Rechtspraak
Rechtbank Gelderland
2026-05-07
ECLI:NL:RBGEL:2026:3709
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
4,069 tokens
Volledig
ECLI:NL:RBGEL:2026:3709 text/xml public 2026-05-11T17:00:24 2026-05-08 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Gelderland 2026-05-07 NL26.4763 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig NL Arnhem Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2026:3709 text/html public 2026-05-08T12:25:56 2026-05-11 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBGEL:2026:3709 Rechtbank Gelderland , 07-05-2026 / NL26.4763 Asiel; Moldavië; Transnistrië; lhbti; geloofwaardigheid seksuele gerichtheid in het midden gelaten; Informatiebericht 2022/102; onvoldoende zwaarwegend; beroep ongegrond. RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Arnhem Bestuursrecht zaaknummer: NL26.4763 uitspraak van de enkelvoudige kamer van 7 mei 2026 in de zaak tussen [eiseres], v-nummer: [nummer], eiseres (gemachtigde: mr. M.J.A. Rinkes), en de minister van Asiel en Migratie, (gemachtigde: mr. M.R. Stuart). Samenvatting 1. Deze uitspraak gaat over de afwijzing van de asielaanvraag van eiseres. Eiseres is het hier niet mee eens. Zij voert daartoe een aantal beroepsgronden aan. Aan de hand van deze beroepsgronden beoordeelt de rechtbank de afwijzing van de asielaanvraag. 1.1. De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat de afwijzing van de asielaanvraag in stand kan blijven. De minister mocht de geloofwaardigheid van de seksuele gerichtheid van eiseres in het midden laten en heeft zich terecht op het standpunt gesteld dat de problemen waar eiseres voor vreest onvoldoende zwaarwegend zijn. Hieronder legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft. Procesverloop 2. Eiseres heeft een aanvraag om verlening van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend. De minister heeft met het bestreden besluit van 20 januari 2026 deze aanvraag afgewezen als ongegrond. 2.1. Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit. 2.2. De rechtbank heeft het beroep op 25 maart 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiseres, de gemachtigde van eiseres en de gemachtigde van de minister. Beoordeling door de rechtbank Het asielrelaas 3. Eiseres is van Moldavische nationaliteit en is geboren op [geboortedag] 2007. Zij legt aan haar asielaanvraag het volgende ten grondslag. Eiseres is afkomstig uit Transnistrië, een enclave in Moldavië. Ze heeft Moldavië verlaten omdat zij lesbisch is. Eiseres kan niet terugkeren naar Moldavië, omdat de bevolking in Moldavië tegen de LHBTI-gemeenschap is. Het bestreden besluit 4. Het asielrelaas van eiseres bevat volgens de minister de volgende asielmotieven: - haar identiteit, nationaliteit en herkomst; - haar seksuele gerichtheid. De minister stelt zich op het standpunt dat de identiteit en nationaliteit van eiseres geloofwaardig zijn. Ook de herkomst van eiseres heeft de minister geloofwaardig geacht, in die zin dat de minister wel geloofwaardig acht dat zij uit Moldavië komt, maar niet dat zij uit Transnistrië komt. De geloofwaardigheid van haar seksuele gerichtheid laat de minister echter in het midden , omdat wat eiseres heeft verklaard hoe dan ook onvoldoende zwaarwegend is om aan te nemen dat eiseres verdragsvluchteling is of een reëel risico loopt op ernstige schade. De minister concludeert daarom dat de asielaanvraag ongegrond is. Mocht de minister de geloofwaardigheid van de seksuele gerichtheid van eiseres in het midden laten? 5. Eiseres betoogt dat de minister de geloofwaardigheid van haar seksuele gerichtheid ten onrechte in het midden heeft gelaten, en haar aanvraag heeft afgedaan op zwaarwegendheid. De zaak van eiseres leent zich daar niet voor. Volgens het informatiebericht waarin deze werkwijze is vastgelegd, is die werkwijze namelijk in eerste instantie bedoeld voor zaken waarin de asielmotieven niet-asielgerelateerd zijn. Daarnaast is sprake van één of meer van de in dat informatiebericht opgesomde gevallen waarin een zaak zich niet op voorhand leent voor afdoening op zwaarwegendheid. Verder wijst eiseres op twee uitspraken van deze rechtbank, zittingsplaats Rotterdam. 