Rechtspraak Rechtbank Gelderland 2017-10-27
ECLI:NL:RBGEL:2017:5589
RECHTBANK GELDERLAND Zittingsplaats Arnhem Belastingrecht zaaknummer: AWB 17/2278 uitspraak van de enkelvoudige belastingkamer van 27 oktober 2017 in de zaak tussen [X] , te [Z] , eiseres (gemachtigde: [gemachtigde] ), en de inspecteur van de Belastingdienst, kantoor Amsterdam, verweerder. Procesverloop Verweerder heeft aan eiseres voor het jaar 2013 een aanslag (aanslagnummer [000] .H.36.01) inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (hierna: IB/PVV) opgelegd, berekend naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 33.861. Tevens is bij beschikking € 78 aan belastingrente in rekening gebracht. Verweerder heeft bij uitspraak op bezwaar van 10 april 2017 de aanslag en de beschikking belastingrente gehandhaafd. Eiseres heeft daartegen bij brief van 1 mei 2017, ontvangen door de rechtbank op 2 mei 2017, beroep ingesteld. Verweerder heeft de op de zaak betrekking hebbende stukken overgelegd en een verweerschrift ingediend. Eiseres heeft vóór de zitting nadere stukken ingediend. Deze stukken zijn in afschrift verstrekt aan verweerder. Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 31 augustus 2017. Namens eiseres is haar gemachtigde verschenen, bijgestaan door [A] . Namens verweerder zijn verschenen [gemachtigde] en [B] . Eiseres heeft ter zitting een pleitnota voorgedragen en exemplaren daarvan overgelegd aan de rechtbank en aan de wederpartij. Overwegingen Feiten 1. Eiseres heeft in haar aangifte IB/PVV over het jaar 2013 voor een bedrag van € 1.795 uitgaven voor specifieke zorgkosten in aftrek gebracht als onderdeel van haar persoonsgebonden aftrek. Verweerder heeft deze aftrek gedeeltelijk toegekend. Door eiser in aftrek gebracht Door verweerder toegekend Niet in aftrek toegelaten Kosten medicijnen € 1.158 € 878 € 280 Dieetkosten € 900 € 0 € 900 Reiskosten ziekenbezoek € 300 € 0 € 300 Totaal € 2.358 € 878 € 1.480 Drempel € 536 € 536 Aftrek € 1.795 € 315 2. Voor wat betreft de dieetkosten heeft verweerder bij brief van 9 februari 2016 eiseres verzocht om nadere informatie. Daarbij is onder andere gevraagd naar een door een arts of diëtist(e) ondertekende verklaring, waaruit blijkt welk dieet hij of zij heeft voorgeschreven en voor welke ziekte of aandoening hij of zij dat deed. Hiervoor diende gebruik te worden gemaakt van de door verweerder meegezonden bijlage Dieetbevestiging 2013. 3. Bij brief van gemachtigde van 24 februari 2016 heeft eiseres nadere gegevens verstrekt over de dieetkosten. Hierbij is gevoegd een brief met toelichting van drs. [C] [D] en een ingevulde bijlage Dieetbevestiging 2013. Onder deze bijlage Dieetbevestiging 2013 staat ‘Dr. [C] ’ vermeld. Als reactie hierop heeft verweerder in zijn brief van 18 augustus 2016 nadere informatie opgevraagd bij eiseres. Eiseres heeft geen nadere informatie verstrekt. Geschil 4. In geschil is de aanslag IB/PVV voor het jaar 2013. In het bijzonder is in geschil in hoeverre de door eiseres gemaakte zorgkosten kwalificeren als uitgaven voor specifieke zorgkosten in de zin van artikel 6.17 van de Wet IB 2001. 5. Eiseres stelt dat alle gemaakte zorgkosten kwalificeren als uitgaven voor specifieke zorgkosten en om die reden in aftrek moeten komen op haar belastbaar inkomen uit werk en woning. 6. Verweerder stelt dat de door eiseres gemaakte zorgkosten niet voor aftrek in aanmerking komen. Beoordeling van het geschil Medicijnkosten 7. Op grond van artikel 6.17, eerste lid en onder c, van de Wet IB 2001 zijn uitgaven die wegens ziekte of invaliditeit zijn gedaan voor farmaceutische hulpmiddelen verstrekt op voorschrift van een arts aan te merken als specifieke zorgkosten die in aftrek kunnen worden gebracht. 8. Op eiseres rust de bewijslast om aannemelijk te maken dat zij recht heeft op een hoger bedrag aan uitgaven voor specifieke zorgkosten dan waarmee verweerder rekening heeft gehouden. Eiseres heeft een bedrag van € 1.158 als ‘kosten medicijnen’ in aftrek gebracht. Daaronder zijn geschaard € 160 aan kosten die eiseres heeft gemaakt in het kader van sensitherapie.