Rechtspraak
Rechtbank Limburg
2025-11-19
ECLI:NL:RBLIM:2025:13230
Civiel recht
Eerste aanleg - enkelvoudig
8,093 tokens
Volledig
ECLI:NL:RBLIM:2025:13230 text/xml public 2026-03-12T18:50:53 2026-02-19 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Limburg 2025-11-19 C/03/338960 / HA ZA 25-75 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig NL Maastricht Civiel recht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2025:13230 text/html public 2026-03-12T18:50:24 2026-03-12 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBLIM:2025:13230 Rechtbank Limburg , 19-11-2025 / C/03/338960 / HA ZA 25-75 IE-zaak. Vorderingen van eiseres worden toegewezen, nu de gestelde inbreuk vast is komen te staan. RECHTBANK Limburg Civiel recht Zittingsplaats Maastricht Zaaknummer: C/03/338960 / HA ZA 25-75 Vonnis van 19 november 2025 (bij vervroeging) in de zaak van [eiseres] , wonende te [woonplaats] , eisende partij, hierna te noemen: [eiseres] , advocaat: mr. J.L. ten Hove, tegen TAXI CENTRALE MAASTRICHT-AIRPORT SERVICE LIMBURG B.V. , gevestigd te [vestigingsplaats] , gedaagde partij, hierna te noemen: Taxi Centrale Maastricht, 1 De procedure 1.1. Het verdere verloop van de procedure blijkt uit: - het vonnis van de kantonrechter van 12 februari 2025, waarbij de zaak is verwezen naar de kamer voor andere zaken dan kantonzaken in de stand waarin deze zich op dat moment bevond, voor het stellen van een advocaat door beide partijen, - de stelbrief van mr. Ten Hove voor [eiseres] , - het exploot van 10 april 2025 waarmee een akte houdende producties (15 t/m 20) en vermeerdering van eis door [eiseres] aan Taxi Centrale Maastricht is betekend, - de brief waarin een mondelinge behandeling is bepaald, - de brief van [eiseres] van 15 september 2025 met aanvullende producties 21 en 22, - het proces-verbaal van de mondelinge behandeling van 30 september 2025. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2 De feiten 2.1. [eiseres] drijft een eenmanszaak handelend onder de naam [handelsnaam] . Dit bedrijf houdt zich bezig met personenvervoer over de weg, meer specifiek taxivervoer in de regio Limburg en luchthavenvervoer naar luchthavens in Nederland, Duitsland en België. 2.2. De handelsnaam [handelsnaam] is sinds 22 maart 2005 ingeschreven in het handelsregister. 2.3. Het hieronder weergegeven woordbeeldmerk “ [handelsnaam] ” is sinds 22 februari 2008 ingeschreven in het Benelux merkenregister van het Benelux Bureau voor de Intellectuele Eigendom (BOIP) voor de klassen 35, 26 en 39. [eiseres] is rechthebbende van dit merk. [woordbeeldmerk] De domeinnaam [domeinnaam 1] is op 19 september 2005 geregistreerd. [eiseres] is rechthebbende van deze domeinnaam. 2.5. Taxi Centrale Maastricht is een taxibedrijf dat zich bezighoudt met personenvervoer over de weg, meer specifiek taxivervoer in de regio Limburg en luchthavenvervoer naar luchthavens in Nederland, België en Duitsland. 2.6. Taxi Centrale Maastricht heeft op 4 juni 2018 de domeinnaam [domeinnaam 2] geregistreerd. 2.7. Begin maart 2024 heeft [eiseres] geconstateerd dat Taxi Centrale Maastricht gebruik maakte van de domeinnaam [domeinnaam 2] , om bezoekers van die website door te linken naar haar eigen website, Airport Service Limburg. Tekst 3 Het geschil 3.1. [eiseres] vordert dat de rechtbank, voor zoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad: Primair 1. Taxi Centrale Maastricht zal bevelen om binnen vijf werkdagen na betekening van dit vonnis inbreuken op het merk [handelsnaam] in de Benelux te staken en gestaakt te houden, in het bijzonder het gebruik van het teken " [handelsnaam] ", al dan niet met een domeinnaamextensie (zoals .nl of .eu of .com), een voor- (zoals het lidwoord "de"), tussen- (zoals "-") en/of achtervoegsel (zoals meervoudsvormen "en" als domeinnaam of als handelsnaam en/of als merk (al dan niet in de vorm van een metatag) inhoudende tevens het gebruik op social media (Facebook/Instagram/Snapchat accountnaam), ter onderscheiding van taxidiensten, op straffe van een dwangsom van € 1.000,- per dag (een dagdeel daaronder begrepen) dat dit bevel wordt overtreden, met een maximum van € 250.000,-. Subsidiair: 2. Taxi Centrale