Rechtspraak Rechtbank Limburg 2025-10-29
ECLI:NL:RBLIM:2025:12767
RECHTBANK Limburg Civiel recht Zittingsplaats Maastricht Zaaknummer: C/03/331728 / HA ZA 24-280 Vonnis van 29 oktober 2025 in de zaak van de rechtspersoon naar buitenlands recht COOPERA FINANZIERUNGEN DEUTSCHLAND GMBH , te Neuenbürg, Duitsland, eisende partij, hierna te noemen: CoOpera, advocaat: mr. L.M. Bischof, tegen 1 [gedaagde sub 1] , te [woonplaats] ,2. CLEVER FIT NETHERLANDS B.V. , te Heerlen, gedaagde partijen, hierna samen te noemen: [gedaagden] en afzonderlijk [gedaagde sub 1] en Clever Fit Netherlands, advocaat: mr. U. Acker. 1 De procedure 1.1. Het verdere verloop van de procedure blijkt uit: - het incidenteel vonnis van 23 oktober 2024- de conclusie van antwoord- de producties 21 en 22 van CoOpera - de mondelinge behandeling op 21 augustus 2025 en het daarvan opgemaakt proces-verbaal, - de bij gelegenheid van de mondelinge behandeling door mr. Acker voorgedragen spreekaantekeningen, - het tijdens de mondelinge behandeling door mr. Bischof overgelegde e-mailbericht met bijlagen van 20 november 2024, - het e-mailbericht van mr. Bischof van 8 september 2025, - de brief van de griffier aan partijen van 17 september 2025. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2 De feiten 2.1. CoOpera is een rechtspersoon naar Duits recht, welke onder meer is gespecialiseerd in de aankoop, leasing en verkoop van roerende activa en de bemiddeling bij lease- en huurkoopovereenkomsten. 2.2. [gedaagde sub 1] exploiteert in Duitsland meerdere fitnessstudio’s binnen de Clever Fit franchiseformule. In Nederland is hij in 2018 gestart met een fitnesstudio in het Maankwartier in Heerlen. Daartoe heeft hij Clever Fit Netherlands en het bij vonnis van 11 oktober 2023 failliet verklaarde Cf Fitness Heerlen B.V. (hierna: Cf Fitness Heerlen) opgericht. Clever Fit Netherlands is enig aandeelhouder van Cf Fitness Heerlen en [gedaagde sub 1] is bestuurder van beide vennootschappen. 2.3. De inrichting van de studio in Heerlen werd gefinancierd middels leaseovereenkomsten. Aanvankelijk zijn daartoe tussen de rechtsvoorganger van CoOpera – Phytagorent – en Cf Fitness Heerlen meerdere overeenkomsten met betrekking tot de lease van fitnessapparaten gesloten. Deze zijn op 30 juli 2021 vervangen door één tussen CoOpera en Cf Fitness Heerlen gesloten leaseovereenkomst. 2.4. CoOpera heeft bij brief van haar raadsman van 27 juli 2023 aan Cf Fitness Heerlen medegedeeld dat tot revindicatie van de geleasete zaken zal worden overgegaan indien Cf Fitness Heerlen geen gebruik maakt van een aanbod tot koop van die zaken. Als reden hiervoor wordt genoemd dat, ondanks sommaties, een flink bedrag van de verschuldigde leasetermijnen open staat, alsmede het feit dat CoOpera – zoals eerder medegedeeld – haar leasing-activiteiten wenst te beëindigen per 31 juli 2023. CoOpera stelt Cf Fitness Heerlen bij die brief aansprakelijk voor door haar in deze kwestie geleden en te lijden schade, onder meer wegens nog openstaande posten uit hoofde van de voornoemde leaseovereenkomst. 2.5. Partijen hebben vervolgens gecorrespondeerd over een regeling, maar CoOpera heeft tevens haar aansprakelijkstelling gehandhaafd en per schrijven d.d. 21 september 2023 nader uitgewerkt. 2.6. Cf Fitness Heerlen is, op basis van een eigen verzoek, op 10 oktober 2023 door deze rechtbank in staat van faillissement verklaard. 2.7. CoOpera heeft naar aanleiding van dit faillissement contact gezocht met de door de rechtbank in het faillissement benoemde curator, teneinde te inventariseren of de aan haar toebehorende zaken – de leaseapparaten – nog bij Cf Fitness Heerlen aanwezig waren en wat de actuele toestand hiervan was. Samen met de curator zijn vertegenwoordigers van CoOpera daartoe op 31 oktober 2023 op de locatie van Cf Fitness Heerlen geweest. 