Rechtspraak
Rechtbank Gelderland
2026-03-05
ECLI:NL:RBGEL:2026:3353
Strafrecht
Eerste aanleg - meervoudig
23,018 tokens
Volledig
ECLI:NL:RBGEL:2026:3353 text/xml public 2026-04-29T12:30:53 2026-04-28 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Gelderland 2026-03-05 05-341340-24 Uitspraak Eerste aanleg - meervoudig NL Zutphen Strafrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2026:3353 text/html public 2026-04-29T12:24:12 2026-04-29 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBGEL:2026:3353 Rechtbank Gelderland , 05-03-2026 / 05-341340-24 Gevangenisstraf en vrijheidsbeperkende maatregel (art. 38v-maatregel, dadelijk uitvoerbaar (DUT)) voor belaging (stalking), mishandeling wederspannigheid en openbaar maken naaktfoto’s ex-vriendin RECHTBANK GELDERLAND Team strafrecht Zittingsplaats Zutphen Parketnummers: 05.341340.24 en 05.042848.25 Datum uitspraak : 5 maart 2026 Tegenspraak vonnis van de meervoudige kamer in de zaak van de officier van justitie tegen [verdachte] , geboren op [geboortedag] 1997 in Oekraïne, wonende aan [adres] in [woonplaats] . Raadsman: mr. J.J.J. Zwaan, advocaat in Utrecht. Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op openbare terechtzittingen. 1 De inhoud van de tenlastelegging Aan verdachte is, tot nadere omschrijving van de tenlastelegging, ten laste gelegd dat: Parketnummer 05.341340.24 1 hij op een of meer tijdstippen op of omstreeks de periode van 1 mei 2024 tot en met 27 oktober 2024 te [opvanglocatie 1] en/of te [opvanglocatie 2] en/of te [plaats] en/of te Arnhem, althans op een of meer plaatsen in Nederland, (telkens) wederrechtelijk stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op eens anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [aangever] , door onder meer - die [aangever] (zeer) veelvuldig te bellen en/of berichten te sturen en/of - zich meermalen op te houden bij de opvanglocatie te [opvanglocatie 2] en/of te [opvanglocatie 1] (alwaar die [aangever] woont en/of verblijft) en/of - die [aangever] meermalen op te zoeken bij de opvanglocatie in [opvanglocatie 2] en/of in [opvanglocatie 1] (alwaar die [aangever] woont en/of verblijft) en/of - die [aangever] te traceren door middel van het Imeinummer op haar mobiele telefoon en/of een app en/of - een of meer GPS-trackers onder en/of in de auto van die [aangever] te plaatsen en/of - die [aangever] meermalen te (achter)volgen in de auto en/of - die [aangever] meermalen op te wachten en/of op te zoeken en/of aan te spreken bij/op het werk van die [aangever] en/of op straat en/of op de openbare weg en/of - de auto van die [aangever] meermalen binnen te dringen en/of op de (motorkap) van de auto te gaan liggen (en daarmee die [aangever] te beletten weg te rijden) en/of - die [aangever] meermalen, althans eenmaal, (met kracht) in het gezicht te slaan en/of de keel dicht te knijpen en/of de keel dichtgedrukt te houden, met het oogmerk die [aangever] , te dwingen iets te doen, niet te doen, te dulden en/of vrees aan te jagen; 2 hij op een of meer tijdstippen op of omstreeks de periode van 1 mei 2024 tot en met 8 oktober 2024 te [opvanglocatie 1] en/of te [opvanglocatie 2] , althans op een of meer plaatsen in Nederland, [aangever] heeft mishandeld door die [aangever] (met kracht) meermalen, althans eenmaal - in het gezicht, althans op/tegen het hoofd te slaan en/of - bij de keel te pakken en/of de keel dicht te knijpen en/of dichtgedrukt te houden; 3 hij op of omstreeks 27 oktober 2024 te [opvanglocatie 1] , zich met geweld en/of bedreiging met geweld, heeft verzet tegen een of meer ambtena(a)r(en), [ambtenaar 1] , brigadier van politie Eenheid Oost- Nederland en/of [ambtenaar 2] , brigadier van politie Eenheid Oost- Nederland, werkzaam in de rechtmatige uitoefening van zijn/hun bediening, te weten ter aanhouding van verdachte door - zich klein te maken en/of los te trekken uit de greep van voornoemde ambtena(a)r(en) en/of - de armen strak tegen de borst aan te trekken en/of te houden (teneinde het aanleggen van handboeien te voorkomen) en/of - die [ambtenaar 2] meermalen, althans eenmaal, op/tegen het lichaam te slaan en/of te stompen. Parketnummer 05.042848.25 1 hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 17 december 2024 tot en met 17 januari 2025 te Deventer, althans op één of meer plaatsen in Nederland, (telkens) wederrechtelijk stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op eens anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [aangever] , door - meermalen accounts aan te maken op sociale media/Instagram (al dan niet) op naam van die [aangever] en/of - vrienden en/of familieleden en/of bekenden van die [aangever] toe te voegen op voornoemde accounts op Instragram en/of - op voornoemde accounts een of meer (naakt)foto's te plaatsen van die [aangever] en/of daarbij onder meer de tekst (in het Oekraïens) te plaatsen: "Ik kom uit plaats [plaats] , ik houd van jongens het hoofd op hol brengen, van lul afzuigen, ik heb veel praktijkervaring, als je wilt kan ik je privé een video sturen en in het echie ben ik lief", althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of - die [aangever] (daarbij) berichten te sturen en/of te (video)bellen via voornoemde sociale media accounts/Instagram, met het oogmerk die [aangever] , te dwingen iets te doen, niet te doen, te dulden en/of vrees aan te jagen; 2 hij op één of meer tijdstippen op of omstreeks de periode van 17 december 2024 tot en met 17 januari 2025 te Deventer, althans op één of meer plaatsen in Nederland, (telkens) een of meer visuele weergaven van seksuele aard, te weten een of meer foto's van een persoon, te weten [aangever] , waarop te zien is dat die [aangever] geheel naakt is en/of een geheel ontbloot bovenlijf heeft openbaar heeft gemaakt, terwijl verdachte wist dat die openbaarmaking nadelig voor die [aangever] kon zijn. 2 Overwegingen ten aanzien van het bewijs Parketnummer 05.341340.24 Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan alle drie ten laste gelegde feiten. Het standpunt van de verdediging De raadsman heeft bepleit dat verdachte integraal wordt vrijgesproken. Ten aanzien van feit 1 (belaging) is van de vereiste inbreuk naar objectieve maatstaven geen sprake, omdat aangeefster zelf ook contact bleef onderhouden en seks met verdachte bleef hebben. Voor zover de rechtbank tot een bewezenverklaring komt voor de ten laste gelegde belaging, dient verdachte partieel te worden vrijgesproken van het traceren door middel van het IMEI-nummer en meermalen achtervolgen in de auto. Dat volgt namelijk onvoldoende uit het dossier. Verder dient verdachte zowel onder feit 1 als onder feit 2 vrijgesproken te worden van het slaan en wurgen van aangeefster. Daarvoor biedt het dossier geen objectieve bewijsmiddelen. De verklaring van getuige [getuige 1] kan niet voor het bewijs worden gebruikt, omdat het verband tussen de waargenomen rode vlekken in de nek en de verwurging niet kan worden vastgesteld. De rode vlekken kunnen ook op andere wijzen zijn ontstaan, zoals door het wrijven in de nek of het dragen van een sjaal of kleding om de nek. Ook biedt het dossier onvoldoende steunbewijs voor het slaan in het gezicht van aangeefster. Indien de rechtbank van oordeel is dat er voldoende steunbewijs is, dan volgt uit de bewijsmiddelen niet dat aangeefster pijn of letsel had als gevolg van de klap. Tot slot moet verdachte worden vrijgesproken van de wederspannigheid. Verdachte ontkent namelijk dat hij de verbalisant heeft geslagen. Beoordeling door de rechtbank Feiten 1 en 2 Aangeefster [aangever] heeft voor zover hier van belang het volgende verklaard: In mei 2024 had zij ruzie had met verdachte in hun kamer in de opvanglocatie in [opvanglocatie 1] . Toen zij die dag naar de winkel liepen sloeg verdachte haar met zijn vlakke hand en met flinke kracht vol in haar gezicht. Hierna, in diezelfde maand, is aangeefster naar een andere opvanglocatie in [opvanglocatie 2] gegaan. Vanaf dat moment heeft verdachte haar heel veel gebeld en opgezocht in [opvanglocatie 2] . Hij belde haar dagelijks 20, 30 of 40 keer. Als aangeefster de telefoon niet opnam, dan kwam hij naar haar werk in [werkplaats] , waar hij haar bijna dagelijks stond op te wachten.
