Rechtspraak
Rechtbank Limburg
2025-02-04
ECLI:NL:RBLIM:2025:10157
Civiel recht
Beschikking
2,163 tokens
Inleiding
RECHTBANK LIMBURG
Toezicht
Locatie Roermond
toezichtnummer
:
NL:TZ:0000306709:B001
CBM-nummer
:
BM389985
beschikkingsnummer
:
001
datum
:
4 februari 2025
Beschikking van de kantonrechter
op verzoek van:
Stichting Bewindvoering Cliëntengelden,Postbus 395, 6130 AJ Sittard,Kamer van Koophandel-nummer 41067959,
hierna te noemen: verzoeker,
met betrekking tot:
[betrokkene] ,geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1975,wonende te [adres] , [woonplaats] ,hierna te noemen: betrokkene.
Procedure
De kantonrechter heeft kennisgenomen van het verzoek (met bijlagen), ontvangen op 7 januari 2025.
De kantonrechter heeft op grond van de ontvangen informatie afgezien van een mondelinge behandeling.
Beoordeling
Het verzoek strekt tot het verlenen van een machtiging om namens de betrokkene de nalatenschap van [erflater] onder het voorrecht van boedelbeschrijving te aanvaarden (beneficiaire aanvaarding).
Verzoeker licht het verzoek als volgt toe:“Client is enig erfgenaam van overleden vader. Er is sprake van een tweetrapsmaking. Notaris gaf aan dat we goedkeuring voor de beneficiaire aanvaarding van deze erfenis dienen aan te vragen, omdat het onder last/voorwaarde van tweetrapsmaking is. Graag ontvangen we alsnog deze goedkeuring. ”
Voor het aanvaarden van een nalatenschap onder het voorrecht van boedelbeschrijving (beneficiaire aanvaarding, artikel 1:441 lid 5 BW) is geen machtiging van de kantonrechter vereist. De vraag is dan of de tweetrapsmaking betekent dat toch machtiging moet worden gevraagd op basis van artikel 1:441 lid 1 aanhef en onder c BW, dat bepaalt dat (als rechthebbende niet in staat of weigerachtig is toestemming te verlenen) machtiging van de kantonrechter nodig is om een making of gift waaraan lasten of voorwaarden zijn verbonden aan te nemen. De vraag is of een erfstelling als de onderhavige een making is als hiervoor bedoeld. De wet is hierin niet eenduidig. In sommige wetsartikelen wordt met ‘making’ gedoeld op legaten én erfstellingen, terwijl in andere wetsartikelen met ‘making’ enkel legaten wordt bedoeld.
De kantonrechter oordeelt dat erfstellingen niet vallen onder artikel 1:441 lid 2 aanhef en onder c BW en dat de daar genoemde ‘making’ dus enkel ziet op legaten. Een andere uitkomst zou zich niet verhouden met artikel 1:441 lid 5 BW, en ook niet met de automatische beneficiaire aanvaarding van artikel 4:193 lid 2 BW. Dit alles betekent dat geen machtiging van de kantonrechter nodig is. De kantonrechter zal de bewindvoerder daarom in haar verzoek niet-ontvankelijk verklaren.
Dictum
De kantonrechter
- verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in haar verzoek.
Deze beschikking is gegeven door mr. G.M. Drenth, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 4 februari 2025.
Tegen deze beschikking kan -uitsluitend door tussenkomst van een advocaat- hoger beroep worden ingesteld bij het Gerechtshof 's-Hertogenbosch:a. door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van deze beschikking (digitaal) is verstrekt of verzonden binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;b. door andere belanghebbenden binnen drie maanden na betekening daarvan of nadat deze beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.
