Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2024-06-05
ECLI:NL:RBDHA:2024:9458
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Voorlopige voorziening
470 tokens
Inleiding
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL24.18039
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoeker] , verzoeker
V-nummer: [V-nummer]
(gemachtigde: mr. R.S. Frickus),
en
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Inleiding
In het besluit van 24 april 2024 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van verzoeker niet in behandeling genomen omdat Bulgarije daarvoor verantwoordelijk is.
Verzoeker heeft beroep (NL24.18038) ingesteld tegen het bestreden besluit. Hij heeft verder aan de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen, die inhoudt dat hij niet zal worden overgedragen voordat er op het beroep is beslist.
De voorzieningenrechter doet uitspraak buiten zitting op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht.
Beoordeling
1. In de mondelinge uitspraak van 5 juni 2024 in de zaak met nummer NL24.18038 heeft de rechtbank beslist op het beroep waarop dit verzoek om een voorlopige voorziening betrekking heeft. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. Om die reden wordt het verzoek als kennelijk ongegrond afgewezen.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Dictum
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. B.F.Th. de Roos, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. A.S. Hamans, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl. Deze uitspraak is bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.