Volledig
ECLI:NL:RBGEL:2026:3353 text/xml public 2026-04-29T12:30:53 2026-04-28 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Gelderland 2026-03-05 05-341340-24 Uitspraak Eerste aanleg - meervoudig NL Zutphen Strafrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2026:3353 text/html public 2026-04-29T12:24:12 2026-04-29 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBGEL:2026:3353 Rechtbank Gelderland , 05-03-2026 / 05-341340-24 Gevangenisstraf en vrijheidsbeperkende maatregel (art. 38v-maatregel, dadelijk uitvoerbaar (DUT)) voor belaging (stalking), mishandeling wederspannigheid en openbaar maken naaktfoto’s ex-vriendin RECHTBANK GELDERLAND Team strafrecht Zittingsplaats Zutphen Parketnummers: 05.341340.24 en 05.042848.25 Datum uitspraak : 5 maart 2026 Tegenspraak vonnis van de meervoudige kamer in de zaak van de officier van justitie tegen [verdachte] , geboren op [geboortedag] 1997 in Oekraïne, wonende aan [adres] in [woonplaats] . Raadsman: mr. J.J.J. Zwaan, advocaat in Utrecht. Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op openbare terechtzittingen. 1 De inhoud van de tenlastelegging Aan verdachte is, tot nadere omschrijving van de tenlastelegging, ten laste gelegd dat: Parketnummer 05.341340.24 1 hij op een of meer tijdstippen op of omstreeks de periode van 1 mei 2024 tot en met 27 oktober 2024 te [opvanglocatie 1] en/of te [opvanglocatie 2] en/of te [plaats] en/of te Arnhem, althans op een of meer plaatsen in Nederland, (telkens) wederrechtelijk stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op eens anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [aangever] , door onder meer - die [aangever] (zeer) veelvuldig te bellen en/of berichten te sturen en/of - zich meermalen op te houden bij de opvanglocatie te [opvanglocatie 2] en/of te [opvanglocatie 1] (alwaar die [aangever] woont en/of verblijft) en/of - die [aangever] meermalen op te zoeken bij de opvanglocatie in [opvanglocatie 2] en/of in [opvanglocatie 1] (alwaar die [aangever] woont en/of verblijft) en/of - die [aangever] te traceren door middel van het Imeinummer op haar mobiele telefoon en/of een app en/of - een of meer GPS-trackers onder en/of in de auto van die [aangever] te plaatsen en/of - die [aangever] meermalen te (achter)volgen in de auto en/of - die [aangever] meermalen op te wachten en/of op te zoeken en/of aan te spreken bij/op het werk van die [aangever] en/of op straat en/of op de openbare weg en/of - de auto van die [aangever] meermalen binnen te dringen en/of op de (motorkap) van de auto te gaan liggen (en daarmee die [aangever] te beletten weg te rijden) en/of - die [aangever] meermalen, althans eenmaal, (met kracht) in het gezicht te slaan en/of de keel dicht te knijpen en/of de keel dichtgedrukt te houden, met het oogmerk die [aangever] , te dwingen iets te doen, niet te doen, te dulden en/of vrees aan te jagen; 2 hij op een of meer tijdstippen op of omstreeks de periode van 1 mei 2024 tot en met 8 oktober 2024 te [opvanglocatie 1] en/of te [opvanglocatie 2] , althans op een of meer plaatsen in Nederland, [aangever] heeft mishandeld door die [aangever] (met kracht) meermalen, althans eenmaal - in het gezicht, althans op/tegen het hoofd te slaan en/of - bij de keel te pakken en/of de keel dicht te knijpen en/of dichtgedrukt te houden; 3 hij op of omstreeks 27 oktober 2024 te [opvanglocatie 1] , zich met geweld en/of bedreiging met geweld, heeft verzet tegen een of meer ambtena(a)r(en), [ambtenaar 1] , brigadier van politie Eenheid Oost- Nederland en/of [ambtenaar 2] , brigadier van politie Eenheid Oost- Nederland, werkzaam in de rechtmatige uitoefening van zijn/hun bediening, te weten ter aanhouding van verdachte door - zich klein te maken en/of los te trekken uit de greep van voornoemde ambtena(a)r(en) en/of - de armen strak tegen de borst aan te trekken en/of te houden (teneinde het aanleggen van handboeien te voorkomen) en/of - die [ambtenaar 2] meermalen, althans eenmaal, op/tegen het lichaam te slaan en/of te stompen. Parketnummer 05.042848.25 1 hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 17 december 2024 tot en met 17 januari 2025 te Deventer, althans op één of meer plaatsen in Nederland, (telkens) wederrechtelijk stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op eens anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [aangever] , door - meermalen accounts aan te maken op sociale media/Instagram (al dan niet) op naam van die [aangever] en/of - vrienden en/of familieleden en/of bekenden van die [aangever] toe te voegen op voornoemde accounts op Instragram en/of - op voornoemde accounts een of meer (naakt)foto's te plaatsen van die [aangever] en/of daarbij onder meer de tekst (in het Oekraïens) te plaatsen: "Ik kom uit plaats [plaats] , ik houd van jongens het hoofd op hol brengen, van lul afzuigen, ik heb veel praktijkervaring, als je wilt kan ik je privé een video sturen en in het echie ben ik lief", althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of - die [aangever] (daarbij) berichten te sturen en/of te (video)bellen via voornoemde sociale media accounts/Instagram, met het oogmerk die [aangever] , te dwingen iets te doen, niet te doen, te dulden en/of vrees aan te jagen; 2 hij op één of meer tijdstippen op of omstreeks de periode van 17 december 2024 tot en met 17 januari 2025 te Deventer, althans op één of meer plaatsen in Nederland, (telkens) een of meer visuele weergaven van seksuele aard, te weten een of meer foto's van een persoon, te weten [aangever] , waarop te zien is dat die [aangever] geheel naakt is en/of een geheel ontbloot bovenlijf heeft openbaar heeft gemaakt, terwijl verdachte wist dat die openbaarmaking nadelig voor die [aangever] kon zijn. 2 Overwegingen ten aanzien van het bewijs Parketnummer 05.341340.24 Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan alle drie ten laste gelegde feiten. Het standpunt van de verdediging De raadsman heeft bepleit dat verdachte integraal wordt vrijgesproken. Ten aanzien van feit 1 (belaging) is van de vereiste inbreuk naar objectieve maatstaven geen sprake, omdat aangeefster zelf ook contact bleef onderhouden en seks met verdachte bleef hebben. Voor zover de rechtbank tot een bewezenverklaring komt voor de ten laste gelegde belaging, dient verdachte partieel te worden vrijgesproken van het traceren door middel van het IMEI-nummer en meermalen achtervolgen in de auto. Dat volgt namelijk onvoldoende uit het dossier. Verder dient verdachte zowel onder feit 1 als onder feit 2 vrijgesproken te worden van het slaan en wurgen van aangeefster. Daarvoor biedt het dossier geen objectieve bewijsmiddelen. De verklaring van getuige [getuige 1] kan niet voor het bewijs worden gebruikt, omdat het verband tussen de waargenomen rode vlekken in de nek en de verwurging niet kan worden vastgesteld. De rode vlekken kunnen ook op andere wijzen zijn ontstaan, zoals door het wrijven in de nek of het dragen van een sjaal of kleding om de nek. Ook biedt het dossier onvoldoende steunbewijs voor het slaan in het gezicht van aangeefster. Indien de rechtbank van oordeel is dat er voldoende steunbewijs is, dan volgt uit de bewijsmiddelen niet dat aangeefster pijn of letsel had als gevolg van de klap. Tot slot moet verdachte worden vrijgesproken van de wederspannigheid. Verdachte ontkent namelijk dat hij de verbalisant heeft geslagen. Beoordeling door de rechtbank Feiten 1 en 2 Aangeefster [aangever] heeft voor zover hier van belang het volgende verklaard: In mei 2024 had zij ruzie had met verdachte in hun kamer in de opvanglocatie in [opvanglocatie 1] . Toen zij die dag naar de winkel liepen sloeg verdachte haar met zijn vlakke hand en met flinke kracht vol in haar gezicht. Hierna, in diezelfde maand, is aangeefster naar een andere opvanglocatie in [opvanglocatie 2] gegaan. Vanaf dat moment heeft verdachte haar heel veel gebeld en opgezocht in [opvanglocatie 2] . Hij belde haar dagelijks 20, 30 of 40 keer. Als aangeefster de telefoon niet opnam, dan kwam hij naar haar werk in [werkplaats] , waar hij haar bijna dagelijks stond op te wachten.
Volledig
Aangeefster vertelde hem aan het begin dat zij niet met hem wil zijn en dat hij haar met rust moest laten. Ook heeft ze tegen verdachte gezegd dat hij haar voor een paar weken met rust moest laten. Verdachte luisterde niet en bleef haar volgen en bellen. Hij kwam naar een tankstation in de buurt van het werk van aangeefster en ging dan voor haar auto staan, waardoor zij moest stoppen. Ook ging aangeefster een keer naar een kennis in Arnhem. Zij had haar telefoon toen expres niet meegenomen. Toch vond verdachte haar daar. Hij volgde haar op de snelweg. Achteraf kwam zij erachter dat er een GPS-tracker onder haar auto zat, waar zij niks van afwist. Aangeefster was een keer in een winkel in [opvanglocatie 2] en ineens stond verdachte voor haar neus. Zij schrok hiervan en wilde dit niet. Ook vond verdachte haar in de zomer van 2024 bij haar nicht in [plaats] . Hij stond daar opeens voor de woning. Hij trof haar daar op straat. Aangeefster heeft hem gevraagd haar niet te bellen. Aangeefster is toen voor twee weken naar Oekraïne vertrokken. Verdachte belde haar toen dagelijks. Toen aangeefster terugkwam bij de opvanglocatie in [opvanglocatie 2] , kwam verdachte daar ook. In augustus en september 2024 bleef het hetzelfde met lastigvallen. Op 8 oktober 2024 wachtte verdachte haar bij het tankstation bij haar werk in [werkplaats] op. Hij wilde dat zij die avond met hem zou afspreken om te praten. Aangeefster heeft toen gezegd dat zij dat niet wilde. Verdachte werd boos en pakte aangeefster bij haar keel. Hij kneep haar keel dicht, waardoor zij bijna niet kon ademhalen. Op 14 oktober 2024 is verdachte op het werk van aangeefster in [werkplaats] verschenen. Haar baas [leidinggevende] liep toen met haar mee naar haar auto. Op dat moment kwam verdachte uit de struiken en vroeg aan aangeefster of hij vijf minuten met haar mocht praten. Aangeefster is toen direct weggereden, waarna verdachte op haar motorkap sprong. Verdachte maakte vervolgens haar bijrijdersdeur open en probeerde in haar auto te komen. Hij zei weer dat zij met hem moest praten. [leidinggevende] en de twee chauffeurs hebben vervolgens verdachte uit haar auto gehaald. Even later werd verdachte gecontroleerd door de politie. Toen de politie bij aangeefster kwam, ontdekte de politie dat zij een GPS-tracker onder haar auto had. Op 21 oktober 2024 kwam verdachte weer op het werk van aangeefster. Zij heeft toen met hem in de auto gepraat en heeft hem verschillende keren gezegd zij niet bij hem terug wilde en dat zij bang van hem is. Verdachte accepteerde dat niet. Aangeefster vroeg hem haar met rust te laten. Aangeefster moest verdachte beloven dat zij de telefoon op zou pakken als hij belt. Onder die voorwaarde mocht aangeefster weg. Getuige [getuige 2] heeft verklaard dat hij op 8 oktober 2024 in een garage aan het werk was toen aangeefster en verdachte daar kwamen met de auto van aangeefster. De garagehouder zei dat hij wel naar auto wilde kijken voor de tracker. Verdachte kwam er toen bij staan en zei dat hij niet moest gaan zoeken. De garagehouder zocht verder. Verdachte heeft uiteindelijk toegegeven dat er twee GPS-apparaten in de auto zaten. Eén van de apparaten heeft hij snel zelf verwijderd en de andere is onbekend. [getuige 2] vond het spatbord van het linker voorwiel er verdacht uitzien en trof daar een GPS-tracker aan. Hij heeft die toen niet verwijderd. Op 14 oktober 2024 vond een verbalisant onder de motorkap van aangeefster, boven het linker voorwiel, een tracker. Ook zag hij dat aangeefster veel verdriet en angst uitstraalde. De politie heeft de telefoon van verdachte onderzocht en trof de app Onntrack aan. Dit is een app waarmee voertuigen dan wel andere goederen kunnen worden gelokaliseerd. Op de website Onntrack worden diverse trackers te koop aangeboden. Eén van de aangeboden trackers herkende de verbalisant als zijnde dezelfde tracker als de die onder het voertuig van aangeefster was geplaatst. Verdachte heeft verklaard dat hij op de motorkap van aangeefster is gaan liggen om haar te stoppen, omdat hij met haar wilde praten en zij haar telefoon niet opnam en niet reageerde. Zij wilde op de dag van het incident niet praten. Verder heeft verdachte verklaard dat aangeefster heeft aangegeven dat ze geen contact met hem wilde. Ook heeft hij verklaard dat hij een GPS-tracker op de auto van aangeefster heeft geplaatst. Verdachte heeft hij aangeefster een keer een klap heeft gegeven toen zij nog samenwoonden. Ook heeft hij haar een keer bij haar nek gepakt. Getuige [getuige 1] heeft verklaard dat zij op 8 oktober 2024 zag dat aangeefster rode plekken rond haar hals had. Aangeefster vertelde haar dat verdachte haar bij haar werk had opgewacht, dat hij haar toen bij de keel had gepakt en dat zij een tijd geen adem kon halen. Op 27 oktober 2024 kregen verbalisanten een melding om te gaan naar [adres] in [opvanglocatie 1] . Ter plaatse zagen zij aangeefster staan. Zij wees richting een auto. In de auto bleek verdachte te zitten. [aangever] vertelde dat haar ex haar weer had opgezocht en dat haar ex de man was die de verbalisanten buiten aangesproken hadden, dat ze niet wist hoe hij haar weer gevonden had, dat zij een cadeautje had gekregen en dat hij die van haar had afgepakt. Verdachte zei: "Er is niets aan de hand. Ik wil alleen maar praten met mijn ex-vriendin." Hierop vroeg de verbalisant hem wat er in het papieren zakje zat. Verdachte zei: "Dat was een cadeautje voor mijn ex, maar die krijgt ze nu niet meer." De verbalisanten zagen dat verdachte zijn telefoon ontgrendelde en dat er een app was geopend, met daarin een kaart van de stad [opvanglocatie 1] . Bovenin het beeld stond de tekst: "GPS location lost. No network." Verdachte vertelde dat hij een GPS-tracker onder de auto van zijn ex-vriendin had geplaatst. Vervolgens ging hij achter het voertuig van [aangever] liggen en voelde met zijn arm achter de achterbumper van de auto, waarna er een zwart rechthoekig kastje op de grond viel. Vervolgens hebben [ambtenaar 1] en [ambtenaar 2] , brigadiers bij de Eenheid Oost-Nederland, verdachte aangehouden. Tijdens de aanhouding voelden de verbalisanten dat verdachte zich klein maakte en dat hij zich probeerde los te trekken uit hun greep. Verbalisanten hadden moeite om verdachte onder controle te brengen. Uiteindelijk trok een verbalisant verdachte naar de grond. De andere verbalisant had de linkerarm van verdachte vast en voelde dat verdachte zijn arm strak tegen zijn borst aan trok, waardoor de verbalisant de boeien niet kon aanleggen. Vervolgens sloeg verdachte met zijn rechterarm meerdere malen met gebalde vuist tegen het bovenlichaam van [ambtenaar 2] . Verdachte zei daarna: "Ik wil haar wel met rust laten, maar mijn hoofd wil dat niet. Ik kan haar niet loslaten. Ik ga haar niet met rust laten. Punt is punt." Belaging De rechtbank stelt op basis van de hiervoor aangehaalde bewijsmiddelen vast dat verdachte in de periode van mei 2024 tot en met 27 oktober 2024 aangeefster veelvuldig heeft gebeld, meermalen naar de verblijfplaatsen en (in de buurt van) de werklocatie van aangeefster is gegaan, via een GPS-tracker onder de auto van aangeefster in de gaten heeft gehouden waar haar auto heenging en haar heeft achtervolgd. Ook is verdachte op de motorkap van aangeefster gaan liggen en haar auto binnengedrongen, omdat hij met haar wilde praten. Tot slot heeft verdachte aangeefster in het gezicht geslagen en haar keel dichtgeknepen. De rechtbank acht van belang dat verdachte telefonisch was geblokkeerd door aangeefster en dat aangeefster hem diverse keren heeft verzocht te stoppen met zijn gedrag. Ook uit de verklaring van verdachte dat hij aangeefster wel wil loslaten maar dat niet kan en niet zal doen, blijkt dat hij zich van het laakbare van zijn handelen bewust was. Verdachte heeft zich in de periode van bijna zes maanden grensoverschrijdend gedragen. Op grond van het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat sprake is geweest van een wederrechtelijke en van een stelselmatige inbreuk op de persoonlijke levenssfeer van aangeefster. De opvatting van de verdediging dat een in art.
