Rechtspraak Rechtbank Gelderland 2017-12-04
ECLI:NL:RBGEL:2017:6276
RECHTBANK GELDERLAND Team strafrecht Zittingsplaats Zutphen Parketnummer : 05/982750-14 Datum uitspraak : 4 december 2017 Tegenspraak vonnis van de meervoudige economische kamer in de zaak van de officier van justitie bij het arrondissementsparket Oost-Nederland tegen [verdachte] , [adres 1] , vertegenwoordigd door [vertegenwoordiger verdachte] , geboren op [geboortedatum] 1969 in [geboorteplaats] , wonende [adres 2] . Raadsman: mr. C.A. Boeve, advocaat te Putten. Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van 31 mei 2016, 6 november 2017, 7 november 2017 en 20 november 2017. 1 De inhoud van de tenlastelegging Aan verdachte is, na wijziging van de tenlastelegging ter zitting, ten laste gelegd dat: 1. Verdachte (met kvk nr: [kvk nr] ) op één of meer tijdstippen in de periode van 6 februari 2012 tot en met 25 juni 2014, in de gemeente Putten, tezamen en in vereniging met één of meer ander(en), althans alleen, opzettelijk, heeft gehandeld in strijd met een of meer voorschrift(en) van de omgevingsvergunning van Gedeputeerde Staten van de provincie Gelderland d.d. 30 juni 2005, welk(e) voorschrift(en) betrekking had(den) op activiteiten als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid onder e van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, te weten het oprichten, veranderen of veranderen van de werking en/of het in werking hebben van een inrichting, gevestigd aan of nabij de [adres 3] , aangezien [verdachte] en/of haar mededader(s): - niet vergunde afvalstoffen, te weten: - slib (geclassificeerd als euralcode 190811* of 190812) en/of - proceswater (geclassificeerd als euralcode 161001* of 161002) en/of - zuurwater (geclassificeerd als euralcode 161001* of 161002), heeft op- en/of overgeslagen en/of be- en/of verwerkt (i.s.m. vergunningsvoorschrift 9.5.1) en/of - in de opslagtanks O.1 en/of O.2 en/of O.3 en/of O.4 en/of O.5 en/of O.6 (organische) afvalproducten heeft bewerkt, door (organische) afvalproducten te mengen (i.s.m. vergunningsvoorschrift 3.2.9) en/of - niet direct voorafgaand aan het verpompen van een batch uit de stortkelder naar een opslagtank de pH en/of de temperatuur van het te verpompen materiaal heeft gemeten en/of de verkregen waarden niet op een rapportageformulier heeft geregistreerd (i.s.m. vergunningsvoorschrift 3.2.3) en/of - niet te allen tijde heeft gehandeld conform de in rapport 2 van de aanvraag bedoelde procedures (Acceptatie- en verwerkingsbeleid, AV-beleid en/of Administratieve organisatie en interne controle, AO/IC d.d. 31 oktober 2006 (zie bijlagendossier, map 1, blz 4000144 e.v.)) en/of daar genoemde richtlijnen, immers heeft [verdachte] en/of haar mededader(s), toen aldaar: - niet de benodigde gegevens over een product opgevraagd middels een AV- Formulier (Acceptatie-Vragenformulier), als bedoeld in bijlage 3 behorende bij het Acceptatie- en verwerkingsbeleid, AV-beleid en/of Administratieve organisatie en interne controle, AO/IC d.d. 31 oktober 2006, bij de ontdoener, te weten: - [bedrijf 1] en/of - [bedrijf 13] te Heerhugowaard , en/of - bij (een) kritisch(e) product(en) niet eens per 6 maanden een analyse beoordeeld en herhaald, te weten het slib van [bedrijf 3] (i.s.m.vergunningsvoorschrift 9.1.1); 2. Verdachte (met kvk nr: [kvk nr] ) op één of meer tijdstippen in de periode van 6 februari 2012 tot en met 25 juni 2014, in de gemeente Putten en/of gemeente Apeldoorn en/of gemeente Horst aan de Maas en/of gemeente Tiel en/of gemeente Súdwest-Fryslân en/of gemeente Schagen en/of gemeente Venray en/of gemeente Hoogeveen en/of gemeente Tietjerksteradeel althans in Nederland, tezamen en in vereniging met één of meer ander(en), althans alleen, zich opzettelijk heeft ontdaan van bedrijfsafvalstoffen en/of gevaarlijke afvalstoffen , te weten een afvalmengsel, door afgifte aan: - " [naam 1] te Apeldoorn" en/of - " [bedrijf 4] V.O.F. " en/of - " [bedrijf 5] " en/of - " [bedrijf 6] " en/of - " [bedrijf 7] " en/of - " [bedrijf 8] "en/of - " [bedrijf 9] en/of - " [bedrijf 10] " en Verdachte (met kvk nr: [kvk nr] ) op één of meer tijdstippen in de periode van 4 februari 2012 tot en met 25 juni 2014, in de gemeente Putten en/of Rotterdam en/of Amsterdam en/of Heerhugowaard, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met één of meer ander(en), althans alleen, (zaaksdossier [dossiernaam 1] ) (A1) - een begeleidingsbrief, nummer AB21523092 (bijlagendossier map 2 blz 4000641) en/of (B1) - een begeleidingsbrief, nummer AB17333357 (bijlagendossier map 1 blz 4000383) en/of (C1) - een begeleidingsbrief, nummer AB21523213 (bijlagendossier map 2 blz 4000635) en/of (D1) - een begeleidingsbrief, nummer AB17333911 (bijlagendossier map 1 blz 4000402) en/of (E1) - een begeleidingsbrief, nummer AB21523381 (bijlagendossier map 2 blz 4000631) en/of (F1) - een begeleidingsbrief, nummer AB17756870 (bijlagendossier map 1 blz 4000416) en/of (G1) - een begeleidingsbrief, nummer AB21522743 (bijlagendossier map 2 blz 4000627) en/of (H1) - een begeleidingsbrief, nummer AB01817048 (bijlagendossier map 2 blz 4000597) en/of (I1) - een begeleidingsbrief, nummer AB21823018 (bijlagendossier map 2 blz 4000623) en/of (J1) - een begeleidingsbrief, nummer AB18187959 (bijlagendossier map 2 blz 4000606) en/of (K1) - een begeleidingsbrief, nummer AB21823255 (bijlagendossier map 2 blz 4000620) en/of (L1) - een begeleidingsbrief, nummer AB18189104 (bijlagendossier map 2 blz 4000865) en/of (M1) - een begeleidingsbrief, nummer AB33961633 (bijlagendossier map 1 blz 4000009) en/of (N1) - een begeleidingsbrief, nummer AB37362186 (bijlagendossier map 2 blz 4000880) en/of (O1) - een begeleidingsbrief, nummer AB33961754 (bijlagendossier map 1 blz 4000039) en/of (P1) - een begeleidingsbrief, nummer AB38158855 (bijlagendossier map 1 blz 4000016), (elk) zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen - valselijk heeft/hebben opgemaakt of vervalst, immers heeft verdachte en/of zijn medeverdachte(n) valselijk op die begeleidingsbrie(f)(ven): (Zaaksdossier [dossiernaam 1] ) (A1) - als Euralcode 020399 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 161001* of 161002 was en/of (B1) - als Euralcode 020399 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 191211* of 191212 was en/of (C1) - als Euralcode 020399 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 161001* of 161002 was en/of (D1) - als Euralcode 020399 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 191211* of 191212 was en/of (E1) - als Euralcode 020399 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 161001* of 161002 was en/of (F1) - als Euralcode 020399 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 191211* of 191212 was en/of (G1) - in het veld 4B als locatie van bestemming " [verdachte] , [adres 3] " aangegeven terwijl dit " [bedrijf 11] , [adres 4] , moest zijn en/of (H1) - in het veld 3A en/of 3B als ontdoener en/of locatie van herkomst " [verdachte] , [adres 3] " aangegeven terwijl dit " [bedrijf 13] , [adres 5] ", moest zijn en/of (I1) - als Euralcode 020399 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 161001* of 161002 was en/of (J1) - als Euralcode 020399 en/of 020304 en/of 020305 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 191211* of 191212 was en/of (K1) - als Euralcode 020399 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 161001* of 161002 was en/of (L1) - als Euralcode 020399 en/of 020304 en/of 020305 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 191211* of 191212 was en/of (M1) - als Euralcode 020399 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 161001* of 161002 was en/of (N1) - als Euralcode 020399 en/of 020304 en/of 020305 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 191211* of 191212 was en/of (O1) - als Euralcode 020399 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 