Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2025-12-17
ECLI:NL:RBDHA:2025:26232
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
6,890 tokens
Inleiding
RECHTBANK DEN HAAG
Bestuursrecht
zaaknummers: NL25.50872 (beroep), NL25.50873 (voorlopige voorziening) en NL25.26421 (ntb)
uitspraak van de enkelvoudige kamer en de voorzieningenrechter in de zaken tussen
[eiseres] , eiseres/verzoekster (hierna: eiseres)
v-nummer: [v-nummer]
(gemachtigde: mr. S. Sewnath),
en
de minister van Asiel en Migratie,
(gemachtigde: mr. F. in den Bosch).
Inleiding
1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiseres tegen de afwijzing van haar asielaanvraag en haar beroep tegen het niet-tijdig beslissen op haar aanvraag. De voorzieningenrechter beoordeelt in deze uitspraak het verzoek van eiseres om een voorlopige voorziening.
1.1.
Eiseres heeft op 23 oktober 2024 een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend. Verweerder heeft met het bestreden besluit van 10 oktober 2025 deze aanvraag in de verlengde procedure afgewezen als kennelijk ongegrond. Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit.
1.2.
De rechtbank heeft de beroepen en het verzoek om een voorlopige voorziening op 4 december 2025 op zitting behandeld. Hierbij waren aanwezig: eiseres, haar gemachtigde, V. Bolt als tolk en de gemachtigde van verweerder. Ook was [naam] aanwezig.
Beoordeling
Waar gaat deze zaak over?
2. Eiseres is geboren op [geboortedatum] 1996 en heeft de Zimbabwaanse nationaliteit. Eiseres heeft aan haar asielaanvraag ten grondslag gelegd dat zij vreest voor vervolging in Zimbabwe vanwege haar seksuele gerichtheid. Eiseres heeft verklaard dat zij lesbisch is en een relatie heeft met haar partner [naam] . Zij zijn betrapt terwijl zij intiem waren en vervolgens afgeperst en opgeroepen zich te melden bij de politie. Daarna hebben zij Zimbabwe verlaten. Eiseres heeft ook verklaard dat zij is opgegroeid in een streng religieuze en homofobe omgeving, dat zij is uitgehuwelijkt op haar 14e en is gescheiden in 2019.
2.1.
Eiseres en [naam] zijn samen Nederland ingereisd en hebben beiden een asielaanvraag gedaan. Verweerder heeft de aanvraag van [naam] ook afgewezen. De rechtbank heeft het beroep en de voorlopige voorziening tegen de afwijzing van die aanvraag op dezelfde zitting behandeld onder zaaknummers NL25.50562 en NL25.50563.
Het bestreden besluit
3. Het asielrelaas van eiseres bestaat volgens verweerder uit twee asielmotieven:
1. De identiteit, nationaliteit en herkomst van eiseres;
2. De homoseksuele gerichtheid van eiseres en de daaruit voortvloeiende problemen.
3.1.
Verweerder vindt de identiteit, Zimbabwaanse nationaliteit en herkomst van eiseres geloofwaardig. Verweerder gelooft echter niet dat eiseres alleen de Zimbabwaanse nationaliteit heeft. Volgens verweerder heeft eisers niet voldoende inspanning geleverd om aan te tonen dat het Zuid-Afrikaanse paspoort waarmee ze verklaart te hebben gereisd vals is en ze niet ook de Zuid-Afrikaanse nationaliteit bezit. Verder vindt verweerder de seksuele gerichtheid van eiseres en de daaruit voortvloeiende problemen ongeloofwaardig, omdat haar verklaringen geen samenhangend en aannemelijk geheel vormen. Verweerder vindt verder dat eiseres bij terugkeer naar Zimbabwe geen gegronde vrees voor vervolging heeft en geen reëel risico loopt op ernstige schade als bedoeld in artikel 3 van het EVRM.
Wat vindt eiseres in beroep?
