Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2026-04-22
ECLI:NL:RBDHA:2026:10220
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Voorlopige voorziening
1,033 tokens
Volledig
ECLI:NL:RBDHA:2026:10220 text/xml public 2026-05-01T09:00:20 2026-04-30 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Den Haag 2026-04-22 NL26.10489 en NL26.10491 Uitspraak Voorlopige voorziening NL Middelburg Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2026:10220 text/html public 2026-04-30T11:34:52 2026-05-01 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBDHA:2026:10220 Rechtbank Den Haag , 22-04-2026 / NL26.10489 en NL26.10491 Plakvovo bij NL26.10487 en NL26.10490 RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummers: NL26.10489 en NL26.10491 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaken tussen [verzoekers] , V-nummers: [V-nummer 1] en [V-nummer 2] , verzoekers mede namens hun minderjarige kinderen (gemachtigde: mr. N. Vollebergh), en de minister van Asiel en Migratie, verweerder (gemachtigde: [gemachtigde] ). Procesverloop Bij besluiten van 25 februari 2026 (de bestreden besluiten) heeft verweerder de asielaanvragen van verzoekers niet in behandeling genomen op de grond dat Spanje verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan. Verzoekers hebben tegen de bestreden besluiten beroep ingesteld. Zij hebben verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht uitspraak zonder zitting. Overwegingen Bij mondelinge uitspraak van 22 april 2026, zaaknummers NL26.10487 en NL26.10490, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op de beroepen. De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om die reden af. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan op 29 april 2026 door mr. B.F.Th. de Roos, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van N.A. D’Hoore, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl. De uitspraak is bekendgemaakt op: Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Volledig
ECLI:NL:RBDHA:2026:10220 text/xml public 2026-05-01T09:00:20 2026-04-30 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Den Haag 2026-04-22 NL26.10489 en NL26.10491 Uitspraak Voorlopige voorziening NL Middelburg Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2026:10220 text/html public 2026-04-30T11:34:52 2026-05-01 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBDHA:2026:10220 Rechtbank Den Haag , 22-04-2026 / NL26.10489 en NL26.10491 Plakvovo bij NL26.10487 en NL26.10490 RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummers: NL26.10489 en NL26.10491 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaken tussen [verzoekers] , V-nummers: [V-nummer 1] en [V-nummer 2] , verzoekers mede namens hun minderjarige kinderen (gemachtigde: mr. N. Vollebergh), en de minister van Asiel en Migratie, verweerder (gemachtigde: [gemachtigde] ). Procesverloop Bij besluiten van 25 februari 2026 (de bestreden besluiten) heeft verweerder de asielaanvragen van verzoekers niet in behandeling genomen op de grond dat Spanje verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan. Verzoekers hebben tegen de bestreden besluiten beroep ingesteld. Zij hebben verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht uitspraak zonder zitting. Overwegingen Bij mondelinge uitspraak van 22 april 2026, zaaknummers NL26.10487 en NL26.10490, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op de beroepen. De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om die reden af. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan op 29 april 2026 door mr. B.F.Th. de Roos, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van N.A. D’Hoore, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl. De uitspraak is bekendgemaakt op: Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.