Volledig
Aangeefster vertelde hem aan het begin dat zij niet met hem wil zijn en dat hij haar met rust moest laten. Ook heeft ze tegen verdachte gezegd dat hij haar voor een paar weken met rust moest laten. Verdachte luisterde niet en bleef haar volgen en bellen. Hij kwam naar een tankstation in de buurt van het werk van aangeefster en ging dan voor haar auto staan, waardoor zij moest stoppen. Ook ging aangeefster een keer naar een kennis in Arnhem. Zij had haar telefoon toen expres niet meegenomen. Toch vond verdachte haar daar. Hij volgde haar op de snelweg. Achteraf kwam zij erachter dat er een GPS-tracker onder haar auto zat, waar zij niks van afwist. Aangeefster was een keer in een winkel in [opvanglocatie 2] en ineens stond verdachte voor haar neus. Zij schrok hiervan en wilde dit niet. Ook vond verdachte haar in de zomer van 2024 bij haar nicht in [plaats] . Hij stond daar opeens voor de woning. Hij trof haar daar op straat. Aangeefster heeft hem gevraagd haar niet te bellen. Aangeefster is toen voor twee weken naar Oekraïne vertrokken. Verdachte belde haar toen dagelijks. Toen aangeefster terugkwam bij de opvanglocatie in [opvanglocatie 2] , kwam verdachte daar ook. In augustus en september 2024 bleef het hetzelfde met lastigvallen. Op 8 oktober 2024 wachtte verdachte haar bij het tankstation bij haar werk in [werkplaats] op. Hij wilde dat zij die avond met hem zou afspreken om te praten. Aangeefster heeft toen gezegd dat zij dat niet wilde. Verdachte werd boos en pakte aangeefster bij haar keel. Hij kneep haar keel dicht, waardoor zij bijna niet kon ademhalen. Op 14 oktober 2024 is verdachte op het werk van aangeefster in [werkplaats] verschenen. Haar baas [leidinggevende] liep toen met haar mee naar haar auto. Op dat moment kwam verdachte uit de struiken en vroeg aan aangeefster of hij vijf minuten met haar mocht praten. Aangeefster is toen direct weggereden, waarna verdachte op haar motorkap sprong. Verdachte maakte vervolgens haar bijrijdersdeur open en probeerde in haar auto te komen. Hij zei weer dat zij met hem moest praten. [leidinggevende] en de twee chauffeurs hebben vervolgens verdachte uit haar auto gehaald. Even later werd verdachte gecontroleerd door de politie. Toen de politie bij aangeefster kwam, ontdekte de politie dat zij een GPS-tracker onder haar auto had. Op 21 oktober 2024 kwam verdachte weer op het werk van aangeefster. Zij heeft toen met hem in de auto gepraat en heeft hem verschillende keren gezegd zij niet bij hem terug wilde en dat zij bang van hem is. Verdachte accepteerde dat niet. Aangeefster vroeg hem haar met rust te laten. Aangeefster moest verdachte beloven dat zij de telefoon op zou pakken als hij belt. Onder die voorwaarde mocht aangeefster weg. Getuige [getuige 2] heeft verklaard dat hij op 8 oktober 2024 in een garage aan het werk was toen aangeefster en verdachte daar kwamen met de auto van aangeefster. De garagehouder zei dat hij wel naar auto wilde kijken voor de tracker. Verdachte kwam er toen bij staan en zei dat hij niet moest gaan zoeken. De garagehouder zocht verder. Verdachte heeft uiteindelijk toegegeven dat er twee GPS-apparaten in de auto zaten. Eén van de apparaten heeft hij snel zelf verwijderd en de andere is onbekend. [getuige 2] vond het spatbord van het linker voorwiel er verdacht uitzien en trof daar een GPS-tracker aan. Hij heeft die toen niet verwijderd. Op 14 oktober 2024 vond een verbalisant onder de motorkap van aangeefster, boven het linker voorwiel, een tracker. Ook zag hij dat aangeefster veel verdriet en angst uitstraalde. De politie heeft de telefoon van verdachte onderzocht en trof de app Onntrack aan. Dit is een app waarmee voertuigen dan wel andere goederen kunnen worden gelokaliseerd. Op de website Onntrack worden diverse trackers te koop aangeboden. Eén van de aangeboden trackers herkende de verbalisant als zijnde dezelfde tracker als de die onder het voertuig van aangeefster was geplaatst. Verdachte heeft verklaard dat hij op de motorkap van aangeefster is gaan liggen om haar te stoppen, omdat hij met haar wilde praten en zij haar telefoon niet opnam en niet reageerde. Zij wilde op de dag van het incident niet praten. Verder heeft verdachte verklaard dat aangeefster heeft aangegeven dat ze geen contact met hem wilde. Ook heeft hij verklaard dat hij een GPS-tracker op de auto van aangeefster heeft geplaatst. Verdachte heeft hij aangeefster een keer een klap heeft gegeven toen zij nog samenwoonden. Ook heeft hij haar een keer bij haar nek gepakt. Getuige [getuige 1] heeft verklaard dat zij op 8 oktober 2024 zag dat aangeefster rode plekken rond haar hals had. Aangeefster vertelde haar dat verdachte haar bij haar werk had opgewacht, dat hij haar toen bij de keel had gepakt en dat zij een tijd geen adem kon halen. Op 27 oktober 2024 kregen verbalisanten een melding om te gaan naar [adres] in [opvanglocatie 1] . Ter plaatse zagen zij aangeefster staan. Zij wees richting een auto. In de auto bleek verdachte te zitten. [aangever] vertelde dat haar ex haar weer had opgezocht en dat haar ex de man was die de verbalisanten buiten aangesproken hadden, dat ze niet wist hoe hij haar weer gevonden had, dat zij een cadeautje had gekregen en dat hij die van haar had afgepakt. Verdachte zei: "Er is niets aan de hand. Ik wil alleen maar praten met mijn ex-vriendin." Hierop vroeg de verbalisant hem wat er in het papieren zakje zat. Verdachte zei: "Dat was een cadeautje voor mijn ex, maar die krijgt ze nu niet meer." De verbalisanten zagen dat verdachte zijn telefoon ontgrendelde en dat er een app was geopend, met daarin een kaart van de stad [opvanglocatie 1] . Bovenin het beeld stond de tekst: "GPS location lost. No network." Verdachte vertelde dat hij een GPS-tracker onder de auto van zijn ex-vriendin had geplaatst. Vervolgens ging hij achter het voertuig van [aangever] liggen en voelde met zijn arm achter de achterbumper van de auto, waarna er een zwart rechthoekig kastje op de grond viel. Vervolgens hebben [ambtenaar 1] en [ambtenaar 2] , brigadiers bij de Eenheid Oost-Nederland, verdachte aangehouden. Tijdens de aanhouding voelden de verbalisanten dat verdachte zich klein maakte en dat hij zich probeerde los te trekken uit hun greep. Verbalisanten hadden moeite om verdachte onder controle te brengen. Uiteindelijk trok een verbalisant verdachte naar de grond. De andere verbalisant had de linkerarm van verdachte vast en voelde dat verdachte zijn arm strak tegen zijn borst aan trok, waardoor de verbalisant de boeien niet kon aanleggen. Vervolgens sloeg verdachte met zijn rechterarm meerdere malen met gebalde vuist tegen het bovenlichaam van [ambtenaar 2] . Verdachte zei daarna: "Ik wil haar wel met rust laten, maar mijn hoofd wil dat niet. Ik kan haar niet loslaten. Ik ga haar niet met rust laten. Punt is punt." Belaging De rechtbank stelt op basis van de hiervoor aangehaalde bewijsmiddelen vast dat verdachte in de periode van mei 2024 tot en met 27 oktober 2024 aangeefster veelvuldig heeft gebeld, meermalen naar de verblijfplaatsen en (in de buurt van) de werklocatie van aangeefster is gegaan, via een GPS-tracker onder de auto van aangeefster in de gaten heeft gehouden waar haar auto heenging en haar heeft achtervolgd. Ook is verdachte op de motorkap van aangeefster gaan liggen en haar auto binnengedrongen, omdat hij met haar wilde praten. Tot slot heeft verdachte aangeefster in het gezicht geslagen en haar keel dichtgeknepen. De rechtbank acht van belang dat verdachte telefonisch was geblokkeerd door aangeefster en dat aangeefster hem diverse keren heeft verzocht te stoppen met zijn gedrag. Ook uit de verklaring van verdachte dat hij aangeefster wel wil loslaten maar dat niet kan en niet zal doen, blijkt dat hij zich van het laakbare van zijn handelen bewust was. Verdachte heeft zich in de periode van bijna zes maanden grensoverschrijdend gedragen. Op grond van het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat sprake is geweest van een wederrechtelijke en van een stelselmatige inbreuk op de persoonlijke levenssfeer van aangeefster. De opvatting van de verdediging dat een in art.