2.8. Vervolgens heeft CoOpera zich op het standpunt gesteld dat bij de bezichtiging is geconstateerd dat diverse apparatuur niet meer aanwezig was dan wel beschadigingen heeft. Hiervoor heeft zij [gedaagde sub 1] als bestuurder persoonlijk aansprakelijk gesteld e Bij de mondelinge behandeling is door CoOpera ter onderbouwing van haar stelling dat van dit laatste sprake is, aangevoerd dat [gedaagde sub 1] bij het aangaan van de leaseovereenkomst in 2021 wist waartoe hij zich verbond, maar dat hij ook wist dat Cf Fitness Heerlen in zwaar vaarwater terecht kwam. Kennelijk is haar stelling dat [gedaagde sub 1] bij het aangaan van de leaseovereenkomst in 2021 wist dat Cf Fitness Heerlen deze niet zou kunnen nakomen en geen verhaal zou bieden. 3.5. [gedaagden] hebben gemotiveerd betwist dat het [gedaagde sub 1] bij het sluiten van de leasingsovereenkomst duidelijk was dat Cf Fitness Heerlen de verplichtingen niet na zou kunnen komen alsook dat CoOpera wist welke risico’s aan verdere financiering van Cf Fitness Heerlen waren verbonden, stellende dat:- met het intreden van de coronacrisis in 2020 en de gedwongen sluiting van de sportschool als gevolg daarvan, de betaling van veel lidmaatschapsgelden wegviel en Cf Fitness Heerlen in betalingsproblemen kwam,- op enig moment tussen partijen de mogelijkheden zijn onderzocht om de situatie op te lossen,- het resultaat van die bespreking het oversluiten van de bestaande leaseovereenkomsten in een nieuwe leaseovereenkomst was,- daarbij een hoger leasebedrag werd opgenomen dan het totaal van de tot dan toe verstrekte financieringen, vanwege de achterstand in de betalingen en de daarover verschuldigde rente,- bij het aangaan van de leaseovereenkomst in 2021 de hoop was dat, vanwege het schijnbare einde van de coronapandemie en daarbij horende maatregelen, de moeilijke tijden voor Cf Fitness Heerlen ten einde kwamen en dat er in de toekomst wel een succesvolle exploitatie mogelijk was,- CoOpera bij het sluiten van leaseovereenkomst op de hoogte was van de bedrijfsgegevens van Cf Fitness Heerlen en was ingelicht over de uitdagingen en problemen waarmee Cf Fitness Heerlen te kampen had,- het tekenen van de leaseovereenkomst gebeurde tegen de achtergrond van de voordien bestaande leaseovereenkomsten en de betalingsproblemen die er waren geweest, zodat CoOpera wist van het risico dat zij nam maar dat zij dat verkoos boven een zeker verlies bij een faillissement op dat moment,- na het sluiten van de leaseovereenkomst in 2021 het toch niet gelukt is de inkomsten van Cf Fitness Heerlen stabiel te krijgen vanwege (o.a.) nieuwe coronamaatregelen en zelfs een lock-down in december 2021, problemen met de locatie (gelegen in het Maankwartier, ten aanzien waarvan de belofte van een hoge bezettingsgraad en bijkomende aantrekkingskracht niet bewaarheid werd), problemen met het onderhoud van het gehuurde (met verstoringen in de bedrijfsvoering en zelf tijdelijke sluiting als gevolg) en een gebrekkig ontworpen klimaatsysteem van het gehuurde (met hoge naheffingen voor energie als gevolg),- daardoor weer betalingsachterstanden op de lease-overeenkomst ontstonden,- Cf Fitness Heerlen CoOpera ook in deze periode heeft geïnformeerd over haar financiële positie, de onderhandelingen met de verhuurder en de markt/commerciële situatie (zie productie 4 [gedaagden] en productie 5 CoOpera),- partijen vanwege de betalingsproblemen opnieuw in gesprek zijn gegaan (productie 6 [gedaagden] )- in mei 2023 de mogelijkheid van een faillissement van Cf Fitness Heerlen met CoOpera is besproken, - de energieleverancier weigerde iets te doen aan de hoge naheffingen en de energievoorziening heeft gestaakt per 7 september 2023,- de sportstudio daarna niet meer open kon,- al deze omstandigheden hebben geleid tot het besluit om het eigen faillissement aan te vragen, om te voorkomen dat er nog meer schulden zouden ontstaan,- onder de vlag van de leaseovereenkomst uit 2021 nog € 134.606,28 aan CoOpera is betaald. 