Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2025-07-17
ECLI:NL:RBDHA:2025:18336
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Voorlopige voorziening
534 tokens
Inleiding
uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL24.36667
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoeker] , V-nummer: [V-nummer] , verzoeker (gemachtigde: mr. D. van Elp),
en
de Minister van Asiel en Migratie, (gemachtigde: R. Bekker).
Inleiding
1. In deze uitspraak beslist de voorzieningenrechter op het verzoek om een voorlopige voorziening van verzoeker.
2. De minister heeft met het primaire besluit van 19 juni 2023 de aanvraag van verzoeker voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van nareis afgewezen. Met het bestreden besluit van 26 augustus 2024 op het bezwaar van verzoeker is de minister bij de afwijzing gebleven. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld.
3. De voorzieningenrechter heeft het verzoek op 5 juni 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: de gemachtigde van de minister. De gemachtigde van verzoeker en referente hebben zich afgemeld voor de zitting.
Beoordeling
4. De voorzieningenrechter wijst het verzoek af. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL24.36666, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep en het beroep ongegrond verklaard. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig.
Conclusie
5. De voorzieningenrechter wijst het verzoek af. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Dictum
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A. Skerka, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. W.J.T. Twijnstra, griffier.
Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
17 juli 2025
Documentcode: [documentcode]
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.