Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2026-02-25
ECLI:NL:RBDHA:2026:3945
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
553 tokens
=== VOLLEDIG ===
ECLI:NL:RBDHA:2026:3945 text/xml public 2026-02-27T09:36:51 2026-02-27 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Den Haag 2026-02-25 NL25.61916 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig NL Middelburg Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2026:3945 text/html public 2026-02-27T09:36:29 2026-02-27 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBDHA:2026:3945 Rechtbank Den Haag , 25-02-2026 / NL25.61916 Vovo verzet; afgewezen. RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: NL25.61916 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [verzoeker], V-nummer: [V-nummer 1], verzoeker [verzoekster] , V-nummer: [V-nummer 2], verzoekster hierna gezamenlijk te noemen: verzoekers (gemachtigde: mr. R.E.J.M. van den Toorn), en de minister van Asiel en Migratie, verweerder. Procesverloop Bij afzonderlijke besluiten van 28 augustus 2025 (de bestreden besluiten) heeft verweerder de asielaanvragen van verzoekers niet in behandeling genomen omdat Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan. Bij uitspraak van 24 september 2025 heeft de rechtbank de beroepen ongegrond verklaard. Verzoekers hebben tegen deze uitspraak verzet ingesteld en de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter doet uitspraak zonder zitting op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Overwegingen 1. In de uitspraak van vandaag met zaaknummers NL25.41549 en NL25.41551 V heeft de rechtbank beslist op het verzet waarop dit verzoek om een voorlopige voorziening betrekking heeft. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af als kennelijk ongegrond. 2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan op 25 februari 2026 door mr. M.J. Schouw, rechter, in aanwezigheid van mr. M. Gasi, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl. De uitspraak is bekendgemaakt op: Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.