Rechtspraak Rechtbank Den Haag 2026-02-19
ECLI:NL:RBDHA:2026:3213
RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Amsterdam Bestuursrecht Zaaknummer: AWB 24/18161 [V-Nummer] uitspraak van de enkelvoudige kamer van 19 december 2025 in de zaak tussen [eiser] , uit [plaats] , eiser en het bestuur van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers, het COa (gemachtigde: mr. B.E.M. Goossens). Inleiding 1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiser tegen het besluit van het COa van 8 oktober 2024 om aan eiser een ROV -3 maatregel op te leggen. Die maatregel houdt in dat het COa gedurende vier weken het leefgeld van € 14,47 per week inhoudt. 1.1. Eiser heeft een beroepschrift ingediend dat op 8 november 2024 is ontvangen. 1.2. Het COa heeft op 3 november 2025 een verweerschrift ingediend. 1.3. De rechtbank heeft het beroep op 11 december 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben eiser en de gemachtigde van het COa deelgenomen. Beoordeling door de rechtbank Waar gaat deze zaak over? 2. Het COa heeft aan eiser een ROV-3 maatregel opgelegd. Deze maatregel houdt in dat met ingang van 8 oktober 2024 viermaal de wekelijkse vergoeding van € 14,47 wordt ingehouden. De aanleiding voor het opleggen van deze maatregel is dat eiser op 7 oktober 2024 fysieke en verbale agressie tegen een medebewoner heeft getoond en daarmee de huisregels heeft overtreden. Het COa en eiser hebben hierover op 8 oktober 2024 een gesprek gevoerd. Dit gesprek heeft voor het COa geen aanleiding gegeven om een ander standpunt in te nemen. Het feitenonderzoek van het COa 3. Uit het incidentenverslag van 8 oktober 2024 blijkt dat op 7 oktober 2024 een geweldsincident heeft plaatsgevonden op de buitenplaats van de opvanglocatie waar eiser op dat moment verbleef. In het verslag staat vermeld dat een medewerker ziet dat een medebewoner op eiser afloopt om verhaal te halen over klachten. Dit leidt tot een woordenwisseling tussen beiden. Verder blijkt uit het verslag dat de betreffende medebewoner met zijn handen een beweging maakt dichtbij het gezicht van eiser, waarop eiser reageert met: "Don't get too close to me" en zijn hand recht voor zich uitsteekt om afstand te bewaren tussen hem en de medebewoner. Hierop reageert de medebewoner met: "I don't care" , waarna de bewoners elkaar binnen een fractie van een seconde bespringen, aldus het verslag. Ook blijkt dat beveiliging en enkele collega’s van het COa tussen hen inspringen om verdere escalatie te voorkomen. Om de situatie onder controle te houden, wordt eiser meegenomen naar de spreekkamer door medewerkers van het COa, en wordt de politie ingeschakeld, die de betreffende medebewoner meeneemt naar het politiebureau. Wat vindt eiser in beroep? 4. Eiser is het niet eens met de opgelegde maatregel en stelt dat deze ten onrechte is opgelegd. Hij betoogt dat hij uit zelfbescherming heeft teruggeslagen en wijst erop dat hij meerdere klachten heeft ingediend over de overlast van de betreffende medebewoner en dat hij vaak heeft gewaarschuwd dat het uit de hand zou kunnen lopen. Omdat er geen maatregelen zijn genomen, is eiser ongewild in deze situatie terechtgekomen. Om die reden is het volgens eiser niet proportioneel om aan hem een ROV-3 maatregel op te leggen en eist hij compensatie voor de geleden schade. Wat vindt het COa in beroep? 5. Het COa stelt zich op het standpunt dat aan eiser terecht een ROV-3 maatregel is opgelegd, omdat het door eiser vertoonde gedrag onacceptabel is. Het aangaan van een gevecht met een medebewoner wordt volgens het Maatregelenbeleid aangemerkt als agressief gedrag met middelgrote impact en wordt niet getolereerd. Eiser koos ervoor het gevecht aan te gaan met de betreffende medebewoner, en de gevolgen daarvan zijn voor zijn eigen rekening en risico. Indien voor dergelijk gedrag geen maatregel wordt opgelegd, is het onmogelijk om de veiligheid, leefbaarheid en beheersbaarheid voor bewoners op de locatie te kunnen waarborgen. Het opleggen van de ROV-3 maatregel acht het COa daarom proportioneel. Heeft het COa een ROV-3 maatregel aan eiser mogen opleggen en is deze m