5.1. Deze beroepsgrond slaagt niet. De minister heeft zich terecht op het standpunt gesteld dat hij de geloofwaardigheid van de seksuele gerichtheid van eiseres in het midden mocht laten. Overwogen wordt dat de in het informatiebericht opgenomen opsomming van zaken waarvoor de werkwijze zich leent niet limitatief is. Hoewel de werkwijze in beginsel zal worden toegepast in de daar genoemde zaken, is het ook mogelijk dat de werkwijze wordt toegepast in andere soorten zaken. De werkwijze houdt namelijk alleen in dat de minister overgaat tot het beoordelen van de zwaarwegendheid, waarbij hij volledig uitgaat van de verklaringen van de vreemdeling. De minister doet in die zin dus een aanname in het voordeel van de vreemdeling. Mits de minister de verklaringen van de vreemdeling ook daadwerkelijk volgt bij de beoordeling van de zwaarwegendheid, staat het de minister vrij om dat te doen. Uit het bestreden besluit blijkt niet dat de minister de geloofwaardigheid van de verklaringen van eiseres alsnog in twijfel heeft getrokken. Tijdens de zitting heeft de gemachtigde van eiseres dat ook niet betwist. De door eiseres aangehaalde uitspraken maken de conclusie daarom ook niet anders. In die zaken betwiste de minister namelijk alsnog de geloofwaardigheid van bepaalde onderdelen van de asielmotieven. Heeft de minister zich terecht op het standpunt gesteld dat de problemen waar eiseres voor vreest onvoldoende zwaarwegend zijn? 6. Eiseres betoogt dat de minister haar problemen ten onrechte onvoldoende zwaarwegend vindt. Eiseres vreest dat zij bij terugkeer naar Moldavië wordt blootgesteld aan een situatie die in strijd is met het verbod op een onmenselijke behandeling en haar recht op respect voor haar privéleven. Zij zal niet zichzelf kunnen zijn en haar geaardheid niet naar buiten kunnen brengen of uiten. De positie van LHBTI’ers is niet alleen in Transnistrië slecht, maar ook in Moldavië, zodat eiseres ook daar geen hulp zal krijgen. Uit landeninformatie blijkt bovendien dat niet in zijn algemeenheid te stellen is dat eiseres zich in een ander deel van Moldavië kan vestigen. Er is namelijk sprake van een blokkade van Transnistrië door Moldavië en Oekraïne. Ook is er kort geleden wetgeving in werking getreden waarmee de Moldavische nationaliteit van mensen uit Transnistrië kan worden ingetrokken. De minister heeft dan ook onvoldoende gemotiveerd dat eiseres zich in een ander deel van Moldavië kan vestigen. Ook blijkt uit de verklaringen van eiseres dat zij zich niet eerder buiten Transnistrië heeft begeven. 6.1. Deze beroepsgrond slaagt niet. Allereerst heeft de minister zich terecht op het standpunt gesteld dat eiseres toegang heeft tot Moldavië, nu eiseres de Moldavische nationaliteit en een Moldavisch paspoort heeft. Daar komt bij dat de minister de herkomst van eiseres uit Transnistrië niet geloofwaardig heeft geacht, wat door eiseres in beroep niet is bestreden. Eiseres heeft dan ook niet aannemelijk gemaakt dat er voor haar een belemmering bestaat om naar het deel van Moldavië buiten Transnistrië te reizen. Bovendien heeft de minister zich terecht op het standpunt gesteld dat, ook als het wel aannemelijk zou zijn dat eiseres uit Transnistrië komt, zij toegang heeft tot het deel van Moldavië buiten Transnistrië. In de eerste plaats overweegt de rechtbank dat eiseres op dit moment simpelweg niet in Transnistrië is. De blokkade die Oekraïne en Moldavië hebben opgeworpen kan dan ook geen belemmering zijn voor eiseres om naar het deel van Moldavië buiten Transnistrië te reizen. Dat Moldavië de grenscontroles met Transnistrië heeft aangescherpt betekent ook niet dat Moldavische burgers Transnistrië niet kunnen verlaten om ergens anders in Moldavië te wonen. Uit een door eiseres aangehaald artikel blijkt dat mensen Transnistrië op dit moment ook daadwerkelijk verlaten. Verder gaat de wet over het intrekken van de Moldavische nationaliteit van Transnistriërs over een specifieke groep personen, namelijk mensen die betrokken zijn bij illegale gewapende groeperingen. Eiseres heeft niet verklaard tot een dergelijke groepering te behoren.