Volledig
285b omschreven gedraging uitsluitend dan als inbreuk makend op de persoonlijke levenssfeer van een ander kan worden aangemerkt indien die ander voorafgaand aan die gedraging aan de verdachte kenbaar heeft gemaakt geen contact met hem te willen, is onjuist. Dit verweer snijdt naar het oordeel van de rechtbank overigens ook feitelijk geen hout: uit de bewijsmiddelen volgt dat verdachte wist dat aangeefster geen contact met hem wilde. Dit volgt, naast uit wat hiervoor daarover al is overwogen, uit zijn eigen verklaring dat aangeefster niet met hem wilde praten, haar telefoon niet opnam, verdachte blokkeerde en niet reageerde. Ook sprong verdachte op motorkap van aangeefster en probeerde hij in haar auto te komen om haar te dwingen met hem te praten. Het verweer van de verdediging met betrekking tot het opzet wordt dan ook verworpen. Door steeds contact te blijven opnemen met aangeefster en haar via trackers te volgen en haar telkens te verrassen met zijn aanwezigheid op plaatsen waar zij dit niet hoefde te verwachten, heeft verdachte aangeefster geen keuze gelaten in het al dan niet aanvaarden van dit contact met verdachte. Daarnaast volgt uit de bewijsmiddelen dat aangeefster aan verdachte moest beloven dat zij de telefoon zou oppakken als hij belt. De rechtbank is dan ook van oordeel dat verdachte aangeefster heeft gedwongen iets te doen en te dulden. De rechtbank acht dan ook het ten laste gelegde feit 1 wettig en overtuigend bewezen. Mishandeling De rechtbank stelt vast dat verdachte in de periode mei 2024 tot en met 8 oktober 2024 aangeefster met veel kracht in het gezicht heeft geslagen en haar keel heeft dichtgeknepen. De verdediging heeft aangevoerd dat verdachte moet worden vrijgesproken, omdat aangeefster niet heeft verklaard dat zij pijn en/of letsel heeft opgelopen ten gevolge van het slaan en het dichtknijpen van de keel. Het behoeft geen betoog dat het met kracht in het gezicht slaan op z’n minst genomen pijn oplevert. Ten aanzien van het dichtknijpen van de keel heeft aangeefster verklaard dat zij daardoor bijna geen adem kon halen. Het dichtknijpen van de keel heeft dus een onlust veroorzakende gewaarwording teweeggebracht. De rechtbank acht dan ook het ten laste gelegde feit 2 wettig en overtuigend bewezen. Wederspannigheid De rechtbank stelt vast dat verdachte zich tijdens zijn aanhouding klein heeft gemaakt, zich geprobeerd heeft los te trekken uit de greep van de verbalisanten, zijn armen strak tegen zijn borst aantrok en meerdere malen met gebalde vuist tegen het bovenlichaam van [ambtenaar 2] sloeg. Verdachte ontkent en heeft ter zitting verklaard dat het proces-verbaal onjuist is. De rechtbank ziet echter geen aanleiding om te twijfelen aan het daarover ambtsedig opgemaakte proces-verbaal. De rechtbank acht dan ook het ten laste gelegde feit 3 wettig en overtuigend bewezen. Parketnummer 05.042848.25 Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan beide ten laste gelegde feiten. Het standpunt van de verdediging De raadsman heeft bepleit dat verdachte integraal wordt vrijgesproken. De resultaten van het onderzoek aan de telefoon van verdachte moeten worden uitgesloten van het bewijs, omdat sprake is van een vormverzuim. Voor het doorzoeken van de telefoon was namelijk geen rechterlijke machtiging. Verder bevat het dossier onvoldoende bewijs om tot een bewezenverklaring te komen. Ten aanzien van het videobellen blijkt uit het dossier niet of dat binnen de ten laste gelegde periode is geweest. Subsidiair heeft de raadsman bepleit dat niet voldoende is aangetoond dat verdachte de naaktbeelden openbaar heeft gemaakt, omdat de betreffende foto’s niet op zijn telefoon en ook niet op de metadata van zijn telefoon zijn aangetroffen. Verder heeft de politie onvoldoende onderzoek gedaan. Er is bijvoorbeeld geen onderzoek gedaan naar een kennelijk tweede telefoon van verdachte of naar wie toegang had tot van het e-mailaccount van verdachte. De mogelijkheid bestaat dat andere mensen het wachtwoord van het e-mailaccount van verdachte hebben geraden en zijn binnengedrongen. Ditzelfde geldt voor het telefoonnummer van verdachte. Er is geen onderzoek gedaan naar SIM-swapping, waarbij de simkaart als het ware tijdelijk wordt overgenomen door een ander persoon. Beoordeling door de rechtbank Vormverzuim De rechtbank is van oordeel dat er weliswaar sprake is geweest van een niet herstelbaar vormverzuim in de zin van artikel 359a Sv, maar dat hier geen rechtsgevolg aan moet worden verbonden De rechtbank is van oordeel dat volgens de recente Landeck-jurisprudentie van het Europese Hof van Justitie en de daarop voortbouwende Hoge Raad-jurisprudentie voorafgaande toestemming van de rechter-commissaris is vereist voor onderzoek aan een smartphone, als te verwachten is dat dit onderzoek een meer dan geringe inbreuk zal opleveren op de persoonlijke levenssfeer van de gebruiker. Van zo’n inbreuk is volgens de Hoge Raad al sprake wanneer door het onderzoek inzicht wordt verkregen in de communicatie die door middel van de smartphone is uitgewisseld. Nu het hoofddoel van het onderzoek aan de privételefoon was om meer dan een oppervlakkig inzicht te krijgen in de communicatie die daarmee was uitgewisseld, had het Openbaar Ministerie voorafgaand aan het onderzoek toestemming moeten vragen aan de rechter-commissaris. Doordat dit niet is gedaan, is sprake van een onherstelbaar vormverzuim in de zin van artikel 359a Sv. De rechtbank zal echter geen rechtsgevolgen verbinden aan dit vormverzuim, op grond van het volgende. Gelet op de aard en ernst de verdenkingen (belaging en verspreiden naaktfoto’s) in het kader waarvan het onderzoek aan de telefoon is verricht, stelt de rechtbank vast dat de rechter-commissaris, indien daartoe verzocht, toestemming zou hebben gegeven om de privételefoon te onderzoeken. Het nadeel zou dus ook zijn ontstaan op het moment dat er wel een machtiging was. Bovenstaande leidt ertoe dat de rechtbank geen rechtsgevolg verbindt aan het vormverzuim, en de informatie die door het onderzoek van de privételefoon is verkregen voor het bewijs kan en zal gebruiken. Feiten 1 en 2 Aangeefster [aangever] heeft verklaard dat zij een relatie had met verdachte en dat hij toen toegang had tot haar telefoon. Op die telefoon stonden (deels) naaktfoto’s van aangeefster. Verdachte heeft die foto’s gedeeld met zijn eigen telefoon. Ook had verdachte met zijn telefoon naaktfoto’s van aangeefster gemaakt. Verder heeft aangeefster verklaard dat verdachte sinds 17 december 2024 op verschillende momenten verschillende Instagram-accounts op haar naam had gemaakt en vanaf 27 december 2024 op meerdere van die accounts naaktfoto’s van haar had geplaatst. Eén van die accounts werd op 30 december 2024 gemaakt onder de accountnaam [account naam 1] . Dit account had elf volgers en er was één post geplaatst. Dit betrof een naaktfoto van aangeefster met als omschrijving: “Ik ben [aangever] , ik kom uit [plaats] . Ik heb praktijkervaring met jongens en kan je doorsturen." Aangeefster heeft toen direct verdachte verzocht deze post te verwijderen. Dit deed hij toen. Verdachte gaf aan dat hij de post had geplaatst zodat aangeefster contact met hem zou opnemen. Ook heeft verdachte tegen haar gezegd dat als zij de telefoon niet opneemt of hem niet terugbelt dat hij weer naaktfoto’s van haar op Instagram zal plaatsen. Verder heeft verdachte opnieuw een account op naam van aangeefster gecreëerd, te weten ‘ [account naam 2] ’. Dit was een normaal account, waarop een profielfoto van aangeefster met kleding was te zien. Verdachte heeft toen contacten die aangeefster volgden toegevoegd, waaronder vrienden en familie, en die mensen toegelaten het account te volgen. Ook stuurde verdachte vanaf 19 december 2024 vanuit die accounts veelvuldig berichten naar aangeefster en belde hij haar veelvuldig vanuit zijn eigen account. Zo schreef verdachte bijvoorbeeld op 3 januari 2025: “Ik verlaat jou niet in jouw dromen”. Aangeefster schreef naar hem dat hij haar niet meer moest schrijven.
Volledig
285b omschreven gedraging uitsluitend dan als inbreuk makend op de persoonlijke levenssfeer van een ander kan worden aangemerkt indien die ander voorafgaand aan die gedraging aan de verdachte kenbaar heeft gemaakt geen contact met hem te willen, is onjuist. Dit verweer snijdt naar het oordeel van de rechtbank overigens ook feitelijk geen hout: uit de bewijsmiddelen volgt dat verdachte wist dat aangeefster geen contact met hem wilde. Dit volgt, naast uit wat hiervoor daarover al is overwogen, uit zijn eigen verklaring dat aangeefster niet met hem wilde praten, haar telefoon niet opnam, verdachte blokkeerde en niet reageerde. Ook sprong verdachte op motorkap van aangeefster en probeerde hij in haar auto te komen om haar te dwingen met hem te praten. Het verweer van de verdediging met betrekking tot het opzet wordt dan ook verworpen. Door steeds contact te blijven opnemen met aangeefster en haar via trackers te volgen en haar telkens te verrassen met zijn aanwezigheid op plaatsen waar zij dit niet hoefde te verwachten, heeft verdachte aangeefster geen keuze gelaten in het al dan niet aanvaarden van dit contact met verdachte. Daarnaast volgt uit de bewijsmiddelen dat aangeefster aan verdachte moest beloven dat zij de telefoon zou oppakken als hij belt. De rechtbank is dan ook van oordeel dat verdachte aangeefster heeft gedwongen iets te doen en te dulden. De rechtbank acht dan ook het ten laste gelegde feit 1 wettig en overtuigend bewezen. Mishandeling De rechtbank stelt vast dat verdachte in de periode mei 2024 tot en met 8 oktober 2024 aangeefster met veel kracht in het gezicht heeft geslagen en haar keel heeft dichtgeknepen. De verdediging heeft aangevoerd dat verdachte moet worden vrijgesproken, omdat aangeefster niet heeft verklaard dat zij pijn en/of letsel heeft opgelopen ten gevolge van het slaan en het dichtknijpen van de keel. Het behoeft geen betoog dat het met kracht in het gezicht slaan op z’n minst genomen pijn oplevert. Ten aanzien van het dichtknijpen van de keel heeft aangeefster verklaard dat zij daardoor bijna geen adem kon halen. Het dichtknijpen van de keel heeft dus een onlust veroorzakende gewaarwording teweeggebracht. De rechtbank acht dan ook het ten laste gelegde feit 2 wettig en overtuigend bewezen. Wederspannigheid De rechtbank stelt vast dat verdachte zich tijdens zijn aanhouding klein heeft gemaakt, zich geprobeerd heeft los te trekken uit de greep van de verbalisanten, zijn armen strak tegen zijn borst aantrok en meerdere malen met gebalde vuist tegen het bovenlichaam van [ambtenaar 2] sloeg. Verdachte ontkent en heeft ter zitting verklaard dat het proces-verbaal onjuist is. De rechtbank ziet echter geen aanleiding om te twijfelen aan het daarover ambtsedig opgemaakte proces-verbaal. De rechtbank acht dan ook het ten laste gelegde feit 3 wettig en overtuigend bewezen. Parketnummer 05.042848.25 Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan beide ten laste gelegde feiten. Het standpunt van de verdediging De raadsman heeft bepleit dat verdachte integraal wordt vrijgesproken. De resultaten van het onderzoek aan de telefoon van verdachte moeten worden uitgesloten van het bewijs, omdat sprake is van een vormverzuim. Voor het doorzoeken van de telefoon was namelijk geen rechterlijke machtiging. Verder bevat het dossier onvoldoende bewijs om tot een bewezenverklaring te komen. Ten aanzien van het videobellen blijkt uit het dossier niet of dat binnen de ten laste gelegde periode is geweest. Subsidiair heeft de raadsman bepleit dat niet voldoende is aangetoond dat verdachte de naaktbeelden openbaar heeft gemaakt, omdat de betreffende foto’s niet op zijn telefoon en ook niet op de metadata van zijn telefoon zijn aangetroffen. Verder heeft de politie onvoldoende onderzoek gedaan. Er is bijvoorbeeld geen onderzoek gedaan naar een kennelijk tweede telefoon van verdachte of naar wie