Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2026-04-08
ECLI:NL:RBDHA:2026:12701
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
1,041 tokens
Volledig
ECLI:NL:RBDHA:2026:12701 text/xml public 2026-05-20T12:27:00 2026-05-20 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Den Haag 2026-04-08 NL26.8904 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig NL Zwolle Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2026:12701 text/html public 2026-05-20T12:26:23 2026-05-20 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBDHA:2026:12701 Rechtbank Den Haag , 08-04-2026 / NL26.8904 Wv 2000, Dublinverordening. Afwijzing voorlopige voorziening wegens oordeel op beroep. uitspraak RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Zwolle Bestuursrecht zaaknummer: NL26.8904 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [eiser] , V-nummer: [vestigingsplaats], verzoeker (gemachtigde: mr. V.L. van Wieringen), en de minister van Asiel en Migratie, (gemachtigde: mr. M.L.A. Berkelmans). Procesverloop Bij besluit van 16 februari 2026 (het bestreden besluit) heeft de minister de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen omdat Bulgarije verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan. Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter heeft het verzoek op 2 april 2026 op zitting behandeld, samen met het beroep (NL26.8903). Hieraan hebben deelgenomen: de gemachtigde van eiser en de gemachtigde van de minister. Overwegingen Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL26.8903, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan door mr. G.J. Wilts, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van J.M. van der Stouwe, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op: Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Volledig
ECLI:NL:RBDHA:2026:12701 text/xml public 2026-05-20T12:27:00 2026-05-20 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Den Haag 2026-04-08 NL26.8904 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig NL Zwolle Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2026:12701 text/html public 2026-05-20T12:26:23 2026-05-20 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBDHA:2026:12701 Rechtbank Den Haag , 08-04-2026 / NL26.8904 Wv 2000, Dublinverordening. Afwijzing voorlopige voorziening wegens oordeel op beroep. uitspraak RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Zwolle Bestuursrecht zaaknummer: NL26.8904 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [eiser] , V-nummer: [vestigingsplaats], verzoeker (gemachtigde: mr. V.L. van Wieringen), en de minister van Asiel en Migratie, (gemachtigde: mr. M.L.A. Berkelmans). Procesverloop Bij besluit van 16 februari 2026 (het bestreden besluit) heeft de minister de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen omdat Bulgarije verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan. Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter heeft het verzoek op 2 april 2026 op zitting behandeld, samen met het beroep (NL26.8903). Hieraan hebben deelgenomen: de gemachtigde van eiser en de gemachtigde van de minister. Overwegingen Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL26.8903, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan door mr. G.J. Wilts, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van J.M. van der Stouwe, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op: Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.