Rechtspraak
Rechtbank Limburg
2024-07-24
ECLI:NL:RBLIM:2024:4921
Civiel recht
Eerste aanleg - enkelvoudig
3,266 tokens
Inleiding
RECHTBANK
LIMBURG
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Maastricht
Zaaknummer: 10971068 \ CV EXPL 24-1193
Vonnis van 24 juli 2024
in de zaak van
de naamloze vennootschap
ZILVEREN KRUIS ZORGVERZEKERINGEN N.V.,
gevestigd te Leiden,
eisende partij,
hierna te noemen: Zilveren Kruis,
gemachtigde: Landelijke Associatie Van Gerechtsdeurwaarders B.V.,
tegen
[gedaagde]
,
wonende op een geheim adres in de gemeente [gemeente] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
gemachtigde: mr. D.M. Gijzen.
Procesverloop
1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding - de conclusie van antwoord - het verzoek doorhaling van Zilveren Kruis - de akte ter rolle van [gedaagde] .
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.
Geschil
2.1.
Zilveren Kruis vordert - samengevat - veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 1.044,02, vermeerderd met rente en kosten.
2.2.
Ter onderbouwing van haar vordering voert Zilveren Kruis (samengevat) het volgende aan.
Zilveren Kruis heeft op grond van een met [gedaagde] gesloten zorgverzekeringsovereenkomst bedragen bij [gedaagde] in rekening gebracht.
[gedaagde] heeft een totale achterstand van € 785,93 laten ontstaan, aldus Zilveren Kruis. Daarnaast is [gedaagde] aan haar de wettelijke rente verschuldigd. Zilveren Kruis berekent de wettelijke rente tot 7 februari 2024 op € 115,44. Voorts stelt zij dat [gedaagde] aan haar een vergoeding van € 142,65 voor buitengerechtelijke kosten inclusief btw verschuldigd is.
2.3.
[gedaagde] voert verweer. Zij betoogt dat de vordering is verjaard. [gedaagde] concludeert tot niet-ontvankelijkheid van Zilveren Kruis, dan wel tot afwijzing van de vorderingen van Zilveren Kruis, met uitvoerbaar bij voorraad te verklaren en veroordeling van Zilveren Kruis in de kosten van deze procedure.
2.4.
Zilveren Kruis heeft hierna om haar moverende redenen verzocht de zaak door te halen op de rol.
2.5.
Naar aanleiding van het royementsverzoek verzoekt [gedaagde] primair voor recht te verklaren dat de vorderingen van Zilveren Kruis zijn verjaard met veroordeling van Zilveren Kruis in de proceskosten en subsidiair kan zij instemmen met het royementsverzoek mits Zilveren Kruis wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten.
2.6.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.
Beoordeling
Mogelijke tegenvordering
3.1.
In haar akte ter rolle lijkt het erop dat [gedaagde] een tegenvordering instelt, waarbij zij primair verzoekt voor recht te verklaren dat de vorderingen van Zilveren Kruis zijn verjaard met veroordeling van Zilveren Kruis in de proceskosten,
3.2.
Voor zover het gestelde inderdaad zou moeten worden aangemerkt als een tegenvordering, komt deze op deze manier niet voor beoordeling in aanmerking. Artikel 137 Rv bepaalt dat een eis in reconventie, zoals een tegenvordering wordt genoemd, dadelijk bij het antwoord moet worden ingesteld. Wordt aan deze eis niet voldaan, dan volgt zo nodig ambtshalve niet-ontvankelijkverklaring.
Doorhaling
3.3.
De kantonrechter overweegt het volgende.
Op grond van het bepaalde in artikel 246 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) kan doorhaling op de rol slechts geschieden op verzoek van beide partijen. Nu partijen het niet eens zijn over de wijze waarop de procedure kan worden doorgehaald, is dit niet mogelijk.
3.4.
Uit het verzoek van Zilveren Kruis volgt dat zij haar vordering intrekt, zodat de vordering zal worden afgewezen.
Proceskosten
3.5.
Zilveren Kruis is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [gedaagde] worden begroot op:
- salaris gemachtigde
€
135,00
(1,00 punten × € 135,00)
- nakosten
€
67,50
(plus de kosten van betekening
zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
€
202,50
3.6.
De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.