161001* of 161002 was en/of (P1) - als , [adres 12] ", moest zijn en/of (K3) - in het veld 4B als locatie van bestemming " [verdachte] , [adres 3] " aangegeven terwijl dit " [bedrijf 11] , [adres 4] , moest zijn en/of (L3) - in het veld 3A en/of 3B als ontdoener en/of locatie van herkomst " [verdachte] , [adres 3] " aangegeven terwijl dit " [bedrijf 14] , [adres 6] " en/of " [bedrijf 14] , [adres 11] ", moest zijn en/of (M3) - als Euralcode 020399 en/of 020304 en/of 020305 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 191211* of 191212 was en/of (N3) - als Euralcode 020399 en/of 020304 en/of 020305 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 191211* of 191212 was en/of (Zaaksdossier [dossiernaam 3] , zuurwater) (A4) - als Euralcode 020399 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 161001* of 161002 was en/of (B4) - als Euralcode 020399 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 191211* of 191212 was en/of (C4) - als Euralcode 020399 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 161001* of 161002 was en/of (D4) - als Euralcode 020399 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 191211* of 191212 was en/of (E4) - als Euralcode 020399 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 161001* of 161002 was en/of (F4) - als Euralcode 020399 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 191211* of 191212 was en/of (G4) - als Euralcode 020399 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 161001* of 161002 was en/of (H4) - als Euralcode 020399 en/of 020305 en/of 020304 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 191211* of 191212 was en/of (I4) - als Euralcode 020399 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 161001* of 161002 was en/of (J4) - als Euralcode 020399 en/of 020305 en/of 020304 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 191211* of 191212 was en/of (K4) - als Euralcode 020399 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 161001* of 161002 was en/of (L4) - als Euralcode 020399 en/of 020305 en/of 020304 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 191211* of 191212 was en/of (M4) - als Euralcode 020399 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 161001* of 161002 was en/of (N4) - als Euralcode 020399 en/of 020305 en/of 020304 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 191211* of 191212 was en/of (O4) - als Euralcode 020399 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 161001* of 161002 was en/of (P4) - als Euralcode 020399 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 191211* of 191212 was en/of (Q4) - als Euralcode 020399 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 161001* of 161002 was en/of (R4) - als Euralcode 020399 en/of 020305 en/of 020304 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 191211* of 191212 was, zulks met het oogmerk om die/dat geschrift(en) als echt en onvervalst te gebruiken of door anderen te doen gebruiken. 2. Overwegingen ten aanzien van het bewijs Aanleiding onderzoek Naar aanleiding van het aantreffen van verontreinigde stoffen in oppervlaktewater is onderzoek gedaan door het Waterschap Veluwe en de politie. Bij dit onderzoek is het bedrijf [bedrijf 4] vof in beeld gekomen. Na nader onderzoek (onder de naam Work) is de verdenking ontstaan dat [verdachte] (hierna: [verdachte] ) in strijd met wet- en regelgeving afvalstoffen aan [bedrijf 4] zou hebben geleverd en afvalstoffen in de eigen inrichting zou hebben ontvangen. Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan alle ten laste gelegde feiten, met uitzondering van feit 2 voor zover dat ziet op afgifte aan [bedrijf 6] . Voor dat onderdeel heeft zij vri De hoofdactiviteit binnen de inrichting [verdachte] is de op-/overslag en (voor-)bewerking van niet gevaarlijke organische rest- en afvalstoffen. Voor zover de afvalstoffen een bewerking dienen te ondergaan is deze mechanisch en bestaat deze uit het uitpakken (indien verpakt), opschonen (verwijderen van grove zichtbare verontreinigingen), verkleinen (shredderen), vermengen en vermalen (vermoesen) van de afvalstoffen tot een verpompbaar product. Een korte beschrijving van de handling en routing van de rest- en afvalstoffen (hierna ook genoemd producten) binnen de inrichting is als volgt. In bulk aangevoerde producten worden gelost in de stortkelder of (bij vloeibare producten) eventueel rechtstreeks in de opslagtanks O.1 t/m O.6. Afvalstoffen die zijn gelost in de stortkelder worden na bewerking tot een vloeibare massa verpompt naar de opslagtanks O.1, O.2, O.3, O.5, O.6. Hieruit worden ze geladen in tankwagens voor afvoer naar erkende eindverwerkers/-gebruikers (inrichtingen voor biovergisting of compostering). Feitelijk betreft de inrichting een overlaadstation voor organische rest- en afvalstoffen waarbij de producten worden bewerkt tot - en afgevoerd als - een verpompbare massa. De rechtbank overweegt dat aan [verdachte] - kort gezegd - wordt verweten dat zij zich niet aan enkele vergunningvoorschriften heeft gehouden (feit 1), dat zij producten heeft geleverd aan afnemers die die producten niet mochten ontvangen (feit 2) en dat zij zich schuldig heeft gemaakt aan valsheid in geschrift ten aanzien van een groot aantal zogenoemde begeleidingsbrieven (feiten 3, 4 en 5). Er zijn in het dossier vier voor de beoordeling van de tenlastelegging relevante zaaksdossiers opgenomen, te weten de dossiers “ [dossiernaam 1] ”, “ [dossiernaam 2] ”, “ [dossiernaam 3] – vetresidu” en “ [dossiernaam 3] – zuurwater”. In ieder zaaksdossier zijn, naast een algemeen deel over de van het betreffende bedrijf ( [dossiernaam 1] , [dossiernaam 2] en [dossiernaam 3] ) door [verdachte] ontvangen afvalstoffen, negen selectiedossiers opgenomen. In ieder selectiedossier wordt een door [verdachte] ontvangen en vervolgens aan een biovergister geleverde afvalstroom beschreven. De in de tenlastelegging onder feit 3 ( [dossiernaam 1] ), feit 4 ( [dossiernaam 2] ) en feit 5 ( [dossiernaam 3] ) genoemde begeleidingsbrieven behoren bij de in de selectiedossiers beschreven afvalstromen. De rechtbank zal hieronder eerst de afzonderlijke zaaksdossiers en selectiedossiers bespreken en zich vervolgens uitlaten over de verwijten die verdachte worden gemaakt. De rechtbank zal per selectiedossier aangegeven welke documenten, zoals vermeld in de tenlastelegging onder feit 3, 4 en 5, daarin voorkomen. Zaaksdossier [dossiernaam 1] [bedrijf 13] (hierna te noemen: [dossiernaam 1] ) is een inrichting waar afvalstoffen worden verwerkt. De werklocatie is gevestigd aan de [adres 13] . Er worden afvalstoffen als soapstocks, gums, vetten en oliën uit de agro-voedingsindustrie ingenomen met de bedoeling daaruit vetzuren/oliën terug te winnen. Door [dossiernaam 1] wordt het proceswater uit het recyclingproces van plantaardige oliën en vetten, waaraan natronloog is toegevoegd om de pH waarde omhoog te brengen, afgegeven aan [verdachte] onder de benaming proceswater en/of proceswater van de bewerking oliën en vetten. Selectiedossier 1 (18 juni 2012, documenten A1 en B1) Op 18 juni 2012 is 33.980 kilo proceswater vervoerd van [dossiernaam 1] naar [verdachte] . Het proceswater is daar gelost in tank 4. Daarna wordt nog 8.280 kilo ander afval gelost in die tank. Op 20 juni 2012 is een hoeveelheid van 6.880 kilo afval uit tank 4 vervoerd naar [bedrijf 10] (hierna: [bedrijf 10] ). In de vrachtwagen die voor dat vervoer wordt gebruikt zit al ander afval. Selectiedossier 2 (7 augustus 2012, documenten C1 en D1) Op 7 augustus 2012 is 35.400 kilo proceswater van [dossiernaam 1] afgegeven aan [verdachte] . Het proceswater is gelost in tank 5. In tank 5 is op 9 augustus 2012 35.208 kilo ander afv Zaaksdossier [dossiernaam 2] [bedrijf 1] (in dit vonnis genoemd: [dossiernaam 2] ) is een bedrijf dat is gevestigd in Rotterdam waar tankauto’s en tankcontainers worden gereinigd