Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2025-07-16
ECLI:NL:RBDHA:2025:12880
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Voorlopige voorziening
474 tokens
Inleiding
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Rotterdam
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.25079
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoeker]
[v-nummer]
(gemachtigde: mr. E. Sahin),
en
de minister van Asiel en Migratie, verweerder
(gemachtigde: mr. S. Imani).
Procesverloop
Bij besluit van 2 juni 2025 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen omdat Spanje verantwoordelijk is voor de aanvraag.
Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft de voorzieningenrechter daarnaast verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek, samen met de zaak NL25.25078, op 4 juli 2025 op zitting behandeld. Verzoeker en zijn gemachtigde niet verschenen. Een kantoorgenoot van de gemachtigde van verzoeker heeft verzocht om het verzoek om een voorlopige voorziening schriftelijk af te doen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.
Overwegingen
1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL25.25078, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Dictum
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. E.C. Harting, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. D.M. Abrahams, griffier.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.