Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2025-01-24
ECLI:NL:RBDHA:2025:4197
Civiel recht; Personen- en familierecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
2,338 tokens
Inleiding
Rechtbank den haag
Enkelvoudige kamer
Rekestnummer: 24-8809
Zaaknummer: C/09/676957
Vervangende toestemming vakantie, reisdocument en medische behandeling
Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak
gedaan op de zitting van 24 januari 2025 – met gesloten deuren gehouden – van het op
10 december 2024 ingediende verzoekschrift van:
[de vader] ,
de vader,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres
advocaat: mr. G.O. Perquin te Zoetermeer.
Als belanghebbende wordt aangemerkt:
[de moeder] ,
de moeder,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. N.T. Vogelaar te Maasdijk.
Zitting heeft mr. A.P. de Klerk, kinderrechter, bijgestaan door mr. M.G.J. Konings als griffier.
Verschenen zijn:
- de vader, bijgestaan door zijn advocaat;
- de moeder;
- [naam] namens de Raad voor de Kinderbescherming
De griffier heeft aantekeningen gemaakt van wat er op de zitting is besproken.
Na afloop van de mondelinge behandeling heeft de rechtbank met toepassing van artikel 29a van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering ter zitting onmiddellijk mondeling uitspraak gedaan. Deze luidt als volgt.
De gronden van de beslissing
1.1
Partijen zijn gehuwd geweest. Het huwelijk is in 2023 door echtscheiding ontbonden.
1.2.
Partijen zijn samen, onder meer en voorzover hier van belang, de ouders van het volgende nu nog minderjarige kind: [kind] , geboren op [geboortedatum] 2012 te [geboorteplaats] .
1.3.
De ouders hebben gezamenlijk het gezag over [kind] .
1.4.
De vader verzoekt in deze procedure, zakelijk weergegeven, om aan hem vervangende toestemming te verlenen om met [kind] in de meivakantie van 2025 twee weken naar [land 1] en [land 2] te reizen, voor de aanvraag van een paspoort voor [kind] en voor een behandeling voor [kind] bij de orthodontist.
1.5.
De moeder voert verweer tegen het verzochte.
1.6.
Op grond van artikel 1:253a, eerste lid, van het Burgerlijk Wetboek (BW) kunnen
op verzoek van de ouder(s) geschillen over de gezamenlijke uitoefening van het gezag aan de rechtbank worden voorgelegd. De rechtbank neemt een zodanige beslissing als haar in het belang van het kind wenselijk voorkomt. Het is de rechtbank, gelet op het vijfde lid van voornoemd artikel, niet gelukt om een vergelijk tussen de ouders te beproeven.
1.7
Voordat de rechtbank de verschillende verzoeken bespreekt, stelt zij ten aanzien van alle verzoeken het volgende voorop. [kind] en zijn moeder hebben inmiddels al geruime tijd geen enkel contact met elkaar. Dat geldt andersom ook voor de vader ten aanzien van de gezamenlijke dochter van de ouders. Op de zitting is duidelijk geworden dat beide ouders gebukt gaan onder deze uiterst verdrietige situatie. Het is ook heel goed voorstelbaar dat de moeder wenst dat het contact met [kind] herstelt. Ten aanzien van de verzoeken met betrekking tot de reis en de medische behandeling stelt de moeder echter dat zij haar toestemming pas verleent op het moment dat het contact met [kind] is hersteld. Hoewel hier het verdriet van de moeder in doorklinkt, moet zij ook begrijpen dat het afhankelijk stellen van toestemming voor een vakantie of een medische behandeling van contactherstel, niet in het belang van [kind] is. Dit komt er namelijk in feite op neer dat [kind] geen beugel krijgt als het contact niet wordt hersteld, terwijl er wel een medische indicatie hiervoor is. De opstelling van, in dit geval, de moeder betekent dat zij haar toestemming voor zaken die evident in het belang van [kind] zijn op oneigenlijke grond onthoudt en zou bij een volgende gelegenheid aanleiding kunnen vormen voor een proceskostenveroordeling.
Reis naar het buitenland
1.8.
Als uitgangspunt geldt dat een vakantie met één van de ouders in beginsel in het belang van [kind] moet worden geacht, tenzij voldoende blijkt van feiten en omstandigheden waardoor de belangen van [kind] zich tegen deze vakantie verzetten.
1.9.
De moeder voert onder meer aan dat zij vreest dat als [kind] met zijn vader naar het buitenland gaat, zij niet naar Nederland zullen terugkeren.