die chemische, of inerte producten of levensmiddelen hebben vervoerd. De te reinigen tankauto’s en tankcontainers bevatten een grote diversiteit aan (gevaarlijke) stoffen. Bij het reinigen ontstaan twee afvalstromen. Een deel van het verontreinigde waswater gaat naar de bij [dossiernaam 2] aanwezige afvalwaterzuiveringsinstallatie. Het biologische slib uit deze afvalwaterzuiveringsinstallatie wordt ontwaterd en als afval afgevoerd. Dit slib wordt aan [verdachte] afgegeven. Selectiedossier 1 (8 februari 2012, document A2) Op 8 februari 2012 is een geschatte hoeveelheid van 10.000 kilo afval vervoerd van [dossiernaam 2] naar [verdachte] . Na weging blijkt het om 12.480 kilo te gaan. Deze hoeveelheid afval is op 8 februari 2012 gestort in de stortput. Op dat moment is al 30.280 kilo ander afval in de stortput aanwezig. Vervolgens is, ook nog op 8 februari 2012, in totaal 50.000 kilo afval uit de stortput overgepompt naar tank 1. In die tank is dan al 30.840 kilo afval aanwezig. Op 8 februari 2012 is 33.320 kilo afval uit tank 1 vervoerd naar de Rioolwaterzuiveringsinstallatie in Apeldoorn. Op diezelfde datum is ook 32.960 kilo afval uit tank 1 vervoerd naar [bedrijf 27] . Selectiedossier 2 (8 augustus 2012, document B2) Op 8 augustus 2012 is 11.060 kilo afval van [dossiernaam 2] naar [verdachte] vervoerd en gestort in de stortput. Nadat er nog ander afval in de stortput is gelost, is er op 8 augustus 2012 40.000 kilo afval uit de stortput overgepompt naar tank 2. In die tank is dan al 660 kilo afval aanwezig. Selectiedossier 3 (9 oktober 2012, documenten C2 en D2) Op 9 oktober 2012 is 13.860 kilo slib van [dossiernaam 2] naar [verdachte] vervoerd. Het slib is gelost in de stortput. In de put is dan al 37.920 kilo afval aanwezig. Op 9 oktober 2012 is 60.000 kilo afval uit de stortput overgepompt naar tank 1. Op 9 oktober 2012 is 35.800 kilo afval uit tank 1 vervoerd naar de Rioolwaterzuiveringsinstallatie in Apeldoorn. Selectiedossier 4 (23 januari 2013, documenten E2 en F2) Op 23 januari 2013 wordt door [verdachte] 32.500 kilo slib van afvalwater behandeling van [dossiernaam 2] ontvangen. Het slib is gestort in tank 5. In die tank is op dat moment al 33.960 kilo ander afval aanwezig. Op 30 januari 2013 is 33.220 kilo afval uit tank 5 vervoerd naar [bedrijf 4] . Selectiedossier 5 (17 juli 2013, documenten G2 en H2) Op 17 juli 2013 wordt 11.480 kilo slib van [dossiernaam 2] naar [verdachte] vervoerd. Het afval is op die dag gelost in de stortput van [verdachte] . In de stortput is dan al 54.200 kilo afval aanwezig. Na het lossen van het afval van [dossiernaam 2] is op 17 juli 2013 ook nog 12.320 kilo ander afval gelost in de stortput. Daarna is in totaal 60.000 kilo afval uit de stortput doorgepompt naar tank 2. Op 18 juli 2013 is 29.900 kilo afval uit tank 2 vervoerd naar [bedrijf 5] . Selectiedossier 6 (10 december 2013, documenten I2, J2, K2, L2 en M2) Op 10 december 2013 is 13.390 kilo slib van [dossiernaam 2] naar [verdachte] vervoerd. Het slib is gelost in de stortput. Daarin bevindt zich op dat moment 22.860 kilo afval. Nadat nog ander afval is gestort, wordt 40.000 kilo afval uit de stortput doorgepompt naar tank 1. Na het storten van de 40.000 kilo afval in tank 1 is 3.720 kilo afval uit die tank, samen met 29.720 kilo uit tank 2, vervoerd van [verdachte] naar de Rioolwaterzuiveringsinstallatie in Apeldoorn. Op 11 december 2013 is 32.600 kilo afval uit tank 1 vervoerd naar [bedrijf 6] . Op 13 december 2013 is 36.180 kilo afval uit tank 1 vervoerd van [verdachte] naar [bedrijf 7] . Op 13 december 2013 is ook 27.500 kilo afval uit tank 1, samen met 5.400 kilo afval uit de opslag, vervoerd van [verdachte] naar [bedrijf 8] . Selectiedossier 7 (26 februari 2014, document N2) Op 26 februari 2014 is 14.140 kilo afval van [dossiernaam 2] naar [verdachte] Daarna heeft hij bij [dossiernaam 3] aan de [adres 14] 9.960 kilo vetresidu bijgeladen. Hierna is de chauffeur weliswaar naar Putten gereden, maar daar heeft hij niet gelost. Op 12 oktober 2013 is de chauffeur van deze vrachtwagen vanaf huis naar [bedrijf 4] gereden en daar heeft hij gelost. Ook in de tanklijst is vermeld dat de beide vrachten van [dossiernaam 3] naar [bedrijf 4] zijn vervoerd. Selectiedossier 6 (20 december 2013, documenten I3 en J3) Op 20 december 2013 heeft de chauffeur van de vrachtwagen met kenteken [kenteken 3] eerst afval geladen bij bedrijf [bedrijf 17] Cnz oliefactorij B.V. ( [adres 12] ), waarna 17.480 kilo afval is bijgeladen bij [dossiernaam 3] aan de [adres 14] . Daarna is er gelost bij [bedrijf 10] . Ook in de tanklijst is vermeld dat het afval van [bedrijf 17] en [dossiernaam 3] rechtstreeks naar [bedrijf 10] is gegaan. Selectiedossier 7 (12 februari 2014, documenten K3 en L3) De chauffeur met de vrachtwagen met kenteken [kenteken 4] heeft op 12 februari 2014 slib opgehaald bij [bedrijf 23] . Daarna is slib geladen bij [dossiernaam 3] . Vervolgens is er gelost bij [bedrijf 11] . Ook de tanklijst vermeldt dat afval van [dossiernaam 3] en [bedrijf 23] rechtstreeks naar [bedrijf 11] is vervoerd. Chauffeur [chauffeur 3] heeft verklaard dat wat op de dagstaat staat, is hoe het werkelijk is gegaan. Selectiedossier 8 (31 maart en 1 april 2014, document M3) Op 31 maart 2014 is 11.220 kilo vetresidu van [dossiernaam 3] vervoerd naar [verdachte] . Voordat die partij is geladen bij [dossiernaam 3] , is er afval geladen bij een bedrijf in Utrecht, te weten [bedrijf 24] . Bij [verdachte] is het afval gestort in tank 4. In die tank zat op dat moment al ander afval en ook is er op 31 maart 2014 nog ander afval bijgestort. Op 1 april 2014 is 19.240 kilo afval uit tank 4, samen met 14.480 kilo afval uit tank 5, naar [naam 4] vervoerd. Selectiedossier 9 (23 en 24 april 2014, document N3) Op 23 april 2014 is slib geladen bij [dossiernaam 3] en daarna ook bij [bedrijf 23] . Die beide partijen zijn vervoerd naar [verdachte] en daar gelost in tank 4. Op 24 april 2014 is afval uit tank 4, samen met afval uit tank 5, vervoerd naar [bedrijf 10] . Zaaksdossier [dossiernaam 3] - zuurwater Door [dossiernaam 3] wordt ook proceswater/zuurwater aan [verdachte] afgegeven. Deze afvalstof bestaat uit een waterige vloeistof met een lage pH die vrijkomt bij de raffinage van zonnebloemolie. Selectiedossier 1 (16 en 26 maart 2012, documenten A4 en B4) Op 16 maart 2012 is 29.680 kilo proceswater van [dossiernaam 3] vervoerd naar [verdachte] . Daar is het gelost in tank 3. Op 22 en 23 maart 2012 is er ander afval in deze tank gelost. Op 26 maart 2012 is 15.520 kilo afval uit tank 3, samen met 17.720 kilo afval uit tank 4 naar [bedrijf 11] vervoerd. Selectiedossier 2 (14 en 20 augustus 2012, documenten C4 en D4) Op 14 augustus 2012 is 34.680 kilo proceswater van [dossiernaam 3] naar [verdachte] vervoerd. Daar is het gelost in tank 3. Op 15 en 17 augustus 2012 is ook ander afval in deze tank gelost. Op 20 augustus 2012 is in totaal 37.180 kilo afval uit deze tank vervoerd naar [bedrijf 11] . Selectiedossier 3 (22 en 23 oktober 2012, documenten E4 en F4) Op 22 oktober 2012 is 20.920 kilo proceswater van [dossiernaam 3] vervoerd naar [verdachte] en daar gelost in tank 4. In die tank zit dan al ander afval en diezelfde dag is er nog meer ander afval gelost in tank 4. Op 23 oktober 2012 is 29.180 kilo afval uit tank 4 vervoerd naar [bedrijf 10] . Selectiedossier 4 (13 en 16 april 2013, documenten G4 en H4) Op 13 april 2013 is 34.120 kilo proceswater (met afvalstroomnummer 05wu30000230) vervoerd van [dossiernaam 3] naar [verdachte] . Daar is het gelost in tank 4. In die tank is op 13 en 14 april 2013 nog meer afval van [dossiernaam 3] gelost, maar dat betreft afval met een afvalstroomnummer dat eindigt op 229. Op 16 april 2013 is 33.500 kilo afval uit deze tank vervoerd naar [bedrijf 11] . Selectiedossier 5 (30 september en 7 oktober 2013, In het NFI-rapport van 11 september 2014 