Volledig
ECLI:NL:RBGEL:2026:3709 text/xml public 2026-05-11T17:00:24 2026-05-08 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Gelderland 2026-05-07 NL26.4763 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig NL Arnhem Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2026:3709 text/html public 2026-05-08T12:25:56 2026-05-11 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBGEL:2026:3709 Rechtbank Gelderland , 07-05-2026 / NL26.4763 Asiel; Moldavië; Transnistrië; lhbti; geloofwaardigheid seksuele gerichtheid in het midden gelaten; Informatiebericht 2022/102; onvoldoende zwaarwegend; beroep ongegrond. RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Arnhem Bestuursrecht zaaknummer: NL26.4763 uitspraak van de enkelvoudige kamer van 7 mei 2026 in de zaak tussen [eiseres], v-nummer: [nummer], eiseres (gemachtigde: mr. M.J.A. Rinkes), en de minister van Asiel en Migratie, (gemachtigde: mr. M.R. Stuart). Samenvatting 1. Deze uitspraak gaat over de afwijzing van de asielaanvraag van eiseres. Eiseres is het hier niet mee eens. Zij voert daartoe een aantal beroepsgronden aan. Aan de hand van deze beroepsgronden beoordeelt de rechtbank de afwijzing van de asielaanvraag. 1.1. De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat de afwijzing van de asielaanvraag in stand kan blijven. De minister mocht de geloofwaardigheid van de seksuele gerichtheid van eiseres in het midden laten en heeft zich terecht op het standpunt gesteld dat de problemen waar eiseres voor vreest onvoldoende zwaarwegend zijn. Hieronder legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft. Procesverloop 2. Eiseres heeft een aanvraag om verlening van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend. De minister heeft met het bestreden besluit van 20 januari 2026 deze aanvraag afgewezen als ongegrond. 2.1. Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit. 2.2. De rechtbank heeft het beroep op 25 maart 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiseres, de gemachtigde van eiseres en de gemachtigde van de minister. Beoordeling door de rechtbank Het asielrelaas 3. Eiseres is van Moldavische nationaliteit en is geboren op [geboortedag] 2007. Zij legt aan haar asielaanvraag het volgende ten grondslag. Eiseres is afkomstig uit Transnistrië, een enclave in Moldavië. Ze heeft Moldavië verlaten omdat zij lesbisch is. Eiseres kan niet terugkeren naar Moldavië, omdat de bevolking in Moldavië tegen de LHBTI-gemeenschap is. Het bestreden besluit 4. Het asielrelaas van eiseres bevat volgens de minister de volgende asielmotieven: - haar identiteit, nationaliteit en herkomst; - haar seksuele gerichtheid. De minister stelt zich op het standpunt dat de identiteit en nationaliteit van eiseres geloofwaardig zijn. Ook de herkomst van eiseres heeft de minister geloofwaardig geacht, in die zin dat de minister wel geloofwaardig acht dat zij uit Moldavië komt, maar niet dat zij uit Transnistrië komt. De geloofwaardigheid van haar seksuele gerichtheid laat de minister echter in het midden , omdat wat eiseres heeft verklaard hoe dan ook onvoldoende zwaarwegend is om aan te nemen dat eiseres verdragsvluchteling is of een reëel risico loopt op ernstige schade. De minister concludeert daarom dat de asielaanvraag ongegrond is. Mocht de minister de geloofwaardigheid van de seksuele gerichtheid van eiseres in het midden laten? 5. Eiseres betoogt dat de minister de geloofwaardigheid van haar seksuele gerichtheid ten onrechte in het midden heeft gelaten, en haar aanvraag heeft afgedaan op zwaarwegendheid. De zaak van eiseres leent zich daar niet voor. Volgens het informatiebericht waarin deze werkwijze is vastgelegd, is die werkwijze namelijk in eerste instantie bedoeld voor zaken waarin de asielmotieven niet-asielgerelateerd zijn. Daarnaast is sprake van één of meer van de in dat informatiebericht opgesomde gevallen waarin een zaak zich niet op voorhand leent voor afdoening op zwaarwegendheid. Verder wijst eiseres op twee uitspraken van deze rechtbank, zittingsplaats Rotterdam. 