4. Eiseres is het niet eens met het bestreden besluit en voert – kort samengevat – het volgende aan. Allereerst kan haar het Zuid-Afrikaanse paspoort niet worden aangerekend, nu zij officiële bewijsstukken van haar identiteit en nationaliteit heeft overgelegd en consequent heeft verklaard dat zij Zimbabwaanse is. Het Zuid-Afrikaanse paspoort staat bovendien op naam van een derde en is evident gebruikt als reisdocument om Zimbabwe te kunnen verlaten. Verder voert eiseres aan dat verweerder bij de geloofwaardigheidsbeoordeling onvoldoende rekening heeft gehouden met haar referentiekader. Zo is onvoldoende betrokken dat eiseres is opgegroeid in een homofobe en streng religieuze omgeving, wat haar bewustwordingsproces heeft beïnvloed en haar vermogen om over gevoelens te verklaren beperkt. Daarbij is ook relevant dat zij op veertienjarige leeftijd is uitgehuwelijkt, jarenlang heeft geleefd in een gedwongen huwelijk en dat er sprake was van spanning tijdens het afleggen van haar verklaringen. Gelet op deze omstandigheden hadden de verklaringen van eiseres niet bestempeld kunnen worden als oppervlakkig. Ook de vermeende tegenstrijdigheden in de verklaringen van eiseres zijn te verklaren vanuit haar referentiekader. De vermeende tegenstrijdigheden zien bovendien niet op de kern van het relaas.
Wat is het oordeel van de rechtbank?
5. De rechtbank beoordeelt of verweerder de asielaanvraag van eiseres kon afwijzen als kennelijk ongegrond. Zij doet dat aan de hand van de beroepsgronden van eiseres. De rechtbank is van oordeel dat het beroep gegrond is. Hieronder legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel is gekomen. De rechtbank gaat daarbij eerst in op het beroep wat eiseres heeft ingesteld tegen het niet tijdig nemen van het besluit.
Het beroep niet-tijdig beslissen
6. Eiseres heeft op 13 juni 2025 een beroep ingediend tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar asielaanvraag. Het beroep van eiseres tegen het niet tijdig nemen van het besluit heeft ook betrekking op het alsnog genomen besluit, tenzij dit besluit geheel aan het beroep tegemoet komt. Eiseres kan zich niet verenigen met het alsnog genomen besluit. Het beroep van eiseres tegen het niet tijdig nemen van een besluit is daarom van rechtswege ook gericht tegen het bestreden besluit.
6.1.
Eiseres heeft verweerder met de brief van 6 mei 2025 in gebreke gesteld. Tussen partijen is niet in geschil dat op dat moment de beslistermijn was verstreken en de ingebrekestelling gelet daarop geldig was. Verweerder heeft inmiddels beslist op de aanvraag van eiseres. Daarmee is het belang van eiseres bij een beoordeling van het beroep tegen het niet-tijdig beslissen op haar aanvraag komen te vervallen. Het beroep voor zover het gericht is tegen het niet-tijdig beslissen, is daarom niet-ontvankelijk. Wel ziet de rechtbank aanleiding om verweerder in de proceskosten van eiseres te veroordelen, omdat verweerder te laat op de aanvraag heeft beslist.
6.2.
Eiseres heeft tegen het besluit ook afzonderlijk beroep ingesteld (NL25.50872). Dit beroep zal de rechtbank op grond van het voorgaande niet-ontvankelijk verklaren.
Mocht verweerder ervan uitgaan dat eiseres, naast de Zimbabwaanse nationaliteit, ook de Zuid-Afrikaanse nationaliteit bezit?
7. De rechtbank stelt vast dat niet ter discussie staat dat eiseres de Zimbabwaanse nationaliteit heeft en met een Zuid-Afrikaans paspoort naar Nederland is gereisd. De vraag ligt voor of eiseres, naast de Zimbabwaanse nationaliteit, ook de Zuid-Afrikaanse nationaliteit heeft. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder onvoldoende gemotiveerd dat niet aannemelijk is dat eiseres niet óók de Zuid-Afrikaanse nationaliteit heeft. Daarbij acht de rechtbank van belang dat op de echt bevonden Zimbabwaanse identiteitskaart en geboorteakte een andere naam en geboortedatum staan vermeld dan op het Zuid-Afrikaanse paspoort. Bovendien heeft eiseres wetgeving overlegd waaruit blijkt dat de Zimbabwaanse wet dubbele nationaliteiten voor volwassenen verbiedt en stukken overgelegd waarin de ‘Civil Registry Department’ van Zimbabwe op 10 december 2024 heeft bevestigd dat eiseres in het bezit is van een actieve Zimbabwaanse nationaliteit. Verweerder is hier niet op ingegaan. Daar komt bij dat eiseres consequent heeft verklaard dat zij altijd in Zimbabwe heeft gewoond en het Zuid-Afrikaanse paspoort op niet reguliere wijze heeft aangevraagd en verkregen. Ook is de mogelijkheid reëel dat in bepaalde landen paspoorten op frauduleuze wijze kunnen worden verkregen zonder dat iemand de desbetreffende nationaliteit bezit. Dit zou kunnen verklaren dat eiseres probleemloos door meerdere landen heeft kunnen reizen met het paspoort. Verweerder heeft het bestreden besluit op dit punt dan ook niet zorgvuldig voorbereid en niet deugdelijk gemotiveerd dat er sprake is van een dubbele nationaliteit. De beroepsgrond slaagt.