is over het zuurwater van [dossiernaam 3] geconcludeerd dat euralcode 02.03.99 niet de juiste euralcode is en dat de euralcodes 16.10.01* of 16.10.02, afhankelijk van of het water wel of niet als bijtend is aan te merken, vallend onder hoofdstuk 16.10 (‘waterig vloeibaar afval dat bestemd is om elders te worden verwerkt’), voor het zuurwater meer voor de hand liggen. De rechtbank stelt vast dat de door het NFI genoemde euralcodes niet staan vermeld in de vergunning van [verdachte] . Dit betekent dat [verdachte] afvalstoffen op haar terrein heeft op- en overgeslagen en bewerkt die niet waren vergund. In de opslagtanks O.1 en/of O.2 en/of O.3 en/of O.4 en/of O.5 en/of O.6 (organische) afvalproducten heeft bewerkt, door (organische) afvalproducten te mengen In voorschrift 3.2.9 is opgenomen dat de opslagtanks O.1 t/m O.6 alleen voor opslag van organische afvalproducten mogen worden gebruikt. In de opslagtanks O.1 t/m O.6 mogen geen organische afvalproducten worden verwarmd of bewerkt. Zoals hierboven al is overwogen dient ‘mengen’ van verschillende soorten afvalstoffen onder ‘bewerken’ te worden geschaard. Uit de bij de bespreking van de selectiedossiers opgenomen bewijsmiddelen volgt dat er veelvuldig afval is gemengd in de opslagtanks. De rechtbank zal hieronder voor iedere in de tenlastelegging genoemde tank één relevant selectiedossier vermelden en verder volstaan met verwijzen naar de eerder opgenomen bewijsmiddelen. - tank 1: selectiedossier 1 van zaaksdossier [dossiernaam 2] ; - tank 2: selectiedossier 2 van zaaksdossier [dossiernaam 2] ; - tank 3: selectiedossier 1 van zaaksdossier [dossiernaam 3] – zuurwater; - tank 4: selectiedossier 1 van zaaksdossier [dossiernaam 1] ; - tank 5: selectiedossier 2 van zaaksdossier [dossiernaam 1] ; - tank 6: selectiedossier 6 van zaaksdossier [dossiernaam 1] . Niet direct voorafgaand aan het verpompen van een batch uit de stortkelder naar een opslagtank de pH en/of de temperatuur van het te verpompen materiaal heeft gemeten en/of de verkregen waarden niet op een rapportageformulier heeft geregistreerd Vergunningvoorschrift 3.2.3 bepaalt dat direct voorafgaand aan het verpompen van een batch uit de stortkelder naar een opslagtank de pH en de temperatuur van het te verpompen materiaal dienen te worden gemeten. De verkregen waarden dienen op een rapportageformulier geregistreerd te worden. De rechtbank komt niet tot een bewezenverklaring van dit onderdeel van de tenlastelegging. Daarbij is het volgende van belang. Er zitten in het dossier verschillende verklaringen met betrekking tot het al dan niet verrichten van pH-metingen. Chauffeur [chauffeur 4] heeft verklaard dat hij zelf geen monsters heeft genomen en dat hij ook niet heeft gezien dat dit wel gebeurde, maar dit antwoord volgde op de vraag of er voor dan wel tijdens het lossen werd bemonsterd. [chauffeur 4] heeft verder verklaard dat het slib gewoon in de put werd gestort zonder verdere behandeling of meting. Hieruit volgt dat zijn verklaring dus niet ziet op de procedure voorafgaand/tijdens het verpompen van materiaal van de stortkelder naar een opslagtank. Medewerkster van [verdachte] [naam 6] heeft verklaard dat er op de tankstaten zomaar wat werd ingevuld. Daarna is haar gevraagd naar het meten van de pH van de inkomende vrachten. Over wat er gebeurde voor/tijdens het verpompen van een batch van de stortkelder naar een opslagtank heeft zij niet verklaard. De rechtbank heeft in het dossier verder ook geen verklaringen of schriftelijke bescheiden aangetroffen die duidelijk maken of er binnen [verdachte] al dan niet werd voldaan aan vergunningvoorschrift 3.2.3. De rechtbank komt, vanwege het ontbreken van bewijs, dan ook tot een vrijspraak voor dit onderdeel van de tenlastelegging. Niet te allen tijde heeft gehandeld conform het AV-beleid en/of AO/IC door van [dossiernaam 2] en [dossiernaam 1] niet de benodigde gegevens over een product op te vragen middels een AV-Formulier en door het slib Naar het oordeel van de rechtbank heeft [verdachte] in strijd met haar eigen AV-beleid gehandeld door bij [dossiernaam 2] en [dossiernaam 1] niet telkens (dus per aangeboden partij) door middel van AV-formulieren de informatie op te vragen die nodig is om te kunnen beoordelen of een product binnen de inrichting mag worden gebracht. Gelet op hetgeen hierboven is beschreven, is ook wettig en overtuigend bewezen dat [verdachte] dit in de ten laste gelegde periode heeft nagelaten. In het AV-beleid is beschreven wat ‘kritische producten’ in het kader van de acceptatieprocedure zijn. Als eerste is genoemd “slib inclusief floculaat van afval-/proceswaterbehandelingsinstallaties ter plaatse (op de inrichting van de ontdoener)”. Gelet op het eerder beschreven proces zoals dat bij [dossiernaam 2] plaatsvindt, is het van dat bedrijf afkomstige slib aan te merken als een kritisch product. In de administratie van [verdachte] is één analyserapport aangetroffen. [naam 7] , sinds 1 januari 2013 bij [dossiernaam 2] verantwoordelijk voor veiligheid, milieu, gezondheid, beveiliging en kwaliteit, heeft verklaard dat het slib niet is bemonsterd zolang hij bij [dossiernaam 2] werkt. Door het niet opnieuw herhalen en beoordelen van een analyse van het slib van [dossiernaam 2] , heeft [verdachte] gehandeld in strijd met het eigen AV-beleid. Opzettelijk handelen Bij de invulling van opzet dient uitgegaan te worden van kleurloos opzet. De opzet hoeft dus niet mede gericht te zijn op de wederrechtelijkheid van het handelen. [vertegenwoordiger verdachte] was bekend met het feit dat [verdachte] een omgevingsvergunning had en was ook bekend met de inhoud daarvan, zoals volgt uit de verklaring van milieu inspecteur [naam 8] , die een keer met [vertegenwoordiger verdachte] om de tafel heeft gezeten om een dieptecontrole te doen op de vergunning. Ze hebben de vergunning compleet doorgeakkerd, voorschrift voor voorschrift. Zoals bewezen is verklaard zijn er door [verdachte] afvalstoffen ontvangen die niet waren vergund. [vertegenwoordiger verdachte] was bekend met de systematiek van de euralcodes. Volgens [naam 9] was het [vertegenwoordiger verdachte] die bij een nieuwe klant besliste over de benamingen en de euralcode. Ook [naam 10] heeft verklaard dat de provincie aan [verdachte] heeft medegedeeld dat er verkeerde euralcodes werden gebruikt. Dat was in de tijd dat [vertegenwoordiger verdachte] de leiding had. Er is tot in den treuren besproken hoe moest worden omgegaan met de euralcodes, aldus [naam 10] . Door te handelen in strijd met het eigen AV-beleid, heeft verdachte niet de verantwoordelijkheid genomen die zij wel op zich had geladen gelet op de - op haar eigen aanvraag- verleende vergunning. Het NFI heeft vastgesteld dat de euralcodes van een aantal door verdachte ontvangen afvalstoffen onjuist waren. Voor zover verdachte (in de persoon van haar leidinggevende [vertegenwoordiger verdachte] ) dit niet al wist, zou dit verdachte, als zij zou hebben gehandeld in overeenstemming met haar AV-beleid, ook duidelijk zijn geweest. Door niet te handelen in overeenstemming met het AV-beleid heeft verdachte minstgenomen voor lief genomen en het risico aanvaard dat verdachte niet vergunde afvalstoffen ontving. [naam 9] heeft verder verklaard dat er binnen het bedrijf afvalstoffen werden gemengd en dat [vertegenwoordiger verdachte] bepaalde waar dit plaatsvond. In de stortput werd alles gemengd en vervolgens doorgepompt naar tank 1 en 2. In de andere tanks werden twee producten gemengd. Ook werden in de tanks meerdere producten van dezelfde alsmede van andere ontdoeners gemengd, zo heeft [naam 9] verklaard. De rechtbank gaat, zoals hiervoor reeds overwogen, uit van het mengen en dus bewerken van verschillende soorten afvalstoffen nu de stoffen van verschillende bedrijven afkomstig zijn, veelal van elkaar afwijkende benamingen hebben en/of ook verschillende euralcodes