Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2024-11-25
ECLI:NL:RBDHA:2024:19972
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Voorlopige voorziening
516 tokens
Inleiding
uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL24.3059
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoeker]
, V-nummer: [V-nummer], verzoeker (gemachtigde: mr. A.H. Hekman),
en
de Minister van Asiel en Migratie, (gemachtigde: mr. J.P. Arts).
Inleiding
1. Bij besluit van 7 mei 2024 (het bestreden besluit) heeft de minister de aanvraag van verzoeker om hem uitstel van vertrek te verlenen op grond van artikel 64 van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw) afgewezen.
1.1.
Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Daarnaast heeft verzoeker de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
1.2.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek, tezamen met het beroep met zaaknummer NL24.21875, op 6 november 2024 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: verzoeker, de gemachtigde van verzoeker, N.S. Briefkani als tolk en de gemachtigde van de minister.
Beoordeling
2. De rechtbank heeft uitspraak gedaan op het beroep. Het treffen van een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
3. Voor een proceskostenvergoeding bestaat geen aanleiding.
Dictum
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. P. Lenstra, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. E. Mulder, griffier.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
25 november 2024
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.