Kon verweerder de seksuele gerichtheid van eiseres ongeloofwaardig vinden?
8. Uit vaste rechtspraak van de hoogste bestuursrechter volgt dat verweerder in alle individuele asielzaken een integrale geloofwaardigheidsbeoordeling verricht, waarbij hij rekening moet houden met de persoonlijke omstandigheden, achtergrond en leeftijd van de vreemdeling. Dat volgt ook uit de Werkinstructie 2019/17.
Conclusie
11. Het beroep in de zaak NL25.26421 voor zover gericht tegen het niet-tijdig beslissen is niet-ontvankelijk. Eiseres krijgt hiervoor wel een vergoeding van haar proceskosten. Deze kosten worden op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht vastgesteld op € 453,50.
12. Het beroep in de zaak NL25.26421 voor zover gericht tegen het alsnog genomen besluit is gegrond. Dat betekent dat het besluit wordt vernietigd. De rechtbank ziet geen aanleiding de rechtsgevolgen van het bestreden besluit in stand te laten of zelf in de zaak te voorzien. Verweerder zal opnieuw onderzoek moeten doen naar de nationaliteit van eiseres en een integrale geloofwaardigheidsbeoordeling moeten verrichten, (kenbaar) rekening houdend met het referentiekader, de culturele en religieuze achtergrond van eiseres. Verweerder zal daarom binnen acht weken een nieuw besluit moeten nemen met inachtneming van deze uitspraak.
13. Het beroep NL25.50872 is niet-ontvankelijk.
14. Omdat op het beroep is beslist, bestaat er geen aanleiding meer voor het treffen van een voorlopige voorziening in de zaak NL25.50873. De voorzieningenrechter wijst het verzoek daarom af.
15. De rechtbank veroordeelt verweerder in de proceskosten die eiseres heeft gemaakt. Deze kosten stelt de rechtbank op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 2.721,-.
Dictum
De rechtbank:
verklaart het beroep NL.25.26421, voor zover het is gericht tegen het niet tijdig nemen van een besluit, niet-ontvankelijk;
verklaart het beroep NL25.26421, voor zover het is gericht tegen het bestreden besluit, gegrond;
vernietigt het bestreden besluit;
draagt verweerder op binnen acht weken na de dag van verzending van deze uitspraak een nieuw besluit te nemen op de aanvraag, waarbij rekening wordt gehouden met deze uitspraak;
verklaart het beroep NL25.50872 niet-ontvankelijk;
veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van €2.721,-.
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. J.J.P. Bosman, (voorzieningen)rechter, in aanwezigheid van mr. M.E. Jans, griffier.
Dictum
Informatie over hoger beroep
Een partij die het niet eens is met deze uitspraak op het beroep, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen een week na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.
Tegen de uitspraak op het verzoek om een voorlopige voorziening staat geen hoger beroep of verzet open.
Op grond van artikel 30b, eerste lid, aanhef en onder c en d, en artikel 31, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw).
Op grond van artikel 31, zesde lid, onder a, b, c en e van de Vw.
Artikel 31, zesde lid, onder c, van de Vw.
Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden.
Artikel 6:20, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
Artikel 9 van de Citizenship of Zimbabwe Act (hoofdstuk 4:01).
Zie bijvoorbeeld de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, van 26 april 2023, ECLI:NL:RVS:2023:1622.
WI 2019/17 Horen en beslissen in zaken waarin lhbti-gerichtheid als asielmotief is aangevoerd.
Nader gehoor pagina 19.
Nader gehoor pagina’s 14 en 18.
Nader gehoor pagina 14.
Nader gehoor pagina 25.
WI 2019/17, p. 5.
1 punt voor het indienen van het beroepschrift met een waarde per punt van € 907,- en een wegingsfactor ½.
1 punt voor het indienen van het beroepschrift, 1 punt voor het indienen van het verzoekschrift en 1 punt voor het verschijnen ter zitting met een waarde per punt van € 907,- en een wegingsfactor 1.
