Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2026-04-24
ECLI:NL:RBDHA:2026:10066
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
1,153 tokens
Volledig
ECLI:NL:RBDHA:2026:10066 text/xml public 2026-04-29T11:56:16 2026-04-29 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Den Haag 2026-04-24 NL26.18840 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig NL Middelburg Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht Herstelde uitspraak: ECLI:NL:RBDHA:2026:9600 Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2026:10066 text/html public 2026-04-29T11:55:59 2026-04-29 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBDHA:2026:10066 Rechtbank Den Haag , 24-04-2026 / NL26.18840 Hersteluitspraak – wijziging in procesverloop RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: NL26.18840 uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [eiser], eiser V-nummer: [V-nummer] (gemachtigde: mr. P.H. Hillen), en de minister van Asiel en Migratie, (gemachtigde: mr. K. Bruin). Overwegingen 1. De rechtbank stelt vast dat in de uitspraak van 21 april 2026 onder Procesverloop is verzuimd aan te geven dat de rechtbank het onderzoek ter zitting heeft geschorst, verweerder in de gelegenheid heeft gesteld diezelfde dag documenten aan het dossier toe te voegen en eiser daarop tot uiterlijk 17 april 2026 heeft kunnen reageren. Na ontvangst van de reactie van eiser op 16 april 2026, heeft de rechtbank het onderzoek op 17 april 2026 gesloten. 2. Naar het oordeel van de rechtbank is er sprake van een ook voor partijen kenbare kennelijke omissie die zich voor eenvoudig herstel leent. 3. Derhalve zal de rechtbank de uitspraak als volgt herstellen. Beslissing De rechtbank: voegt onder Procesverloop toe dat de rechtbank het onderzoek ter zitting heeft geschorst, verweerder in de gelegenheid heeft gesteld diezelfde dag documenten aan het dossier toe te voegen en eiser daarop tot uiterlijk 17 april 2026 heeft kunnen reageren. Na ontvangst van de reactie van eiser op 16 april 2026, heeft de rechtbank het onderzoek op 17 april 2026 gesloten. laat de uitspraak van 21 april 2026 voor het overige ongewijzigd. Deze uitspraak is gedaan op 24 april 2026 door mr. M.L. Weerkamp, rechter, in aanwezigheid van mr. J. de Winter, griffier en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl . De uitspraak bekendgemaakt op: Rechtsmiddel De uitspraak brengt geen wijziging in de termijn voor hoger beroep tegen de oorspronkelijke uitspraak.
Volledig
ECLI:NL:RBDHA:2026:10066 text/xml public 2026-04-29T11:56:16 2026-04-29 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Den Haag 2026-04-24 NL26.18840 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig NL Middelburg Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht Herstelde uitspraak: ECLI:NL:RBDHA:2026:9600 Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2026:10066 text/html public 2026-04-29T11:55:59 2026-04-29 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBDHA:2026:10066 Rechtbank Den Haag , 24-04-2026 / NL26.18840 Hersteluitspraak – wijziging in procesverloop RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: NL26.18840 uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [eiser], eiser V-nummer: [V-nummer] (gemachtigde: mr. P.H. Hillen), en de minister van Asiel en Migratie, (gemachtigde: mr. K. Bruin). Overwegingen 1. De rechtbank stelt vast dat in de uitspraak van 21 april 2026 onder Procesverloop is verzuimd aan te geven dat de rechtbank het onderzoek ter zitting heeft geschorst, verweerder in de gelegenheid heeft gesteld diezelfde dag documenten aan het dossier toe te voegen en eiser daarop tot uiterlijk 17 april 2026 heeft kunnen reageren. Na ontvangst van de reactie van eiser op 16 april 2026, heeft de rechtbank het onderzoek op 17 april 2026 gesloten. 2. Naar het oordeel van de rechtbank is er sprake van een ook voor partijen kenbare kennelijke omissie die zich voor eenvoudig herstel leent. 3. Derhalve zal de rechtbank de uitspraak als volgt herstellen. Beslissing De rechtbank: voegt onder Procesverloop toe dat de rechtbank het onderzoek ter zitting heeft geschorst, verweerder in de gelegenheid heeft gesteld diezelfde dag documenten aan het dossier toe te voegen en eiser daarop tot uiterlijk 17 april 2026 heeft kunnen reageren. Na ontvangst van de reactie van eiser op 16 april 2026, heeft de rechtbank het onderzoek op 17 april 2026 gesloten. laat de uitspraak van 21 april 2026 voor het overige ongewijzigd. Deze uitspraak is gedaan op 24 april 2026 door mr. M.L. Weerkamp, rechter, in aanwezigheid van mr. J. de Winter, griffier en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl . De uitspraak bekendgemaakt op: Rechtsmiddel De uitspraak brengt geen wijziging in de termijn voor hoger beroep tegen de oorspronkelijke uitspraak.