Maastricht zal bevelen om binnen vijf werkdagen na betekening van dit vonnis het gebruik van de domeinnaam [domeinnaam 2] (daaronder begrepen overeenstemmende domeinnamen) te staken en gestaakt te houden, op straffe van een dwangsom van € 1.000,- per dag (een dagdeel daaronder begrepen) dat dit bevel wordt overtreden, met een maximum van € 250.000,-. Primair en subsidiair: 3. Taxi Centrale Maastricht zal veroordelen om binnen twee weken na betekening van dit vonnis aan [eiseres] te vergoeden de door haar geleden schade, die wordt gelimiteerd tot € 7.500,--, danwel aan [eiseres] te betalen iedere andere door Uw rechtbank in goede justitie vastgestelde schadevergoeding; 4. Taxi Centrale Maastricht zal bevelen om binnen vier weken na betekening van dit vonnis op eigen kosten alles te doen om te bewerkstelligen de domeinnaam [domeinnaam 2] om niet op naam te zetten van [eiseres] , een en ander in overeenstemming met de voorwaarden van de betreffende domeinnaamorganisatie, op straffe van een dwangsom van € 1.000,- per dag (een dagdeel daaronder begrepen) dat dit bevel niet wordt nagekomen, met een maximum van € 250.000,-; 5. Taxi Centrale Maastricht te veroordelen in de volledige proceskosten in de zin van artikel 1019h Rv; 6. Taxi Centrale Maastricht te veroordelen in de nakosten en in de wettelijke rente over de proceskosten en de nakosten. 3.2. [eiseres] legt aan de vordering het volgende ten grondslag. Taxi Centrale Maastricht heeft de domeinnaam [domeinnaam 2] geregistreerd en maakt daarvan gebruik. Dit terwijl [handelsnaam] de handelsnaam is van [eiseres] en [eiseres] [handelsnaam] ook als merk heeft geregistreerd. Taxi Centrale Maastricht maakt door het gebruik van deze domeinnaam inbreuk op het merkenrecht en het recht op de handelsnaam van [eiseres] . Dit levert ook verwarringsgevaar op bij het publiek. Taxi Centrale Maastricht heeft het teken “ [beeldmerk] ” ook gebruikt als metatag voor zakelijke advertenties op Google en gebruikt derhalve de handelsnaam en het merk van [eiseres] om bezoekers naar haar website te lokken. Het gebruik van de domeinnaam [domeinnaam 2] , het doorlinken daarvan naar de eigen website en het gebruik van dit teken als metatag bij Google is tevens onrechtmatig jegens [eiseres] en levert ook nog een tekortkoming op, omdat Taxi Centrale Maastricht zich al in 2018 heeft verbonden om deze domeinnaam niet meer te gebruiken. [eiseres] stelt dat zij schade heeft geleden door het handelen van Taxi Centrale Maastricht, omdat het aantal taxiritten volgens haar aantoonbaar is teruggelopen in de periode dat Taxi Centrale Maastricht actief gebruik maakte van haar merk en handelsnaam als domeinnaam. Hoewel [eiseres] die schade, die volgens haar bestaat uit gemiste inkomsten, begroot op den bedrag van € 2.131,25 per maand, heeft zij haar vordering beperkt tot een bedrag van € 7.500,00. 3.3. Taxi Centrale Maastricht voert verweer. Taxi Centrale Maastricht concludeert tot niet-ontvankelijkheid van [eiseres] , dan wel tot afwijzing van de vorderingen van [eiseres] , met veroordeling van [eiseres] in de kosten van deze procedure. Taxi Centrale Maastricht voert het volgende aan. Taxi Centrale Maastricht erkent dat zij in het bezit is van de domeinnaam [domeinnaam 2] , maar stelt dat zij deze domeinnaam niet gebruikt. Zij gebruikt de domeinnaam [domeinnaam 3] en [domeinnaam 4] . Zij stelt dat [eiseres] zelf ook verwarring veroorzaakt door het gebruik van domeinnamen die lijken op de door haar gevoerde handelsnaam. Taxi Centrale Maastricht heeft verder aangevoerd dat [eiseres] de gemiste inkomsten niet heeft onderbouwd. 3.4. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan. 4. De beoordeling Opmerking vooraf 4.1. Het hiervoor weergegeven verweer van Taxi Centrale Maastricht is door haar gevoerd in de conclusie van antwoord, die is genomen nadat Taxi Centrale Maastricht voor de kantonrechter was gedagvaard. Daarna is de zaak verwezen naar de kamer voor andere zaken dan kantonzaken. Taxi Centrale Maastricht diende daar een advocaat te stellen, maar heeft dat niet gedaan. Zij heeft daarom dus niet meer gereageerd op de akte houdende vermeerdering van eis en de nog nagezonden producties.
