Rechtspraak
Rechtbank Gelderland
2024-08-21
ECLI:NL:RBGEL:2024:5649
Civiel recht
Eerste aanleg - enkelvoudig
1,163 tokens
Inleiding
RECHTBANK
GELDERLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Arnhem
Zaaknummer: 11128531 \ CV EXPL 24-4534
Vonnis van 21 augustus 2024
in de zaak van
[eiser]
,
te [plaats 1] ,
eisende partij,
hierna te noemen: [eiser] ,
gemachtigde: LAVG Groningen,
tegen
[gedaagde]
,
te [plaats 2] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
procederend in persoon.
Procesverloop
1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding - de conclusie van antwoord, mede inhoudende een incidente conclusie tot voeging
- de akte uitlating op de incidentele conclusie tot voeging.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.
Beoordeling
In het incident tot voeging
2.1.
[gedaagde] verzoekt zijn zaak samen te voegen met de zaak die speelt tussen [eiser] en Solar Experience Center Midden-Nederland B.V. (Solar Experience) met zaaknummer 11103238 CV 24-4117.
2.2.
[eiser] concludeert tot afwijzing van het verzoek. Hij voert aan dat [gedaagde] geen belang heeft bij voeging omdat hij geen nadelige gevolgen kan ondervinden van de uitspraak in de zaak van [eiser] tegen Solar Experience. De uitkomst van voornoemde zaak staat los van de zaak tegen [gedaagde] . Daarnaast is in de zaak tegen Solar Experience reeds een conclusie van repliek ingediend.
2.3.
De kantonrechter oordeelt als volgt.
Op grond van artikel 222 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering kan indien voor dezelfde rechter verknochte zaken aanhangig zijn daarvan voeging worden gevorderd. Onder verknochtheid wordt verstaan dat tussen de zaken waarvan voeging wordt gevorderd een zodanige band bestaat dat een goede rechtsbedeling vraagt om hun gelijktijdige behandeling en beslissing door dezelfde rechter. Hoewel [gedaagde] heeft toegelicht waarom de zaken verknocht zijn en [eiser] dit niet heeft betwist, is inmiddels op 14 augustus 2024 in de zaak van [eiser] tegen Solar Experience vonnis gewezen. Laatstgenoemde zaak is dan ook niet meer aanhangig bij de kantonrechter. Nu de beide zaken daardoor niet langer bij dezelfde rechter aanhangig zijn, wordt het incident afgewezen.
2.4.
Gelet op de reden van de afwijzing ziet de kantonrechter aanleiding om de proceskosten in het incident te compenseren in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.
In de hoofdzaak
2.5.
Aangezien [gedaagde] reeds heeft geantwoord in de hoofdzaak, zal de hoofdzaak worden verwezen naar de rolzitting van woensdag 18 september 2024 voor het indienen van een conclusie van repliek door [eiser] . Daarna zal aan [gedaagde] gelegenheid worden geboden om bij conclusie van dupliek daarop te reageren.
2.6.
Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.
Dictum
De kantonrechter
In het incident
3.1.
wijst het verzoek om voeging af,
3.2.
compenseert de proceskosten in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt,
In de hoofdzaak
3.3.
verwijst de zaak naar de rolzitting van woensdag 18 september 2024 voor het indienen van een conclusie van repliek door [eiser] ,
3.4.
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. M.D.R. Joppe en in het openbaar uitgesproken op 21 augustus 2024.
51588 \ 918