Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2026-01-29
ECLI:NL:RBDHA:2026:1565
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
1,068 tokens
Volledig
ECLI:NL:RBDHA:2026:1565 text/xml public 2026-01-30T10:14:21 2026-01-30 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Den Haag 2026-01-29 NL26.952 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig NL Utrecht Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2026:1565 text/html public 2026-01-30T10:13:48 2026-01-30 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBDHA:2026:1565 Rechtbank Den Haag , 29-01-2026 / NL26.952 Dublin Finland. Vovo afgewezen. uitspraak RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL26.952 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [verzoeker] , V-nummer: [V-nummer] , verzoeker (gemachtigde: mr. E. Ceylan), en de minister van Asiel en Migratie , de minister (gemachtigde: mr. R. van Dooren). Procesverloop Bij besluit van 6 januari 2026 (het bestreden besluit) heeft de minister de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Finland verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan. Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter heeft het verzoek, tezamen met de zaak NL26.951, op 20 januari 2026 op zitting behandeld. Verzoeker heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. De minister heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. Overwegingen 1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL26.951, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af. 2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan door mr. G.P. Loman, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van S.N. Lekatompessij, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op: 29 januari 2026 Documentcode: [Documentcode] Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Volledig
ECLI:NL:RBDHA:2026:1565 text/xml public 2026-01-30T10:14:21 2026-01-30 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Den Haag 2026-01-29 NL26.952 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig NL Utrecht Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2026:1565 text/html public 2026-01-30T10:13:48 2026-01-30 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBDHA:2026:1565 Rechtbank Den Haag , 29-01-2026 / NL26.952 Dublin Finland. Vovo afgewezen. uitspraak RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL26.952 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [verzoeker] , V-nummer: [V-nummer] , verzoeker (gemachtigde: mr. E. Ceylan), en de minister van Asiel en Migratie , de minister (gemachtigde: mr. R. van Dooren). Procesverloop Bij besluit van 6 januari 2026 (het bestreden besluit) heeft de minister de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Finland verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan. Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter heeft het verzoek, tezamen met de zaak NL26.951, op 20 januari 2026 op zitting behandeld. Verzoeker heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. De minister heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. Overwegingen 1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL26.951, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af. 2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan door mr. G.P. Loman, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van S.N. Lekatompessij, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op: 29 januari 2026 Documentcode: [Documentcode] Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.