Rechtspraak
Rechtbank Gelderland
2024-12-04
ECLI:NL:RBGEL:2024:8902
Civiel recht; Verbintenissenrecht
Eerste aanleg - meervoudig
644 tokens
Inleiding
RECHTBANK Gelderland
Civiel recht
Zittingsplaats Zutphen
Zaaknummer: C/05/366125 / HZ ZA 20-73
Vonnis van 4 december 2024
in de zaak van
DE STAAT DER NEDERLANDEN,
te 's Gravenhage,
eisende partij,
hierna te noemen: de Staat,
advocaat: mr. R.C.K. van Andel,
tegen
1 [gedaagde sub 1] ,
te [woonplaats] , 2. [gedaagde sub 2],
te [woonplaats] ,
gedaagde partijen,
hierna samen te noemen: [gedaagden] ,
advocaat: mr. C.F. van Helvoirt,
en
ING BANK N.V.,
te Amsterdam,
tussenkomende partij,
advocaat: mr. T.J.P. Jager.
Procesverloop
1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het tussenvonnis van 14 december 2022
- het deskundigenrapport (voorlopig oordeel als bedoeld in artikel 54e Onteigeningswet (Ow), geactualiseerd december 2023) van 18 december 2023- de akte van de Staat- de antwoordakte van [gedaagden]
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.
Beoordeling
2.1.
Bij akte van 30 oktober 2024 heeft de Staat (onder meer) meegedeeld dat “Tracébesluit A12/A15 Ressen-Oudbroeken”, “Tracébesluit A12/A15 Ressen-Oudbroeken (2019)” en “Tracébesluit A12/A15 Ressen-Oudbroeken (2021)” na de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 2 oktober 2024 onherroepelijk zijn geworden. Om die reden wenst de Staat deze onteigeningsprocedure te hervatten.
2.2.
[gedaagden] heeft daarop bij antwoordakte gereageerd.
2.3.
ING heeft als tussenkomende partij nog niet kunnen reageren op de akte van de Staat. De rechtbank zal de zaak naar de rol verwijzen om ING daartoe alsnog in de gelegenheid te stellen.
2.4.
Na ontvangst van de akte van ING zal de zaak op de rol worden geplaatst voor vonnis met betrekking tot de vervroegde onteigening. De rechtbank zal nu iedere verdere beslissing aanhouden.
Dictum
De rechtbank
3.1.
verwijst de zaak naar de rol van 18 december 2024 voor akte door ING over het vermelde onder 2.3,
3.2.
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. D. Vergunst, mr. K.H.A. Heenk en mr. M. Stempher en in het openbaar uitgesproken op 4 december 2024.
JE/Vg/KH/Ma