Volledig
ECLI:NL:RBLIM:2025:13230 text/xml public 2026-03-12T18:50:53 2026-02-19 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Limburg 2025-11-19 C/03/338960 / HA ZA 25-75 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig NL Maastricht Civiel recht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2025:13230 text/html public 2026-03-12T18:50:24 2026-03-12 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBLIM:2025:13230 Rechtbank Limburg , 19-11-2025 / C/03/338960 / HA ZA 25-75 IE-zaak. Vorderingen van eiseres worden toegewezen, nu de gestelde inbreuk vast is komen te staan. RECHTBANK Limburg Civiel recht Zittingsplaats Maastricht Zaaknummer: C/03/338960 / HA ZA 25-75 Vonnis van 19 november 2025 (bij vervroeging) in de zaak van [eiseres] , wonende te [woonplaats] , eisende partij, hierna te noemen: [eiseres] , advocaat: mr. J.L. ten Hove, tegen TAXI CENTRALE MAASTRICHT-AIRPORT SERVICE LIMBURG B.V. , gevestigd te [vestigingsplaats] , gedaagde partij, hierna te noemen: Taxi Centrale Maastricht, 1 De procedure 1.1. Het verdere verloop van de procedure blijkt uit: - het vonnis van de kantonrechter van 12 februari 2025, waarbij de zaak is verwezen naar de kamer voor andere zaken dan kantonzaken in de stand waarin deze zich op dat moment bevond, voor het stellen van een advocaat door beide partijen, - de stelbrief van mr. Ten Hove voor [eiseres] , - het exploot van 10 april 2025 waarmee een akte houdende producties (15 t/m 20) en vermeerdering van eis door [eiseres] aan Taxi Centrale Maastricht is betekend, - de brief waarin een mondelinge behandeling is bepaald, - de brief van [eiseres] van 15 september 2025 met aanvullende producties 21 en 22,- het proces-verbaal van de mondelinge behandeling van 30 september 2025. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2 De feiten 2.1. [eiseres] drijft een eenmanszaak handelend onder de naam [handelsnaam] . Dit bedrijf houdt zich bezig met personenvervoer over de weg, meer specifiek taxivervoer in de regio Limburg en luchthavenvervoer naar luchthavens in Nederland, Duitsland en België. 2.2. De handelsnaam [handelsnaam] is sinds 22 maart 2005 ingeschreven in het handelsregister. 2.3. Het hieronder weergegeven woordbeeldmerk “ [handelsnaam] ” is sinds 22 februari 2008 ingeschreven in het Benelux merkenregister van het Benelux Bureau voor de Intellectuele Eigendom (BOIP) voor de klassen 35, 26 en 39. [eiseres] is rechthebbende van dit merk. [woordbeeldmerk] De domeinnaam [domeinnaam 1] is op 19 september 2005 geregistreerd. [eiseres] is rechthebbende van deze domeinnaam. 2.5. Taxi Centrale Maastricht is een taxibedrijf dat zich bezighoudt met personenvervoer over de weg, meer specifiek taxivervoer in de regio Limburg en luchthavenvervoer naar luchthavens in Nederland, België en Duitsland. 2.6. Taxi Centrale Maastricht heeft op 4 juni 2018 de domeinnaam [domeinnaam 2] geregistreerd. 2.7. Begin maart 2024 heeft [eiseres] geconstateerd dat Taxi Centrale Maastricht gebruik maakte van de domeinnaam [domeinnaam 2] , om bezoekers van die website door te linken naar haar eigen website, Airport Service Limburg. Tekst 3 Het geschil 3.1. [eiseres] vordert dat de rechtbank, voor zoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad: Primair 1. Taxi Centrale Maastricht zal bevelen om binnen vijf werkdagen na betekening van dit vonnis inbreuken op het merk [handelsnaam] in de Benelux te staken en gestaakt te houden, in het bijzonder het gebruik van het teken " [handelsnaam] ", al dan niet met een domeinnaamextensie (zoals .nl of .eu of .com), een voor- (zoals het lidwoord "de"), tussen- (zoals "-") en/of achtervoegsel (zoals meervoudsvormen "en" als domeinnaam of als handelsnaam en/of als merk (al dan niet in de vorm van een metatag) inhoudende tevens het gebruik op social media (Facebook/Instagram/Snapchat accountnaam), ter onderscheiding van taxidiensten, op straffe van een dwangsom van € 1.000,- per dag (een dagdeel daaronder begrepen) dat dit bevel wordt overtreden, met een maximum van € 250.000,-. Subsidiair: 2. Taxi Centrale Maastricht zal bevelen om binnen vijf werkdagen na betekening