Rechtspraak
Rechtbank Gelderland
2025-10-15
ECLI:NL:RBGEL:2025:11729
Civiel recht; Verbintenissenrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
2,038 tokens
=== VOLLEDIG ===
ECLI:NL:RBGEL:2025:11729 text/xml public 2026-02-20T12:11:05 2026-02-03 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Gelderland 2025-10-15 C/05/450382 / HA ZA 25-155 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig Op tegenspraak NL Arnhem Civiel recht; Verbintenissenrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2025:11729 text/html public 2026-02-20T12:10:46 2026-02-20 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBGEL:2025:11729 Rechtbank Gelderland , 15-10-2025 / C/05/450382 / HA ZA 25-155 Bevoegdheidsincident. Artikel 1074 Rv. Geen overeenkomst tot arbitrage met betrekking tot het geschil dat aan de rechtbank wordt voorgelegd. vonnis RECHTBANK GELDERLAND Team kanton en handelsrecht Zittingsplaats Arnhem zaaknummer / rolnummer: C/05/450382 / HA ZA 25-155 Vonnis in incident van 15 oktober 2025 in de zaak van de vennootschap naar het recht van Oostenrijk MAC’S MEDICAL HANDELS GmbH , gevestigd te (A-2333) Leopoldsdorf/Wenen (Oostenrijk), eiseres in conventie in de hoofdzaak, verweerster in reconventie in de hoofdzaak, verweerster in het incident, advocaat mr. I.P. de Groot te Rotterdam, tegen de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid CONCEPT MEDICAL B.V. , gevestigd te Nijkerk, gedaagde in conventie in de hoofdzaak, eiseres in reconventie in de hoofdzaak, eiseres in het incident, advocaat mr. K.W. van der Graaf te Amsterdam. Partijen zullen hierna MAC’s Medical en Concept Medical worden genoemd. 1 De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: de dagvaarding, de incidentele vordering tot onbevoegdverklaring, tevens conclusie van antwoord tevens eis in reconventie, de conclusie van antwoord in het bevoegdheidsincident. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald in het incident. 2 De vordering in het incident 2.1. In de hoofdzaak vordert MAC’s Medical dat de rechtbank Concept Medical veroordeelt om schade van meer dan een miljoen euro aan haar te vergoeden. Zij legt het volgende aan die vordering ten grondslag. Zij heeft op grond van schriftelijke overeenkomsten medische producten gedistribueerd voor ondernemingen die aan Concept Medical zijn gelieerd, namelijk het product Magic Touch Indian Label voor Concept Medical Research en het product Abluminus DES+ voor Envision. Voor Concept Medical heeft zij de medische producten Magic Touch AVF en Magic Touch PTA gedistribueerd op grond van een zogenaamd Memorandum of Understanding, dat dateert van januari 2020 en een looptijd heeft van 14 december 2019 tot 13 november 2020. Vanaf september 2020 zijn alle orders van de Magic Touch Indian Label en van Abluminus DES+ geplaatst bij Concept Medical. MAC’s Medical heeft bovendien de producten Magic Touch ED en Magic Touch Dutch Label gedistribueerd voor Concept Medical. Na het aflopen van de schriftelijke distributieovereenkomsten en het Memorandum of Understanding is MAC’s Medical deze zes medische producten blijven distribueren en wel allemaal voor Concept Medical in het kader van een bestendige handelsrelatie die moet worden gekwalificeerd als een niet-exclusieve distributieovereenkomst voor onbepaalde tijd. Concept Medical heeft die overeenkomst op 22 maart 2023 plotseling opgezegd. Daardoor lijdt MAC’s Medical schade, bestaande uit gederfde winst, boetes die zij aan ziekenhuizen moet betalen en schade aan haar reputatie. Zij vordert in de hoofdzaak dat de rechtbank Concept Medical veroordeelt deze schade aan haar te vergoeden op de grond dat Concept Medical toerekenbaar is tekortgeschoten door de overeenkomst op te zeggen zonder een (redelijke) termijn in acht te nemen en zonder aan te bieden om schade te vergoeden. 2.2. MAC’s Medical meent dat de rechter van de woonplaats van de gedaagde partij bevoegd is om kennis te nemen van het geschil. Zij beroept zich daartoe op art. 4 lid 1 Brussel I bis-Vo. Concept Medical, de gedaagde partij, is gevestigd in Nederland. Daarom is volgens MAC’s Medical de Nederlandse rechter bevoegd. 