Volledig
ECLI:NL:RBLIM:2025:10157 text/xml public 2026-03-13T11:05:30 2025-10-17 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Limburg 2025-02-04 NL:TZ:0000306709:B001; BM389985 Uitspraak Beschikking NL Roermond Civiel recht Rechtspraak.nl JERF Actueel 2025/438 ERF-Updates.nl 2025-0537 VEAN-ERF-Updates.nl 2025-0537 JERF 2026/17 met annotatie van mr. dr. R.E. Brinkman http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2025:10157 text/html public 2025-10-17T09:14:10 2025-10-17 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBLIM:2025:10157 Rechtbank Limburg , 04-02-2025 / NL:TZ:0000306709:B001; BM389985 CBM, machtigingsverzoek beneficiaire aanvaarding van een nalatenschap met een testament met tweetrapsmaking. De kantonrechter beslist dat een tweetrapsmaking geen making of gift is waaraan lasten of voorwaarden zijn verbonden als bedoeld in artikel 1:441 lid 2 aanhef en onder b BW. RECHTBANK LIMBURG Toezicht Locatie Roermond toezichtnummer : NL:TZ:0000306709:B001 CBM-nummer : BM389985 beschikkingsnummer : 001 datum : 4 februari 2025 Beschikking van de kantonrechter op verzoek van: Stichting Bewindvoering Cliëntengelden, Postbus 395, 6130 AJ Sittard, Kamer van Koophandel-nummer 41067959, hierna te noemen: verzoeker, met betrekking tot: [betrokkene] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1975, wonende te [adres] , [woonplaats] , hierna te noemen: betrokkene. Procedure De kantonrechter heeft kennisgenomen van het verzoek (met bijlagen), ontvangen op 7 januari 2025. De kantonrechter heeft op grond van de ontvangen informatie afgezien van een mondelinge behandeling. Beoordeling Het verzoek strekt tot het verlenen van een machtiging om namens de betrokkene de nalatenschap van [erflater] onder het voorrecht van boedelbeschrijving te aanvaarden (beneficiaire aanvaarding). Verzoeker licht het verzoek als volgt toe: “Client is enig erfgenaam van overleden vader. Er is sprake van een tweetrapsmaking. Notaris gaf aan dat we goedkeuring voor de beneficiaire aanvaarding van deze erfenis dienen aan te vragen, omdat het onder last/voorwaarde van tweetrapsmaking is. Graag ontvangen we alsnog deze goedkeuring. ” Voor het aanvaarden van een nalatenschap onder het voorrecht van boedelbeschrijving (beneficiaire aanvaarding, artikel 1:441 lid 5 BW) is geen machtiging van de kantonrechter vereist. De vraag is dan of de tweetrapsmaking betekent dat toch machtiging moet worden gevraagd op basis van artikel 1:441 lid 1 aanhef en onder c BW, dat bepaalt dat (als rechthebbende niet in staat of weigerachtig is toestemming te verlenen) machtiging van de kantonrechter nodig is om een making of gift waaraan lasten of voorwaarden zijn verbonden aan te nemen. De vraag is of een erfstelling als de onderhavige een making is als hiervoor bedoeld. De wet is hierin niet eenduidig. In sommige wetsartikelen wordt met ‘making’ gedoeld op legaten én erfstellingen, terwijl in andere wetsartikelen met ‘making’ enkel legaten wordt bedoeld. De kantonrechter oordeelt dat erfstellingen niet vallen onder artikel 1:441 lid 2 aanhef en onder c BW en dat de daar genoemde ‘making’ dus enkel ziet op legaten. Een andere uitkomst zou zich niet verhouden met artikel 1:441 lid 5 BW, en ook niet met de automatische beneficiaire aanvaarding van artikel 4:193 lid 2 BW. Dit alles betekent dat geen machtiging van de kantonrechter nodig is. De kantonrechter zal de bewindvoerder daarom in haar verzoek niet-ontvankelijk verklaren. Beslissing De kantonrechter - verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in haar verzoek. Deze beschikking is gegeven door mr. G.M. Drenth, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 4 februari 2025. Tegen deze beschikking kan -uitsluitend door tussenkomst van een advocaat- hoger beroep worden ingesteld bij het Gerechtshof 's-Hertogenbosch: a. door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van deze beschikking (digitaal) is verstrekt of verzonden binnen drie maanden na de dag van de uitspraak; b. door andere belanghebbenden binnen drie maanden na betekening daarvan of nadat deze beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.