Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2025-11-06
ECLI:NL:RBDHA:2025:20801
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Vereenvoudigde behandeling
782 tokens
Inleiding
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.41880
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], eiser,
V-nummer: [nummer],
(gemachtigde: mr. I.M. Zuidhoek),
en
de minister van Asiel en Migratie, de minister.
Inleiding
1. Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiser heeft ingediend omdat de minister niet op tijd zou hebben beslist op de opvolgende asielaanvraag van 17 juni 2024.
1.1.
De rechtbank doet uitspraak zonder zitting.
Beoordeling
Is het beroep ontvankelijk?
1. De beslistermijn van zes maanden op het asielverzoek van eiser zou in geval van
eiser in beginsel eindigen op 17 december 2024. Eiser heeft de minister bij brief van 8 juli 2025 in gebreke gesteld. Eiser heeft zijn beroep ingediend op 1 september 2025.
2. Met het besluit van 14 november 2024 heeft de minister een Besluit- en
Vertrekmoratorium (BVM) ingesteld voor vreemdelingen uit Libanon. Met het BVM heeft de minister voor vreemdelingen uit Libanon de beslistermijn voor asielaanvragen die zijn ingediend voor of tijdens de geldigheid van het BVM verlengd met een jaar, tot ten hoogste 21 maanden. Op het moment van het indienen van de ingebrekestelling was het door de minister ingestelde BVM al in werking getreden en nog van kracht, waardoor de minister niet langer kan beslissen op de aanvraag en de ingebrekestelling te vroeg en dus prematuur is ingediend. Het beroep voldoet daarom niet aan de vereisten voor het indienen van een beroep tegen het niet tijdig beslissen.
Conclusie
3. Het beroep is niet-ontvankelijk. De minister hoeft de proceskosten niet aan eiser te
vergoeden.
Dictum
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.G.D. Overmars, rechter, in aanwezigheid van
A.S. van der Veen, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
Deze uitspraak is bekendgemaakt op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.
Artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
Artikel 42, eerste lid van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw).
Artikel 6:12, tweede lid, aanhef en onder a, van de Awb.
Artikel 6:12, tweede lid, aanhef en onder b, van de Awb.
Besluit van 14 november 2024 tot het instellen van een besluitmoratorium en een vertrekmoratorium voor vreemdelingen afkomstig uit Libanon (Stscrt. 2024, 38319).