2.3. Concept Medical werpt een bevoegdheidsincident op. Zij vordert dat de rechtbank verklaart dat de rechtbank niet bevoegd is om van de vordering kennis te nemen. Daartoe stelt zij dat partijen een overeenkomst tot arbitrage hebben gesloten. Zij licht dat als volgt toe. De enige overeenkomst waarbij zij ooit partij is geweest (en die stilzwijgend kan zijn voortgezet) is het Memorandum of Understanding. Daar staat in: The Memorandum of Understanding (MOU) is made and is effective on this 15th day of January 2020 by and between CONCEPT MEDICAL B.V. (...) (hereinafter referred to as the “Supplier” (...)) (...) AND MAC’s MEDICAL GmbH (...) (hereinafter referred to as “Distributor” (...)) (...) Background WHEREAS, Supplier has developed and manufactures certain Products (as defined herein in Exhibit A); WHEREAS, Distributor desires to sell, distribute and market the Products in the territory on the terms and conditions set forth in this Agreement; and WHEREAS, Supplier desires to appoint Distributor as a non-exclusive distributor of Products in the Territory on the terms and conditions set forth in this Agreement; (...) 4. This MOU shall take effect as of the Effective Date i.e. 14-12-2019 valid till 13-11-2020. The term period shall remain same (i.e. 14-12-2019 valid till 13-11-2020) in the Suppliers Agreement executed between the Parties. (...) 8. Any amendment or modification of this MOU or additional obligation assumed by either Party in connection with this MOU will only be binding if evidenced in writing signed by each Pary or an authorized representative of each Party. (...) 11. All disputes, controversies, or differences which may arise between the parties hereto, out of, in relation to, or in connection with this MOU or the breach thereof, shall be finally settled by Arbitration Law and Rules in India in accordance with its rules. 2.4. In ‘Exhibit A’ (genoemd in het Memorandum of Understanding onder ‘Background’) worden de producten Magic Touch PTA en Magic Touch AVF genoemd. 2.5. Concept Medical leidt uit art. 11 van dit Memorandum of Understanding af dat partijen zijn overeengekomen dat alle geschillen tussen hen zullen worden beslecht in arbitrage in India. Volgens Concept Medical is het arbitragebeding uitdrukkelijk en schriftelijk overeengekomen, waarmee het voldoet aan de vereisten van de artikelen 1020 en 1021 Rv. De arbitrageprocedure is al begonnen en wel op 2 mei 2024. MAC’s Medical is in die procedure verschenen. Concept Medical concludeert dat de Nederlandse rechter niet bevoegd is om kennis te nemen van dit geschil op grond van art. 1022 Rv. 2.6. MAC’s Medical brengt hier het volgende tegen in. Zij baseert haar vordering in de hoofdzaak niet op het inmiddels afgelopen en al dan niet verlengde Memorandum of Understanding, maar op een bestendige handelsrelatie die moet worden gekwalificeerd als een niet-exclusieve distributieovereenkomst voor onbepaalde tijd. De rechter moet de vordering op deze grondslag onderzoeken (art. 24 Rv). Daarom moet hij het beroep van Concept Medical op het arbitragebeding in het Memorandum of Understanding verwerpen. MAC’s Medical betoogt voorts op verschillende gronden dat het Memorandum of Understanding op 13 november 2020 definitief is geëindigd en hoe dan ook niet meer tussen partijen geldt. Daaruit concludeert zij dat ook de in dat Memorandum of Understanding opgenomen arbitrageclausule niet meer geldt. 3 De beoordeling in het incident 3.1. In beginsel heeft de Nederlandse rechter in deze zaak rechtsmacht omdat Concept Medical, de gedaagde partij, is gevestigd in Nederland (art. 4 lid 1 Brussel I bis-Vo). Dit kan echter anders zijn als over het aanhangig gemaakte geschil een overeenkomst tot arbitrage is gesloten waaruit voortvloeit dat arbitrage buiten Nederland moet plaatsvinden. In dat geval moet de Nederlandse rechter zich onbevoegd verklaren indien een partij zich voor alle weren beroept op het bestaan van deze overeenkomst, tenzij die overeenkomst ongeldig is onder het daarop toepasselijke recht (art. 1074 Rv). 3.2. Concept Medical beroept zich op een overeenkomst waaruit volgens haar voortvloeit dat arbitrage in India moet plaatsvinden. Dat doet zij voor alle weren bij incidentele conclusie tot onbevoegdheid.