlijke schijn van partijdigheid of vooringenomenheid.
Beoordeling
3.4.
Uit het verschoningsverzoek blijkt dat verzoekster een gespreksnotitie heeft gelezen waarvan de inhoud alleen was bedoeld voor de advocaat en verdachte in (één van) de hoofdzaken. De verschoningskamer is van oordeel dat de rechterlijke onpartijdigheid door die omstandigheid schade kan lijden. Dit geldt ook voor de zaken van de medeverdachten, aangezien aan hen medeplegen ten laste is gelegd en de verdenking ook ziet op deelname aan een crimineel samenwerkingsverband. Het verschoningsverzoek zal daarom in alle vier de hoofdzaken worden toegewezen.
3.5.
Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen, zal de verschoningskamer het verzoek tot verschoning toewijzen.
Dictum
De verschoningskamer:
4.1.
wijst het verschoningsverzoek toe;
4.2.
draagt de griffier van de verschoningskamer op deze beslissing toe te zenden aan verzoekster, verdachten, andere betrokken partijen, alsmede aan de voorzitter van het team waarbinnen verzoekster werkzaam is en de president van deze rechtbank.
Deze beslissing is gegeven door mr. J.G. Nicholson, voorzitter, en mr. L.C. Michon en mr. N.M. Spelt als leden van de verschoningskamer, bijgestaan door mr. S. Bazaz, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 29 augustus 2024.
de griffier de voorzitter
Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.