Inleiding
RECHTBANK DEN HAAG
Bestuursrecht
zaaknummers: NL25.50872 (beroep), NL25.50873 (voorlopige voorziening) en NL25.26421 (ntb)
uitspraak van de enkelvoudige kamer en de voorzieningenrechter in de zaken tussen
[eiseres] , eiseres/verzoekster (hierna: eiseres)
v-nummer: [v-nummer]
(gemachtigde: mr. S. Sewnath),
en
de minister van Asiel en Migratie,
(gemachtigde: mr. F. in den Bosch).
Inleiding
1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiseres tegen de afwijzing van haar asielaanvraag en haar beroep tegen het niet-tijdig beslissen op haar aanvraag. De voorzieningenrechter beoordeelt in deze uitspraak het verzoek van eiseres om een voorlopige voorziening.
1.1.
Eiseres heeft op 23 oktober 2024 een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend. Verweerder heeft met het bestreden besluit van 10 oktober 2025 deze aanvraag in de verlengde procedure afgewezen als kennelijk ongegrond. Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit.
1.2.
De rechtbank heeft de beroepen en het verzoek om een voorlopige voorziening op 4 december 2025 op zitting behandeld. Hierbij waren aanwezig: eiseres, haar gemachtigde, V. Bolt als tolk en de gemachtigde van verweerder. Ook was [naam] aanwezig.
Beoordeling
Waar gaat deze zaak over?
2. Eiseres is geboren op [geboortedatum] 1996 en heeft de Zimbabwaanse nationaliteit. Eiseres heeft aan haar asielaanvraag ten grondslag gelegd dat zij vreest voor vervolging in Zimbabwe vanwege haar seksuele gerichtheid. Eiseres heeft verklaard dat zij lesbisch is en een relatie heeft met haar partner [naam] . Zij zijn betrapt terwijl zij intiem waren en vervolgens afgeperst en opgeroepen zich te melden bij de politie. Daarna hebben zij Zimbabwe verlaten. Eiseres heeft ook verklaard dat zij is opgegroeid in een streng religieuze en homofobe omgeving, dat zij is uitgehuwelijkt op haar 14e en is gescheiden in 2019.
2.1.
Eiseres en [naam] zijn samen Nederland ingereisd en hebben beiden een asielaanvraag gedaan. Verweerder heeft de aanvraag van [naam] ook afgewezen. De rechtbank heeft het beroep en de voorlopige voorziening tegen de afwijzing van die aanvraag op dezelfde zitting behandeld onder zaaknummers NL25.50562 en NL25.50563.
Het bestreden besluit
3. Het asielrelaas van eiseres bestaat volgens verweerder uit twee asielmotieven:
1. De identiteit, nationaliteit en herkomst van eiseres;
2. De homoseksuele gerichtheid van eiseres en de daaruit voortvloeiende problemen.
3.1.
Verweerder vindt de identiteit, Zimbabwaanse nationaliteit en herkomst van eiseres geloofwaardig. Verweerder gelooft echter niet dat eiseres alleen de Zimbabwaanse nationaliteit heeft. Volgens verweerder heeft eisers niet voldoende inspanning geleverd om aan te tonen dat het Zuid-Afrikaanse paspoort waarmee ze verklaart te hebben gereisd vals is en ze niet ook de Zuid-Afrikaanse nationaliteit bezit. Verder vindt verweerder de seksuele gerichtheid van eiseres en de daaruit voortvloeiende problemen ongeloofwaardig, omdat haar verklaringen geen samenhangend en aannemelijk geheel vormen. Verweerder vindt verder dat eiseres bij terugkeer naar Zimbabwe geen gegronde vrees voor vervolging heeft en geen reëel risico loopt op ernstige schade als bedoeld in artikel 3 van het EVRM.
Wat vindt eiseres in beroep?