toegang had tot van het e-mailaccount van verdachte. De mogelijkheid bestaat dat andere mensen het wachtwoord van het e-mailaccount van verdachte hebben geraden en zijn binnengedrongen. Ditzelfde geldt voor het telefoonnummer van verdachte. Er is geen onderzoek gedaan naar SIM-swapping, waarbij de simkaart als het ware tijdelijk wordt overgenomen door een ander persoon. Beoordeling door de rechtbank Vormverzuim De rechtbank is van oordeel dat er weliswaar sprake is geweest van een niet herstelbaar vormverzuim in de zin van artikel 359a Sv, maar dat hier geen rechtsgevolg aan moet worden verbonden De rechtbank is van oordeel dat volgens de recente Landeck-jurisprudentie van het Europese Hof van Justitie en de daarop voortbouwende Hoge Raad-jurisprudentie voorafgaande toestemming van de rechter-commissaris is vereist voor onderzoek aan een smartphone, als te verwachten is dat dit onderzoek een meer dan geringe inbreuk zal opleveren op de persoonlijke levenssfeer van de gebruiker. Van zo’n inbreuk is volgens de Hoge Raad al sprake wanneer door het onderzoek inzicht wordt verkregen in de communicatie die door middel van de smartphone is uitgewisseld. Nu het hoofddoel van het onderzoek aan de privételefoon was om meer dan een oppervlakkig inzicht te krijgen in de communicatie die daarmee was uitgewisseld, had het Openbaar Ministerie voorafgaand aan het onderzoek toestemming moeten vragen aan de rechter-commissaris. Doordat dit niet is gedaan, is sprake van een onherstelbaar vormverzuim in de zin van artikel 359a Sv. De rechtbank zal echter geen rechtsgevolgen verbinden aan dit vormverzuim, op grond van het volgende. Gelet op de aard en ernst de verdenkingen (belaging en verspreiden naaktfoto’s) in het kader waarvan het onderzoek aan de telefoon is verricht, stelt de rechtbank vast dat de rechter-commissaris, indien daartoe verzocht, toestemming zou hebben gegeven om de privételefoon te onderzoeken. Het nadeel zou dus ook zijn ontstaan op het moment dat er wel een machtiging was. Bovenstaande leidt ertoe dat de rechtbank geen rechtsgevolg verbindt aan het vormverzuim, en de informatie die door het onderzoek van de privételefoon is verkregen voor het bewijs kan en zal gebruiken. Feiten 1 en 2 Aangeefster [aangever] heeft verklaard dat zij een relatie had met verdachte en dat hij toen toegang had tot haar telefoon. Op die telefoon stonden (deels) naaktfoto’s van aangeefster. Verdachte heeft die foto’s gedeeld met zijn eigen telefoon. Ook had verdachte met zijn telefoon naaktfoto’s van aangeefster gemaakt. Verder heeft aangeefster verklaard dat verdachte sinds 17 december 2024 op verschillende momenten verschillende Instagram-accounts op haar naam had gemaakt en vanaf 27 december 2024 op meerdere van die accounts naaktfoto’s van haar had geplaatst. Eén van die accounts werd op 30 december 2024 gemaakt onder de accountnaam [account naam 1] . Dit account had elf volgers en er was één post geplaatst. Dit betrof een naaktfoto van aangeefster met als omschrijving: “Ik ben [aangever] , ik kom uit [plaats] . Ik heb praktijkervaring met jongens en kan je doorsturen." Aangeefster heeft toen direct verdachte verzocht deze post te verwijderen. Dit deed hij toen. Verdachte gaf aan dat hij de post had geplaatst zodat aangeefster contact met hem zou opnemen. Ook heeft verdachte tegen haar gezegd dat als zij de telefoon niet opneemt of hem niet terugbelt dat hij weer naaktfoto’s van haar op Instagram zal plaatsen. Verder heeft verdachte opnieuw een account op naam van aangeefster gecreëerd, te weten ‘ [account naam 2] ’. Dit was een normaal account, waarop een profielfoto van aangeefster met kleding was te zien. Verdachte heeft toen contacten die aangeefster volgden toegevoegd, waaronder vrienden en familie, en die mensen toegelaten het account te volgen. Ook stuurde verdachte vanaf 19 december 2024 vanuit die accounts veelvuldig berichten naar aangeefster en belde hij haar veelvuldig vanuit zijn eigen account. Zo schreef verdachte bijvoorbeeld op 3 januari 2025: “Ik verlaat jou niet in jouw dromen”. Aangeefster schreef naar hem dat hij haar niet meer moest schrijven.
Volledig
Verdachte reageerde: "Ik wacht op jou en ik wil jou." Hierna heeft aangeefster hem geblokkeerd. Op 10 januari 2025 heeft aangeefster een screenshot gemaakt van een Instagram-videogesprek met verdachte. Verdachte nam contact met haar op. Aangeefster heeft iedere keer gezegd dat zij niet met hem wilde zijn en dat hij geen contact meer met haar moest zoeken. Ook heeft ze gezegd dat hij niet alleen haar foto’s, maar ook haar naam moest verwijderen. Op 13 januari 2025 heeft verdachte via het account ‘ [account 1] ’ geschreven: “Ik wacht op jouw oproep, als je dat niet doet, ga ik alles posten”. Tijdens het opnemen van de aangifte zag de verbalisant dat aangeefster werd gebeld. Hij hoorde aangeefster zeggen dat zij werd gebeld door verdachte via Instagram. De verbalisant zag de accountnaam ‘ [account 2] ’. De verbalisant zag dat aangeefster die dag eerder door hetzelfde account was gebeld. De politie deed onderzoek naar de door aangeefster genoemde accounts. De hieronder weergegeven accounts betreffen openbare accounts. De politie constateerde onder meer het volgende. De profielfoto’s van de accounts ‘ [account naam 5] ’, ‘ [account naam 4] ’, ‘ [account naam 1] ’ en ‘ [account naam 3] ’ betroffen een foto van aangeefster, waarop zij haar blote borsten fotografeert. Het account ‘ [account naam 1] ’ had één post, te weten een naaktfoto van aangeefster, waarop zij tot net onder haar middel op staat, met de tekst: “Ik kom uit plaats [plaats] , ik houd van jongens het hoofd op hol brengen, van lul afzuigen, ik heb veel praktijk ervaring, als je wilt kan ik je privé een video sturen, en in het echie ben ik lief”. Ook het account ‘ [account naam 6] ’ had de tekst: “Ik kom uit plaats [plaats] , ik houd van jongens het hoofd op hol brengen, van lul afzuigen, ik heb veel praktijkervaring, als je wilt kan ik je privé een video sturen, en in het echie ben ik lief”. Verder waren er nog drie naaktfoto’s van aangeefster gepost. Ook het account ‘ [account naam 3] ’ had een post, betreffende een naaktfoto van aangeefster. Op screenshots die aangeefster had gemaakt is te zien dat op eerder genoemde Instagramaccounts naaktfoto’s van aangeefster zijn geplaatst. Op 17 januari 2025 ontving een verbalisant screenshots die aangeefster had gemaakt. Daarop was te zien dat het Instagramaccount ‘ [account 2] ’ aangeefster op 17 januari meerdere keren geprobeerd had te bellen en berichten aan haar had verstuurd. Verdachte heeft verklaard dat [naam] de naam van zijn vriendin is. Verdachte had tijdens zijn aanhouding op 18 januari 2025 een Samsung Galaxy A15 bij zich. De inhoud van deze telefoon werd onderzocht. Hierop was te zien dat verdachte verschillende berichten van Instagram had ontvangen op zijn e-mailadres [e-mail address] . Op 26 december 2024 was er een verificatiemail van account ‘ [account naam 5] ’, op 29 december 2024 een verificatiemail van account ‘ [account naam 4] ’ en op 30 december 2024 een bericht van Instagram: “u kunt uw account [account naam 5] weer gebruiken”. De politie heeft ook onderzoek gedaan naar de gebruikersgegevens van de door aangeefster genoemde Instagram-accounts. Uit dit onderzoek komt naar voren dat accounts ‘ [account naam 2] ’ en ‘ [account naam 5] ’ zijn geregistreerd middels telefoonnummer: + [telefoonnummer] . Dit nummer is in gebruik bij verdachte. Gelet op de genoemde bewijsmiddelen, in onderling verband en in samenhang gezien, is de rechtbank van oordeel dat verdachte in de periode van 17 december 2024 tot en met 17 januari 2025 meerdere Instagram-accounts op naam van aangeefster heeft aangemaakt en op sommige accounts naaktfoto’s van aangeefster heeft geplaatst, waaronder twee keer met een tekst over aangeefster en dat hij aangeefster veelvuldig berichten heeft gestuurd en gebeld. Op grond van met name de aard en frequentie van de gedragingen van verdachte in de periode van een maand is de rechtbank van oordeel dat sprake is geweest van een wederrechtelijke stelselmatige inbreuk op de persoonlijke levenssfeer van aangeefster. Verdachte heeft de naaktfoto’s geplaatst om contact met aangeefster af te dwingen. Aangeefster heeft verdachte diverse keren verzocht te stoppen met zijn gedrag. Verdachte vertelde haar dat als zij de telefoon niet opneemt of hem niet terugbelt dat hij weer naaktfoto’s van haar op Instagram zou plaatsen. De rechtbank is dan ook van oordeel dat, in combinatie met het veelvuldig contact opzoeken, verdachte aangeefster heeft gedwongen iets te doen en te dulden. Het door de raadsman aangedragen alternatieve scenario dat iemand anders via het e-mailadres en het telefoonnummer van verdachte de ten laste gelegde gedragingen heeft gepleegd acht de rechtbank, gelet op de gehele context, niet aannemelijk geworden. Daarbij is dit scenario onvoldoende onderbouwd met feiten. De rechtbank acht beide feiten wettig en overtuigend bewezen. 3 De bewezenverklaring Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat: Parketnummer 05.341340.24 1 hij op een of meer tijdstippen op of omstreeks de periode van 1 mei 2024 tot en met 27 oktober 2024 te [opvanglocatie 1] en/of te [opvanglocatie 2] en/of te [plaats] en/of te Arnhem, althans op een of meer plaatsen in Nederland, ( telkens ) wederrechtelijk stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op eens anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [aangever] , door onder meer - die [aangever] (zeer) veelvuldig te bellen en/of berichten te sturen en /of - zich meermalen op te houden bij de opvanglocatie te [opvanglocatie 2] en/of te [opvanglocatie 1] (alwaar die [aangever] woont en/of verblijft) en /of - die [aangever] meermalen op te zoeken bij de opvanglocatie in [opvanglocatie 2] en/of in [opvanglocatie 1] (alwaar die [aangever] woont en/of verblijft) en /of - die [aangever] te traceren door middel van het Imeinummer op haar mobiele telefoon en/of een app en /of - een of meer GPS-trackers onder en/of in de auto van die [aangever] te plaatsen en /of - die [aangever] meermalen te (achter)volgen in de auto en /of - die [aangever] meermalen op te wachten en /of op te zoeken en /of aan te spreken bij/op het werk van die [aangever] en /of op straat en /of op de openbare weg en /of - de auto van die [aangever] meermalen binnen te dringen en /of op de (motorkap) van de auto te gaan liggen ( en daarmee die [aangever] te beletten weg te rijden ) en /of - die [aangever] meermalen, althans eenmaal, (met kracht) in het gezicht te slaan en /of de keel dicht te knijpen en/of de keel dichtgedrukt te houden , met het oogmerk die [aangever] , te dwingen iets te doen en niet te doen, te dulden en/of vrees aan te jagen ; 2 hij op een of meer tijdstippen op of omstreeks in de periode van 1 mei 2024 tot en met 8 oktober 2024 te [opvanglocatie 1] en/of te [opvanglocatie 2] , althans op een of meer plaatsen in Nederland, [aangever] heeft mishandeld door die [aangever] (met kracht) meermalen, althans eenmaal - in het gezicht, althans op/tegen het hoofd te slaan en /of - bij de keel te pakken en /of de keel dicht te knijpen en /of dichtgedrukt te houden; 3 hij op of omstreeks 27 oktober 2024 te [opvanglocatie 1] , zich met geweld en/of bedreiging met geweld, heeft verzet tegen een of meer ambtena (a) r ( en ) , [ambtenaar 1] , brigadier van politie Eenheid Oost- Nederland en /of [ambtenaar 2] , brigadier van politie Eenheid Oost- Nederland, werkzaam in de rechtmatige uitoefening van zijn/ hun bediening, te weten ter aanhouding van verdachte door - zich klein te maken en /of los te trekken uit de greep van voornoemde ambtena(a)r(en) en /of - de armen strak tegen de borst aan te trekken en /of te houden (teneinde het aanleggen van handboeien te voorkomen) en /of - die [ambtenaar 2] meermalen, althans eenmaal, op/tegen het lichaam te slaan en/of te stompen.
