Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2024-04-16
ECLI:NL:RBDHA:2024:8118
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
3,053 tokens
Inleiding
RECHTBANK DEN HAAG
Bestuursrecht
zaaknummers: NL23.29003 en NL23.29004
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaken tussen
[eiseres], V-nummer: [v-nummer 1], eiseres
alsmede
[eiser], V-nummer: [v-nummer 2], eiser
(gemachtigde: mr. A. Jankie),
en
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
(gemachtigde: mr. A.S. van den Anker).
Inleiding
1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank de beroepen van eisers tegen de afwijzing van hun asielaanvragen. Eisers hebben op 13 juli 2023 aanvragen tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend. Verweerder heeft met de bestreden besluiten van 6 september 2023 deze aanvragen in de algemene procedure afgewezen als ongegrond.
1.1.
Verweerder heeft op de beroepen gereageerd met een verweerschrift.
1.2.
De rechtbank heeft de beroepen op 21 maart 2024 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eisers, de gemachtigde van eisers, de gemachtigde van verweerder en E.O. Tackey als tolk Pidgin-Engels. Eiser heeft tevens deelgenomen als tolk Bassosi – Pidgin-Engels voor eiseres.
Beoordeling
Waar gaat deze zaak over?
2. Eiseres stelt te zijn geboren op [geboortedag 1] 1989 en eiser stelt te zijn geboren op [geboortedag 2] 2001. Eisers stellen beide de Kameroense nationaliteit te bezitten. Eisers zijn afkomstig uit het dorp Ntale en hebben daar gewoond tot aan hun vertrek. Ntale ligt in de provincie South-West waar een gewapend conflict plaatsvindt tussen de militairen van de Kameroense autoriteiten en een separatisten beweging genaamd de ‘Amba boys’. Eisers en hun familie zijn al meerdere malen gevlucht vanwege het geweld. Eiseres is mishandeld en seksueel misbruikt door de separatisten. Eiser is benaderd door de separatisten om lid te worden maar heeft dit geweigerd. Sindsdien wordt de familie van eisers als vijand van de separatisten beschouwd. Eisers zijn daarom vertrokken uit Kameroen.
3. Volgens verweerder bevatten de asielrelazen van eisers de volgende relevante elementen:
identiteit, nationaliteit en herkomst;
onveilige situatie door problemen tussen Kameroense overheid en separatisten.
Verweerder vindt beide relevante elementen geloofwaardig, maar stelt dat eisers geen vluchtelingen zijn in de zin van het Vluchtelingenverdrag omdat zij niet worden vervolgd vanwege etniciteit, religie, politieke overtuiging, nationaliteit of omdat zij onderdeel uitmaken van een sociale groep. Daarnaast lopen eisers geen reëel risico op ernstige schade bij terugkeer omdat Yaoundé, Douala en Bafoussam voor eisers als binnenlands vestigingsalternatief kunnen worden aangemerkt.
Waarom zijn eisers het niet eens met de bestreden besluiten?