4. Eiseres is het niet eens met het bestreden besluit en voert – kort samengevat – het volgende aan. Allereerst kan haar het Zuid-Afrikaanse paspoort niet worden aangerekend, nu zij officiële bewijsstukken van haar identiteit en nationaliteit heeft overgelegd en consequent heeft verklaard dat zij Zimbabwaanse is. Het Zuid-Afrikaanse paspoort staat bovendien op naam van een derde en is evident gebruikt als reisdocument om Zimbabwe te kunnen verlaten. Verder voert eiseres aan dat verweerder bij de geloofwaardigheidsbeoordeling onvoldoende rekening heeft gehouden met haar referentiekader. Zo is onvoldoende betrokken dat eiseres is opgegroeid in een homofobe en streng religieuze omgeving, wat haar bewustwordingsproces heeft beïnvloed en haar vermogen om over gevoelens te verklaren beperkt. Daarbij is ook relevant dat zij op veertienjarige leeftijd is uitgehuwelijkt, jarenlang heeft geleefd in een gedwongen huwelijk en dat er sprake was van spanning tijdens het afleggen van haar verklaringen. Gelet op deze omstandigheden hadden de verklaringen van eiseres niet bestempeld kunnen worden als oppervlakkig. Ook de vermeende tegenstrijdigheden in de verklaringen van eiseres zijn te verklaren vanuit haar referentiekader. De vermeende tegenstrijdigheden zien bovendien niet op de kern van het relaas.
Wat is het oordeel van de rechtbank?
5. De rechtbank beoordeelt of verweerder de asielaanvraag van eiseres kon afwijzen als kennelijk ongegrond. Zij doet dat aan de hand van de beroepsgronden van eiseres. De rechtbank is van oordeel dat het beroep gegrond is. Hieronder legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel is gekomen. De rechtbank gaat daarbij eerst in op het beroep wat eiseres heeft ingesteld tegen het niet tijdig nemen van het besluit.
Het beroep niet-tijdig beslissen
6. Eiseres heeft op 13 juni 2025 een beroep ingediend tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar asielaanvraag. Het beroep van eiseres tegen het niet tijdig nemen van het besluit heeft ook betrekking op het alsnog genomen besluit, tenzij dit besluit geheel aan het beroep tegemoet komt. Eiseres kan zich niet verenigen met het alsnog genomen besluit. Het beroep van eiseres tegen het niet tijdig nemen van een besluit is daarom van rechtswege ook gericht tegen het bestreden besluit.
6.1.
Eiseres heeft verweerder met de brief van 6 mei 2025 in gebreke gesteld. Tussen partijen is niet in geschil dat op dat moment de beslistermijn was verstreken en de ingebrekestelling gelet daarop geldig was. Verweerder heeft inmiddels beslist op de aanvraag van eiseres. Daarmee is het belang van eiseres bij een beoordeling van het beroep tegen het niet-tijdig beslissen op haar aanvraag komen te vervallen. Het beroep voor zover het gericht is tegen het niet-tijdig beslissen, is daarom niet-ontvankelijk. Wel ziet de rechtbank aanleiding om verweerder in de proceskosten van eiseres te veroordelen, omdat verweerder te laat op de aanvraag heeft beslist.
6.2.
Eiseres heeft tegen het besluit ook afzonderlijk beroep ingesteld (NL25.50872). Dit beroep zal de rechtbank op grond van het voorgaande niet-ontvankelijk verklaren.
Mocht verweerder ervan uitgaan dat eiseres, naast de Zimbabwaanse nationaliteit, ook de Zuid-Afrikaanse nationaliteit bezit?
7. De rechtbank stelt vast dat niet ter discussie staat dat eiseres de Zimbabwaanse nationaliteit heeft en met een Zuid-Afrikaans paspoort naar Nederland is gereisd. De vraag ligt voor of eiseres, naast de Zimbabwaanse nationaliteit, ook de Zuid-Afrikaanse nationaliteit heeft. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder onvoldoende gemotiveerd dat niet aannemelijk is dat eiseres niet óók de Zuid-Afrikaanse nationaliteit heeft. Daarbij acht de rechtbank van belang dat op de echt bevonden Zimbabwaanse identiteitskaart en geboorteakte een andere naam en geboortedatum staan vermeld dan op het Zuid-Afrikaanse paspoort. Bovendien heeft eiseres wetgeving overlegd waaruit blijkt dat de Zimbabwaanse wet dubbele nationaliteiten voor volwassenen verbiedt en stukken overgelegd waarin de ‘Civil Registry Department’ van Zimbabwe op 10 december 2024 heeft bevestigd dat eiseres in het bezit is van een actieve Zimbabwaanse nationaliteit. Verweerder is hier niet op ingegaan. Daar komt bij dat eiseres consequent heeft verklaard dat zij altijd in Zimbabwe heeft gewoond en het Zuid-Afrikaanse paspoort op niet reguliere wijze heeft aangevraagd en verkregen. Ook is de mogelijkheid reëel dat in bepaalde landen paspoorten op frauduleuze wijze kunnen worden verkregen zonder dat iemand de desbetreffende nationaliteit bezit. Dit zou kunnen verklaren dat eiseres probleemloos door meerdere landen heeft kunnen reizen met het paspoort. Verweerder heeft het bestreden besluit op dit punt dan ook niet zorgvuldig voorbereid en niet deugdelijk gemotiveerd dat er sprake is van een dubbele nationaliteit. De beroepsgrond slaagt.