1.10.
De rechtbank is van oordeel dat de moeder die vrees niet heeft onderbouwd. De enkele omstandigheid dat de vader familie op [land 1] heeft wonen is daarvoor in ieder geval onvoldoende. Verder zijn er geen feiten of omstandigheden aangevoerd die de vrees van de moeder onderbouwen. De conclusie is dan ook dat de reis die de vader met [kind] wil maken, in het belang van [kind] is. De rechtbank zal de door de vader gevraagde vervangende toestemming voor de vakantie daarom verlenen.
Aanvraag reisdocument
1.11
Op grond van artikel 34, eerste lid, van de Paspoortwet wordt bij een aanvraag door of ten behoeve van een minderjarige een verklaring van toestemming overgelegd van iedere persoon die het gezag uitoefent. Uit het tweede lid van voormeld artikel volgt dat, indien bij de gezamenlijke gezagsuitoefening één van de personen die het gezag uitoefent weigert een verklaring van toestemming als bedoeld in het eerste lid af te geven, deze op verzoek van de andere persoon die het gezag uitoefent, kan worden vervangen door een verklaring van de bevoegde rechter, die alvorens te beslissen een vergelijk tussen beide personen beproeft. Op grond van het vijfde lid van artikel 34 van de Paspoortwet geeft de rechter onder meer in de in het tweede lid bedoelde gevallen een zodanige beslissing als hem in het belang van het kind wenselijk voorkomt.
1.12
De moeder voert aan dat [kind] haar toestemming voor de aanvraag van een reisdocument niet nodig heeft omdat hij inmiddels de leeftijd heeft dat hij zelf een reisdocument kan aanvragen.
1.13
De rechtbank zal de door de vader gevraagde vervangende toestemming verlenen voor de aanvraag van een reisdocument voor [kind] . [kind] is twaalf jaar en heeft de toestemming van zijn beide met gezag belaste ouders nodig om een reisdocument te kunnen aanvragen. Het hebben van een geldig reisdocument is in het belang van [kind] om de reis met zijn vader te kunnen maken.
Behandeling orthodontist
1.14
Beide ouders, en ook [kind] zelf, onderschrijven de noodzaak van een beugel. De orthodontist heeft ook beide ouders om toestemming voor de behandeling gevraagd.
1.15
De moeder stelt zich op het standpunt dat de vader zelf met de verzekering kan regelen dat [kind] de behandeling krijgt die hij nodig heeft. Daarin volgt de rechtbank de moeder niet. Het gezamenlijk gezag over [kind] betekent dat van beide ouders toestemming nodig is om medische adviezen op te volgen en om, in dit geval, een behandeling bij de orthodontist mogelijk te maken. Die toestemming heeft de moeder tot op heden niet gegeven. Omdat de behandeling in het belang van [kind] is, zal de rechtbank vervangende toestemming verlenen, welke de toestemming van de moeder vervangt, om deze behandeling mogelijk te maken.
Kindbrief
De kinderrechter heeft enkele dagen voor de zitting met [kind] gesproken. [kind] heeft toen aangegeven dat hij graag een brief van de rechter krijgt waarin staat wat de beslissing is en waarom. Hieronder volgt de tekst van die brief, zodat beide ouders weten welke boodschap [kind] heeft ontvangen.
Beste [kind] ,
Op woensdag 22 januari 2025 hebben wij met elkaar gesproken.
Dictum
De rechtbank:
verleent toestemming aan de vader, die de toestemming van de moeder vervangt, ten behoeve van de aanvraag van een reisdocument voor de minderjarige [kind] , geboren op [geboortedatum] 2012 te [geboorteplaats] ;
verleent toestemming aan de vader, die de toestemming van de moeder vervangt, ten behoeve van een vakantie naar [land 1] en [land 2] , gedurende twee weken, in de periode van 18 april 2025 tot en met 5 mei 2025 met [kind] ;
verleent toestemming aan de vader, die de toestemming van de moeder vervangt, ten behoeve van een medische behandeling van [kind] bij Orthodontistpraktijk [bedrijfsnaam] in [plaats] ;
verklaart deze beslissing tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
wijst het meer of anders verzochte af.
Deze mondelinge uitspraak is gedaan door mr. A.P. de Klerk, kinderrechter, en in het openbaar uitgesproken in de aanwezigheid van de griffier, waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal dat is verzonden op 7 februari 2025.
Waarvan proces-verbaal.