van dit vonnis het gebruik van de domeinnaam [domeinnaam 2] (daaronder begrepen overeenstemmende domeinnamen) te staken en gestaakt te houden, op straffe van een dwangsom van € 1.000,- per dag (een dagdeel daaronder begrepen) dat dit bevel wordt overtreden, met een maximum van € 250.000,-. Primair en subsidiair: 3. Taxi Centrale Maastricht zal veroordelen om binnen twee weken na betekening van dit vonnis aan [eiseres] te vergoeden de door haar geleden schade, die wordt gelimiteerd tot € 7.500,--, danwel aan [eiseres] te betalen iedere andere door Uw rechtbank in goede justitie vastgestelde schadevergoeding; 4. Taxi Centrale Maastricht zal bevelen om binnen vier weken na betekening van dit vonnis op eigen kosten alles te doen om te bewerkstelligen de domeinnaam [domeinnaam 2] om niet op naam te zetten van [eiseres] , een en ander in overeenstemming met de voorwaarden van de betreffende domeinnaamorganisatie, op straffe van een dwangsom van € 1.000,- per dag (een dagdeel daaronder begrepen) dat dit bevel niet wordt nagekomen, met een maximum van € 250.000,-; 5. Taxi Centrale Maastricht te veroordelen in de volledige proceskosten in de zin van artikel 1019h Rv; 6. Taxi Centrale Maastricht te veroordelen in de nakosten en in de wettelijke rente over de proceskosten en de nakosten. 3.2. [eiseres] legt aan de vordering het volgende ten grondslag. Taxi Centrale Maastricht heeft de domeinnaam [domeinnaam 2] geregistreerd en maakt daarvan gebruik. Dit terwijl [handelsnaam] de handelsnaam is van [eiseres] en [eiseres] [handelsnaam] ook als merk heeft geregistreerd. Taxi Centrale Maastricht maakt door het gebruik van deze domeinnaam inbreuk op het merkenrecht en het recht op de handelsnaam van [eiseres] . Dit levert ook verwarringsgevaar op bij het publiek. Taxi Centrale Maastricht heeft het teken “ [beeldmerk] ” ook gebruikt als metatag voor zakelijke advertenties op Google en gebruikt derhalve de handelsnaam en het merk van [eiseres] om bezoekers naar haar website te lokken. Het gebruik van de domeinnaam [domeinnaam 2] , het doorlinken daarvan naar de eigen website en het gebruik van dit teken als metatag bij Google is tevens onrechtmatig jegens [eiseres] en levert ook nog een tekortkoming op, omdat Taxi Centrale Maastricht zich al in 2018 heeft verbonden om deze domeinnaam niet meer te gebruiken. [eiseres] stelt dat zij schade heeft geleden door het handelen van Taxi Centrale Maastricht, omdat het aantal taxiritten volgens haar aantoonbaar is teruggelopen in de periode dat Taxi Centrale Maastricht actief gebruik maakte van haar merk en handelsnaam als domeinnaam. Hoewel [eiseres] die schade, die volgens haar bestaat uit gemiste inkomsten, begroot op den bedrag van € 2.131,25 per maand, heeft zij haar vordering beperkt tot een bedrag van € 7.500,00. 3.3. Taxi Centrale Maastricht voert verweer. Taxi Centrale Maastricht concludeert tot niet-ontvankelijkheid van [eiseres] , dan wel tot afwijzing van de vorderingen van [eiseres] , met veroordeling van [eiseres] in de kosten van deze procedure. Taxi Centrale Maastricht voert het volgende aan. Taxi Centrale Maastricht erkent dat zij in het bezit is van de domeinnaam [domeinnaam 2] , maar stelt dat zij deze domeinnaam niet gebruikt. Zij gebruikt de domeinnaam [domeinnaam 3] en [domeinnaam 4] . Zij stelt dat [eiseres] zelf ook verwarring veroorzaakt door het gebruik van domeinnamen die lijken op de door haar gevoerde handelsnaam. Taxi Centrale Maastricht heeft verder aangevoerd dat [eiseres] de gemiste inkomsten niet heeft onderbouwd. 3.4. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan. 4. De beoordeling Opmerking vooraf 4.1. Het hiervoor weergegeven verweer van Taxi Centrale Maastricht is door haar gevoerd in de conclusie van antwoord, die is genomen nadat Taxi Centrale Maastricht voor de kantonrechter was gedagvaard. Daarna is de zaak verwezen naar de kamer voor andere zaken dan kantonzaken. Taxi Centrale Maastricht diende daar een advocaat te stellen, maar heeft dat niet gedaan. Zij heeft daarom dus niet meer gereageerd op de akte houdende vermeerdering van eis en de nog nagezonden producties.