5.1. Deze beroepsgrond slaagt niet. De minister heeft zich terecht op het standpunt gesteld dat hij de geloofwaardigheid van de seksuele gerichtheid van eiseres in het midden mocht laten. Overwogen wordt dat de in het informatiebericht opgenomen opsomming van zaken waarvoor de werkwijze zich leent niet limitatief is. Hoewel de werkwijze in beginsel zal worden toegepast in de daar genoemde zaken, is het ook mogelijk dat de werkwijze wordt toegepast in andere soorten zaken. De werkwijze houdt namelijk alleen in dat de minister overgaat tot het beoordelen van de zwaarwegendheid, waarbij hij volledig uitgaat van de verklaringen van de vreemdeling. De minister doet in die zin dus een aanname in het voordeel van de vreemdeling. Mits de minister de verklaringen van de vreemdeling ook daadwerkelijk volgt bij de beoordeling van de zwaarwegendheid, staat het de minister vrij om dat te doen. Uit het bestreden besluit blijkt niet dat de minister de geloofwaardigheid van de verklaringen van eiseres alsnog in twijfel heeft getrokken. Tijdens de zitting heeft de gemachtigde van eiseres dat ook niet betwist. De door eiseres aangehaalde uitspraken maken de conclusie daarom ook niet anders. In die zaken betwiste de minister namelijk alsnog de geloofwaardigheid van bepaalde onderdelen van de asielmotieven. Heeft de minister zich terecht op het standpunt gesteld dat de problemen waar eiseres voor vreest onvoldoende zwaarwegend zijn? 6. Eiseres betoogt dat de minister haar problemen ten onrechte onvoldoende zwaarwegend vindt. Eiseres vreest dat zij bij terugkeer naar Moldavië wordt blootgesteld aan een situatie die in strijd is met het verbod op een onmenselijke behandeling en haar recht op respect voor haar privéleven. Zij zal niet zichzelf kunnen zijn en haar geaardheid niet naar buiten kunnen brengen of uiten. De positie van LHBTI’ers is niet alleen in Transnistrië slecht, maar ook in Moldavië, zodat eiseres ook daar geen hulp zal krijgen. Uit landeninformatie blijkt bovendien dat niet in zijn algemeenheid te stellen is dat eiseres zich in een ander deel van Moldavië kan vestigen. Er is namelijk sprake van een blokkade van Transnistrië door Moldavië en Oekraïne. Ook is er kort geleden wetgeving in werking getreden waarmee de Moldavische nationaliteit van mensen uit Transnistrië kan worden ingetrokken. De minister heeft dan ook onvoldoende gemotiveerd dat eiseres zich in een ander deel van Moldavië kan vestigen. Ook blijkt uit de verklaringen van eiseres dat zij zich niet eerder buiten Transnistrië heeft begeven. 6.1. Deze beroepsgrond slaagt niet. Allereerst heeft de minister zich terecht op het standpunt gesteld dat eiseres toegang heeft tot Moldavië, nu eiseres de Moldavische nationaliteit en een Moldavisch paspoort heeft. Daar komt bij dat de minister de herkomst van eiseres uit Transnistrië niet geloofwaardig heeft geacht, wat door eiseres in beroep niet is bestreden. Eiseres heeft dan ook niet aannemelijk gemaakt dat er voor haar een belemmering bestaat om naar het deel van Moldavië buiten Transnistrië te reizen. Bovendien heeft de minister zich terecht op het standpunt gesteld dat, ook als het wel aannemelijk zou zijn dat eiseres uit Transnistrië komt, zij toegang heeft tot het deel van Moldavië buiten Transnistrië. In de eerste plaats overweegt de rechtbank dat eiseres op dit moment simpelweg niet in Transnistrië is. De blokkade die Oekraïne en Moldavië hebben opgeworpen kan dan ook geen belemmering zijn voor eiseres om naar het deel van Moldavië buiten Transnistrië te reizen. Dat Moldavië de grenscontroles met Transnistrië heeft aangescherpt betekent ook niet dat Moldavische burgers Transnistrië niet kunnen verlaten om ergens anders in Moldavië te wonen. Uit een door eiseres aangehaald artikel blijkt dat mensen Transnistrië op dit moment ook daadwerkelijk verlaten. Verder gaat de wet over het intrekken van de Moldavische nationaliteit van Transnistriërs over een specifieke groep personen, namelijk mensen die betrokken zijn bij illegale gewapende groeperingen. Eiseres heeft niet verklaard tot een dergelijke groepering te behoren.