hebben. Dit mengen is, zoals ook uit de verklaring van [naam 9] volgt, bewust (in opdracht van [ver De rechtbank overweegt dat ook afval uit de tanks 1 en 2 is geleverd aan enkele in de tenlastelegging genoemde bedrijven. Dit afval bestond (onder meer) uit slib van [dossiernaam 2] . Het slib van [dossiernaam 2] is een afvalstof die niet voorkomt op de bijlage Aa van artikel 4 van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet. Daarom mag het niet worden verwerkt in (co)vergisters. De rechtbank overweegt het volgende met betrekking tot concrete leveringen. Op 26 maart 2012 is een afvalmengsel uit tank 3, met daarin onder andere proceswater van [dossiernaam 3] , samen met afval uit tank 4, vervoerd naar [bedrijf 11] . De rechtbank verwijst naar de bewijsmiddelen zoals die zijn opgenomen bij de bespreking van selectiedossier 1 van zaaksdossier [dossiernaam 3] – zuurwater. [naam 12] , verantwoordelijk voor de vergistingsinstallatie bij [bedrijf 11] , heeft verklaard dat alleen de stoffen genoemd in de bijlage Aa in de installatie mogen. Dit volgt ook uit de vergunningvoorschriften. Op 30 januari 2013 is afval uit tank 5, met daarin onder andere slib van [dossiernaam 2] , vervoerd naar [bedrijf 4] . De rechtbank verwijst naar de bewijsmiddelen zoals die zijn opgenomen bij de bespreking van selectiedossier 4 van zaaksdossier [dossiernaam 2] . Uit de vergunningvoorschriften volgt dat binnen de inrichting co-substraten zoals genoemd in bijlage Aa van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet worden verwerkt. Ook [naam 13] heeft verklaard dat in de vergistingsinstallatie stoffen van de positieve lijst, de Aa-lijst mogen. Op 7 oktober 2013 is afval uit tank 5 naar [bedrijf 10] vervoerd. Die partij bestond uit proceswater van [dossiernaam 3] en ander afval. De rechtbank verwijst naar de bewijsmiddelen zoals die zijn opgenomen bij de bespreking van selectiedossier 5 van zaaksdossier [dossiernaam 3] – zuurwater. [bedrijf 10] heeft verklaard dat stoffen van de Aa-lijst in de vergistingsinstallatie mogen. Stoffen die niet op die lijst staan, mogen niet in de vergistingsinstallatie. Op 13 december 2013 is afval uit tank 1, onder andere bestaand uit slib van [dossiernaam 2] , vervoerd naar [bedrijf 7] . Uit diezelfde tank is op 13 december 2013 nog meer afval geladen. Samen met afval uit de opslag is dit op 13 december 2013 vervoerd naar [bedrijf 8] . De rechtbank verwijst naar de bewijsmiddelen zoals die zijn opgenomen bij de bespreking van selectiedossier 6 van zaaksdossier [dossiernaam 2] . [bedrijf 7] en [bedrijf 8] zijn erkend als co-vergister. Dit betekent dat onderdeel IV van bijlage Aa geldt. Op 1 april 2014 is afval uit tank 4, samen met afval uit tank 5, vervoerd naar [naam 4] . De rechtbank verwijst naar de bewijsmiddelen zoals die zijn opgenomen bij de bespreking van selectiedossier 8 van zaaksdossier [dossiernaam 3] - vetresidu. [naam 4] heeft met ingang van 1 oktober 2013 de activiteiten van [bedrijf 4] overgenomen. Op 5 juni 2014 is afval vervoerd naar [bedrijf 28] . Dit afval bestond onder andere uit slib van [dossiernaam 2] . De rechtbank verwijst naar de bewijsmiddelen zoals die zijn opgenomen bij de bespreking van selectiedossier 9 van zaaksdossier [dossiernaam 2] . [bedrijf 5] is erkend als co-vergister. Dit betekent dat onderdeel IV van bijlage Aa geldt. Op grond van het bovenstaande komt de rechtbank tot het oordeel dat wettig en overtuigend is bewezen dat [verdachte] afvalstoffen (een afvalmengsel) heeft afgegeven aan bedrijven die niet bevoegd waren die afvalstoffen in te zamelen, nuttig toe te passen en/of te verwijderen. Medeplegen Naar het oordeel van de rechtbank dient ten aanzien van het medeplegen een onderscheid te worden gemaakt tussen de periode voor en de periode na 1 juli 2013. Hierbij is het volgende van belang. Op 26 september 2012 is [bedrijf 18] opgericht. Het bedrijf wordt, net als [verdachte] , bestuurd door [vertegenwoordiger verdachte] . Volgens de gegevens van de Kamer van Koophandel bestaan de activiteiten van [bedrijf 18] uit inzameling van onschadelijk afval, groothandel in overige oude materialen en afvalst De rechtbank stelt vast dat op de zeven begeleidingsbrieven die horen bij het vervoer van proceswater van [dossiernaam 1] naar [verdachte] 020399 als euralcode is vermeld. Dit betreft de begeleidingsbrieven met de nummers AB21523092 , AB21523213 , AB21523381 , AB21823018 , AB21823255 , AB33961633 en AB33961754 . Dit zijn de documenten die op de tenlastelegging zijn vermeld onder A1, C1, E1, I1, K1, M1 en O1. Het NFI heeft ook onderzoek gedaan naar de door [verdachte] aan vergistingsinstallaties afgegeven afvalstoffen. Geconcludeerd is dat afvalstoffen die bij [verdachte] een bewerking hebben ondergaan en/of worden gemengd, onder Euralcode 19.12.11* (overig afval (inclusief mengsels van materialen) van mechanische afvalverwerking dat gevaarlijke stoffen bevat) of 19.12.12 (overig, niet onder 19.12.11* vallend afval (inclusief mengsels van materialen) van mechanische afvalverwerking) vallen, afhankelijk van de vraag of de afvalstoffen al dan niet gevaarlijke stoffen bevatten. De rechtbank stelt vast dat op twee begeleidingsbrieven van het vervoer van afval naar [bedrijf 10] als euralcode 020399 staat vermeld. Dit zijn de begeleidingsbrieven met de nummers AB17333357 en AB17333911. Deze documenten zijn op de tenlastelegging aangeduid met B1 en D1. Op twee andere begeleidingsbrieven van vervoer van afval naar [bedrijf 10] staan de euralcodes 020399/020304/020305 vermeld. Dit ziet op de begeleidingsbrieven met de nummers AB18187959 en AB38158855. Dit betreft de documenten J1 en P1, zoals opgenomen in de tenlastelegging. Dezelfde codes staan ook op de begeleidingsbrieven die horen bij het vervoer naar [bedrijf 4] (begeleidingsbrief nummer AB18189104) en [bedrijf 11] (begeleidingsbrief nummer AB37362186). Dit zijn documenten L1 en N1, zoals genoemd in de tenlastelegging. Gelet hierop is de rechtbank van oordeel dat ten aanzien van alle hierboven benoemde documenten wettig en overtuigend bewezen is dat daarin onjuiste euralcodes zijn opgenomen. Met betrekking tot de begeleidingsbrief van 5 februari 2013 (document G1 zoals omschreven in de tenlastelegging) stelt de rechtbank vast dat daarop is vermeld dat [verdachte] de ontvanger is. Ook is een begeleidingsbrief opgesteld voor het vervoer van 31.840 kilo proceswater naar [bedrijf 11] (document H1 op de tenlastelegging). Daarop is [verdachte] vermeld als ontdoener en locatie van herkomst. Uit de bewijsmiddelen zoals die zijn opgenomen bij de bespreking van zaaksdossier 4 volgt echter dat sprake is geweest van een rechtstreekse vracht van [dossiernaam 1] naar [bedrijf 11] . Dit betekent dat wettig en overtuigend bewezen is dat in de begeleidingsbrief met nummer AB21522743 ten onrechte is vermeld dat [verdachte] de ontvanger is. Dit had [bedrijf 11] moeten zijn. Ook is wettig en overtuigend bewezen dat in begeleidingsbrief met nummer AB01817048 ten onrechte is vermeld dat [verdachte] de ontdoener is. Dit had [dossiernaam 1] moeten zijn. De rechtbank is van oordeel dat begeleidingsbrieven bestemd zijn om tot bewijs van enig feit te dienen. In artikel 10.44 van de Wet milieubeheer is vermeld dat degene die bedrijfsafvalstoffen of gevaarlijke afvalstoffen vervoert, verplicht is een begeleidingsbrief als bedoeld in artikel 10.39 bij die afvalstoffen aanwezig te hebben zolang hij die afvalstoffen onder zich heeft. Bij controle dient een begeleidingsbrief te worden getoond zodat gecontroleerd kan worden welke stof wordt vervoerd. Bij vermelding van een onjuiste code wordt verhuld wat er wordt vervoerd en wordt ontvangen door de afnemers. En bij vermelding van de onjuiste ontdoener/ontvanger wordt de werkelijke ontdoener of de werkelijke ontvanger verhuld. Hieruit en uit de aard van dit document vloeit naar het oordeel van de