Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2025-10-28
ECLI:NL:RBDHA:2025:19757
Strafrecht
Wraking
674 tokens
Dictum
van de meervoudige verschoningskamer van de rechtbank op het verzoek van
mr. S.M. Krans,
rechter in de rechtbank Den Haag,
hierna de rechter,
belast met de behandeling van de hoofdzaken van:
Openbaar Ministerie
(zaaksofficier van justitie mr. M.C. Stolk),
gevestigd te Den Haag,.
tegen
(parketnummer 09/062874-22)
[verdachte 1] ,
verdachte,
bijgestaan door mr. J.B. van Faassen, advocaat te Amsterdam.
(parketnummer 09/300521-21)
[verdachte 2] ,
verdachte,
bijgestaan door mr. S.L.J. Janssen, advocaat te Rotterdam.
(parketnummer 09/300560-21)
[verdachte 3] ,
verdachte,
bijgestaan door mr. D.N. de Jonge, advocaat te Rotterdam.
Procesverloop
1.1.
Op 24 oktober 2025 heeft de rechter een verschoningsverzoek ingediend.
1.2.
Een verschoningsverzoek hoeft, anders dan een wrakingsverzoek, niet ter terechtzitting te worden behandeld. Het verzoek is daarom niet ter zitting behandeld.
2Het verschoningsverzoek
2.1.
De rechter heeft aan het verschoningsverzoek ten grondslag gelegd dat hij eerdere bemoeienis heeft gehad met de zaken.
Beoordeling
3.1.
Uitgangspunt is dat een rechter op grond van zijn aanstelling wordt vermoed onpartijdig te zijn. Uitzonderlijke omstandigheden kunnen een aanwijzing opleveren dat een rechter ten opzichte van een partij vooringenomen is of dat daarvoor een terechte vrees bestaat. Ook de uiterlijke schijn kan daarbij een rol spelen.
3.2.
Gelet op hetgeen de rechter heeft aangevoerd, is het verschoningsverzoek terecht ingediend. Zo wordt de schijn van partijdigheid vermeden. Het verzoek zal dus worden toegewezen. Dit betekent dat de behandeling van de hoofdzaken door een andere rechter moet worden overgenomen.
Dictum
De verschoningskamer:
4.1.
wijst het verzoek tot verschoning toe;
4.2.
bepaalt dat het proces in de hoofdzaken wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond op het moment dat verschoningsverzoek werd ingediend;
4.3.
beveelt dat een afschrift van deze beslissing wordt toegezonden aan:
* de rechter;
* alle in de aanhef van deze uitspraak genoemde betrokken partijen.
Deze beslissing is genomen in raadkamer op 28 oktober 2025 door mrs. A.M.A. Keulen, S.M. Westerhuis-Evers en A.M. Boogers, in tegenwoordigheid van de griffier.