Volledig
Verdachte reageerde: "Ik wacht op jou en ik wil jou." Hierna heeft aangeefster hem geblokkeerd. Op 10 januari 2025 heeft aangeefster een screenshot gemaakt van een Instagram-videogesprek met verdachte. Verdachte nam contact met haar op. Aangeefster heeft iedere keer gezegd dat zij niet met hem wilde zijn en dat hij geen contact meer met haar moest zoeken. Ook heeft ze gezegd dat hij niet alleen haar foto’s, maar ook haar naam moest verwijderen. Op 13 januari 2025 heeft verdachte via het account ‘ [account 1] ’ geschreven: “Ik wacht op jouw oproep, als je dat niet doet, ga ik alles posten”. Tijdens het opnemen van de aangifte zag de verbalisant dat aangeefster werd gebeld. Hij hoorde aangeefster zeggen dat zij werd gebeld door verdachte via Instagram. De verbalisant zag de accountnaam ‘ [account 2] ’. De verbalisant zag dat aangeefster die dag eerder door hetzelfde account was gebeld. De politie deed onderzoek naar de door aangeefster genoemde accounts. De hieronder weergegeven accounts betreffen openbare accounts. De politie constateerde onder meer het volgende. De profielfoto’s van de accounts ‘ [account naam 5] ’, ‘ [account naam 4] ’, ‘ [account naam 1] ’ en ‘ [account naam 3] ’ betroffen een foto van aangeefster, waarop zij haar blote borsten fotografeert. Het account ‘ [account naam 1] ’ had één post, te weten een naaktfoto van aangeefster, waarop zij tot net onder haar middel op staat, met de tekst: “Ik kom uit plaats [plaats] , ik houd van jongens het hoofd op hol brengen, van lul afzuigen, ik heb veel praktijk ervaring, als je wilt kan ik je privé een video sturen, en in het echie ben ik lief”. Ook het account ‘ [account naam 6] ’ had de tekst: “Ik kom uit plaats [plaats] , ik houd van jongens het hoofd op hol brengen, van lul afzuigen, ik heb veel praktijkervaring, als je wilt kan ik je privé een video sturen, en in het echie ben ik lief”. Verder waren er nog drie naaktfoto’s van aangeefster gepost. Ook het account ‘ [account naam 3] ’ had een post, betreffende een naaktfoto van aangeefster. Op screenshots die aangeefster had gemaakt is te zien dat op eerder genoemde Instagramaccounts naaktfoto’s van aangeefster zijn geplaatst. Op 17 januari 2025 ontving een verbalisant screenshots die aangeefster had gemaakt. Daarop was te zien dat het Instagramaccount ‘ [account 2] ’ aangeefster op 17 januari meerdere keren geprobeerd had te bellen en berichten aan haar had verstuurd. Verdachte heeft verklaard dat [naam] de naam van zijn vriendin is. Verdachte had tijdens zijn aanhouding op 18 januari 2025 een Samsung Galaxy A15 bij zich. De inhoud van deze telefoon werd onderzocht. Hierop was te zien dat verdachte verschillende berichten van Instagram had ontvangen op zijn e-mailadres [e-mail address] . Op 26 december 2024 was er een verificatiemail van account ‘ [account naam 5] ’, op 29 december 2024 een verificatiemail van account ‘ [account naam 4] ’ en op 30 december 2024 een bericht van Instagram: “u kunt uw account [account naam 5] weer gebruiken”. De politie heeft ook onderzoek gedaan naar de gebruikersgegevens van de door aangeefster genoemde Instagram-accounts. Uit dit onderzoek komt naar voren dat accounts ‘ [account naam 2] ’ en ‘ [account naam 5] ’ zijn geregistreerd middels telefoonnummer: + [telefoonnummer] . Dit nummer is in gebruik bij verdachte. Gelet op de genoemde bewijsmiddelen, in onderling verband en in samenhang gezien, is de rechtbank van oordeel dat verdachte in de periode van 17 december 2024 tot en met 17 januari 2025 meerdere Instagram-accounts op naam van aangeefster heeft aangemaakt en op sommige accounts naaktfoto’s van aangeefster heeft geplaatst, waaronder twee keer met een tekst over aangeefster en dat hij aangeefster veelvuldig berichten heeft gestuurd en gebeld. Op grond van met name de aard en frequentie van de gedragingen van verdachte in de periode van een maand is de rechtbank van oordeel dat sprake is geweest van een wederrechtelijke stelselmatige inbreuk op de persoonlijke levenssfeer van aangeefster. Verdachte heeft de naaktfoto’s geplaatst om contact met aangeefster af te dwingen. Aangeefster heeft verdachte diverse keren verzocht te stoppen met zijn gedrag. Verdachte vertelde haar dat als zij de telefoon niet opneemt of hem niet terugbelt dat hij weer naaktfoto’s van haar op Instagram zou plaatsen. De rechtbank is dan ook van oordeel dat, in combinatie met het veelvuldig contact opzoeken, verdachte aangeefster heeft gedwongen iets te doen en te dulden. Het door de raadsman aangedragen alternatieve scenario dat iemand anders via het e-mailadres en het telefoonnummer van verdachte de ten laste gelegde gedragingen heeft gepleegd acht de rechtbank, gelet op de gehele context, niet aannemelijk geworden. Daarbij is dit scenario onvoldoende onderbouwd met feiten. De rechtbank acht beide feiten wettig en overtuigend bewezen. 3 De bewezenverklaring Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat: Parketnummer 05.341340.24 1 hij op een of meer tijdstippen op of omstreeks de periode van 1 mei 2024 tot en met 27 oktober 2024 te [opvanglocatie 1] en/of te [opvanglocatie 2] en/of te [plaats] en/of te Arnhem, althans op een of meer plaatsen in Nederland, ( telkens ) wederrechtelijk stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op eens anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [aangever] , door onder meer - die [aangever] (zeer) veelvuldig te bellen en/of berichten te sturen en /of - zich meermalen op te houden bij de opvanglocatie te [opvanglocatie 2] en/of te [opvanglocatie 1] (alwaar die [aangever] woont en/of verblijft) en /of - die [aangever] meermalen op te zoeken bij de opvanglocatie in [opvanglocatie 2] en/of in [opvanglocatie 1] (alwaar die [aangever] woont en/of verblijft) en /of - die [aangever] te traceren door middel van het Imeinummer op haar mobiele telefoon en/of een app en /of - een of meer GPS-trackers onder en/of in de auto van die [aangever] te plaatsen en /of - die [aangever] meermalen te (achter)volgen in de auto en /of - die [aangever] meermalen op te wachten en /of op te zoeken en /of aan te spreken bij/op het werk van die [aangever] en /of op straat en /of op de openbare weg en /of - de auto van die [aangever] meermalen binnen te dringen en /of op de (motorkap) van de auto te gaan liggen ( en daarmee die [aangever] te beletten weg te rijden ) en /of - die [aangever] meermalen, althans eenmaal, (met kracht) in het gezicht te slaan en /of de keel dicht te knijpen en/of de keel dichtgedrukt te houden , met het oogmerk die [aangever] , te dwingen iets te doen en niet te doen, te dulden en/of vrees aan te jagen ; 2 hij op een of meer tijdstippen op of omstreeks in de periode van 1 mei 2024 tot en met 8 oktober 2024 te [opvanglocatie 1] en/of te [opvanglocatie 2] , althans op een of meer plaatsen in Nederland, [aangever] heeft mishandeld door die [aangever] (met kracht) meermalen, althans eenmaal - in het gezicht, althans op/tegen het hoofd te slaan en /of - bij de keel te pakken en /of de keel dicht te knijpen en /of dichtgedrukt te houden; 3 hij op of omstreeks 27 oktober 2024 te [opvanglocatie 1] , zich met geweld en/of bedreiging met geweld, heeft verzet tegen een of meer ambtena (a) r ( en ) , [ambtenaar 1] , brigadier van politie Eenheid Oost- Nederland en /of [ambtenaar 2] , brigadier van politie Eenheid Oost- Nederland, werkzaam in de rechtmatige uitoefening van zijn/ hun bediening, te weten ter aanhouding van verdachte door - zich klein te maken en /of los te trekken uit de greep van voornoemde ambtena(a)r(en) en /of - de armen strak tegen de borst aan te trekken en /of te houden (teneinde het aanleggen van handboeien te voorkomen) en /of - die [ambtenaar 2] meermalen, althans eenmaal, op/tegen het lichaam te slaan en/of te stompen.