4. Verweerder werpt ten onrechte tegen dat er voor eisers een binnenlands beschermingsalternatief bestaat in de steden Yaoundé, Douala en Bafoussam. Eiser is van mening dat verweerder onvoldoende inzicht geeft in het onderliggende onderzoek van dit standpunt. In de Kamerbrief van 11 februari 2022 waar verweerder naar verwijst, wordt slechts benoemd dat het onderzoek 'aan de hand van betrouwbare en gezaghebbende internationale bronnen' heeft plaatsgevonden. Bovendien hebben eisers verwezen naar informatie van de helpdesk van VluchtelingenWerk Nederland (VWN) waaruit volgt dat de humanitaire situatie voor ontheemden in de steden Douala en Yaoundé slecht is en dat de spanningen tussen de lokale bevolking en ontheemden oplopen. Met name jonge ontheemde vrouwen zijn erg kwetsbaar en lopen het risico om slachtoffer te worden van seksueel geweld of afhankelijk te worden van prostitutie om in hun eigen onderhoud te voorzien. Gelet op het voorgaande moet eiseres als ongeschoolde, getraumatiseerde vrouw die alleen Bassosi spreekt, beschouwd worden als kwetsbaar. Verweerder kan in dat kader niet tegenwerpen dat eiser voor eiseres zou kunnen zorgen. Eiser is weliswaar geschoold maar hij dient ook als kwetsbaar te worden beschouwd door zijn trauma. Deze individuele factoren zijn onvoldoende meegewogen door verweerder. Daarmee heeft verweerder ook niet getoetst aan de glijdende schaal die artikel 15-c van de Kwalificatierichtlijn bevat volgens het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie (Hof van Justitie) van 9 november 2023. Eiser zou bovendien als jonge man die afkomstig is uit een Engelstalig gebied door de overheid beschouwd kunnen worden als een separatist of ingezet kunnen worden in het leger. Eisers hebben in dat kader verwezen naar een brief van VWN van 14 juni 2023 waarin verschillende bronnen worden benoemd die onderbouwen dat Engelstaligen een groot risico lopen om verdacht te worden van Engels activisme en dat verdachten worden blootgesteld aan willekeurige arrestaties en detentie, mishandeling, bedreiging en marteling. Dit risico wordt vergoot omdat eisers asiel hebben aangevraagd in Nederland. Uit een rapport van Human Rights Watch (HRW) volgt namelijk dat de Kameroense autoriteiten meerdere gedeporteerde asielzoekers Engels activisme hebben toegedicht vanwege hun asielaanvraag in het buitenland. Verweerder had daarnaast moeten meewegen dat de oorlog in de provincies North-West en South-West zou kunnen overslaan naar andere delen van Kameroen, waaronder de steden Yaoundé, Douala en Bafoussam. Eisers komen bovendien in aanmerking voor een reguliere verblijfsvergunning als slachtoffer-aangever/getuige van mensenhandel. Verweerder had bovendien moeten afzien van het nemen van terugkeerbesluiten nu er sprake is van een schrijnende situatie waarbij humanitaire omstandigheden spelen.
Wat is het oordeel van de rechtbank?
Binnenlands beschermingsalternatief
5. Uit artikel 3.37d VV in samenhang met paragraaf C2/3.4 van de Vreemdelingencirculaire (Vc) volgt dat verweerder een binnenlands beschermingsalternatief mag tegenwerpen indien de vreemdeling in een deel van het land van herkomst geen vrees heeft voor vervolging in vluchtelingrechtelijke zin of een reëel risico loopt op ernstige schade, op een veilige wijze naar dat gebied kan reizen en redelijkerwijs van de vreemdeling kan worden verwacht dat hij zich in dat gebied vestigt. Daarbij geldt de maatstaf dat de vreemdeling daar een leven kan leiden onder omstandigheden, die naar plaatselijke maatstaven gemeten als normaal zijn aan te merken. De vreemdeling mag in het betreffende gebied niet achtergesteld worden in de uitoefening van essentiële rechten ten opzichte van de overige bevolking. Daarnaast mogen de levensomstandigheden in het betreffende gebied in zijn algemeenheid niet zodanig zijn dat dit op zichzelf al kan leiden tot een humanitaire noodsituatie.
5.1.
