Rechtspraak
Rechtbank Midden-Nederland
2023-10-24
ECLI:NL:RBMNE:2023:5589
Bestuursrecht; Omgevingsrecht
Voorlopige voorziening
960 tokens
Inleiding
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 23/5115
uitspraak van de voorzieningenrechter van 23 oktober 2023 op het verzoek om voorlopige voorziening in de zaak tussen
[verzoekster] B.V., gevestigd in Lelystad , verzoekster
(gemachtigde: mr. A.P. Loo)
en
het college van gedeputeerde staten van de provincie Flevoland, verweerder
(gemachtigde: R. Lutjhe Schipholt).
Inleiding
1. Deze zaak gaat over de last onder dwangsom die het college op 10 november 2023 (hierna: de last onder dwangsom) aan verzoekster heeft opgelegd vanwege het bouwen van erfafscheidingen tot 5.20 meter hoog rondom het perceel aan de [adres] in [plaats] zonder omgevingsvergunning. Verzoekster moet de erfafscheidingen tussen de percelen aan de [adres] en [nummer 1] en [nummer 2] en [nummer 3] , en aan de achterzijde van het perceel aan de [adres] uiterlijk op 24 oktober 2023 verwijderen, of terugbrengen tot een hoogte van maximaal 2.00 meter, onder verbeuring van een dwangsom van € 15.000,-- voor elke 14 dagen dat de overtreding voortduurt met een maximum van € 30.000,--.
2. Verzoekster heeft bezwaar gemaakt tegen de last onder dwangsom en heeft de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
Overwegingen
3. De begunstigingstermijn van de last onder dwangsom loopt tot en met 24 oktober 2023. Het college is niet bereid om die termijn te verlengen. De voorzieningenrechter is niet in staat om het verzoek om een voorlopige voorziening voor het einde van de begunstigingstermijn inhoudelijk te behandelen.
4. Verzoekster betwist dat sprake is van een overtreding en heeft er daarom belang bij dat zij daarover een oordeel van de rechter krijgt voordat zij opvolging moet geven aan de last onder dwangsom. De voorzieningenrechter is bovendien niet gebleken dat de situatie op dit moment dusdanig zwaarwegend of acuut spoedeisend is, dat een korte opschorting van de last onder dwangsom totdat het verzoek om een voorlopige voorziening door de voorzieningenrechter op een zitting kan worden behandeld, onacceptabel zou zijn dan wel tot onomkeerbare gevolgen zou leiden. Alles afwegend is er daarom een spoedeisend belang om de last onder dwangsom per direct als ordemaatregel te schorsen, in afwachting van een verdere behandeling van deze zaak door de voorzieningenrechter.
5. De aard van deze beslissing als ordemaatregel, maakt dat die niet voor langere tijd kan voortduren. De voorzieningenrechter vindt het noodzakelijk dat het verzoek om een voorlopige voorziening spoedig op een zitting wordt behandeld. Partijen ontvangen hiervoor zo snel mogelijk een uitnodiging. Op de zitting zal worden beoordeeld of er aanleiding bestaat om in afwachting van de beslissing op bezwaar van het college, de nu getroffen voorziening voort te zetten, op te heffen of te wijzigen. Dan zal ook beslist worden over de proceskosten en het griffierecht.
Dictum
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening toe en schorst de last onder dwangsom.
Deze uitspraak gedaan door mr. K. de Meulder, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. N.K. Boer - de Bruin, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 23 november 2023.
(de griffier is verhinderd om (de voorzieningenrechter is verhinderd
de uitspraak te ondertekenen) om de uitspraak te ondertekenen)
griffier voorzieningenrechter
Een afschrift van dit proces-verbaal is verzonden aan partijen op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.