Volledig
Zij is wel uitgenodigd voor de mondelinge behandeling, maar is daar niet verschenen. Taxi Centrale Maastricht heeft dan ook diverse stellingen onweersproken gelaten. Dit blijft voor haar eigen risico. Inhoudelijke beoordeling Taxi Centrale Maastricht heeft inbreuk gemaakt op het merkrecht en het recht op de handelsnaam van [eiseres] 4.2. Tussen partijen is niet in geschil dat [eiseres] gerechtigd is om de handelsnaam [handelsnaam] te voeren en dat de eenmanszaak met deze handelsnaam al vanaf 22 maart 2005 staat ingeschreven in de Kamer van Koophandel. Ook staat vast dat [eiseres] rechthebbende is op het woordbeeldmerk [handelsnaam] . Daarnaast staat vast dat Taxi Centrale Maastricht op 4 juni 2018 de domeinnaam [domeinnaam 2] heeft geregistreerd bij de Stichting Internet Domeinregistratie Nederland (SIDN). Blijkens de gegevens uit het register van ISDN zijn er op 2 maart 2023 voor het laatst wijzigingen aan de website aangebracht. 4.3. In de conclusie van antwoord heeft Taxi Centrale Maastricht aangevoerd dat het enkel beschikken over een domeinnaam niet voor verwarring zorgt bij het publiek. Taxi Centrale Maastricht gaat er met dat verweer aan voorbij dat [eiseres] niet alleen stelt dat Taxi Centrale Maastricht beschikt over de domeinnaam, maar deze ook gebruikt, of in ieder geval heeft gebruikt . Zij heeft een e-mail overgelegd van 2 maart 2024, waarin zij door “ [naam] ” erop werd gewezen dat bij het invoeren van de domeinnaam [domeinnaam 2] werd doorgelinkt naar de website van Taxi Centrale Maastricht. [eiseres] heeft ook een USB-stick met een filmpje van 8 maart 2024 overgelegd waarop te zien is dat bij het intikken van de domeinnaam [domeinnaam 2] de gebruiker automatisch wordt doorgelinkt naar de website van Airport Service Limburg, in gebruik bij Taxi Centrale Maastricht. Daarmee heeft [eiseres] voldoende onderbouwd dat Taxi Centrale Maastricht deze domeinnaam niet alleen heeft geregistreerd, maar ook heeft gebruikt. [eiseres] heeft gesteld dat dit gebruik op 16 september 2024 is gestaakt. Nu Taxi Centrale Maastricht geen andere (eerdere) datum heeft gesteld waarop dit gebruik is gestaakt, gaat de rechtbank ervan uit dat Taxi Centrale Maastricht in ieder geval in de periode 2 maart 2024 tot 16 september 2024 gebruik heeft gemaakt van de handelsnaam en het merk [handelsnaam] . 4.4. [eiseres] heeft ook nog aangevoerd dat Taxi Centrale Maastricht het teken [beeldmerk] gebruikt als metatag en keyword bij Google om bezoekers naar haar website te lokken. Dit is niet door Taxi Centrale Maastricht betwist. Ook deze handelwijze beschouwt de rechtbank als het “gebruik in het commerciële verkeer” van het merk en handelsnaam van [eiseres] . 4.5. Door Taxi Centrale Maastricht is niet weersproken dat het gebruik maken in het commerciële verkeer van de tekens “ [handelsnaam] ” (al dan niet aan elkaar geschreven) voor verwarring kan zorgen bij het publiek. Ook naar het oordeel van de rechtbank is dat evident. Daarmee staat vast dat Taxi Centrale Maastricht inbreuk heeft gemaakt op het merkenrecht van [eiseres] , als bedoeld in artikel 2.20 lid 2 onder b en d van het Benelux Verdrag Inzake de Intellectuele Eigendom (BVIE). [eiseres] is ingevolge dit artikel bevoegd hiertegen op te treden. Ook heeft Taxi Centrale Maastricht door zo te handelen inbreuk gemaakt op het recht op de handelsnaam [handelsnaam] . 4.6. Taxi Centrale Maastricht heeft als verweer gevoerd dat [eiseres] op haar beurt ook een domeinnaam heeft geregistreerd die veel lijkt op de door haar gebruikte domeinnaam en dat daardoor ook verwarring ontstaat. Dit verweer kan Taxi Centrale Maastricht in deze procedure echter niet baten. Als er al sprake is van inbreuken door [eiseres] op de rechten van Taxi Centrale Maastricht ( [eiseres] heeft dit betwist), dan dient Taxi Centrale Maastricht daar zelf tegen op te treden, hetgeen zij niet heeft gedaan. Bovendien verschaft zulks Taxi Centrale Maastricht uiteraard geen vrijbrief om zelf inbreukmakend te handelen. Het bevel tot