De rechtbank is van oordeel dat verweerder Yaoundé, Douala en Bafoussam voor eisers heeft mogen aanmerken als binnenlandse beschermingsalternatieven. Verweerder heeft in het verweerschrift aangegeven welke bronnen zijn geraadpleegd voor zijn besluit om Yaoundé, Douala en Bafoussam als binnenlandse beschermingsalternatieven aan te merken. Hierbij is gebruik gemaakt van rapporten van het UK Home Office, US Department of State en het Belgische Commissariat Général aux Réfugiés et aux Apatrides. Uit deze bronnen volgt dat de leefomstandigheden in Yaoundé, Douala en Bafoussam mogelijk niet ideaal zijn maar dat er geen sprake is van een humanitaire noodsituatie. De rechtbank ziet hiervoor evenmin aanknopingspunten in de informatie van de VWN helpdesk. Daarnaast heeft verweerder mogen stellen dat ook niet is gebleken dat eiseres in de uitoefening van essentiële rechten ten opzichte van de overige bevolking wordt achtergesteld nu uit de informatie van de VWN helpdesk blijkt dat meer dan tachtig procent van de Kameroense vrouwen werkloos is of heel weinig verdient. De rechtbank heeft er begrip voor dat het niet makkelijk zal zijn voor eiseres om werk te vinden aangezien zij ongeschoold is. Verweerder heeft echter mogen betrekken dat dit niet geldt voor eiser nu hij verklaard heeft hoogopgeleid te zijn. Verweerder mag daarom verwachten dat hij eiseres zal kunnen onderhouden en haar bescherming zal kunnen bieden. Eisers standpunt dat hij kwetsbaar is omdat hij getraumatiseerd is leidt niet tot een ander oordeel nu eiser dit niet heeft onderbouwd en bovendien niet is gebleken dat eiser hierdoor niet in staat is om te werken. Verweerder heeft daarnaast mogen stellen dat eisers niet nader hebben onderbouwd dat de oorlog mogelijk zal overslaan naar Yaoundé, Douala en Bafoussam nu zij daarvoor enkel hebben verwezen naar de verklaring van eiser.
5.2.
De rechtbank volgt eisers niet in hun standpunt dat verweerder hun individuele omstandigheden onvoldoende heeft meegewogen. Verweerder heeft in de beschikking namelijk vermeld dat de individuele omstandigheden zijn meegewogen maar dat deze voldoende gecompenseerd worden doordat eiser in staat is om werk te vinden. Gelet hierop heeft eiseres niet aannemelijk heeft gemaakt dat haar individuele omstandigheden ertoe leiden dat zij geen leven zal kunnen leiden dat naar plaatselijke maatstaven als normaal moet worden beschouwd.
Conclusie
8. Verweerder heeft de aanvragen kunnen afwijzen als ongegrond.
De beroepen zijn ongegrond. Eisers krijgen geen vergoeding van hun proceskosten.
Dictum
De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. D.C. Laagland, rechter, in aanwezigheid van mr. J.J. Yilmaz, griffier.
Dictum
Informatie over hoger beroep
Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met de uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen 4 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.
Verdrag betreffende de status van vluchtelingen.
Op grond van artikel 3.37d van het Voorschrift Vreemdelingen (VV).
Kamerstukken II, 2021/22, 19 637 nr. 2819.
ECLI:EU:C:2023:469.
Zie het nieuwsbericht ‘Cameroon: More than a hundred detainees from Anglophone regions and opposition party languishing in jail for speaking out’ van Amnesty International (AI) van 24 januari 2022; het rapport ‘Kamerun: Anglophone Separatist_innen’ van de Schweizerische Flüchtlingshilfe (SFH) van 5 juli 2021; het rapport ‘Cameroon’s Compliance with the Convention against Torture and Other Cruel, Inhuman or Degrading Treatment or Punishment: Suggested List of Issues Prior to Reporting Relating to the Social crisis in the North-Western and South-Western regions (Anglophone Crisis) in Cameroon’ van The Advocates for Human Rights van 22 juni 2020; het rapport ‘Kamerun – den anglofona krisen’ van het Zweedse Migrationsverket van 27 mei 2019; zie het rapport Amnesty International Report 2017/18: The state of the world’s human rights’ van 22 februari 2018.
Zie het rapport ‘“How Can You Throw Us Back?” Asylum Seekers Abused in the US and Deported to Harm in Cameroon’ van HRW van 10 februari 2022.
Op grond van artikel 3.6, eerste lid, aanhef en onder b, van het Vreemdelingenbesluit (Vb) of artikel 3.6ba Vb.
Zie de rapporten ‘2020 Country report on human rights practices: Cameroon’ van het US Department of State van 30 maart 2021; ‘Country policy and information note: north-west/south-west crisis, Cameroon’ en ‘Country Background Note: Cameroon’ van het UK Home Office van december 2020 en ‘CAMEROUN Crise anglophone: situation sécuritaire’ van het Commissariat Général aux Réfugiés et aux Apatrides.