Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2025-10-20
ECLI:NL:RBDHA:2025:20928
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
844 tokens
Inleiding
uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Bestuursrecht zaaknummer: NL25.38828
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiseres] , V-nummer: [V-nummer] , eiseres (gemachtigde: mr. M. Issa),
en
de minister van Asiel en Migratie, de minister.
Procesverloop
Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiseres heeft ingediend, omdat de minister volgens haar niet op tijd heeft beslist op haar aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd (hierna: aanvraag).
Overwegingen
1. De rechtbank vindt het in deze zaak niet nodig om partijen uit te nodigen voor een zitting.1
2. Als een bestuursorgaan niet op tijd op een aanvraag beslist, dan kan de betrokkene daartegen in beroep gaan. Voordat hij beroep kan instellen, moet de betrokkene schriftelijk aan het bestuursorgaan laten weten dat binnen twee weken alsnog moet worden beslist op zijn aanvraag (de zogenoemde ingebrekestelling). Als er na twee weken nog steeds geen besluit is genomen, dan kan de betrokkene beroep instellen.2
Is het beroep van eiseres ontvankelijk?
3. De rechtbank stelt vast dat de termijn waarbinnen de minister had moeten beslissen op de aanvraag is overschreden. De rechtbank stelt vast dat eiseres de minister rechtsgeldig in gebreke heeft gesteld. Eiseres heeft meer dan twee weken daarna beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op haar aanvraag.
4. Eiseres heeft beroep ingesteld op 5 augustus 2024 en op 18 augustus 2025. Inmiddels heeft deze rechtbank en zittingsplaats op 28 augustus 2025 uitspraak gedaan op het beroep van 5 augustus 20243. De rechtbank heeft bepaald dat de minister een nadere beslistermijn krijgt.
1. Artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
2 Artikel 6:2, onder b, en 6:12, tweede lid, van de Awb.
3 ECLI:NL:RBDHA:2025:16229.
5. Met dit beroep kan eiseres niet iets anders bereiken dan wat de rechtbank in haar uitspraak van 28 augustus 2025 al heeft geoordeeld. Eiseres heeft daarom geen procesbelang meer bij de beoordeling van haar beroep van 18 augustus 2025. Het beroep is daarom kennelijk niet-ontvankelijk.
6. Voor een proceskostenveroordeling is geen aanleiding.
Dictum
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. R.J.A. Schaaf, rechter, in aanwezigheid van M.M. Mulder, griffier.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
20 oktober 2025
Documentcode: [Documentcode]
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.