Rechtspraak
Rechtbank Gelderland
2026-02-18
ECLI:NL:RBGEL:2026:1614
Civiel recht; Burgerlijk procesrecht
Bodemzaak
883 tokens
=== VOLLEDIG ===
ECLI:NL:RBGEL:2026:1614 text/xml public 2026-03-24T14:37:01 2026-03-04 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Gelderland 2026-02-18 C/05/461700 / HA ZA 26-20 Uitspraak Bodemzaak NL Arnhem Civiel recht; Burgerlijk procesrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2026:1614 text/html public 2026-03-24T14:33:54 2026-03-24 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBGEL:2026:1614 Rechtbank Gelderland , 18-02-2026 / C/05/461700 / HA ZA 26-20 Consumentenovereenkomst (artikel 101 Rv). Ambtshalve beoordeling relatieve bevoegdheid (artikel 110 lid 1 Rv). Forumkeuzebeding heeft geen gevolg (artikel 108 lid 1 en 2 Rv). RECHTBANK Gelderland Civiel recht Zittingsplaats Arnhem Zaaknummer: C/05/461700 / HA ZA 26-20 Vonnis van 18 februari 2026 in de zaak van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid GELDERSCHE HOUTBOUW B.V. , gevestigd te Kootwijkerbroek (gemeente Barneveld), eisende partij, hierna te noemen: Geldersche Houtbouw, advocaat: mr. J.P. Voorn te Rotterdam, tegen [naam gedaagde] , wonende te [woonplaats] , gedaagde partij, hierna te noemen: [gedaagde] , niet verschenen. 1 De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding, - het herstelexploot van 29 december 2025, - het tegen [gedaagde] verleende verstek. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2 De beoordeling 2.1. Geldersche Houtbouw stelt met [gedaagde] een overeenkomst van aanneming van werk te hebben gesloten. Zij vordert betaling van € 102.900,00 aan openstaande facturen. Relatieve bevoegdheid 2.2. De zaak betreft een overeenkomst tussen een partij die handelt in de uitoefening van een beroep of bedrijf (Geldersche Houtbouw) en een natuurlijk persoon die niet handelt in de uitoefening van een beroep of bedrijf ( [gedaagde] ). Dat is een consumentenovereenkomst (artikel 101 Rv). In dat geval moet de rechtbank ambtshalve beoordelen of zij relatief bevoegd is (artikel 110 lid 1 Rv). 2.3. [gedaagde] woont in [woonplaats] . [woonplaats] ligt binnen het arrondissement van de rechtbank Midden-Nederland. Daarom is in beginsel de rechtbank Midden-Nederland relatief bevoegd de zaak te behandelen (artikel 99 lid 1 Rv). 2.4. Geldersche Houtbouw heeft [gedaagde] gedagvaard voor de rechtbank Gelderland, locatie Arnhem. Hieraan heeft zij artikel 20 van de volgens haar toepasselijke algemene voorwaarden ten grondslag gelegd, waarin een forumkeuze voor de rechtbank Gelderland is opgenomen. 2.5. Het forumkeuzebeding waar Geldersche Houtbouw zich op beroept, heeft geen gevolg. Immers betreft de zaak een consumentenovereenkomst en is de forumkeuze niet overeengekomen na ontstaan van het geschil en is het niet [gedaagde] die zich tot de rechtbank wendt (artikel 108 lid 1 en 2 Rv). De rechtbank Gelderland is daarom op basis van het forumkeuzebeding niet relatief bevoegd de zaak te behandelen. 2.6. De rechtbank zal de zaak verwijzen naar de rechtbank Midden-Nederland, afdeling civiel recht, locatie Lelystad (artikel 99 lid 1 Rv en het zaaksverdelingsreglement van de rechtbank Midden-Nederland). 3 De beslissing De rechtbank 3.1. verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het onderhavige geschil, 3.2. verwijst de zaak in de stand waarin zij zich bevindt naar de rechtbank Midden-Nederland, afdeling civiel recht, locatie Lelystad, 3.3. wijst partijen erop dat voor voortzetting van de procedure vereist is dat een van partijen de andere partij bij exploot oproept tegen een nieuwe roldatum. Dit vonnis is gewezen door mr. D.T. Boks en in het openbaar uitgesproken op 18 februari 2026.