Rechtspraak
Rechtbank Gelderland
2025-02-25
ECLI:NL:RBGEL:2025:2624
Civiel recht
Wraking
908 tokens
Dictum
RECHTBANK GELDERLAND, locatie Arnhem
Wrakingskamer
zaaknummer: C/05/446829 / KG RK 25-76
Dictum
van de wrakingskamer van de rechtbank op het verzoek van
[verzoeker],
gevestigd te [plaats]
hierna te noemen: verzoeker,
strekkende tot de wraking van
mr. L.J. de Kerpel - van de Poel,
rechter in deze rechtbank
hierna te noemen: de rechter.
Procesverloop
1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit het wrakingsverzoek per e-mail van 23 januari 2025 van de bestuurder van verzoeker.
2Het wrakingsverzoek
2.1
Het verzoek strekt tot wraking van de rechter in de handelszaak met procedurenummer C/05/432756 HA ZA 24/113.
Beoordeling
3.1.
Voordat tot inhoudelijke behandeling van het verzoek kan worden overgegaan dient te worden beoordeeld of het wrakingsverzoek ontvankelijk is.
3.2.
De wrakingskamer overweegt dat op grond van artikel 79 lid 2 Rechtsvordering (Rv) voor de zaak bekend onder C/05/432756 HA ZA 24/113 verplichte procesvertegenwoordiging geldt. De wet maakt met betrekking tot het doen van een verzoek tot wraking geen uitzondering op de verplichte procesvertegenwoordiging. Dit brengt met zich dat verzoeker slechts met bijstand van een advocaat een schriftelijk wrakingsverzoek kan indienen, wat wordt bevestigd in vaste jurisprudentie van de Hoge Raad (HR 18 december 1998, NJ 1999, 271). Dit volgt eveneens uit artikel 1 lid 2 van het wrakingsprotocol van deze rechtbank, luidende:
“1.2 In zaken waarin de partij zich verplicht moet laten vertegenwoordigen, moet het verzoek tot wraking op straffe van niet-ontvankelijkheid worden ingediend door een advocaat.”
3.3.
Het verzoek tot wraking is door de bestuurder van verzoeker persoonlijk ingediend. Op 30 januari 2025 is aan verzoeker per e-mail medegedeeld dat het schriftelijke wrakingsverzoek door een advocaat ondertekend moet zijn. Verzoeker is in de gelegenheid gesteld om dit gebrek binnen twee weken te herstellen en het wrakingsverzoek in de handelszaak met procedurenummer C/05/432756 HA ZA 24/113 alsnog ondertekend door een advocaat aan de griffie te doen toekomen. Verzoeker heeft dit gebrek echter niet hersteld.
3.4.
Het voorgaande leidt tot de conclusie dat verzoeker niet-ontvankelijk moet worden verklaard in het verzoek tot wraking.
Dictum
De wrakingskamer van de rechtbank:
- verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in het verzoek tot wraking.
Deze beslissing is gegeven door mr. M.J.C. van Leeuwen, voorzitter, mr. C.H. van Breevoort - de Bruin en mr. J.M.J.M. Doon, leden in tegenwoordigheid van de griffier [griffier] en in openbaar uitgesproken op 25 februari 2025.
de griffier de voorzitter
Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.