Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2024-11-22
ECLI:NL:RBDHA:2024:19393
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Vereenvoudigde behandeling
562 tokens
Inleiding
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: AWB 23/5246
uitspraak van de voorzieningenrechter van 22 november 2024 in de zaak tussen
[naam] , verzoekster
V-nummer: [nummer]
(gemachtigde: mr. N.B. Swart),
en
de minister van Asiel en Migratie
, de minister
Inleiding
1. De minister heeft aan verzoekster de (mondelinge) aanzegging gedaan om de VBL-locatie te verlaten op 20 april 2023 en haar op die datum uitgeschreven uit de VBL.
1.1.
Verzoekster heeft tegen de uitschrijving uit de VBL beroep ingesteld. Zij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
Beoordeling
2. De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht uitspraak zonder zitting.
3. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer AWB 23/5245, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep en het beroep ongegrond verklaard. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Dictum
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. J.Y.B. Jansen, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. E.A. Ruiter, griffier, op 22 november 2024, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
griffier
voorzieningenrechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Voorheen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid.
Vrijheidsbeperkende locatie.