staken van het inbreukmakend handelen wordt toegewezen 4.7. Nu vast staat Taxi Centrale Maastricht inbreuk heeft gemaakt op de rechten van [eiseres] , staat ook vast dat zij belang heeft bij een bevel om dit inbreukmakend handelen te staken en gestaakt te houden. Dit bevel zal dan ook worden gegeven. Ook zal zoals gevorderd aan dit bevel een dwangsom worden gekoppeld. De rechtbank ziet wel aanleiding deze dwangsom te matigen. Zij zal deze dwangsom maximeren op een bedrag van € 50.000,00. Taxi Centrale Maastricht moet aan [eiseres] schadevergoeding betalen 4.8. Het inbreuk maken op andermans (merk)recht is te kwalificeren als een onrechtmatige daad. Op grond van het bepaalde in artikel 6:162 BW is Taxi Centrale Maastricht dan ook gehouden om de schade die [eiseres] door dit onrechtmatige handelen heeft geleden, te vergoeden. 4.9. Hiervoor is reeds overwogen dat de periode waarin het inbreukmakend gebruik heeft plaatsgevonden – bij gebreke van betwisting door Taxi Centrale Maastricht – wordt vastgesteld op 2 maart 2024 tot en met 16 september 2024. 4.10. [eiseres] heeft gesteld dat deze schade bestaat uit verlies van klanten en omzet. In de dagvaarding vorderde [eiseres] nog een bedrag van € 24.999,00 aan schadevergoeding. Nadat zij haar eis heeft gewijzigd, wordt nog € 7.500,00 gevorderd. 4.11. Taxi Centrale Maastricht heeft aangevoerd dat [eiseres] geen enkel bewijs heeft aangeleverd waarop de gemiste inkomsten zijn gebaseerd. 4.12. In de akte wijziging van eis heeft [eiseres] gesteld dat het aantal taxiritten het volgende verloop laat zien: 2/3/2022 – 2/3/2023 = 26137 ritten 2/3/2023-2/3/2024 = 19899 ritten [eiseres] heeft gesteld dat zij voor een luchthavenrit € 165,00 rekent en dat een kleine rit € 32,09 per keer oplevert en dat het zeer redelijk is om te veronderstellen dat zij door het handelen van Taxi Centrale Maastricht minstens 10 luchthavenritten en 15 kleine ritten per maand is misgelopen. Daarmee berekent zij haar schade wegens gemiste inkomsten op € 2.131,35 per maand. [eiseres] heeft daarnaast een verklaring van haar accountant overgelegd waarin staat dat in het jaar 2024 11,12 % minder omzet is behaald dan in 2023. 4.13. Taxi Centrale Maastricht heeft op deze (nadere) onderbouwing van [eiseres] niet meer gereageerd. 4.14. De rechtbank stelt voorop dat het handelen van Taxi Centrale Maastricht erop was gericht om klanten, die online zochten naar [handelsnaam] , door te linken naar haar eigen website, waarop soortgelijke diensten werden aangeboden. Het doel van Taxi Centrale Maastricht was dus evident om klanten van [eiseres] af te nemen. Dat het gevolg daarvan is dat [eiseres] die klanten (en de bijbehorende omzet) dus misloopt, acht de rechtbank dan ook evident. De berekening van [eiseres] van het aantal gemiste klanten en bijbehorende omzet acht de rechtbank niet op voorhand onaannemelijk. Het had op de weg van Taxi Centrale Maastricht om die berekening voldoende gemotiveerd te betwisten, maar dat heeft zij niet gedaan. Nu [eiseres] haar vordering ook nog eens heeft beperkt tot een bedrag € 7.500,00, zal de rechtbank dit bedrag toewijzen. Taxi Centrale Maastricht moet de domeinnaam [domeinnaam 2] aan [eiseres] overdragen. 4.15. [eiseres] heeft ook gevorderd dat Taxi Centrale Maastricht de domeinnaam [domeinnaam 2] aan haar overdraagt. Door Taxi Centrale Maastricht is tegen deze vordering geen verweer gevoerd. Dat neemt niet weg dat de rechtbank zal moeten nagaan of er een juridische grondslag is waarop deze vordering kan worden toegewezen. 4.16. Het recht op een domeinnaam is niet wettelijk geregeld. Tot uitgangspunt dient dat degene die zich als domeinnaamhouder heeft laten registeren, alleen gedwongen kan worden de domeinnaam aan een ander over te dragen als hij daartoe rechtens verplicht is. Die plicht kan berusten op een overeenkomst of hieruit voortvloeien dat registratie of gebruik van de domeinnaam jegens die ander onrechtmatig is, zoals wanneer daardoor inbreuk wordt gemaakt op een merkrecht van die ander. 4.17.
