Rechtspraak Rechtbank Limburg 2026-03-18
ECLI:NL:RBLIM:2026:2527
RECHTBANK LIMBURG Civiel recht Kantonrechter Zittingsplaats Roermond Zaaknummer: 11930140 \ CV EXPL 25-4478 Vonnis van 18 maart 2026 in de zaak van de vereniging [V.V.E.] , statutair gevestigd te [plaats] , eisende partij, hierna te noemen: de VvE, gemachtigde: [gemachtigde] , tegen de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid CASA B.V. , statutair gevestigd te Roermond, gedaagde partij, hierna te noemen: Casa, gemachtigde: mr. T.G.M. Scheers. 1 De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding- de conclusie van antwoord- de conclusie van repliek tevens houdende een wijziging van eis,- de conclusie van dupliek. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2 De feiten 2.1. Casa is eigenaresse van het appartementsrecht, staande en gelegen aan [adres] . Casa is van rechtswege lid van de VvE. 2.2. De VvE heeft bij diverse vergaderbesluiten, overeenkomstig de bepalingen in de splitsingsakte en het (model)regelement, de door de appartementseigenaars te betalen maandelijkse voorschotbijdragen in de kosten van beheer en onderhoud van het appartementencomplex vastgesteld. 2.3. De maandelijkse voorschotbijdrage bedraagt € 775,92 per maand. 2.4. De gemachtigde van de VvE heeft Casa bij brieven van 10 juli 2025 (bedrag ad € 775,92 over de maand juli 2025) en 1 augustus 2025 (bedrag ad € 1.551,84 over de maanden juli en augustus 2025) gesommeerd om tot betaling van deze bedragen over te gaan. 2.5. Casa heeft op 4 september 2025 drie betalingen gedaan van elk € 775,92 (totaal € 2.327,76) door middel van overboeking van deze bedragen naar het bankrekeningnummer van de VvE. 2.6. Op 30 september 2025 heeft de VvE het volledige bedrag van totaal € 2.327,76 teruggestort naar Casa. De VvE heeft Casa bij e-mail van 30 september 2025 meegedeeld dat de betaling niet kon worden geaccepteerd omdat het dossier inmiddels was overgedragen aan haar gemachtigde Rijssenbeek Advocaten. Daarbij heeft de VVE tevens medegedeeld dat het incassotraject reeds was opgestart en dat hiervoor kosten waren gemaakt en dat, indien de betaling niet via haar gemachtigde zou lopen, deze kosten niet konden worden verhaald. 2.7. Vervolgens heeft de VvE deze procedure aanhangig gemaakt. 3 Het geschil 3.1. De VvE vordert, na haar eis bij conclusie van repliek te hebben vermeerderd, dat de kantonrechter bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, Casa veroordeelt tot betaling van een bedrag van € 5.078,00 (inclusief de buitengerechtelijke incassokosten ad € 422,48) met veroordeling van Casa in de proceskosten. 3.2. Casa voert verweer en concludeert tot afwijzing van de vordering een en ander met veroordeling van de VVE in de kosten van deze procedure, vermeerderd met de wettelijke rente daarover. 3.3. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, ingegaan. 4 De beoordeling De wijziging van eis 4.1. De VvE heeft bij conclusie van repliek haar eis vermeerderd. Casa heeft geen bezwaar gemaakt tegen die eisvermeerdering als zodanig. Wel heeft Casa inhoudelijk verweer gevoerd. Gelet hierop en op het feit dat de kantonrechter ook geen aanleiding ziet om de eiswijziging op de voet van artikel 130 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (hierna: Rv) ambtshalve buiten beschouwing te laten, zal de kantonrechter bij de beoordeling rekening houden met de vermeerdering van eis. De voorschotten over juli, augustus en september 2025 4.2. De VvE legt aan haar vordering ten grondslag dat Casa als eigenaresse van het appartementsrecht gehouden is bij te dragen aan de kosten van de VvE en dat zij uit dien hoofde maandelijks een voorschot op die bijdrage is verschuldigd. Volgens de VvE heeft Casa de over de maanden juli, augustus en september 2025 verschuldigde voorschotten van € 775,92 per maand onbetaald gelaten. 4.3. Casa betwist niet dat zij als appartementseigenaresse een bedrag van € 775,92 per maand aan de VvE moet voldoen als voorschot op de bijdrage in de kosten van de VvE. Zij betoogt dat zij de verschuldigde voorschotbijdragen over juli, augu