rechtbank het oogmerk van misleiding voort. Medeplegen Ten aanzien van de vraag of sprake is van medeplegen verwijst de rechtbank naar haar overwegingen bij feit 2. Voor dit feit komt de rechtbank tot medeplegen ten aanzien van de documenten zoals die zijn opgenomen in se [vertegenwoordiger verdachte] heeft ter zitting verklaard dat het klopt dat er rechtstreekse ritten zijn geweest. Dat ging uit commercieel belang zo. De begeleidingsbrieven bleven bij elkaar. In de computer werd wel aangegeven dat het een rechtstreekse rit was geweest. Chauffeur [chauffeur 1] heeft over een specifiek begeleidingsdocument verklaard dat hij die brief in opdracht van [vertegenwoordiger verdachte] heeft gebruikt. Er is wel eens tegen hem gezegd dat de locatie van herkomst afgeschermd werd ter bescherming van de markt. [naam 9] heeft verklaard dat de vrachten die op het tabblad ‘rechtstreeks’ op de tankstaten staan, ook rechtstreeks zijn gegaan. Feit 4 (documenten uit zaaksdossier [dossiernaam 2] ) Het NFI heeft onderzoek gedaan naar de afvalstoffen die door [dossiernaam 2] aan [verdachte] zijn afgegeven. In het rapport van 30 oktober 2014 is geconcludeerd dat de afvalstoffen, te weten slib van een biologische afvalwaterzuivering, vallen onder subhoofdstuk 19.08 (niet elders genoemd afval van afvalwaterzuivering) van de Eural en specifiek onder de codes 19.08.11* of 19.08.12, afhankelijk van de vraag of het slib wel of niet gevaarlijke stoffen bevat. De rechtbank stelt vast dat op de acht begeleidingsbrieven die behoren bij het vervoer van stoffen van [dossiernaam 2] naar [verdachte] als euralcode 020204 is ingevuld. Dit betreft de begeleidingsbrieven met de nummers AB04050844 , AB05367679 , AB05367676 , AB18188365 , AB18188645 , AB37359419 , AB37362150 en AB37362153 . Dit zijn de documenten die in de tenlastelegging zijn aangeduid met A2, B2, C2, E2, G2, I2, O2 en R2. Het NFI heeft ook onderzoek gedaan naar de door [verdachte] aan vergistingsinstallaties afgegeven afvalstoffen. Geconcludeerd is dat afvalstoffen die bij [verdachte] een bewerking hebben ondergaan en/of worden gemengd, onder Euralcode 19.12.11* (overig afval (inclusief mengsels van materialen) van mechanische afvalverwerking dat gevaarlijke stoffen bevat) of 19.12.12 (overig, niet onder 19.12.11* vallend afval (inclusief mengsels van materialen) van mechanische afvalverwerking) vallen, afhankelijk van de vraag of de afvalstoffen al dan niet gevaarlijke stoffen bevatten. De rechtbank stelt vast dat op de acht begeleidingsbrieven die horen bij het vervoer van afval van [verdachte] naar de [naam 11] euralcode 020299 vermeld staat. Dit zijn de begeleidingsbrieven met de nummers AB17758528 , AB37361420 , AB37362029 , AB38100939 , AB38158079 , AB38158081 , AB38158122 en AB38158278 . Dit betreft de documenten die in de tenlastelegging worden aangeduid met D2, J2, N2, P2, S2, T2, U2 en V2. Dezelfde euralcode is vermeld op de begeleidingsbrieven die horen bij het vervoer van afval van [verdachte] naar [bedrijf 5] . Dit betreft de begeleidingsbrieven met de nummers AB18188708 , AB38100909 en AB38102622 . Deze stukken zijn in de tenlastelegging aangeduid als H2, Q2 en W2. Euralcode 020399 is vermeld op de begeleidingsbrieven die horen bij het vervoer van afval van [verdachte] naar [bedrijf 4] (nummer AB17757574 , document F2), [bedrijf 6] (nummer AB37358874 , document K2) en [bedrijf 22] (nummer AB38100576 , document X2). Op de begeleidingsbrieven die horen bij het vervoer van afval van [verdachte] naar [bedrijf 7] (nummer AB37357533 , document L2) en [bedrijf 8] (nummer AB37361473 , document M2) staat euralcode 020304 vermeld. Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat op alle in de tenlastelegging opgenomen documenten een onjuiste euralcode is vermeld. De rechtbank verwijst naar haar overwegingen bij feit 3 ten aanzien van het gebruik van begeleidingsbrieven. Medeplegen Ten aanzien van de vraag of sprake is van medeplegen verwijst de rechtbank naar haar overwegingen bij feit 2. Voor dit feit komt de rechtbank tot medeplegen ten aanzien van de documenten zoals die zijn opgenomen in selectiedossiers 5, 6, 7, 8 en 9 (documenten G2, H2, I2, J2, K2, L2, M2, N2, O2, P2, Q2, R2, S2, T2, U2, V2, W2 en X2). Opzettelijk handelen [naam 14] De rechtbank komt dan ook tot het oordeel dat wettig en overtuigend is bewezen dat op de in de tenlastelegging vermelde documenten een onjuiste euralcode dan wel een onjuiste ontvanger of ontdoener is vermeld. Voor wat betreft het gebruik van de begeleidingsbrieven verwijst de rechtbank naar hetgeen zij bij feit 3 heeft overwogen. Medeplegen Ten aanzien van de vraag of sprake is van medeplegen verwijst de rechtbank naar haar overwegingen bij feit 2. Voor dit feit komt de rechtbank tot medeplegen ten aanzien van de documenten zoals die zijn opgenomen in selectiedossiers 5, 6, 7, 8 en 9 (documenten G3, H3, I3, J3, K3, L3, M3 en N3). Opzettelijk handelen Met betrekking tot het opzet verwijst de rechtbank naar hetgeen zij hierover bij feit 3 heeft overwogen. Zaaksdossier [dossiernaam 3] - zuurwater In het NFI-rapport van 11 september 2014 is over het zuurwater van [dossiernaam 3] geconcludeerd dat bijvoorbeeld euralcode 02.03.99 niet de juiste euralcode is en dat de euralcodes 16.10.01* of 16.10.02, afhankelijk van of het water wel of niet als bijtend is aan te merken, vallend onder hoofdstuk 16.10 (‘waterig vloeibaar afval dat bestemd is om elders te worden verwerkt’), voor het zuurwater meer voor de hand liggen. De rechtbank stelt vast dat op de negen begeleidingsbrieven behorend bij het vervoer van afval van [dossiernaam 3] naar [verdachte] als euralcode 020399 vermeld staat. Dit zijn de brieven met de nummers AB05368594 , AB01816988 , AB17334838 , AB18187413 , AB18187417 , AB37361191 , AB37361934 , AB37361933 en AB38158311 . Dit betreft de documenten die op de tenlastelegging zijn aangeduid met A4, C4, E4, G4, I4, K4, M4, O4 en Q4. Het NFI heeft ook onderzoek gedaan naar de door [verdachte] aan vergistingsinstallaties afgegeven afvalstoffen. Geconcludeerd is dat afvalstoffen die bij [verdachte] een bewerking hebben ondergaan en/of worden gemengd, onder Euralcode 19.12.11* (overig afval (inclusief mengsels van materialen) van mechanische afvalverwerking dat gevaarlijke stoffen bevat) of 19.12.12 (overig, niet onder 19.12.11* vallend afval (inclusief mengsels van materialen) van mechanische afvalverwerking) vallen, afhankelijk van de vraag of de afvalstoffen al dan niet gevaarlijke stoffen bevatten. De rechtbank stelt vast dat euralcode 020399 vermeld staat op begeleidingsbrieven die horen van vervoer van [verdachte] naar [bedrijf 11] (nummer AB17756562 , document D4), [bedrijf 10] (nummer AB17758679 , document F4) en [naam 4] / [bedrijf 4] (nummer AB38158547 , document P4). De euralcodes 020399/020305/020304 staan vermeld op begeleidingsbrieven die horen bij het vervoer van afval van [verdachte] naar [bedrijf 11] (nummers AB18189282 en AB38158116 , documenten H4 en R4), [bedrijf 10] (nummers AB38100992 , AB37359930 en AB37357926 , documenten B4, J4 en N4) en [naam 4] (nummer AB37358920 , document L4). De rechtbank komt dan ook tot het oordeel dat wettig en overtuigend is bewezen dat op alle in de tenlastelegging genoemde documenten onjuiste euralcodes zijn vermeld. Met betrekking tot het gebruik van begeleidingsbrieven verwijst de rechtbank naar haar overwegingen bij feit 3. Medeplegen Ten aanzien van de vraag of sprake is van medeplegen verwijst de rechtbank naar haar overwegingen bij feit 2. Voor dit feit komt de rechtbank tot medeplegen ten aanzien van de documenten zoals die zijn opgenomen in selectiedossiers 5, 6, 7, 8 en 9 (documenten I4, J4, K4, L4, M4, N4, O4, P4, Q4 en R4). Opzettelijk handelen [naam 15] van [dossiernaam 3] heeft verklaard dat de euralcode normaliter in overleg met de afnemer werd gedaan, zo ook met [verdachte] . De