Volledig
Zij is wel uitgenodigd voor de mondelinge behandeling, maar is daar niet verschenen. Taxi Centrale Maastricht heeft dan ook diverse stellingen onweersproken gelaten. Dit blijft voor haar eigen risico. Inhoudelijke beoordeling Taxi Centrale Maastricht heeft inbreuk gemaakt op het merkrecht en het recht op de handelsnaam van [eiseres] 4.2. Tussen partijen is niet in geschil dat [eiseres] gerechtigd is om de handelsnaam [handelsnaam] te voeren en dat de eenmanszaak met deze handelsnaam al vanaf 22 maart 2005 staat ingeschreven in de Kamer van Koophandel. Ook staat vast dat [eiseres] rechthebbende is op het woordbeeldmerk [handelsnaam] . Daarnaast staat vast dat Taxi Centrale Maastricht op 4 juni 2018 de domeinnaam [domeinnaam 2] heeft geregistreerd bij de Stichting Internet Domeinregistratie Nederland (SIDN). Blijkens de gegevens uit het register van ISDN zijn er op 2 maart 2023 voor het laatst wijzigingen aan de website aangebracht. 4.3. In de conclusie van antwoord heeft Taxi Centrale Maastricht aangevoerd dat het enkel beschikken over een domeinnaam niet voor verwarring zorgt bij het publiek. Taxi Centrale Maastricht gaat er met dat verweer aan voorbij dat [eiseres] niet alleen stelt dat Taxi Centrale Maastricht beschikt over de domeinnaam, maar deze ook gebruikt, of in ieder geval heeft gebruikt . Zij heeft een e-mail overgelegd van 2 maart 2024, waarin zij door “ [naam] ” erop werd gewezen dat bij het invoeren van de domeinnaam [domeinnaam 2] werd doorgelinkt naar de website van Taxi Centrale Maastricht. [eiseres] heeft ook een USB-stick met een filmpje van 8 maart 2024 overgelegd waarop te zien is dat bij het intikken van de domeinnaam [domeinnaam 2] de gebruiker automatisch wordt doorgelinkt naar de website van Airport Service Limburg, in gebruik bij Taxi Centrale Maastricht. Daarmee heeft [eiseres] voldoende onderbouwd dat Taxi Centrale Maastricht deze domeinnaam niet alleen heeft geregistreerd, maar ook heeft gebruikt. [eiseres] heeft gesteld dat dit gebruik op 16 september 2024 is gestaakt. Nu Taxi Centrale Maastricht geen andere (eerdere) datum heeft gesteld waarop dit gebruik is gestaakt, gaat de rechtbank ervan uit dat Taxi Centrale Maastricht in ieder geval in de periode 2 maart 2024 tot 16 september 2024 gebruik heeft gemaakt van de handelsnaam en het merk [handelsnaam] . 4.4. [eiseres] heeft ook nog aangevoerd dat Taxi Centrale Maastricht het teken [beeldmerk] gebruikt als metatag en keyword bij Google om bezoekers naar haar website te lokken. Dit is niet door Taxi Centrale Maastricht betwist. Ook deze handelwijze beschouwt de rechtbank als het “gebruik in het commerciële verkeer” van het merk en handelsnaam van [eiseres] . 4.5. Door Taxi Centrale Maastricht is niet weersproken dat het gebruik maken in het commerciële verkeer van de tekens “ [handelsnaam] ” (al dan niet aan elkaar geschreven) voor verwarring kan zorgen bij het publiek. Ook naar het oordeel van de rechtbank is dat evident. Daarmee staat vast dat Taxi Centrale Maastricht inbreuk heeft gemaakt op het merkenrecht van [eiseres] , als bedoeld in artikel 2.20 lid 2 onder b en d van het Benelux Verdrag Inzake de Intellectuele Eigendom (BVIE). [eiseres] is ingevolge dit artikel bevoegd hiertegen op te treden. Ook heeft Taxi Centrale Maastricht door zo te handelen inbreuk gemaakt op het recht op de handelsnaam [handelsnaam] . 4.6. Taxi Centrale Maastricht heeft als verweer gevoerd dat [eiseres] op haar beurt ook een domeinnaam heeft geregistreerd die veel lijkt op de door haar gebruikte domeinnaam en dat daardoor ook verwarring ontstaat. Dit verweer kan Taxi Centrale Maastricht in deze procedure echter niet baten. Als er al sprake is van inbreuken door [eiseres] op de rechten van Taxi Centrale Maastricht ( [eiseres] heeft dit betwist), dan dient Taxi Centrale Maastricht daar zelf tegen op te treden, hetgeen zij niet heeft gedaan. Bovendien verschaft zulks Taxi Centrale Maastricht uiteraard geen vrijbrief om zelf inbreukmakend te handelen. Het bevel tot