Kon verweerder de seksuele gerichtheid van eiseres ongeloofwaardig vinden?
8. Uit vaste rechtspraak van de hoogste bestuursrechter volgt dat verweerder in alle individuele asielzaken een integrale geloofwaardigheidsbeoordeling verricht, waarbij hij rekening moet houden met de persoonlijke omstandigheden, achtergrond en leeftijd van de vreemdeling. Dat volgt ook uit de Werkinstructie 2019/17.
Conclusie
11. Het beroep in de zaak NL25.26421 voor zover gericht tegen het niet-tijdig beslissen is niet-ontvankelijk. Eiseres krijgt hiervoor wel een vergoeding van haar proceskosten. Deze kosten worden op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht vastgesteld op € 453,50.
12. Het beroep in de zaak NL25.26421 voor zover gericht tegen het alsnog genomen besluit is gegrond. Dat betekent dat het besluit wordt vernietigd. De rechtbank ziet geen aanleiding de rechtsgevolgen van het bestreden besluit in stand te laten of zelf in de zaak te voorzien. Verweerder zal opnieuw onderzoek moeten doen naar de nationaliteit van eiseres en een integrale geloofwaardigheidsbeoordeling moeten verrichten, (kenbaar) rekening houdend met het referentiekader, de culturele en religieuze achtergrond van eiseres. Verweerder zal daarom binnen acht weken een nieuw besluit moeten nemen met inachtneming van deze uitspraak.
13. Het beroep NL25.50872 is niet-ontvankelijk.
14. Omdat op het beroep is beslist, bestaat er geen aanleiding meer voor het treffen van een voorlopige voorziening in de zaak NL25.50873. De voorzieningenrechter wijst het verzoek daarom af.
15. De rechtbank veroordeelt verweerder in de proceskosten die eiseres heeft gemaakt. Deze kosten stelt de rechtbank op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 2.721,-.
Dictum
De rechtbank:
verklaart het beroep NL.25.26421, voor zover het is gericht tegen het niet tijdig nemen van een besluit, niet-ontvankelijk;
verklaart het beroep NL25.26421, voor zover het is gericht tegen het bestreden besluit, gegrond;
vernietigt het bestreden besluit;
draagt verweerder op binnen acht weken na de dag van verzending van deze uitspraak een nieuw besluit te nemen op de aanvraag, waarbij rekening wordt gehouden met deze uitspraak;
verklaart het beroep NL25.50872 niet-ontvankelijk;
veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van €2.721,-.
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. J.J.P. Bosman, (voorzieningen)rechter, in aanwezigheid van mr. M.E. Jans, griffier.
Dictum
Informatie over hoger beroep
Een partij die het niet eens is met deze uitspraak op het beroep, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen een week na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.
Tegen de uitspraak op het verzoek om een voorlopige voorziening staat geen hoger beroep of verzet open.
Op grond van artikel 30b, eerste lid, aanhef en onder c en d, en artikel 31, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw).
Op grond van artikel 31, zesde lid, onder a, b, c en e van de Vw.
Artikel 31, zesde lid, onder c, van de Vw.
Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden.
Artikel 6:20, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
Artikel 9 van de Citizenship of Zimbabwe Act (hoofdstuk 4:01).
Zie bijvoorbeeld de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, van 26 april 2023, ECLI:NL:RVS:2023:1622.
WI 2019/17 Horen en beslissen in zaken waarin lhbti-gerichtheid als asielmotief is aangevoerd.
Nader gehoor pagina 19.
Nader gehoor pagina’s 14 en 18.
Nader gehoor pagina 14.
Nader gehoor pagina 25.
WI 2019/17, p. 5.
1 punt voor het indienen van het beroepschrift met een waarde per punt van € 907,- en een wegingsfactor ½.
1 punt voor het indienen van het beroepschrift, 1 punt voor het indienen van het verzoekschrift en 1 punt voor het verschijnen ter zitting met een waarde per punt van € 907,- en een wegingsfactor 1.