3.6. CoOpera is op de hiervoor aangehaalde stellingen van [gedaagden] niet meer concreet ingegaan. Zij heeft wel gesteld dat er door [gedaagde sub 1] niet naar oplossingen is gekeken voor het faillissement, hij niet bereikbaar was na het faillissement en dat het faillissement is aangevraag Uit diens verklaring haalt zij een aantal volgens haar zeer opmerkelijke gebeurtenissen aan: “- hij is zowel op 3 alsmede 8 september 2023 in de sportschool geweest, waarbij hij heeft vastgesteld dat in de periode tussen voornoemde dagen diverse apparatuur was weggehaald, waar(van) hij tevens foto’s aan zijn verklaring heeft toegevoegd; - op 8 september 2023 ontvingen de leden van de sportschool, een mededeling dat de sportschool gaat sluiten; Op 14 september 2023 was dhr. [gedaagde sub 1] in ieder geval nog aanwezig op locatie. Dhr. [gedaagde sub 1] is op die dag met andere Duitssprekende personen op locatie geweest. Daarbij heeft hij opgemerkt, althans suggereerde hij volgens [naam 1] , dat indien een doorstart niet zou lukken, hij de BV failliet zou laten verklaren en uit Nederland zou vertrekken; - door [naam 1] wordt expliciet een andere mogelijke getuige benoemd, genaamd [naam 2] . Deze mevrouw zou getuige zijn geweest van het verwijderen van de fitnessapparatuur; - [naam 1] beschrijft het weghalen van zonnebanken van de locatie, vastgelegd op foto 11, nota bene door een vrachtwagen met een Duits reclamebord. 3.14. De aangehaalde verklaring van dhr. [naam 1] biedt naar het oordeel van de rechtbank echter geen enkele basis voor de gestelde betrokkenheid van [gedaagde sub 1] . Uit die verklaring blijkt niets dat [gedaagde sub 1] in verband zou kunnen brengen met het wegnemen van zaken waarvan CoOpera nu stelt dat deze zijn verdwenen. Wel wordt door zowel [naam 1] als CoOpera – in de dagvaarding en ter zitting – nadrukkelijk verwezen naar het weghalen van zonnebanken ‘ nota bene door een vrachtwagen met een Duits reclamebord ’, maar vaststaat dat CoOpera geen zonnebanken in lease heeft gegeven en [gedaagde sub 1] heeft onweersproken gesteld dat het gehuurde zonnebanken waren die door de (Duitse) verhuurder werden opgehaald. 3.15. CoOpera stelt daarnaast dat zij heeft vernomen dat de apparatuur zeer waarschijnlijk binnen andere fitnesscentra in Duitsland wordt gebruikt/aan deze is doorverkocht. Dienaangaande verwijst zij naar een voorafgaand aan de mondelinge behandeling als productie 21 overgelegde verklaring per e-mail van de echtgenote van [gedaagde sub 1] , met wie hij in een echtscheidingsprocedure verwikkeld is. In die verklaring staat – kort gezegd – dat zij op 6 november 2024 gemaakte foto’s overlegt van fitnessapparatuur die zich bevindt in een opslagplaats in Ennepetal (Duitsland) en dat andere apparatuur te vinden zal zijn in andere door [gedaagde sub 1] geëxploiteerde sportscholen in Duitsland. 3.16. [gedaagde sub 1] heeft deze verklaring gemotiveerd weersproken. Bij de mondelinge behandeling is verklaard dat [gedaagde sub 1] in Duitsland zeven sportscholen heeft die identiek zijn ingericht. Hij heeft ook een opslagplaats in Ennepetal. Daar worden spullen uit de sportscholen gerepareerd. Nadat de op 6 november 2024 door mevrouw [gedaagde sub 1] gemaakte foto’s ter zitting zijn overgelegd, heeft [gedaagde sub 1] verklaard dat daarop de opslagplaats in Ennepetal zichtbaar is en dat de zich daar bevindende zaken die op de foto’s zichtbaar zijn niet afkomstig zijn uit de sportschool in Heerlen. Op foto 1 is volgens [gedaagde sub 1] een powerplate zichtbaar, afkomstig van een andere sportschool van [gedaagden] Op foto 3 zijn volgens [gedaagde sub 1] hele oude gewichten uit de oude sportschool in Ennepetal te zien. In de sportschool in Heerlen hebben ze een ander soort gewichten, aldus [gedaagde sub 1] . 3.17. CoOpera is op het verweer van [gedaagde sub 1] niet meer ingegaan, zodat aan de hand van de door CoOpera overgelegde foto’s niet kan worden aangenomen dat de daarop zichtbare apparatuur afkomstig is van Cf Fitness Heerlen. De onderbouwing van de stellingen van CoOpera berust dan slechts op de niet nader onderbouwde beschuldiging van de echtgenote van [gedaagde sub 1] , die klaarblijkelijk op slechte voet met [gedaagde sub 1] staat en – belangrijker nog – geen concrete aanwijzingen bevat voor enige betrokkenheid