staken van het inbreukmakend handelen wordt toegewezen 4.7. Nu vast staat Taxi Centrale Maastricht inbreuk heeft gemaakt op de rechten van [eiseres] , staat ook vast dat zij belang heeft bij een bevel om dit inbreukmakend handelen te staken en gestaakt te houden. Dit bevel zal dan ook worden gegeven. Ook zal zoals gevorderd aan dit bevel een dwangsom worden gekoppeld. De rechtbank ziet wel aanleiding deze dwangsom te matigen. Zij zal deze dwangsom maximeren op een bedrag van € 50.000,00. Taxi Centrale Maastricht moet aan [eiseres] schadevergoeding betalen 4.8. Het inbreuk maken op andermans (merk)recht is te kwalificeren als een onrechtmatige daad. Op grond van het bepaalde in artikel 6:162 BW is Taxi Centrale Maastricht dan ook gehouden om de schade die [eiseres] door dit onrechtmatige handelen heeft geleden, te vergoeden. 4.9. Hiervoor is reeds overwogen dat de periode waarin het inbreukmakend gebruik heeft plaatsgevonden – bij gebreke van betwisting door Taxi Centrale Maastricht – wordt vastgesteld op 2 maart 2024 tot en met 16 september 2024. 4.10. [eiseres] heeft gesteld dat deze schade bestaat uit verlies van klanten en omzet. In de dagvaarding vorderde [eiseres] nog een bedrag van € 24.999,00 aan schadevergoeding. Nadat zij haar eis heeft gewijzigd, wordt nog € 7.500,00 gevorderd. 4.11. Taxi Centrale Maastricht heeft aangevoerd dat [eiseres] geen enkel bewijs heeft aangeleverd waarop de gemiste inkomsten zijn gebaseerd. 4.12. In de akte wijziging van eis heeft [eiseres] gesteld dat het aantal taxiritten het volgende verloop laat zien: 2/3/2022 – 2/3/2023 = 26137 ritten 2/3/2023-2/3/2024 = 19899 ritten [eiseres] heeft gesteld dat zij voor een luchthavenrit € 165,00 rekent en dat een kleine rit € 32,09 per keer oplevert en dat het zeer redelijk is om te veronderstellen dat zij door het handelen van Taxi Centrale Maastricht minstens 10 luchthavenritten en 15 kleine ritten per maand is misgelopen. Daarmee berekent zij haar schade wegens gemiste inkomsten op € 2.131,35 per maand. [eiseres] heeft daarnaast een verklaring van haar accountant overgelegd waarin staat dat in het jaar 2024 11,12 % minder omzet is behaald dan in 2023. 4.13. Taxi Centrale Maastricht heeft op deze (nadere) onderbouwing van [eiseres] niet meer gereageerd. 4.14. De rechtbank stelt voorop dat het handelen van Taxi Centrale Maastricht erop was gericht om klanten, die online zochten naar [handelsnaam] , door te linken naar haar eigen website, waarop soortgelijke diensten werden aangeboden. Het doel van Taxi Centrale Maastricht was dus evident om klanten van [eiseres] af te nemen. Dat het gevolg daarvan is dat [eiseres] die klanten (en de bijbehorende omzet) dus misloopt, acht de rechtbank dan ook evident. De berekening van [eiseres] van het aantal gemiste klanten en bijbehorende omzet acht de rechtbank niet op voorhand onaannemelijk. Het had op de weg van Taxi Centrale Maastricht om die berekening voldoende gemotiveerd te betwisten, maar dat heeft zij niet gedaan. Nu [eiseres] haar vordering ook nog eens heeft beperkt tot een bedrag € 7.500,00, zal de rechtbank dit bedrag toewijzen. Taxi Centrale Maastricht moet de domeinnaam [domeinnaam 2] aan [eiseres] overdragen. 4.15. [eiseres] heeft ook gevorderd dat Taxi Centrale Maastricht de domeinnaam [domeinnaam 2] aan haar overdraagt. Door Taxi Centrale Maastricht is tegen deze vordering geen verweer gevoerd. Dat neemt niet weg dat de rechtbank zal moeten nagaan of er een juridische grondslag is waarop deze vordering kan worden toegewezen. 4.16. Het recht op een domeinnaam is niet wettelijk geregeld. Tot uitgangspunt dient dat degene die zich als domeinnaamhouder heeft laten registeren, alleen gedwongen kan worden de domeinnaam aan een ander over te dragen als hij daartoe rechtens verplicht is. Die plicht kan berusten op een overeenkomst of hieruit voortvloeien dat registratie of gebruik van de domeinnaam jegens die ander onrechtmatig is, zoals wanneer daardoor inbreuk wordt gemaakt op een merkrecht van die ander. 4.17.