benodigde vervoersdocumenten werden ingevuld door de transporteur (de afnemer). Die zorgde ervoor dat er een pakketje lag met ingevulde formulieren, met uitzondering van datum, gewicht en handtekening. [vertegenwoordiger verdachte] heeft ter zitting verklaard dat hij zelf niet bij [dossiernaam 3] is geweest, maar dat hij de code één op één heeft overgenomen van [naam 16] . Hij heeft er verd Verdachte (met kvk nr: [kvk nr] ) op één of meer tijdstippen in de periode van 6 februari 2012 tot en met 25 juni 2014, in de gemeente Putten en /of gemeente Apeldoorn en /of gemeente Horst aan de Maas en /of gemeente Tiel en /of gemeente Súdwest-Fryslân en /of gemeente Schagen en /of gemeente Venray en /of gemeente Hoogeveen en /of gemeente Tietjerksteradeel althans in Nederland, tezamen en in vereniging met één of meer ander(en), althans alleen, zich opzettelijk heeft ontdaan van bedrijfsafvalstoffen en/of gevaarlijke afvalstoffen, te weten een afvalmengsel, door afgifte aan: - " [naam 1] te Apeldoorn" en /of - " [bedrijf 4] V.O.F. " en /of - " [bedrijf 5] " en /of - " [bedrijf 6] " en/of - " [bedrijf 7] " en /of - " [bedrijf 8] " en /of - " [bedrijf 9] en /of - " [bedrijf 10] " en /of - " [bedrijf 11] " en /of - " [bedrijf 12] , terwijl die /dit bedrij (f)( ven ) niet bevoegd was/ waren die afvalstof ( fen ) in te zamelen en/of te verwerken en/of nuttig toe te passen en/of te verwijderen en verdachte (met kvk nr: [kvk nr] ) op één of meer tijdstippen in de periode van 6 februari 2012 tot en met 25 juni 2014, in de gemeente Putten en /of gemeente Apeldoorn en /of gemeente Horst aan de Maas en /of gemeente Tiel en /of gemeente Súdwest-Fryslân en /of gemeente Schagen en /of gemeente Venray en /of gemeente Hoogeveen en /of gemeente Tietjerksteradeel althans in Nederland, tezamen en in vereniging met één of meer ander (en), althans alleen, zich opzettelijk heeft ontdaan van bedrijfsafvalstoffen en/of gevaarlijke afvalstoffen , te weten een afvalmengsel, door afgifte aan: - " [naam 1] te Apeldoorn" en /of - " [bedrijf 4] V.O.F. " en /of - " [bedrijf 5] " en /of - " [bedrijf 6] " en/of - " [bedrijf 7] " en /of - " [bedrijf 8] " en /of - " [bedrijf 9] en /of - " [bedrijf 10] " en /of - " [bedrijf 11] " en /of - " [bedrijf 12] , terwijl die /dit bedrij (f)( ven ) niet bevoegd was/ waren die afvalstof ( fen ) in te zamelen en/of te verwerken en/of nuttig toe te passen en/of te verwijderen; 3. Verdachte (met kvk nr: [kvk nr] ) op één of meer tijdstippen in de periode van 4 februari 2012 tot en met 25 juni 2014, in de gemeente Putten en/of Rotterdam en/of Amsterdam en/of Heerhugowaard , althans in Nederland, tezamen en in vereniging met één of meer ander(en), althans alleen, (zaaksdossier [dossiernaam 1] ) (A1) - een begeleidingsbrief, nummer AB21523092 (bijlagendossier map 2 blz 4000641) en /of (B1) - een begeleidingsbrief, nummer AB17333357 (bijlagendossier map 1 blz 4000383) en /of (C1) - een begeleidingsbrief, nummer AB21523213 (bijlagendossier map 2 blz 4000635) en /of (D1) - een begeleidingsbrief, nummer AB17333911 (bijlagendossier map 1 blz 4000402) en /of (E1) - een begeleidingsbrief, nummer AB21523381 (bijlagendossier map 2 blz 4000631) en /of (F1) - een begeleidingsbrief, nummer AB17756870 (bijlagendossier map 1 blz 4000416) en /of (G1) - een begeleidingsbrief, nummer AB21522743 (bijlagendossier map 2 blz 4000627) en /of (H1) - een begeleidingsbrief, nummer AB01817048 (bijlagendossier map 2 blz 4000597) en /of (I1) - een begeleidingsbrief, nummer AB21823018 (bijlagendossier map 2 blz 4000623) en /of (J1) - een begeleidingsbrief, nummer AB18187959 (bijlagendossier map 2 blz 4000606) en/of ( elk ) zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen - valselijk heeft /hebben opgemaakt of vervalst, immers heeft verdachte en/of zijn medeverdachte(n) valselijk op die begeleidingsbrie (f)( ven ) : (Zaaksdossier [dossiernaam 1] ) (A1) - als Euralcode 020399 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 161001* of 161002 was en /of (B1) - als Euralcode 020399 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 191211* of 191212 was en /of (C1) - als Euralcode 020399 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 161001* of 161002 was en /of (D1) - als Euralcode 020399 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 191211* of 191212 was en /o , [adres 12] ", moest zijn en /of (K3) - in het veld 4B als locatie van bestemming " [verdachte] , [adres 3] " aangegeven terwijl dit " [bedrijf 11] , [adres 4] ”, moest zijn en /of (L3) - in het veld 3A en /of 3B als ontdoener en /of locatie van herkomst " [verdachte] , [adres 3] " aangegeven terwijl dit " [bedrijf 14] , [adres 6] " en/of " [bedrijf 14] , [adres 11] ", moest zijn en /of (M3) - als Euralcode 020399 en /of 020304 en /of 020305 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 191211* of 191212 was en /of (N3) - als Euralcode 020399 en /of 020304 en /of 020305 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 191211* of 191212 was en /of (Zaaksdossier [dossiernaam 3] , zuurwater) (I4) - als Euralcode 020399 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 161001* of 161002 was en /of (J4) - als Euralcode 020399 en /of 020305 en /of 020304 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 191211* of 191212 was en /of (K4) - als Euralcode 020399 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 161001* of 161002 was en /of (L4) - als Euralcode 020399 en /of 020305 en /of 020304 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 191211* of 191212 was en /of (M4) - als Euralcode 020399 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 161001* of 161002 was en /of (N4) - als Euralcode 020399 en /of 020305 en /of 020304 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 191211* of 191212 was en /of (O4) - als Euralcode 020399 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 161001* of 161002 was en /of (P4) - als Euralcode 020399 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 191211* of 191212 was en /of (Q4) - als Euralcode 020399 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 161001* of 161002 was en /of (R4) - als Euralcode 020399 en /of 020305 en /of 020304 ingevuld, terwijl de Euralcode van de afvalstof die vervoerd werd 191211* of 191212 was, zulks met het oogmerk om die/dat geschrift(en) als echt en onvervalst te gebruiken of door anderen te doen gebruiken. Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad. Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen. Verdachte moet daarvan worden vrijgesproken. 4 De kwalificatie van het bewezenverklaarde Het bewezenverklaarde levert op: Ten aanzien van feit 1: Overtreding van een voorschrift gesteld bij artikel 2.3 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, opzettelijk begaan door een rechtspersoon, meermalen gepleegd; Ten aanzien van feit 2: Overtreding van een voorschrift gesteld bij artikel 10.37 van de Wet milieubeheer, opzettelijk begaan door een rechtspersoon, meermalen gepleegd en medeplegen van overtreding van een voorschrift gesteld bij artikel 10.37 van de Wet milieubeheer, opzettelijk begaan door een rechtspersoon, meermalen gepleegd; Ten aanzien van feit 3, feit 4 en feit 5, telkens: Valsheid in geschrift, opzettelijk begaan door een rechtspersoon, meermalen gepleegd en medeplegen van valsheid in geschrift, opzettelijk begaan door een rechtspersoon, meermalen gepleegd. 5 De strafbaarheid van de feiten De feiten zijn strafbaar. 6 De strafbaarheid van verdachte Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. 7 Overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft geëist dat verdachte zal worden veroordeeld tot een geldboete van € 150.000,-, waarvan € 50.000,- voorwaardelijk, met een proeftijd van drie jaar. Het standpunt van de verdediging Verdachte is op sterven na dood. Zij kon haar bedrijfsactiviteiten niet langer voortzetten en nu worden er geen inkoms Noordraven is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen. Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door [verbalisant] van de politie Oost Nederland opgemaakte proces-verbaal, nummer 2013082962, onderzoek 06EXO13008 Work, gesloten op 18 mei 2015 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld. Uittreksels Kamer van Koophandel, p. 4002280-4002285. Beschikking van 30 juni 2005 van Gedeputeerde Staten van de provincie Gelderland, p. 40002523. Aanvraagformulier met begeleidende brief, p. 40003747-40003750. Proces-verbaal van verhoor getuige [getuige] , p. 40003735-40003737. Handelsregisterhistorie, p. 4002284-4002285. Uittreksel Kamer van Koophandel, p. 40002477. Handelsregisterhistorie, p. 4002284-40002285. Uittreksel Kamer van Koophandel, p. 4002269. Uittreksel Kamer van Koophandel, p. 4002466. Aanvraag vergunning juni 2004, onderdeel 4.4.1. en onderdeel 4.4.4, p. 40003070 en 40003073. Proces-verbaal zaaksdossier [dossiernaam 1] , p. 3100006, proces-verbaal van bevindingen basis pv [dossiernaam 1] p. 4002034-4002035. Weergave tanklijst lijst 4 in selectiedossier 1, p. 3100038 en document A1, begeleidingsbrief nummer AB21523092, p. 4000641. Weergave tanklijst lijst 4 in selectiedossier 1, p. 3100038 en document B1, begeleidingsbrief nummer AB17333357, p. 4000383. Weergave tanklijst ‘rechtstreekse vrachten’ in selectiedossier 1, p. 3100039-3100040. Weergave tanklijst tank 5 in selectiedossier 2, p. 3100054 en document C1, begeleidingsbrief nummer AB21523213, p. 4000635. Weergave tanklijst tank 5 in selectiedossier 2, p. 3100054. Dagstaat chauffeur 9 augustus 2012, p. 4000288. Proces-verbaal van verhoor [chauffeur 1] , p. 40004229. Document D1, begeleidingsbrief nummer AB17333911, p. 4000402. Document E1, begeleidingsbrief nummer AB21523381, p. 4000632. Weergave tanklijst tank 4 in selectiedossier 3, p. 3100071. Weergave tanklijst tank 4 in selectiedossier 3, p. 3100071 en document F1, begeleidingsbrief nummer AB17756870, p. 4000417. Weergave tanklijst ‘rechtstreekse vrachten’ in selectiedossier 4, p. 3100087. Dagstaat chauffeur 5 februari, p. 4000549 en proces-verbaal van verhoor [chauffeur 3] , p. 40004855-40004856. Document I1, begeleidingsbrief nummer AB21823018, p. 4000623. Weergave tanklijst tank 5 in selectiedossier 5, p. 3100102. Weergave tanklijst tank 5 in selectiedossier 5, p. 3100102. Weergave tanklijst tank 4 in selectiedossier 5, p. 3100103-3100104. Document J1, begeleidingsbrief nummer AB18187959, p. 4000606. Document K1, begeleidingsbrief nummer AB21823255, p. 4000620. Weergave tanklijst tank 6 in selectiedossier 6, p. 3100118. Weergave tanklijsten tank 4 en tank 6 in selectiedossier 6, p. 3100118-3100120 en document L1, begeleidingsbrief nummer AB18189104, p. 4000865. Document M1, begeleidingsbrief nummer AB33961633, p. 4000009 en weergave tanklijst tank 4 in selectiedossier 7, p. 3100135. Weergave tanklijst tank 4 in selectiedossier 7, p. 3100135 en document N1, begeleidingsbrief nummer AB37362186, p. 4000880. Document O1, begeleidingsbrief nummer AB33961754, p. 4000039 en weergave tanklijst tank 4 in selectiedossier 8, p. 3100151. Weergave tanklijst tank 4 in selectiedossier 8, p. 3100151 en document P1, begeleidingsbrief nummer AB38158855, p. 4000016. Weergave tanklijst tank 4 in selectiedossier 9, p. 3100168 en begeleidingsbrief nummer AB38100987, p. 4000859. Proces-verbaal zaaksdossier [dossiernaam 2] , p. 3000005-3000006. Document A2, begeleidingsbrief nummer AB04050844, p. 4000810. Weegbon, p. 4000373. Weergave tanklijst stortput in selectiedossier 1, p. 3000034. Weergave tanklijst tank 1 in selectiedossier 1, p. 3000035. Weergave tanklijst tank 1 in selectiedossier 1, p. 3000038 en begeleidingsbrief nummer AB17017167. Weergave tanklijst tank 1 in selectiedossier 1, p. 3000040 en begeleidingsbrief numme 3200066 en begeleidingsbrief nummer AB05367516, p. 4000745. Proces-verbaal van verhoor [chauffeur 3] , p. 40004897. Selectiedossier 3 van zaaksdossier [dossiernaam 3] – vetresidu, p. 3200077. Dagstaat chauffeur, p. 4000284, weergave tanklijst ‘rechtstreeks’ in selectiedossier 3, p. 3200078 en proces-verbaal van verhoor [chauffeur 3] , p. 40004898. Begeleidingsbrief nummer AB18188535, p. 4000749 en weergave tanklijst tank 6 in selectiedossier 4, p. 3200089. Weergave tanklijst tank 6 in selectiedossier 4, p. 3200089 en document F3, begeleidingsbrief nummer AB18189117, p. 4000843. Dagstaat chauffeur 11 oktober 2013, p. 4000545 en document G3, begeleidingsbrief nummer AB01812481, p. 4000737. Dagstaat chauffeur 12 oktober 2013, p. 4000544. Weergave tanklijst ‘rechtstreeks’ in selectiedossier 5, p. 3200103. Selectiedossier 6 van zaaksdossier [dossiernaam 3] – vetresidu, p. 3200111. Dagstaat chauffeur 20 december 2013, p. 4000514 en document I3, begeleidingsbrief nummer AB37360890, p. 4000719. Weergave tanklijst ‘rechtstreeks’ in selectiedossier 6, p. 3200116. Dagstaat chauffeur 12 februari 2014, p. 4000118. Weergave tanklijst ‘rechtstreeks’ in selectiedossier 7, p. 3200129. Proces-verbaal van verhoor [chauffeur 3] , p. 40004898. Begeleidingsbrief nummer AB37362405, p. 4000713. Dagstaat chauffeur [chauffeur 7] 31 maart 2014, p. 4000117 en agenda 31 maart 2014, p. 4000234. Weergave tanklijst tank 4 in selectiedossier 8, p. 3200140-3200141. Weergave tanklijsten tank 4 en tank 5 in selectiedossier 8, p. 3200142 en document M3, begeleidingsbrief nummer AB37362398, p. 4000873. Dagstaat chauffeur [chauffeur 6] 23 april 2014, p. 4000200; agenda 23 april 2014, p. 400236 en weergave tanklijst tank 4 in selectiedossier 9, p. 3200156. Weergave tanklijsten tank 4 en tank 5 in selectiedossier 9, p. 3200156 en document N3, begeleidingsbrief nummer AB38100992, p. 4000815. Proces-verbaal deelonderzoek Zuurwater [dossiernaam 3] , p. 3200169. Document A4, begeleidingsbrief nummer AB05368594, p. 4000748 en weergave tanklijst tank 3 in selectiedossier 1, p. 3200185. Document B4, begeleidingsbrief nummer AB17016993, p. 4000363 en weergave tanklijst tank 3 en tank 4 in selectiedossier 1, p. 3200185. Document C4, begeleidingsbrief nummer AB01816988, p. 4000758 en weergave tanklijst tank 3 in selectiedossier 2, p. 3200200. Weergave tanklijst tank 3 in selectiedossier 2, p. 3200200 en document D4, begeleidingsbrief nummer AB17756562, p. 4000414. Document E4, begeleidingsbrief nummer AB17334838, p. 4000755 en weergave tanklijst tank 4 in selectiedossier 3, p. 3200215. Weergave tanklijst tank 4 in selectiedossier 3, p. 3200215 en document F4, begeleidingsbrief nummer AB17758679, p. 4000837. Document G4, begeleidingsbrief nummer AB18187413, p. 4000608 en weergave tanklijst tank 4 in selectiedossier 4, p. 3200230. Weergave tanklijst tank 4 in selectiedossier 4, p. 3200230. Weergave tanklijst tank 4 in selectiedossier 4, p. 3200230 en document H4, begeleidingsbrief AB18189282, p. 4000612. Document I4, begeleidingsbrief nummer AB18187417, p. 4000589 en weergave tanklijst tank 5 in selectiedossier 5, p. 3200245. Weergave tanklijst tank 5 in selectiedossier 5, p. 3200245 en document J4, begeleidingsbrief AB37359930, p. 4000851. Document K4, begeleidingsbrief nummer AB37361191, p. 4000732 en weergave tanklijst tank 5 in selectiedossier 6, p. 3200261. Weergave tanklijst tank 5 en tank 4 in selectiedossier 6, p. 3200261 en document L4, begeleidingsbrief nummer AB37358920, p. 4000567. Document M4, begeleidingsbrief nummer AB37361934, p. 4000047 en weergave tanklijst tank 4 in selectiedossier 7, p. 3200275. Weergave tanklijst tank 4 in selectiedossier 7, p. 3200275 en document N4, begeleidingsbrief nummer AB37357926, p. 4000821. Document O4, begeleidingsbrief nummer AB37361933, p. 4000036 en weergave tanklijst tank 4 in selectiedossier 8, p. 3200290. Weergave tanklijst tank 4 in selectiedossier 8, p. 3200290 en document P4, begeleidingsbrief nummer AB38158547, p. 4000861