Dictum
De kantonrechter
4.1.
wijst de vorderingen van Zilveren Kruis af,
4.2.
verklaart [gedaagde] , voor zover haar verzoek als een tegenvordering moet worden aangemerkt, daarin niet ontvankelijk,
4.3.
veroordeelt Zilveren Kruis in de proceskosten van € 202,50, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als Zilveren Kruis niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
4.4.
veroordeelt Zilveren Kruis tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,
4.5.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. P.H.M. Kuster en in het openbaar uitgesproken op 24 juli 2024.
type: JEC
Inleiding
RECHTBANK
LIMBURG
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Maastricht
Zaaknummer: 10971068 \ CV EXPL 24-1193
Vonnis van 24 juli 2024
in de zaak van
de naamloze vennootschap
ZILVEREN KRUIS ZORGVERZEKERINGEN N.V.,
gevestigd te Leiden,
eisende partij,
hierna te noemen: Zilveren Kruis,
gemachtigde: Landelijke Associatie Van Gerechtsdeurwaarders B.V.,
tegen
[gedaagde]
,
wonende op een geheim adres in de gemeente [gemeente] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
gemachtigde: mr. D.M. Gijzen.
Procesverloop
1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding - de conclusie van antwoord - het verzoek doorhaling van Zilveren Kruis - de akte ter rolle van [gedaagde] .
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.
Geschil
2.1.
Zilveren Kruis vordert - samengevat - veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 1.044,02, vermeerderd met rente en kosten.
2.2.
Ter onderbouwing van haar vordering voert Zilveren Kruis (samengevat) het volgende aan.
Zilveren Kruis heeft op grond van een met [gedaagde] gesloten zorgverzekeringsovereenkomst bedragen bij [gedaagde] in rekening gebracht.
[gedaagde] heeft een totale achterstand van € 785,93 laten ontstaan, aldus Zilveren Kruis. Daarnaast is [gedaagde] aan haar de wettelijke rente verschuldigd. Zilveren Kruis berekent de wettelijke rente tot 7 februari 2024 op € 115,44. Voorts stelt zij dat [gedaagde] aan haar een vergoeding van € 142,65 voor buitengerechtelijke kosten inclusief btw verschuldigd is.
2.3.
[gedaagde] voert verweer. Zij betoogt dat de vordering is verjaard. [gedaagde] concludeert tot niet-ontvankelijkheid van Zilveren Kruis, dan wel tot afwijzing van de vorderingen van Zilveren Kruis, met uitvoerbaar bij voorraad te verklaren en veroordeling van Zilveren Kruis in de kosten van deze procedure.
2.4.
Zilveren Kruis heeft hierna om haar moverende redenen verzocht de zaak door te halen op de rol.
2.5.
Naar aanleiding van het royementsverzoek verzoekt [gedaagde] primair voor recht te verklaren dat de vorderingen van Zilveren Kruis zijn verjaard met veroordeling van Zilveren Kruis in de proceskosten en subsidiair kan zij instemmen met het royementsverzoek mits Zilveren Kruis wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten.
2.6.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.
Beoordeling
Mogelijke tegenvordering
3.1.
In haar akte ter rolle lijkt het erop dat [gedaagde] een tegenvordering instelt, waarbij zij primair verzoekt voor recht te verklaren dat de vorderingen van Zilveren Kruis zijn verjaard met veroordeling van Zilveren Kruis in de proceskosten,
3.2.
Voor zover het gestelde inderdaad zou moeten worden aangemerkt als een tegenvordering, komt deze op deze manier niet voor beoordeling in aanmerking. Artikel 137 Rv bepaalt dat een eis in reconventie, zoals een tegenvordering wordt genoemd, dadelijk bij het antwoord moet worden ingesteld. Wordt aan deze eis niet voldaan, dan volgt zo nodig ambtshalve niet-ontvankelijkverklaring.
Doorhaling
3.3.
De kantonrechter overweegt het volgende.
Op grond van het bepaalde in artikel 246 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) kan doorhaling op de rol slechts geschieden op verzoek van beide partijen. Nu partijen het niet eens zijn over de wijze waarop de procedure kan worden doorgehaald, is dit niet mogelijk.
3.4.
Uit het verzoek van Zilveren Kruis volgt dat zij haar vordering intrekt, zodat de vordering zal worden afgewezen.
Proceskosten
3.5.
Zilveren Kruis is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [gedaagde] worden begroot op:
- salaris gemachtigde
€
135,00
(1,00 punten × € 135,00)
- nakosten
€
67,50
(plus de kosten van betekening
zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
€
202,50
3.6.
De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.
Dictum
De kantonrechter
4.1.
wijst de vorderingen van Zilveren Kruis af,
4.2.
verklaart [gedaagde] , voor zover haar verzoek als een tegenvordering moet worden aangemerkt, daarin niet ontvankelijk,
4.3.
veroordeelt Zilveren Kruis in de proceskosten van € 202,50, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als Zilveren Kruis niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
4.4.
veroordeelt Zilveren Kruis tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,
4.5.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. P.H.M. Kuster en in het openbaar uitgesproken op 24 juli 2024.
type: JEC