Volledig
Parketnummer 05.042848.25 1 hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 17 december 2024 tot en met 17 januari 2025 te Deventer, althans op één of meer plaatsen in Nederland, (telkens) wederrechtelijk stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op eens anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [aangever] , door - meermalen accounts aan te maken op sociale media/Instagram (al dan niet) op naam van die [aangever] en /of - vrienden en /of familieleden en /of bekenden van die [aangever] toe te voegen op voornoemde accounts op Instragram en /of - op voornoemde accounts een of meer (naakt)foto's te plaatsen van die [aangever] en/of daarbij onder meer de tekst (in het Oekraïens) te plaatsen: "Ik kom uit plaats [plaats] , ik houd van jongens het hoofd op hol brengen, van lul afzuigen, ik heb veel praktijkervaring, als je wilt kan ik je privé een video sturen en in het echie ben ik lief", althans woorden van gelijke aard en/of strekking en /of - die [aangever] (daarbij) berichten te sturen en /of te (video)bellen via voornoemde sociale media accounts/Instagram, met het oogmerk die [aangever] , te dwingen iets te doen, niet te doen, en te dulden en/of vrees aan te jagen ; 2 hij op één of meer tijdstippen op of omstreeks in de periode van 17 december 2024 tot en met 17 januari 2025 te Deventer, althans op één of meer plaatsen in Nederland, (telkens) een of meer visuele weergaven van seksuele aard, te weten een of meer foto's van een persoon, te weten [aangever] , waarop te zien is dat die [aangever] geheel naakt is en /of een geheel ontbloot bovenlijf heeft openbaar heeft gemaakt, terwijl verdachte wist dat die openbaarmaking nadelig voor die [aangever] kon zijn. Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad. Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken. 4 De kwalificatie van het bewezenverklaarde Het bewezenverklaarde levert op: Parketnummer 05.341340.24 Eendaadse samenloop van: feit 1: belaging en feit 2: mishandeling, meermalen gepleegd feit 3: wederspannigheid Parketnummer 05.042848.25 Eendaadse samenloop van: feit 1: belaging en feit 2: openbaar maken van een afbeelding van seksuele aard van een persoon, terwijl hij weet dat die openbaarmaking nadelig voor die persoon kan zijn, meermalen gepleegd 5 De strafbaarheid van de feiten De feiten zijn strafbaar. 6 De strafbaarheid van de verdachte Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk is geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. 7 De overwegingen ten aanzien van de straf en maatregel Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf gelijk aan de duur van het voorarrest, te weten 405 dagen, met aftrek van het voorarrest. Daarnaast heeft de officier van justitie een verzocht een art. 38v-maatregel op te leggen, inhoudende een contactverbod met aangeefster, voor de duur van 3 jaren. Het standpunt van de verdediging De raadsman heeft bepleit geen langere gevangenisstraf op te leggen dan de duur van het voorarrest. Ook heeft de raadsman bepleit geen art. 38v-maatregel op te leggen, omdat er dan sprake is van schijnveiligheid. Indien verdachte contact met aangeefster wil, dan zal een contactverbod hem er niet van weerhouden. Bovendien weet verdachte niet waar aangeefster verblijft. De beoordeling door de rechtbank De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf rekening gehouden met de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard en de omstandigheden waaronder dit is begaan. De rechtbank heeft verder rekening gehouden met de persoon en de omstandigheden van verdachte. Verdachte heeft zich twee maal schuldig gemaakt aan belaging van zijn ex-vriendin [aangever] . Daarbij heeft hij haar ook mishandeld en naaktfoto’s van haar op Instagram geplaatst. Verder heeft verdachte zich schuldig gemaakt aan wederspannigheid tijdens zijn aanhouding. Nadat de relatie tussen [aangever] en verdachte sinds mei 2024 was beëindigd heeft verdachte [aangever] veelvuldig gebeld, is hij meermalen naar haar verblijfplaatsen en (in de buurt van) haar werklocatie gegaan, heeft hij een GPS-tracker onder haar auto geplaatst en heeft hij haar achtervolgd. Ook is verdachte op enig moment op de motorkap van aangeefster gaan liggen en haar auto binnengedrongen, omdat hij met haar wilde praten. Tot slot heeft verdachte aangeefster in het gezicht geslagen en haar keel dichtgeknepen. Op 27 oktober 2024 is verdachte aangehouden, waarbij hij tijdens zijn aanhouding wederspannigheid heeft gepleegd. Verdachte is vervolgens in voorarrest gezet. Op 19 december 2024 is de voorlopige hechtenis van verdachte geschorst. Een dag later is verdachte begonnen met het maken van Instagram-account op naam van [aangever] en heeft hij in een periode van een maand, tot zijn aanhouding, meerdere keren naaktfoto’s van [aangever] op verschillende Instagram-accounts geplaatst en heeft hij haar veelvuldig berichten gestuurd en gebeld. Belaging, in het normaal spraakgebruik ook wel stalking genoemd, is een zeer hinderlijk vrijheid benemend en angstaanjagend feit. Stalking heeft in de regel enorm negatieve en vaak schadelijke gevolgen voor slachtoffers, omdat zij constant geconfronteerd worden met ongewenst contact en daardoor beperkt worden in hun vrijheid en hun gevoel van veiligheid en privacy. Verder kunnen de psychische gevolgen voor slachtoffers van misbruik van seksueel beeldmateriaal ernstig en langdurig zijn. Zij kampen veelal met gevoelens zoals schaamte, onmacht, onveiligheid en wantrouwen. Hierbij speelt een rol dat eenmaal verspreid materiaal vaak niet (volledig) verwijderd en vernietigd kan worden, zodat slachtoffers ook na de publicatie hiermee nog gedurende lange tijd geconfronteerd kunnen worden. Uit het strafblad van verdachte van 1 april 2025 blijkt dat verdachte niet eerder onherroepelijk voor soortgelijke misdrijven is veroordeeld. Uit de Pro Justitia-rapportage volgt dat bij verdachte sprake is van kenmerken van B-cluster persoonlijkheidsproblematiek, echter zonder dat verdachte voldoet aan de kenmerken van een specifieke persoonlijkheidsstoornis en zonder dat de achtergrond van deze kenmerken volledig te verduidelijken zijn. In termen van de DSM-5TR wordt geconcludeerd tot een ongespecificeerde persoonlijkheidsstoornis (antisociale en narcistische trekken). In de periode van de ten laste gelegde feiten was hier, gegeven het structurele karakter van de persoonlijkheidsproblematiek en afgaand op dossierinformatie, sprake van. De psychiater kan geen uitspraak doen over of de stoornis verdachte zijn gedragskeuzes en gedragingen ten tijde van het ten laste gelegde beïnvloedde. Ook kan er geen uitspraak worden gedaan over het recidiverisico. In zijn algemeenheid kan wel worden benoemd dat er, op basis van de beperkte informatie over het ontwikkelingsverloop, het detentieverloop en de (mogelijk nog niet onherroepelijke) eerdere veroordeling van een gewelddadig feit, een verhoogd risico is op herhaling van gewelddadig gedrag. De psychiater beveelt geen interventies aan, maar ziet wel gronden om, op basis van collaterale informatie, verdachte te adviseren (vrijwillige) professionele hulp te zoeken, zoals ook al eerder, voorafgaand aan detentie, door de huisarts werd geadviseerd. Gezien het verloop van het korte reclasseringstraject (december 2024- januari 2025) zijn er twijfels aan verdachtes mogelijkheden om zich te voegen naar hem op te leggen bijzondere voorwaarden binnen een reclasseringstoezicht en/of een behandeling te volgen binnen eventueel opgelegde bijzondere voorwaarden. De reclassering onthoudt zich van advies, omdat verdachte onvoldoende heeft meegewerkt aan gedragskundig onderzoek. Hierdoor is het voor de reclassering niet mogelijk geweest om een gedegen plan van aanpak voor een verantwoord risicomanagement op te stellen en kan zij niet inschatten of zij uitvoering kan geven aan een effectief toezicht.
Volledig
Parketnummer 05.042848.25 1 hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 17 december 2024 tot en met 17 januari 2025 te Deventer, althans op één of meer plaatsen in Nederland, (telkens) wederrechtelijk stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op eens anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [aangever] , door - meermalen accounts aan te maken op sociale media/Instagram (al dan niet) op naam van die [aangever] en /of - vrienden en /of familieleden en /of bekenden van die [aangever] toe te voegen op voornoemde accounts op Instragram en /of - op voornoemde accounts een of meer (naakt)foto's te plaatsen van die [aangever] en/of daarbij onder meer de tekst (in het Oekraïens) te plaatsen: "Ik kom uit plaats [plaats] , ik houd van jongens het hoofd op hol brengen, van lul afzuigen, ik heb veel praktijkervaring, als je wilt kan ik je privé een video sturen en in het echie ben ik lief", althans woorden van gelijke aard en/of strekking en /of - die [aangever] (daarbij) berichten te sturen en /of te (video)bellen via voornoemde sociale media accounts/Instagram, met het oogmerk die [aangever] , te dwingen iets te doen, niet te doen, en te dulden en/of vrees aan te jagen ; 2 hij op één of meer tijdstippen op of omstreeks in de periode van 17 december 2024 tot en met 17 januari 2025 te Deventer, althans op één of meer plaatsen in Nederland, (telkens) een of meer visuele weergaven van seksuele aard, te weten een of meer foto's van een persoon, te weten [aangever] , waarop te zien is dat die [aangever] geheel naakt is en /of een geheel ontbloot bovenlijf heeft openbaar heeft gemaakt, terwijl verdachte wist dat die openbaarmaking nadelig voor die [aangever] kon zijn. Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad. Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken. 4 De kwalificatie van het bewezenverklaarde Het bewezenverklaarde levert op: Parketnummer 05.341340.24 Eendaadse samenloop van: feit 1: belaging en feit 2: mishandeling, meermalen gepleegd feit 3: wederspannigheid Parketnummer 05.042848.25 Eendaadse samenloop van: feit 1: belaging en feit 2: openbaar maken van een afbeelding van seksuele aard van een persoon, terwijl hij weet dat die openbaarmaking nadelig voor die persoon kan zijn, meermalen gepleegd 5 De strafbaarheid van de feiten De feiten zijn strafbaar. 6 De strafbaarheid van de verdachte Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk is geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. 7 De overwegingen ten aanzien van de straf en maatregel Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf gelijk aan de duur van het voorarrest, te weten 405 dagen, met aftrek van het voorarrest. Daarnaast heeft de officier van justitie een verzocht een art. 38v-maatregel op te leggen, inhoudende een contactverbod met aangeefster, voor de duur van 3 jaren. Het standpunt van de verdediging De raadsman heeft bepleit geen langere gevangenisstraf op te leggen dan de duur van het voorarrest. Ook heeft de raadsman bepleit geen art. 38v-maatregel op te leggen, omdat er dan sprake is van schijnveiligheid. Indien verdachte contact met aangeefster wil, dan zal een contactverbod hem er niet van weerhouden. Bovendien weet verdachte niet waar aangeefster verblijft. De beoordeling door de rechtbank De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf rekening gehouden met de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard en de omstandigheden waaronder dit is begaan. De rechtbank heeft verder rekening gehouden met de persoon en de omstandigheden van verdachte. Verdachte heeft zich twee maal schuldig gemaakt aan belaging van zijn ex-vriendin [aangever] . Daarbij heeft hij haar ook mishandeld en naaktfoto’s van haar op Instagram geplaatst. Verder heeft verdachte zich schuldig gemaakt aan wederspannigheid tijdens zijn aanhouding. Nadat de relatie tussen [aangever] en verdachte sinds mei 2024 was beëindigd heeft verdachte [aangever] veelvuldig gebeld, is hij meermalen naar haar verblijfplaatsen en (in de buurt van) haar werklocatie gegaan, heeft hij een GPS-tracker onder haar auto geplaatst en heeft hij haar achtervolgd. Ook is verdachte op enig moment op de motorkap van aangeefster gaan liggen en haar auto binnengedrongen, omdat hij met haar wilde praten. Tot slot heeft verdachte aangeefster in het gezicht geslagen en haar keel dichtgeknepen. Op 27 oktober 2024 is verdachte aangehouden, waarbij hij tijdens zijn aanhouding wederspannigheid heeft gepleegd. Verdachte is vervolgens in voorarrest gezet. Op 19 december 2024 is de voorlopige hechtenis van verdachte geschorst. Een dag later is verdachte begonnen met het maken van Instagram-account op naam van [aangever] en heeft hij in een periode van een maand, tot zijn aanhouding, meerdere keren naaktfoto’s van [aangever] op verschillende Instagram-accounts geplaatst en heeft hij haar veelvuldig berichten gestuurd en gebeld. Belaging, in het normaal spraakgebruik ook wel stalking genoemd, is een zeer hinderlijk vrijheid benemend en angstaanjagend feit. Stalking heeft in de regel enorm negatieve en vaak schadelijke gevolgen voor slachtoffers, omdat zij constant geconfronteerd worden met ongewenst contact en daardoor beperkt worden in hun vrijheid en hun gevoel van veiligheid en privacy. Verder kunnen de psychische gevolgen voor slachtoffers van misbruik van seksueel beeldmateriaal ernstig en langdurig zijn. Zij kampen veelal met gevoelens zoals schaamte, onmacht, onveiligheid en wantrouwen. Hierbij speelt een rol dat eenmaal verspreid materiaal vaak niet (volledig) verwijderd en vernietigd kan worden, zodat slachtoffers ook na de publicatie hiermee nog gedurende lange tijd geconfronteerd kunnen worden. Uit het strafblad van verdachte van 1 april 2025 blijkt dat verdachte niet eerder onherroepelijk voor soortgelijke misdrijven is veroordeeld. Uit de Pro Justitia-rapportage volgt dat bij verdachte sprake is van kenmerken van B-cluster persoonlijkheidsproblematiek, echter zonder dat verdachte voldoet aan de kenmerken van een specifieke persoonlijkheidsstoornis en zonder dat de achtergrond van deze kenmerken volledig te verduidelijken zijn. In termen van de DSM-5TR wordt geconcludeerd tot een ongespecificeerde persoonlijkheidsstoornis (antisociale en narcistische trekken). In de periode van de ten laste gelegde feiten was hier, gegeven het structurele karakter van de persoonlijkheidsproblematiek en afgaand op dossierinformatie, sprake van. De psychiater kan geen uitspraak doen over of de stoornis verdachte zijn gedragskeuzes en gedragingen ten tijde van het ten laste gelegde beïnvloedde. Ook kan er geen uitspraak worden gedaan over het recidiverisico. In zijn algemeenheid kan wel worden benoemd dat er, op basis van de beperkte informatie over het ontwikkelingsverloop, het detentieverloop en de (mogelijk nog niet onherroepelijke) eerdere veroordeling van een gewelddadig feit, een verhoogd risico is op herhaling van gewelddadig gedrag. De psychiater beveelt geen interventies aan, maar ziet wel gronden om, op basis van collaterale informatie, verdachte te adviseren (vrijwillige) professionele hulp te zoeken, zoals ook al eerder, voorafgaand aan detentie, door de huisarts werd geadviseerd. Gezien het verloop van het korte reclasseringstraject (december 2024- januari 2025) zijn er twijfels aan verdachtes mogelijkheden om zich te voegen naar hem op te leggen bijzondere voorwaarden binnen een reclasseringstoezicht en/of een behandeling te volgen binnen eventueel opgelegde bijzondere voorwaarden. De reclassering onthoudt zich van advies, omdat verdachte onvoldoende heeft meegewerkt aan gedragskundig onderzoek. Hierdoor is het voor de reclassering niet mogelijk geweest om een gedegen plan van aanpak voor een verantwoord risicomanagement op te stellen en kan zij niet inschatten of zij uitvoering kan geven aan een effectief toezicht.
