Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2025-10-01
ECLI:NL:RBDHA:2025:18060
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Voorlopige voorziening
677 tokens
Inleiding
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.26439
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
Noha Araman, verzoekster,
geboren op 1 [geboortedatum] ,
V-nummer: [v-nummer 1] ,
mede namens haar kinderen:
[naam 2] , V-nummer: 2920402068,
[naam 3] , V-nummer: [v-nummer 3] ,
[naam 4] , V-nummer: [v-nummer 4] ,
[naam 5]
, V-nummer: [v-nummer 5] ,
allen van Syrische nationaliteit,
(gemachtigde: mr. I.M. Zuidhoek),
en
de minister van Asiel en Migratie,
(gemachtigde: mr. A.E. Geçer).
Procesverloop
1. Verzoekster heeft een herhaalde aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend. De minister heeft met het bestreden besluit van 13 juni 2025 deze aanvraag niet-ontvankelijk verklaard. Verzoekster heeft hiertegen beroep ingesteld en de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen.
1.1.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek, samen met de beroepszaak, op 22 september 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: verzoekster, de gemachtigde van verzoekster en de gemachtigde van de minister. Ook is een tolk verschenen. Het onderzoek ter zitting is gesloten.
Beoordeling
2. Bij uitspraak van vandaag heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
2.1.
De voorzieningenrechter ziet, gelet op de inhoud van de uitspraak op het beroep aanleiding te bepalen dat verzoekster een vergoeding krijgt van haar proceskosten. Deze kosten stelt de voorzieningenrechter vast op € 907,- (1 punt voor het indienen van het verzoekschrift met een waarde per punt van € 907,- en een wegingsfactor 1).
Dictum
De voorzieningenrechter:
- wijst het verzoek om voorlopige voorziening af;
- veroordeelt de minister in de proceskosten van verzoekster tot een bedrag van € 907,-.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.G.D. Overmars, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. Y. van Wijk, griffier, en openbaar gemaakt door middel van gepseudonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
De uitspraak is openbaar gemaakt en bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
NL25.26438.
Zie het Besluit proceskosten bestuursrecht.