Volledig
De rechtbank is van oordeel dat gelet op de aard en de ernst van de feiten het opleggen van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf rechtvaardigt. Bij de bepaling van de duur van de gevangenisstraf heeft de rechtbank acht geslagen op straffen die in soortgelijke zaken worden opgelegd. De rechtbank weegt daarbij in strafverzwarende zin mee dat verdachte direct nadat zijn voorlopige hechtenis werd geschorst het slachtoffer opnieuw is gaan stalken. De rechtbank acht daarom een flinke gevangenisstraf, voor de duur van één jaar, met aftrek van het voorarrest, passend en geboden. Daarbij ziet de rechtbank de noodzaak een maatregel te treffen ter bescherming van het slachtoffer van de belagingen en zal daarom aan verdachte een maatregel strekkende tot beperking van de vrijheid ex artikel 38v Sr opleggen, ter voorkoming van strafbare feiten gericht tegen [aangever] . De maatregel bestaat uit een contactverbod met [aangever] voor de duur van drie jaren en voor iedere keer dat de verdachte niet aan de maatregel voldoet één maand hechtenis, waarbij de totale duur van de ten uitvoer gelegde vervangende hechtenis ten hoogste zes maanden bedraagt. Ter bescherming [aangever] zal de rechtbank de maatregel ook dadelijk uitvoerbaar verklaren, omdat er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat verdachte opnieuw een strafbaar feit pleegt of zich belastend gedraagt richting [aangever] , gelet op het hardnekkige stalkingsgedrag van verdachte jegens [aangever] . 8 De beoordeling van het beslag De rechtbank zal de teruggave van de Samsung telefoon (goednummer PL0600-2025022222-3375767) en de Xiaomi telefoon (goednummer PL0600-2025022222-3375771) aan verdachte gelasten omdat geen strafvorderlijk belang zich daartegen verzet. 9 De toegepaste wettelijke bepalingen De oplegging van de straf en maatregel is gegrond op de artikelen 38v, 38w, 55, 57, 180, 254ba, 285b en 300 van het Wetboek van Strafrecht. 10 De beslissing De rechtbank: verklaart bewezen dat verdachte de ten laste gelegde feiten, zoals vermeld onder ‘De bewezenverklaring’, heeft begaan; verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij; verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert de strafbare feiten zoals vermeld onder ‘De kwalificatie van het bewezenverklaarde’; verklaart verdachte hiervoor strafbaar; veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van één jaar ; beveelt dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht; legt een vrijheidsbeperkende maatregel op grond van artikel 38v van het Wetboek van Strafrecht op, inhoudende een contactverbod . Het contactverbod houdt in dat verdachte gedurende 3 jaren zich onthoudt van – direct of indirect – contact met [aangever] , geboren op [geboortedag] 1992 in Oekraïne. beveelt dat vervangende hechtenis zal worden toegepast voor het geval niet aan de maatregel wordt voldaan. De duur van deze vervangende hechtenis bedraagt ten hoogste 1 maand voor iedere keer dat niet aan de maatregel wordt voldaan, met een maximum van zes maanden in totaal. Toepassing van de vervangende hechtenis heft de verplichtingen op grond van de opgelegde maatregel niet op. beveelt dat de maatregel dadelijk uitvoerbaar is; gelast de teruggave van de Samsung telefoon (goednummer PL0600-2025022222-3375767) en de Xiaomi telefoon (goednummer PL0600-2025022222-3375771) aan verdachte. Dit vonnis is gewezen door mr. L.C.P. Goossens (voorzitter), mr. A. Tegelaar en mr. J. Wiersma, rechters, in tegenwoordigheid van mr. T.J. Schoen, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 5 maart 2026. Mrs. Tegelaar en Wiersma zijn buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen. Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door [verbalisant 1] van de politie Oost-Nederland, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600-2024506074, gesloten op 18 december 2024 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld. Het proces-verbaal van aangifte van [aangever] , p. 69 t/m 73. Het proces-verbaal van aangifte van [aangever] , p. 39 en 40. Het proces-verbaal van verhoor getuige [getuige 2] , p. 127 en 128. Het proces-verbaal van bevindingen, p. 89. Het proces-verbaal van bevindingen, p. 110 en 111. De verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 19 februari 2026. Het proces-verbaal van verhoor verdachte bij de rechter-commissaris d.d. 30 oktober 2024, p. 2. Het proces-verbaal van verhoor getuige [getuige 1] , p. 139. Het proces-verbaal van aanhouding, p. 20 t/m 23. Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door [verbalisant 2] van de politie Oost-Nederland, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600-2025022222, gesloten op 6 april 2025 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld. Het proces-verbaal van aangifte van [aangever] , p. 23 t/m 28. Het proces-verbaal van bevindingen, p. 52 t/m 55. Het proces-verbaal van bevindingen, p. 65 en 66. De verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 19 februari 2026. Het proces-verbaal van bevindingen, p. 107 t/m 110. Het proces-verbaal van bevindingen (aanvullend), p. 1 en 2.
Volledig
De rechtbank is van oordeel dat gelet op de aard en de ernst van de feiten het opleggen van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf rechtvaardigt. Bij de bepaling van de duur van de gevangenisstraf heeft de rechtbank acht geslagen op straffen die in soortgelijke zaken worden opgelegd. De rechtbank weegt daarbij in strafverzwarende zin mee dat verdachte direct nadat zijn voorlopige hechtenis werd geschorst het slachtoffer opnieuw is gaan stalken. De rechtbank acht daarom een flinke gevangenisstraf, voor de duur van één jaar, met aftrek van het voorarrest, passend en geboden. Daarbij ziet de rechtbank de noodzaak een maatregel te treffen ter bescherming van het slachtoffer van de belagingen en zal daarom aan verdachte een maatregel strekkende tot beperking van de vrijheid ex artikel 38v Sr opleggen, ter voorkoming van strafbare feiten gericht tegen [aangever] . De maatregel bestaat uit een contactverbod met [aangever] voor de duur van drie jaren en voor iedere keer dat de verdachte niet aan de maatregel voldoet één maand hechtenis, waarbij de totale duur van de ten uitvoer gelegde vervangende hechtenis ten hoogste zes maanden bedraagt. Ter bescherming [aangever] zal de rechtbank de maatregel ook dadelijk uitvoerbaar verklaren, omdat er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat verdachte opnieuw een strafbaar feit pleegt of zich belastend gedraagt richting [aangever] , gelet op het hardnekkige stalkingsgedrag van verdachte jegens [aangever] . 8 De beoordeling van het beslag De rechtbank zal de teruggave van de Samsung telefoon (goednummer PL0600-2025022222-3375767) en de Xiaomi telefoon (goednummer PL0600-2025022222-3375771) aan verdachte gelasten omdat geen strafvorderlijk belang zich daartegen verzet. 9 De toegepaste wettelijke bepalingen De oplegging van de straf en maatregel is gegrond op de artikelen 38v, 38w, 55, 57, 180, 254ba, 285b en 300 van het Wetboek van Strafrecht. 10 De beslissing De rechtbank: verklaart bewezen dat verdachte de ten laste gelegde feiten, zoals vermeld onder ‘De bewezenverklaring’, heeft begaan; verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij; verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert de strafbare feiten zoals vermeld onder ‘De kwalificatie van het bewezenverklaarde’; verklaart verdachte hiervoor strafbaar; veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van één jaar ; beveelt dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht; legt een vrijheidsbeperkende maatregel op grond van artikel 38v van het Wetboek van Strafrecht op, inhoudende een contactverbod . Het contactverbod houdt in dat verdachte gedurende 3 jaren zich onthoudt van – direct of indirect – contact met [aangever] , geboren op [geboortedag] 1992 in Oekraïne. beveelt dat vervangende hechtenis zal worden toegepast voor het geval niet aan de maatregel wordt voldaan. De duur van deze vervangende hechtenis bedraagt ten hoogste 1 maand voor iedere keer dat niet aan de maatregel wordt voldaan, met een maximum van zes maanden in totaal. Toepassing van de vervangende hechtenis heft de verplichtingen op grond van de opgelegde maatregel niet op. beveelt dat de maatregel dadelijk uitvoerbaar is; gelast de teruggave van de Samsung telefoon (goednummer PL0600-2025022222-3375767) en de Xiaomi telefoon (goednummer PL0600-2025022222-3375771) aan verdachte. Dit vonnis is gewezen door mr. L.C.P. Goossens (voorzitter), mr. A. Tegelaar en mr. J. Wiersma, rechters, in tegenwoordigheid van mr. T.J. Schoen, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 5 maart 2026. Mrs. Tegelaar en Wiersma zijn buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen. Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door [verbalisant 1] van de politie Oost-Nederland, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600-2024506074, gesloten op 18 december 2024 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld. Het proces-verbaal van aangifte van [aangever] , p. 69 t/m 73. Het proces-verbaal van aangifte van [aangever] , p. 39 en 40. Het proces-verbaal van verhoor getuige [getuige 2] , p. 127 en 128. Het proces-verbaal van bevindingen, p. 89. Het proces-verbaal van bevindingen, p. 110 en 111. De verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 19 februari 2026. Het proces-verbaal van verhoor verdachte bij de rechter-commissaris d.d. 30 oktober 2024, p. 2. Het proces-verbaal van verhoor getuige [getuige 1] , p. 139. Het proces-verbaal van aanhouding, p. 20 t/m 23. Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door [verbalisant 2] van de politie Oost-Nederland, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600-2025022222, gesloten op 6 april 2025 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld. Het proces-verbaal van aangifte van [aangever] , p. 23 t/m 28. Het proces-verbaal van bevindingen, p. 52 t/m 55. Het proces-verbaal van bevindingen, p. 65 en 66. De verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 19 februari 2026. Het proces-verbaal van bevindingen, p. 107 t/m 110. Het proces-verbaal van bevindingen (aanvullend), p. 1 en 2.